Juni-aug. 2010, 5e jg. nr.3. Eindredactie: Rob den Boer. Postbus 268, 4100 AG Culemborg. E-mail: redactie.bkj@hetnet.nl.
 
VOORKANT BERICHTEN ACTUEEL OPINIE BOEKEN AGENDA COLOFON  
Voorpagina
artikel
tentoonstellingen
in het kort
over kunst en kunstenaars meningen
en columns
artikelen
over boeken
actuele
exposities
Het Beeldende Kunstjournaal  
 

Boeken

Rilke, Vermeer en Orff in een schimmige ontmoeting
Orpheus’ hoofd – Russell C. Hoban. Boekbespreking

'Er is geen einde aan mij, geen grens, geen mogelijkheid om me te definiëren of te meten, geen mogelijkheid om te weten wat ik ben of hoeveel er van me is. Er is een eindeloze deining en golving van me, een eindeloze cyclus van eb en vloed: men noemt dat de zee.'

'Orpheus' hoofd' van de Amerikaanse Russell C. Hoban neemt de lezer mee op een bijna magische tocht door de ondergrondse wereld van een ogenschijnlijk klassiek verhaal. Tegelijkertijd is het een wandeling in de hallucinaire gedachtewereld van de hoofdrolspeler Herman Orff. Werkelijkheden lopen door elkaar en roepen een 'wat is echt en wat is verbeeld' vraag op. De inkadering voor het verhaal is een periode uit het dagelijks leven van de hoofdpersoon.

Door Marianne van Waterschoot

Drager van het verhaal is de mythische figuur Orpheus, die zich manifesteert als 'het geweten van de hoofdfiguur' Herman Orff. Dezelfde Orpheus laat zich bovendien zien als lotgenoot in het zoeken naar het 'waarom' van een verloren liefde en verschijnt in vele gedaanten en op onverwachte momenten. Er ontstaat door het verhaal heen een opbouwende dialoog over het leven, de liefde en het verlies. Het is bijna onontkoombaar dit te beschouwen als poging om door middel van zelfreflectie antwoorden op vragen te krijgen, om het eigen leven meer hanteerbaar te maken. 'Orpheus' hoofd' heeft de spiegelende rol van intermediair hierbij.

 

Filosofische taalacrobatiek
Het verhaal begint met een op het eerste oog eigenaardige en zelfs kinderlijke enscenering, maar gaandeweg toont zich een realiteit, vorm gegeven door verrassende taalwendingen en uitdrukkingen. Hoban speelt met woorden en hun betekenis. Voor liefhebbers van originele literatuur is het een lust om mee te deinen op zijn virtuoze beschrijvingen. Juweeltjes als 'het novemberde', 'parapluloos' en 'levendig in de grauwheid en de regen' en 'samen met anderen stroomde ik uit de trein in een veelbenige beweging' doorspekken het verhaal met een luchtigheid die misschien wel nodig is door de melancholieke gang.

Behalve een taalkundige acrobatie heeft Hoban in de monologen en dialogen ook flarden van filosofie verweven, die de sfeer van transcendente beleving in het verhaal versterken. Hoban pent niet zomaar wat neer. Zowel Schopenhauers ascetische 'apollinische' levenshouding als Nietszche‘s 'dionysische' bevestiging van de levenswil zijn traceerbaar. Fundamentele vragen en verwondering laten het boek stijgen van een op het eerste gezicht puur fantasieverhaal tot het niveau van een goed doordacht en ‘aangekleed’ verhaal van lijden en overleven of ten onder gaan.

Rode draden
De lyrische dichter Rainer Maria Rilke wandelt met de hoofdpersoon mee. Wanneer je Herman Orff beter leert kennen ontmoet je een solitaire ziel, die de wereld waarvan hij deel uitmaakt niet kan vatten. Die lijdt aan het leven zelf en zich geconfronteerd ziet met een 'schrijversblok' na het voltooien van zijn eerste roman 'Helleglooiing'. Ook Rilke kende een langdurige periode van ontbreken van scheppingsvermogen na zijn 'Aantekeningen'.

Vermeers 'Meisje met de parel' verbeeldt de verloren liefde en de daarmee verbonden pijn van de hoofdpersoon. Het 'meisje' op de cover heeft een metamorfose ondergaan als je goed kijkt: onder de mooi gedrapeerde hoofddoek uit pieken de slangen van Medusa. De onhandigheid in Orffs omgang met vrouwen en de liefde is tastbaar. Zijn grote liefde, die van zeven jaar duurde, zal waarschijnlijk de enige blijven, omdat het verlies verstandelijk en emotioneel te overweldigend voor hem is. Dat gevoel zindert door het hele boek.

De gekozen naam, Herman Orff, doet de oren spitsen, want de 'Carmina Burana' van Carl Orff duikt op. Ook daar het thema, het leven, dat als een Rad van Fortuin de ene keer ten faveure en andermaal ten nadele werkt.

Sfeer
De hoofdfiguur Orff beweegt zich in parallelle realiteiten, het best te duiden met 'underground'. Louche figuren, schimmige context, regenachtige dagen, rokerige kroegen, duistere avonden zijn het decor waartegen het verhaal zich afspeelt. Een omgeving waar kunstenaars bij elkaar komen om te spugen op het burgerlijk leven, zonder zich te beseffen hoe ze zelf in vaste patronen van onregelmatigheid ingebed zijn. Een mens blijft een mens en heeft een bepaald houvast nodig om te overleven.

Het blijven opduiken van 'Orpheus' hoofd' in diverse verschijningen en op de meest onverwachte locaties versterkt de 'unheimliche' en zelfs ongrijpbare sfeer van het boek, zo ook de veelal onaangepaste figuren qua verschijning en in taalgebruik.

Confronterend avontuur
Velen zullen zich herkennen in de hoofdpersoon Herman Orff, die zich geconfronteerd ziet met liefde, verlies, rouw, vragen en op zoek gaat naar antwoorden op zijn vragen. De permanente levensrust en helderheid echter worden niet gevonden. Het leven is nu eenmaal niet maakbaar en te allen tijde controleerbaar. Mensen die openstaan voor het ongekende bekende en zich kunnen verliezen in intensief leesgenot, raad ik aan: lees dit verhaal en laat je meeslepen!


Orpheus' hoofd (1988), Russell Conwell Hoban, Nederlandse vertaling: Han Visserman, 1988, Amber - NL Uitgeverij: De Boekerij, Amsterdam, ISBN 978 90 509 3048 2.

Oorspronkelijke titel: The Medusa Frequency, Atlantic Monthly Press, New York, 1987, 143 pagina´s, ISBN: 978 08 711 3165 2.

De auteur
Woordkunstenaar Russell Conwell Hoban (1925, Verenigde Staten, zoon van Joods Oekraïense emigranten) staat vooral bekend als schrijver van kinderboeken, maar hij schreef een aanzienlijk aantal romans, waarin hij vaak zijn passie voor mythologie verwerkt. Eind jaren zestig verliet Hoban Amerika en vestigde zich in Engeland. Voor zijn werken ‘Kleinzeit’ (1974) en ‘Turtle Diary’ (1975) oogstte hij veel lof van de internationale pers en literaire kringen. In 1985 verfilmde Harold Pinter ‘Turtle Diary’ met in de hoofdrollen Glenda Jackson, Ben Kingsley en Michael Gambon.
In 2007 werd Hoban door zijn schare van internationale fans in Londen geëerd voor zijn hele oeuvre. Hoban, nu bijna 85 jaar oud, blijft schrijven. Dit jaar werd ‘Angelica Lost and Found’ uitgegeven.

Terug naar boven | Print dit artikel!

 

Issa Guindo, Het dagelijks leven van de Dogon
Boekbespreking

Sinds 1989 staat het Dogongebied in Mali op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO. Het heeft een oppervlakte van 400.000 hectare en is vooral bekend om zijn zeer typische inheemse architectuur. Door de toename van externe invloeden, zoals toerisme, komen de tradities van dit volk echter steeds meer in het gedrang.

Door Karel Vermeeren

Sinds de ontsluiting van hun leefgebied door de Fransen, omstreeks 1920, het daarop volgende toerisme en invloed van het christendom en de islam, staat de traditionele cultuur van de Dogon steeds meer onder druk en dreigt daardoor op termijn te verdwijnen. Om deze ontwikkeling een halt toe te roepen heeft Issa Guindo zich uitgebreid verdiept in de tradities en de geschiedenis van zijn volk en wil met dit boek, vooral bij de Dogon, een bewustwordingsproces van de eigen culturele waarden op gang brengen.

Persoonlijk en informatief

Guindo, overleden in 2002, was zélf een Dogon en juist dát maakt van dit boek een persoonlijk document. Door het gebruik van de wij-vorm spreekt er een grote betrokkenheid en liefde uit de tekst. Het boek heeft geen enkele wetenschappelijke pretentie en omdat heel veel informatie de vrucht is van talrijke gesprekken die hij gevoerd heeft met ouderen (dat wil zeggen: met mannen), krijgt de lezer meteen het gevoel in vertrouwen genomen te worden.

Ik heb het boek nu twee keer gelezen en het verbaast me nog steeds dat het zo goed leesbaar is, ondanks de grote

 
Voorraadhuisje met uit boomstammen gemaakte trappen. Foto: Karel Vermeeren.

hoeveel informatie die er in verwerkt is. Het dagelijks leven wordt tot in vele details beschreven, waardoor men een buitengewoon goed beeld krijgt van het functioneren van de Dogonsamenleving, zowel op micro- (het gezin, het dorp, de landbouw, kunstzinnige uitingen), als op macroniveau (de dorpen onderling, de natuur, de buitenwereld), evenals met betrekking tot de alom aanwezige goden- en geestenwereld.

Spiritualiteit en de natuur

Het doel van het Dogonbestaan is 'het vormen van een verbindingsschakel tussen de hemel, waar Ama, onze God, woont en de aarde waar wij leven'.

De Dogoncultuur is niet volledig uniform, want in de loop van de tijd zijn er lokale verschillen ontstaan, doordat kennis lange tijd mondeling werd doorgegeven. Maar Ama is voor iedereen onveranderlijk de scheppergod, met naast zich vele lagere goden, kleine ama's. Daar Ama ook de dieren schiep, vervullen deze een belangrijke spirituele functie in het dagelijkse bestaan; zo kan bijvoorbeeld de vos de toekomst voorspellen. Waarom de dingen zijn zoals ze zijn, wordt veelal verduidelijkt met verhalen, vandaar dat de dorpen verhalenvertellers hebben.

Naast verschillende dieren worden ook vele bomen en planten met groot respect behandeld: een baobap, bijvoorbeeld, is een heilige boom en mag alleen met toestemming van de raad van ouderen gekapt worden.

Artisticiteit

Zoals vele Afrikaanse volken zijn ook de Dogon zeer artistiek. Dit is niet alleen terug te vinden in de adobewoningen, die veelal voorzien zijn van kunstzinnig bewerkte deuren en raampanelen. Ook in de opslagruimten, die op palen staan en waar vaak mensfiguren in uitgesneden zijn, in de kleding en de sieraden, welke laatste vooral een statusfunctie en, daardoor, een sociale betekenis hebben, komt dit tot uiting.

Maar verder geeft ook de grote verscheidenheid aan maskers en bijbehorende kostuums, gemaakt van de vezels van de agave en versierd met kaurischelpen, blijk van hun gevoel voor creativiteit. Er zijn maskers die gedragen worden bij dansen in verband met begrafenissen of goede en slechte oogsten. Ze hebben dan een ceremoniële functie, terwijl andere bij traditionele feesten worden gebruikt.

Ook zijn er schilderingen te vinden, de mooiste waarschijnlijk op een rotswand in het dorp Songo, waar de jongens worden besneden en de mannenwereld binnentreden. De tekens zijn zó oud dat de specifieke betekenis ervan verloren is gegaan.

Houten deur met religieuze afbeeldingen. Foto: Karel Vermeeren.

'Het dagelijks leven van de Dogon' bevat een enorme hoeveelheid informatie, welke op een zeer toegankelijke wijze verwerkt is en geen seconde verveelt. Bovendien staat het vol met foto’s ter verduidelijking en verfraaiing van de tekst. Wie wil kan het boek ook lezen als een soort handleiding: hoe te handelen in geval van … , of: wat kan er gebeuren als … , want bijna alles heeft zijn wortels in traditie en gewoonte en de alomtegenwoordige godenwereld van Ama.

Issa Guindo was een man die van zijn volk hield en dat is, voor mij, misschien wel de belangrijkste boodschap van dit boek.

'Het dagelijks leven van de Dogon', Issa Guindo, Mets & Schilt, 2005, gebonden, ISBN 978-90-5330-4402, 111 pagina’s. Meer infomatie over het boek vindt u op de website www.mali-dogon.com/default-gr.html.

Karel Vermeeren is historicus.

Terug naar boven | Print dit artikel!

 

De drie lagen van Rothko
Een kunstkrimi als Boekenweekgeschenk

Niet elk Boekenweekgeschenk gaat over de hedendaagse kunstwereld. En zeker niet over een beroemd schilderij van Mark Rothko, namelijk de 'Untitled No. 18' uit 1962. Een kunstwerk dat op een veiling bij Christie's zeker dertig miljoen euro kon opbrengen. En dat schilderij behoorde (in het boek) tot het bezit van het Hollands Museum (waarvoor het Stedelijk Museum model stond) in Amsterdam. Kortom een kostbaar doek.

Door Wim Adema

Dergelijke schilderijen worden ook graag gekopieerd en voor veel geld doorverkocht. Dit mogelijke scenario loopt nu als een rode draad door de korte roman van Joost Zwagerman, die in 96 bladzijden voor de Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB) het Boekenweekgeschenk voor 2010 mocht schrijven.

Onder de pakkende titel 'Duel' ontstond een spannende kunstthriller, die vanaf de eerste bladzijde tot en met de laatste regel de lezers in spanning houdt over de afloop van het verhaal. De 'Untitled No. 18' was ongemerkt voor de directie van het Hollands Museum ook de inzet geworden voor een geheel onverwacht duel.

Problemen voor het Hollands Museum

Tegen de achtergrond van een voorlopige sluiting en daaropvolgende renovatie organiseert de directeur van het Hollands Museum, Jelmer Verhooff, een allerlaatste kunstmanifestatie in het museumgebouw. Twintig jonge Nederlandse kunstenaars zullen nog een keer een blauwdruk laten zien van de hedendaagse beeldende kunst.

 
Omslag van Duel

Hoewel eerst de actuele naam 'Reactions' bedacht was als thema van deze expositie, bleek 'Duel' een beter uitgangspunt: 'Dutch artists challenged by modern masters'. Na afloop van een vooral plaatselijk succesvolle gebeurtenis zorgt een van de deelnemers, Emma Duiker, echter voor een spannende slotapotheose, waarbij de Untitled No. 18 ongewild een hoofdrol gaat vertolken. Het beroemde schilderij, eigendom van het Hollands Museum, blijkt ontvreemd te zijn. De succesvolle en nog ambitieuze directeur van het Hollands raakt met zijn betrouwbare, maar behoedzame conservator Herman Olde Husink verstrikt in een ingewikkeld kunstmisdrijf.

Dialogen en typeringen

In een hoog tempo, met veel inside information en deskundige dialogen ontstaat een eigentijdse thriller. Opmerkelijk is de manier waarop Joost Zwagerman de lijnen van het verhaal doeltreffend met elkaar weet te verbinden. Een complex verhaal binnen het gareel houden van 96 bladzijden vraagt veel schrijverskunst.

Het is sowieso lastig om de hedendaagse kunstwereld te typeren. Dat vraagt om research vooraf en tegelijk ook om een goede bekendheid met die wereld. De dialogen in deze roman getuigen van vakkennis en inzicht in de museumsamenleving.

Enerzijds balanceert Jelmer Verhooff tussen geloofwaardigheid en vakijdelheid, terwijl tegelijk duidelijk wordt dat hij als directeur van wanten weet. Hij ontwikkelt zich tot een intelligent en vasthoudend kunstmanager, die zijn verantwoordelijkheden kent. In dat proces sleept hij de conservatieve, maar zeer deskundige conservator Moderne Kunst, Herman Olde Husink, mee in een ingenieuze analyse van de kunstdiefstal. Hun gesprekken verlopen op hoog vakkundig niveau en tonen tegelijk hun professionele onzekerheid: hoe kon deze Rothko verdwijnen?

Voorbeeld van een dialoog:

Olde Husink: 'Ons werk van Rothko heeft geen enkele gelaagdheid. Alle werken van Rothko uit de jaren vijftig en zestig zijn in de loop der jaren onderzocht op gelaagdheid. Onder de kleurvlakken bevinden zich minimaal drie andere lagen en andere kleurstellingen. Hij bracht laag op laag aan en alle lagen werden maximaal verdund door water of oplosmiddelen.

'Onze Rothko in het depot heeft geen drie lagen.' Verhooff: 'Dan hebben wij dus een unieke Rothko!'

Voor de lezers is er dus geen twijfel mogelijk, dat zij getuige zijn van een heus museumdrama.

Het idealisme van Emma Duiker

Wat bleek: de beeldend kunstenares Emma Duiker, een van de deelnemers aan 'Duel', mocht de originele Rothko lenen voor een eigen project. En daar ging het mis. Het Hollands Museum verloor zijn toezicht op het originele schilderij en raakte betrokken bij een ingenieuze verwisseling. Emma Duiker handelde vermoedelijk uit idealistische motieven: de Rothko dichter bij het publiek brengen. Maar zij verloor de grote waarde van het schilderij uit het oog, namelijk dertig miljoen euro. Rothko bleek in goed gezelschap, want Duiker maakte ook 'doubles' van Sigmar Polke, Gerhard Richter, Jörg Immendorff en Cy Twombly. Het zijn ogenschijnlijk knappe kopieën van belangrijke schilders. Maar zij vergat een ding. De ziel van het schilderij.

Olde Husink: 'Bovendien, de voorkant van een schilderij valt na te maken, de achterkant veel moeilijker. Daar zitten stempels, bruikleenstickers, transportcodes en inventarisnummers. De voorkant is het gezicht, de achterkant is de ziel.'

Met die constatering legt de conservator de kern van het drama bloot. Een vakman herkent altijd een vervalsing! Stap voor stap raakt de directeur van het Hollands Museum, mede door het vakmanschap van zijn restaurator, verstrikt in een web van intriges. Totdat de laatste regel van de roman het drama geheel compleet maakt. Een ingenieus plan om het kunstwerk te redden kan misschien uitmonden in een internationaal kunstproces. De 'Untitled No. 18' wacht nog een dramatische reis naar de Verenigde Staten.

Kunstwereld op scherp

In een korte roman heeft Joost Zwagerman een messcherpe en tegelijk aimabele analyse gemaakt over de wereld van de hedendaagse kunst, met name van de museumwereld. Een kunstroof wordt teruggebracht tot menselijke proporties. Als mens maakt iedereen fouten, maar in sommige gevallen kost het ook veel geld. En dat gebeurde in het Hollands Museum. Het verhaal toont de inspanningen die de directeur moet verrichten om een misdaad te ontrafelen en tegelijk die zijn eigen imago niet mogen aantasten.

De restaurator wordt meegezogen in de zuigkracht van de gebeurtenissen en kan zich nauwelijks handhaven in dit museumgeweld. Joost Zwagerman schreef met 'Duel' een fascinerende kunstkrimi. Het grote drama van de ontknoping moet nog volgen. Ongemerkt was het thema van de laatste expositie in het Hollands Museum, namelijk 'Duel', ook een werkelijk duel geworden: tussen Jelmer Verhooff en Emma Duiker. Beiden raakten echter de controle kwijt op hun kunstwerk.

Was de Rothko echt?

Het is natuurlijk een intrigerende vraag of de Untitled No. 18 uit 1962 echt bestaan heeft. Over de naam van de schilder Mark Rothko kan natuurlijk geen enkele twijfel bestaan, maar of Joost Zwagerman ook een bestaand schilderij van Rothko zou gebruiken in zijn verhaal, betwijfel ik. Dus besloot ik op speurtocht te gaan en de authenticiteit van dit schilderij te achterhalen. Dat bleek nog een lastige karwei. Natuurlijk biedt internet met AltaVista en Wikipedia een goede ingang, maar daarmee komt het volledige werk van Mark Rothko nog niet snel in beeld. Uiteindelijk bleven er twee zoekresultaten over:

a. Er bestaat een 'Untitled' uit 1962, maar daar ontbreekt het nummer van en ook de grootte en de kleuren van het beschreven schilderij kloppen niet. De maat is 120x115 centimeter en is dus groter dan een vierkante meter. De kleurvlakken zijn paars en oranje met een zwarte omkadering. In 'Duel' wordt de 'Untitled' omschreven als een klein werk met blauw en dieprood en een gele omkadering.

b. In 1963 had Rothko een 'Untitled 18' gemaakt, waarvan de maat 86x76 centimeter is en waarvan de kleurvlakken uit lichtzwart en geel bestaan met eveneens een zwarte omkadering. Hij noemde het echter '18' en niet 'No. 18'. Dit werk heeft de juiste titel, maar het jaar en de kleurcompositie komen niet overeen.

Joost Zwagerman lijkt zijn huiswerk goed te hebben gedaan en een fictief schilderij van Rothko gemaakt te hebben. Het lijkt dus op een combinatie 'Untitled 18' (uit 1963 dus) en 'Untitled' uit 1962. Voor de zekerheid werd ook de compositie veranderd en werden andere kleurstellingen beschreven. Blijft de vraag waarom de overige namen in deze roman fictief zijn en de naam van Mark Rothko gehandhaafd bleef.

Ook bij andere genoemde schilders, zoals Polke en Richter, bleef de naam onveranderd. Ik vermoed dat de naam Rothko voor de roman een sterke impact heeft, maar dat het gebruik van een bestaand schilderwerk van hem complicaties met het beeldrecht zou geven. Het zou bovendien het fictieve karakter van de roman niet ten goede zijn komen.

Duel, Joost Zwagerman, 2010 (boekenweek geschenk), uitgeverij De Stichting CPNB, ISBN: 9789059651043.

Wim Adema is beeldend kunstenaar en fotograaf en publiceert regelmatig artikelen over beeldende kunst in diverse media. Klik hier om zijn CV te bekijken.

Terug naar boven | Print dit artikel!

 

Dichter bij Zwagerman
Zeggen beelden meer dan duizend woorden?

De cover van het nieuwe boek van Joost Zwagerman, 'Beeld verplaatst' zet me op het verkeerde been. Na enige inspectie blijken titel en afgebeeld werk niet bij elkaar te horen, terwijl ze daar toch pontificaal samen gepresenteerd staan. Een voorzichtig pagina’s omslaan start. Ik ben op mijn hoede. Wat staat mij hier te wachten?

Door Marianne van Waterschoot

Hoe kies je een beeldend kunstwerk en gedicht of proza zo bij elkaar dat het 'zijn eigen ding' kan doen? Het is dan de kunst beeld en tekst zodanig bij elkaar te brengen dat het een 'Aha, zo kan het ook' teweegbrengt, maar tegelijkertijd ook nog voldoende ruimte laat voor andere interpretaties. Het is niet eens een kwestie van kiezen of van toeval, maar van naast elkaar leggen en dan met enige verbazing constateren dat tekst en plaatje 'gewoon' bij elkaar horen met een natuurlijke vanzelfsprekendheid die je ratio te boven gaat.

Ieder zijn voorkeur voor wat aansprekend is en dat is gemakkelijk te stellen aangezien het boek een verzameling aan heel divers werk biedt. Heb je eenmaal gekozen, dan wordt die eerste voorkeur weer aan het wankelen gebracht bij het opnieuw verkennen van het aanbod. Want je 'solitaire blik' ontkomt niet aan het 'samen gaan zien'.

 
De omslag van 'Beeld verplaatst'

En daar is dan Zwagerman, die door het ontsluieren van de eigen gedachten nóg andere perspectieven offreert. Het is als staan voor de etalage van een snoepwinkel.

Absurditeit en realiteit
Een van de meest omvangrijke schrijfsels in dit boek is 'T-Mart' (lees: Team Art) een geweldige, als persiflage ogende beschrijving van contemporain en toekomstig consumentisme en de grote marktleiders. Het is overduidelijk dat het Amerikaanse Wal-Mart hier ten tonele gevoerd wordt. Een absurde werkelijkheid lijkt getoond te worden, maar niets is minder waar. Als je het hele verhaal een paar keer goed leest en laat bezinken, bekruipt je een gevoel van ofwel schaamte ofwel geamuseerdheid. Je ontkomt er niet aan in de personages jezelf - of toch minimaal je vervelende buren of lastige manager - te herkennen. Is alles in de toekomst écht maakbaar, inclusief gevoelens? De huidige maatschappij wordt hier in een notendop gepresenteerd: de werkelijkheid overtreft nog altijd elke fantasie.

'De mooiste vrouw ter wereld'. Welke vrouw zou zo niet genoemd willen worden. Maar schoonheid vergaat. Het gedicht neemt een heel andere wending dan de titel doet vermoeden en eindigt met 'De mooiste man ter wereld ….' In die inclusie ligt het omgaan met een relatie die teloor gaat en het dan weer opkrabbelen en voor jezelf kiezen. In de onderlaag stroomt de onvermijdelijke vergankelijkheid van menselijke schoonheid. En dat allemaal fraai verwoord in een totaal van twintig zinnetjes.

Hitler verwacht je niet direct afgebeeld als gemankeerd voetballer in een shirt van de voetbalnatie bij uitstek, Brazilië. Aldert Mantje vervaardigde dit werk in 2005 en Joost Zwagerman verbindt Boudewijn de Groots 'De eenzame fietser' met de 'Der Untergang' van Oliver Hirschbiegel. Grote dromen vinden een weg naar de zoveel overlast bezorgende, racistische voetbalhooligans. Zwagerman verbindt zelfs 'troostend' aan Hitler. Een verrassende ontmoeting tussen twee ogenschijnlijk conflicterende woorden. 'What if …?' Wat zou er gebeurd zijn als Hitler niet dié Hitler was geworden die we nu kennen?

Dichterbij Zwagerman
Zwagerman (1963) heeft zijn zilveren schrijversjubileum inmiddels achter de rug. Wat met zijn tweede roman 'Gimmick!' (1989) is begonnen zette zich voort in romans, gedichten, essays, optredens voor radio en televisie en artikelen. Voor zijn gehele oeuvre ontving hij in 2008 de Gouden Ganzenveer.
Het project 'Beeld Verplaatst' is geïnspireerd door werken van verschillende beeldende kunstenaars, waaronder Sandra Derks, Rob Scholte en Erwin Olaf. Zwagerman zet zijn indrukken om in gedachtespinsels, die fraai verwoord of scherp confronterend tot je komen. Er is geen 'niets', er is een scala aan gevoelens variërend van 'moet dat nou zo?' tot aan 'wow, verrassend!' dat door de teksten tot leven komt.

Galerie
De fraaie vormgeving geeft het boek cachet. De afwisseling van tekst met beeld en zwarte introductiepagina's roept een daadwerkelijke galerie op, waar je van ruimte naar ruimte dwaalt.
Veel van mijn vrienden en kennissen moesten bij het lezen van de naam en het doorbladeren met een 'het zal wel' mij aankijken, maar verdwaalden kort daarop op aangename wijze in het boek. Er is altijd wel een werk dat 'pakt' en daardoor de interesse opwekt om beter te gaan schouwen en de tekst nogmaals door te werken. Dan heb je niet alleen een goed boek in handen, dan heb je 'beleving' te pakken.

Beeld verplaatst (2010), Joost Zwagerman, uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam, ISBN 978 90 295 7239 2. Ter begeleiding van de tentoonstelling 'Een ode aan het kijken' die tot eind mei in Museum Meermanno Westreenianum te Den Haag te zien was.

Terug naar boven | Print dit artikel!

 

Taschen 25th Anniversary
The art of making books

Een verjaardag in 2008. Hoewel de uitgeverij Taschen reeds in 2008 haar 25-jarig bestaan vierde, was een recente aanschaf van 'Volume 2 van Art Now: 25th Anniversary', voor mij toch een goede reden om even stil te staan bij de activiteiten van deze uitgeverij van kunstboeken. Zij nemen wereldwijd een zeer belangrijke plaats in.

Door Wim Adema

De uitgeverij van Taschen begon in 1980. Hij was toen achttien jaar oud en opende een winkel in Keulen voor de verkoop van zijn comicscollectie. Met een oplage van Magritte (40.000 exemplaren) startte hij in 1984 zijn eerste grote kunstuitgave in het Engels. Door lage herdrukkosten werd een lagere verkoopprijs mogelijk. Benedikt Taschen vond namelijk dat de prijs van de bestaande kunstboeken veel te hoog was. Spoedig begon hij onder zijn eigen naam met het herdrukken van kunstboeken, welke tegen budgetprijzen verkocht werden.

Naar later bleek was dit een succesformule. In de loop der jaren groeide Taschen uit tot een imperium met vestigingen in de gehele wereld: waar onder Parijs, Los Angeles, New York, Hong Kong, Keulen, Madrid en Tokio.

Serie Basic Art

Hun eerste uitgave in de serie 'Basic Art' ging over Picasso en werd later gevolgd door de dubbeluitgave over Van Gogh, 'The Complete Paintings'. Een bijzonder omvangrijke en complete editie. Eind 1980 startte de uitgeverij met een breed assortiment boeken over architectuur, design, fotografie, lifestyle en beeldende kunst. In 2000 verraste Taschens uitgeverij met opmerkelijke boeken over de fotograaf Helmut Newton, de cineast Billy Wilder ('Some Like It Hot') en 'GOAT', een hommage aan de bokser Mohammed Ali.

Hedendaagse kunst

Op dit gebied heeft Taschen een indrukwekkend aantal boeken laten verschijnen. Met name de twee grote edities van 2002 en 2005 verschaften de kunstliefhebber fraaie en goed gedocumenteerde naslagwerken: 1. 'Art Now; 137 Artists at the Rise of the Millennium' (2002) en 2. 'Art Now; The new directory to 136 international contemporary artists' (2005).

In de beide vademecums valt de hoge kwaliteit van de lay-out en tekst- en beeldinformatie op. Papierkwaliteit, lettergrootte en -druk zijn uitstekend. Een glossary in vier talen geeft veel informatie over bestaande kunststromingen en -stijlen. De eindredactie van beide vademecums (Uta Grosenick en Burkhard Riemschneider) schreven in hun voorwoord wel dat de keuze van de kunstenaars subjectief was, en dat die vooral sterk bepaald werd door de aanwezigheid van de kunstenaars in de internationale tentoonstellingswereld en de kunstmarkt, terwijl ook publicaties en kunstkritieken een intensieve bijdrage dienden te geven aan hun internationale positie als kunstenaar. In het namenregister van de kunstenaars ('Art Now' 2002) staan inderdaad een aantal belangrijke persoonlijkheden vermeld, zoals Matthew Barney, Maurizio Cattelan, Jake en Dinos Chapman, Olafur Eliasson, Andreas Gursky, Shirin Neshat, Thomas Ruff en Cindy Sherman.

Op een groep van 137 kunstenaars waren slechts een vijftal Nederlandse kunstenaars geselecteerd: Rineke Dijkstra, Atelier Van Lieshout, Aernout Mik, De Rijke/De Rooij en Fiona Tan. Ook in de uitgave van 'Art Now' 2005 is een grote groep kunstenaars uit de editie van 2002 nog steeds aanwezig, maar vinden er tegelijk ook veel veranderingen plaats. Van de Nederlanders worden Atelier Van Lieshout en Fiona Tan niet meer vermeld. Alleen Marlene Dumas wordt toegevoegd. Opmerkelijk is dat de interesse van 'Art Now' vooral uitging naar Nederlandse fotografie, film en video, zoals Fiona Tan, Rineke Dijkstra en De Rijke/De Rooij.

Hoewel de schilderkunst in de beide edities duidelijk aanwezig is, was er, behalve Marlene Dumas, weinig interesse voor de Nederlandse schilderkunst. Atelier Van Lieshout vormde de enige Nederlandse bijdrage voor monumentale vormgeving. Dat geeft toch te denken. Heeft Taschen wel voldoende zicht op de Nederlandse ontwikkelingen?

Jubileumuitgave 2008

De meest recente uitgave van 2008: 'Volume 2 van Art Now; the new directory to 81 international contemporary artists', laat in een kleinere, luxe boekeditie een overzicht zien van 81 kunstenaars, die in dit decennium internationaal van belang waren. Vergeleken met de vademecums van 2002 en 2005 is een kleine groep van kunstenaars aanwezig en is deze jubileumuitgave van 2008 ook een stuk kleiner.

Inhoudelijk en visueel is er echter weinig verschil. Wel ontbreekt de belangrijke kunstenaarsindex. Deze index was een bron van informatie over de gepresenteerde kunstenaars, hun netwerk van galeries en musea, alsmede de marktwaarde van hun kunstwerken. Opmerkelijk is dat een bepaalde groep kunstenaars die internationaal van belang is, in elke uitgave aanwezig is. Het is geen jonge generatie. De meeste kunstenaars werden in de jaren vijftig en zestig geboren. Leeftijd, ervaring, vakmanschap, naamsbekendheid (internationaal), publicaties en een goed galerie- en museaal netwerk zijn kennelijk randvoorwaarden om te kunnen behoren tot deze groep beeldend kunstenaars. Uit de jaren zeventig zijn weinig kunstenaars aanwezig in 'Art Now'. Toch schrijft 'The Art Newspaper' uit London over 'Art Now': 'This is an indispensable vademecum for those interested in contemporary art and the shave of things to come.' Een opmerking die voorbij gaat aan de aanwezigheid van een nieuwe generatie jonge hedendaagse kunstenaars. 'Art Now' biedt zeker een leidraad in het internationale kunstcircuit, maar biedt geen volledig overzicht. Wanneer men zich oriënteert op de Zuid-Amerikaanse, Aziatische, Afrikaanse en Midden-Europese kunstontwikkelingen, dan is naar mijn idee een uitgave als 'Art Now' niet meer compleet genoeg om wereldwijd een ijkpunt te vormen.

Anniversary & Global Art

Er is nog een punt van kritiek bij de genoemde jubileumuitgave uit 2008. Bij nader inzien is het een regelrechte kopie gebleken van 'Art Now' 2005. Hoewel de presentatie is teruggebracht van 136 naar 81 deelnemers, bevat het boek verder geen nieuwe tekst- en beeldinformatie. Wat een aantrekkelijk verjaardagscadeau had kunnen worden, bleek bij nader inzien een beperkte herdruk uit 2005. Als bezitter van de edities van 2002 en 2005 leek de 'Anniversary' een interessante aanvulling op 2005, maar de lezer kwam bedrogen uit.

Alleen voor nieuwe lezers van Taschen was 'Art Now' een plezierig verjaardagscadeau. Een vraag die ik mij bovendien steeds meer stelde: is het in deze tijd nog mogelijk om 'global art' in een boekvorm te omvatten? In elk continent zijn zulke grote ontwikkelingen gaande, dat een lijst van 81 beeldend kunstenaars waarschijnlijk niet meer toereikend is. Het lijkt mij ook voor de redactie van 'Art Now' belangrijk om hun formule opnieuw te onderzoeken.

Art Now: 25th Anniversary, Volume 2, ISBN 978-3-8365-0324-2. Dit boek is helaas niet meer nieuw te bestellen. Inmiddels is Art Now! Volume 3 uit, ISBN: 978-3-8365-0511-6, uitgeverij Taschen, website: www.taschen.com.

Wim Adema is beeldend kunstenaar en fotograaf en publiceert regelmatig artikelen over beeldende kunst in diverse media. Klik hier om zijn CV te bekijken.

Terug naar boven | Print dit artikel!

 

Nieuwe boeken

Uitgeverij Atlas: Madame Sabatier, Peter van Dijk

Madame Sabatier (1822-1889) heette een courtisane te zijn. Maar was zij dat wel? Veertien jaar lang werd ze onderhouden door een rijke Parijse industrieel. Ze bleef hem trouw, op één nacht na, die ze doorbracht met de grote Franse dichter Charles Baudelaire. Baudelaire was jarenlang stapelverliefd op haar en stuurde Apollonie Sabatier anonieme gedichten. Onder kunstenaars was ze een gevierde vrouw, vanwege haar schoonheid, charme en zondagse diners.

De beroemdste schilders, beeldhouwers, schrijvers, dichters, acteurs en componisten zaten aan haar tafel, Gustave Flaubert, Eugène Delacroix, Hector Berlioz, Charles Baudelaire, Ernest Feydeau,Théophile Gautier, Gustave Ricard. Tweemaal zorgde Sabatier voor een groot schandaal. De eerste keer door te poseren voor een marmeren beeld van Auguste Clésinger, dat een naakte vrouw voorstelde die actief genoot van haar lichaam.

Het tweede schandaal werd veroorzaakt door het publicatieverbod op Baudelaires Les Fleurs du mal, de belangrijkste dichtbundel van de negentiende eeuw. Een van de vier gewraakte gedichten was geschreven voor Apollonie Sabatier.

 
Omslag van 'Madame Sabatier'

Aan de hand van documenten in archieven, van beelden en portretten, van romans waarin zij een rol speelt en van gedichten en brieven die voor haar zijn geschreven, schetst Peter van Dijk het beeld van deze intelligente, onafhankelijke en vrolijke vrouw, die haar charme en schoonheid in dienst stelde van de kunst en kunstenaars.

Peter van Dijk (1944) was correspondent van NRC Handelsblad in Parijs en hoofdredacteur van het Algemeen Dagblad. Eerder publiceerde hij De Hollandse ziekte (met Simon Rozendaal) over de Nederlandse economie, De Japanse uitdaging, De stijl van de leider en Gekte.com (samen met Erik-Jan Gelink), over de Nederlandse geschiedenis van internet.

In het september/oktobernummer van Het Beeldende Kunstjournaal kunt u een recensie lezen van Madame Sabatier.

Madame Sabatier, Peter van Dijk, uitgeverij Atlas, Amsterdam, ISBN: 9789045016979, paper-back, 272 pagina´s, € 22.50.

Bron: Uitgeverij Atlas, 12 juli 2010 | Terug naar boven

 

Thieme Art: Frank Dekkers, Oorverdovend stil

Oorverdovend stil is het in de landschappen geschilderd door Frank Dekkers. Hij schildert het Hollands cultuurlandschap. De ongerepte natuur bestaat in Nederland niet meer. Het is een wrede gedachte dat iedere schep aarde in Nederland wel eens door de mens is bewerkt. Hij schildert de resten niemandsland. Geen mens, geen dier op de grond, geen vogel, geen huis. Een landschap dat niets nodig heeft buiten zichzelf.

De menselijke afwezigheid is de grote aantrekkingskracht van zijn schilderijen. Je voelt de winter, de felle zon, de koude regen. Je ervaart de rust in de zeldzaam wordende Hollandse (sneeuw)landschappen. Deze landschappen zoekt Frank ook buiten Nederland. Zwitserland, de Franse Alpen en Noorwegen zijn landen met een natuur die hem zeer boeit. De ruige, kale en harde bergen met scherpe rotsen en steile hellingen schildert hij graag.

Al vele jaren maakt hij ook grote houtdrukken. Andere techniek, andere beeldtaal maar niet minder sterk.

 
De omslag van 'Oorverdovend stil'

Zijn onderwerp blijft hij trouw: het landschap.

Dick Adelaar (kunsthistoricus), Christina Hosman (interviewt Akke Schutte) en Bianca Ruiz (KunstSalon, Utrecht) beschrijven zijn manier van werken, denken en doen in mooie essays. De tekst van Jeroen Hermkens (vriend en kunstenaar) en de prachtige zwartwit foto’s van Rick Strooper laten zien hoe Frank Dekkers het landschap in trekt om te schilderen.

Naast de standaard editie (gebonden) zal er ook een luxe editie verschijnen. Deze bevat behalve het boek twee houtsnedes en twee ingebonden litho’s. De luxe editie wordt gesigneerd, genummerd en in een oplage van 100 exemplaren uitgegeven.

Frank Dekkers, Oorverdovend stil, teksten: Dick Adelaar, Jeroen Hermkens, Bianca Ruiz, Akke Schutte (door Christina Hosman) en Margot Fretz, 20 x 22 cm; 120 pagina’s; gebonden; Nederlands, ISBN 978 90 78964 45 2; Consumentenprijs: € 24,95 (standaardeditie), ISBN 978 90 78964 45 9; Consumentenprijs: € 220,- (luxe editie).

Het boek is verkrijgbaar in de boekhandel, bij galerie De Ploeg, De KunstSalon, het Voerman Museum en via www.thiemeart.com.

Bron: Thieme Art, 12 juli 2010 | Terug naar boven

 

Accoustic Territories: Sound Culture and Everyday Life, Brandon LaBelle

In het kader van de internationale groepstentoonstelling For the Birds, die draait om muziek als sociaal fenomeen, presenteert SMART Project Space Acoustic Territories: Sound Culture and Everyday Life, de zojuist verschenen publicatie van kunstenaar en publicist Brandon LaBelle.

Labelle richt zich met deze publicatie op alle denkbare culturele en sociale bewegingen van geluid, van 'underground' omgevingen tot de huiselijke omgeving. In Acoustic Territories gaat hij dieper in op de dynamiek tussen de materialiteit van geluid en auditieve ervaringen, in vervolg op zijn eerdere publicatie Background Noise: Perspectives on Sound Art. LaBelle analyseert specifiek ontworpen geluiden en de wijze waarop geluid ingezet wordt in culturele projecten, en gaat uiteindelijk dieper in op de vraag naar hoe geluid een rol speelt in ons dagelijks leven en de transformatie hiervan. Acoustic Territories is gepubliceerd door Continuum Books, New York.

Brandon LaBelle is kunstenaar en publicist. Hij houdt zich bezig met het gebied tussen geluid en 'socialiteit', waarbij hij per situatie en locatie constructies maakt die functioneren als creatieve toevoegingen aan bestaande condities. Zijn werk is onder meer getoond in tentoonstellingen en festivals als Poeticas da Voce,

 
Accoustic Territories: Sound Culture and Everyday Life, Brandon LaBelle.

Museum of Contemporary Art, Niterói (2008), Tuned City, Berlin (2008), and Cut n Splice, London (2009).

Accoustic Territories: Sound Culture and Everyday Life, Brandon LaBelle, paperback: 276 pagina's, uitgeverij: Continuum (april 2010), Engelstalig, ISBN-10: 1441161368, ISBN-13: 978-1441161369, SMART Project Space, www.smartprojectspace.net.

Bron: SMART Project Space, 18 mei 2010 | Terug naar boven

 

Plastic Dreams, Synthetic Visions in Design, Charlotte & Peter Fiell

Plastic Dreams is a lavishly illustrated reference work that raises the aesthetic perception of plastics and celebrates their nobility as materials, tracing the development of plastics through a wide range of product types. This book highlights the extraordinary form-giving potential of these wondrous materials, and brings together an exquisite and highly curated survey of landmark product designs in plastics, from Bakelite in the 1920s to the latest technopolymers today.

This publication features over 120 recognisable designs, from Wells Coates iconic AD 65 radio to Konstanin Grcic's MYTO stacking chair, revealing a breathtaking profusion of colours and forms as well as inventive imaginations fuelled by utopian aspirations.

The accompanying introductory essay also traces the fascinating history of plastics and assesses their crucial and influential role in industrial design, while the extensive glossary of materials and processes will help sort out your Jaxonite and Xylonite from your Polyethylene and ABS. The book comes with a specially designed slipcase by Edson Matsuo of Melissa.

 
De omslag van Plastic Dreams

Charlotte and Peter Fiell are leading authorities on 20th and 21st century design and have written and edited over 30 internationally bestselling books on the subject. They have just founded their own design-led publishing company, FIELL, to publish their own books as well as other titles by other specialist authors.

In het september/oktobernummer van Het Beeldende Kunstjournaal kunt u een recensie lezen van Plastic Dreams.

Plastic Dreams, Synthetic Visions in Design, Charlotte & Peter Fiell, Fiell Publishing Ltd. ISBN 9781906863081, £24.95, ingebonden, 270 x 210 mm, 288 pagina´s. Verkrijgbaar bij Antique Collectors' Club, ACC Editions, www.antiquecollectorsclub.com.

Bron: ACC Publishing Group, 17 mei 2010 | Terug naar boven

Inhoud