| |
Juni
-juli 2011, 6e jg. nr.3. Eindredactie: Rob den Boer. Postbus
268, 4100 AG Culemborg. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
|
|||||||
| VOORKANT | ACTUEEL | OPINIE | AGENDA | UITGELICHT | DOSSIERS | ARCHIEF | COLOFON |
| Voorpagina artikel |
over kunst en kunstenaars | meningen en columns |
actuele exposities |
opmerkelijke kunstberichten |
artikelen
uit alle vorige nummers |
de
laatste |
Informatie
over Het Beeldende Kunstjournaal |
|
Voorkant Akkermania in de kunsthal "Blijf jezelf, er zijn al genoeg anderen" (citaat autoreclame) "Waanzinnig," vindt de suppoost de werken aan de muur. Ze zit regelmatig bij de expositie 'Akkermania' en ziet steeds iets nieuws. Dit vindt ze de mooiste. Ze wijst een portret aan dat hangt tussen de 250 schilderijen van de verzameling van Caldenborgh. Bovendien is ze in het bezit van een echte Akkerman. Gekregen, een ander had de zijne al weggegooid, maar het kan nog heel wat waard worden… Door Lea Nieuwhof
Een mooi portret van een onopvallende man. Een leraar wiskunde met een analytische geest. Beetje bang dat hij geen orde kan houden. Pas door de herhaling en de hoeveelheid krijgen de portretten kracht en mysterie. Door zich in zijn keuze voor een gegeven tot in het extreme te beperken, heeft Akkerman een grote schildertechnische vaardigheid ontwikkeld. Ook met vormgeving, met stijl, met abstractie en herkenbaarheid speelt hij voortdurend. De houding van het hoofd verandert niet zo vaak. Half afgewend meestal, alleen de kop en een stukje hals, bijna chagrijnig kijkend. Het in 2011 geschilderde grijzige hoofd lijkt op een Japanse samoerai. Er loopt een beheerst maar los neergezette rode cirkelvormige veeg dwars door het gezicht. Verf en vorm ademen gemak. Vreemd dat iemand in deze tijd, waarin beelden oneindig gekopieerd worden, overtuigt door een enkel gegeven te herhalen. Is ons vermogen om aandacht te geven zo klein geworden, dat we alleen maar iets kunnen zien als we het keer op keer bekijken. Kijken
naar jezelf
Behalve zijn eigen identiteit onderzoekt hij de mogelijkheden van het oog in de schilderkunst. De schilder leert kijken. Zoveel verschil in de kleur van de huid, in de contrasten tussen licht en donker, in gelaagdheid en transparante of opake delen. Zoveel manieren waarop het licht valt en de vorm zichtbaar maakt. Zoveel stemmingen die door de grondtonen en kleuren van een doek opgeroepen worden. Op de expositie laat hij in een aantal paneeltjes de basisstappen van zijn techniek zien. Techniek en vormgeving wordt op allerlei manieren uitgediept in het gebruik van gekleurde gronden, withogingen, vernissen, experimenten met kleurlagen en het handschrift van de schilder. Wanneer herken je een afbeelding als jezelf? Moet het lijken, herkenbaar zijn? Ben ik mijn lichaam of mijn gevoelens, gedachten? Ben ik mijn stemmingen, mijn gemoedstoestanden? In welke geest maak je een schilderij? Serieus of vol grappen en grollen? Wanneer heeft een schilderij kwaliteit? Hoe vinden wij dat een portret eruit moet zien? Wat zie ik? Kijkend naar zichzelf, onderzoekt hij deze vragen. De kleur en de vorm wijken af van de werkelijkheid. Verhoudingen worden volledig door elkaar gegooid. Ogen worden groter en roder en puilen uit, oren verzakken, de neus krimpt tot een piepkleine vorm. Een wang wordt een klodder verf. Soms verdwijnt de afbeelding bijna achter horizontale streken verf. Tijd
en jezelf
Lichamelijk ouder worden is zichtbaar in de plooien en rimpels die hij vol overgave zo plastisch mogelijk weergeeft. Er wordt een serie getoond waarin hij inzoomt op de vaste herkenningspunten van een gezicht, wangplooien en rimpels, de verzakkingen in de oogleden, neus, ogen, mond, de vouwen langs de mondhoeken, en deze met kleine variaties in het vierkante beeldvlak plaatst. Hij lijkt op een vermoeide, opgeblazen grijs-roze cherubijn. De beperking tot het kenmerkende delen van het gezicht roept de abstracte koppen die Alexej Jawlensky aan het einde van zijn leven met wat losse strepen en toetsen kleur schilderde in herinnering. Maar wat een verschil in emotie en beleving. De schilderijen zingen niet. Ze ontroeren niet. Het talent van Akkerman ligt in het systematische onderzoek en het stellen van vragen. In alles wat hij doet, overheerst de rede en de beheersing. Hij valt niet ten prooi aan wanhoop of aan een gevoel van onvermogen. Hij onderzoekt, hij accepteert, hij speelt. Een eenling die de zaken op orde houdt in zijn eigen heelal. Akkermania,
t/m 26 juni 2011, Kunsthal Rotterdam, info 010-4400301, openingstijden:
dinsdag t/m zaterdag 10.00 - 17.00 uur, zon- en feestdagen 11.00
- 17.00 uur. Lea Nieuwhof is beeldend kunstenaar |
|