Sept. - okt. 2017, 12e jg. nr.4. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 
VOORKANT ACTUEEL ACHTERGROND AGENDA UITGELICHT ARCHIEF COLOFON 
voorpagina
artikel
recensies van tentoonstellingen

over kunst en
kunstenaars

actuele exposities
Nederland België
opmerkelijke
kunstberichten
artikelen uit  
vorige nummers

over Het Beeldende Kunstjournaal

 

Achtergrond

De symbiose tussen hoofd en hand

Tegenwoordig ligt de focus in de kunsten op politiek/sociaal engagement en op de vraag wat de kunst aan moet met grote maatschappelijke vraagstukken. Een gevolg is, dat er op de academies, in musea en in galerieën grote nadruk wordt gelegd op het leren denken, op het vormen van concepten.

Door Han de Kluijver

Tegelijkertijd wordt het oefenen onderschat. Historische kennis en het volgen van voorbeelden liggen niet langer aan de basis van het ontwerpen, maar de eigen inzichten, individuele ideeën en de persoonlijke expressie staan voorop. Met als resultaat dat de echte vernieuwing, namelijk die van het ambacht, van materialen en van technieken, veelal ontbreekt. Het waarderen van verandering en vernieuwing boven ervaring heeft zich ook sterk in de designwereld gemanifesteerd. Het zogenaamde 'out of the box' – denken en innovatie staan hoger aangeschreven dan traditie, ambacht, materiaalkennis of onderhoud. De aandacht voor ervaring en de ontwikkelingen op de langere termijn ontbreekt op deze manier.

 
Royal Academy school, London. Foto: Corrie Hogenboom.

Ervaring is zelfs verdacht, omdat het gelijk staat aan vastgeroest zijn in oude gewoontes. Die trend werd in de jaren zestig van de vorige eeuw in gang gezet. Het establishment veranderde van voorbeeld in vijand. Deze omwenteling is zo krachtig geweest dat we tot op de dag van vandaag de 'eeuwige jeugd' idealiseren en het 'ouder' worden vooral zien als een tekortkoming, in plaats van de vergaring van wijsheid en ervaring. Waar de jeugd ooit gezien werd als een voorstadium van volwassenheid, kreeg zij vanaf het midden van de twintigste eeuw op allerlei manieren een belangrijke en zelfstandige rol toegedicht.

Revolutionaire omwentelingen zoals de studentenopstand van mei 1968 en de flower power-beweging werden door de jeugd gedragen, die zich afzette tegen de generatie van hun ouders. Ook de commercie ontdekte de jeugd als doelgroep, wat de verering van verjonging en vernieuwing verder versterkte. Maar de generatiekloof waar de jaren zestig-revolutie zich op baseerde bestaat niet langer, want ook de oudere generatie is nu continue bezig zich eenzelfde radicaliteit aan te meten als de jongere generaties. Hiermee lijkt iedereen op hetzelfde niveau te opereren: puur op individuele basis, zoekend naar eigen ideeën, authenticiteit en een eigen stijl.

Daarbij zorgde de omwenteling in de jaren zestig er ook voor dat alle autoriteit verdacht raakte, waardoor het onmogelijk werd om een hiërarchische structuur als het meester-leerling-principe nog te handhaven.

Zo werd deze relatie doorbroken. En zo ontstond ook een overwaardering van authenticiteit en eigenheid, zonder het langere traject van een ambacht, geleerd via de kennis van de meester en de geschiedenis van het vak. Door de behoefte aan 'eerlijke' producten bij de jongere generaties is er wel een groeiende markt voor producten, die zich onderscheiden van de gangbare (massa)productie, omdat ze handgemaakt zijn met materialen waarvan de herkomst eerlijk en duidelijk is. Alleen zoeken jongeren nu zelf naar bronnen van kennis en voorbeelden en niet meer via kennisoverdracht door een meester.

Het probleem van versnippering
Als alle meningen dezelfde waarde hebben, wordt het moeilijk een geschiedenis van het vak te traceren waar iedereen het mee eens is. Er is vrijwel geen gemeenschappelijke taal meer en gezamenlijke referenties zijn nagenoeg verdwenen. Maar die gemeenschappelijke taal is wel nodig als je het vak wilt vernieuwen.
Het voordeel van deze vrijheid is ook duidelijk: in plaats van binnen een strak omlijst kader te moeten ontwerpen, kunnen verschillende precedenten op losse wijze aan elkaar worden gekoppeld, om zo tot iets nieuws te komen. Die vrijheid moeten we koesteren, want nieuwsgierigheid is immers fundamenteel voor ons bestaan en geeft ons de ruimte om te spelen, te experimenteren en zijpaden in te slaan.

Glas polijsten, Bzi. Foto: Corrie Hogenboom.

Maar zijn we nu, vijftig jaar na de 'summer of love', niet vastgeroest geraakt in ons idee van vernieuwing? Draait de nadruk op vernieuwende concepten en op authenticiteit niet slechts om herkauwde ideeën verpakt in steeds wolliger woorden? Vernieuwing is een holle frase geworden. Laten we de vernieuwing niet langer louter zoeken in het conceptuele, maar ook in de technieken en in de materialen, zodat het creëren weer echt ergens over gaat. Op deze manier kunnen ontwerpers en kunstenaars zich te midden van maatschappelijke ontwikkelingen plaatsen, zoals duurzaamheid en digitalisering, en een nieuwe relevantie opeisen. Natuurlijk gebeurt dit ook, maar dat zou dan op opleidingen meer gestimuleerd moeten worden, niet alleen technisch, maar ook het inzicht dat duurzaamheid en digitalisering onderdeel van beeldende kunst kunnen zijn.

Laten we veel meer inzetten op het vernieuwen van het ambacht, zodat ook de techniek en de kennis daarvan meekomen in de 21e eeuw. Anders hebben we straks alleen nog een eindeloos in herhaling vallende reeks goede ideeën, in steeds gebrekkigere uitvoering.

Meer respect voor het experiment
Echte vernieuwing vraagt om een nieuwe, open houding. Door te experimenteren zoek je als ontwerper of kunstenaar aansluiting bij de traditie, maar start je tegelijkertijd een zoektocht naar innovatieve oplossingen.

Innovatie krijg je ook door toevallige processen te organiseren en verrassende uitkomsten toe te laten. Maar om te kunnen innoveren, heb je wel een degelijke kennis nodig van materialen en technieken. En die kennis staat niet stil. Om ons heen veranderen industrieën met een ongelofelijke snelheid door ontwikkelingen op het gebied van robotica, kunstmatige intelligentie, nanotechno-logie, quantum computing, biotechnologie, en ga zo maar door. Of en hoe deze veranderingen zullen beklijven weten we niet, maar het is wel noodzakelijk voor kunstenaars om hiervan op de hoogte te blijven en er een bijdrage aan te leveren.

 
Studio Radovan Brychta, Jesenney. Foto: Han de Kluijver.

Kunstenaars creëren vanuit hun ambachtelijke werk volop kansen voor innovaties, kijken anders naar dingen en zoeken andere oplossingen. De invloed van de ontwerper draagt bij aan het uitdagen van de industrie om grensverleggend te werken. Op deze manier kunnen kunstenaars zichzelf te midden van de vernieuwing plaatsen, en niet erbuiten door enkel over concepten en persoonlijke expressie na te denken. Dit is een mogelijk antwoord op de meest cruciale en telkens opnieuw gestelde vraag in de beeldende kunst en vormgeving, namelijk die naar het eigen bestaansrecht, waarbij begrippen als concept en ambacht binnen de kunst niet los van elkaar te zien zijn.

Han de Kluijver is architect bna bni bnsp.

Terug naar boven | Print dit artikel!

 

Museumpeil
vakblad voor museummedewerkers in Vlaanderen en Nederland

Het lentenummer van het tijdschrift Museumpeil (editie nr. 47) is in veel opzichten aanleiding voor een bespreking. Dit blad wordt speciaal gemaakt voor medewerkers van Vlaamse en Nederlandse musea. Door de inhoudelijke opzet krijgt de lezer een brede inkijk in de hedendaagse ontwikkelingen van musea. Er is sprake van een groot aanbod van digitale educatieve systemen en creatieve vernieuwing binnen de museumwereld.

Door Wim Adema

Op dit moment worden de collecties van musea uit de depots gehaald en op een nieuwe wijze aan het publiek getoond.

Het S.M.A.K. in Gent (België) bijvoorbeeld, wil de museumbezoeker een permanent overzicht geven van de eigen collectie met 2000 werken. Door wisselexposities worden steeds vijfhonderd kunstwerken gepresenteerd, met betrekking op de periode 1945 tot heden. Het tonen van de gehele collectie is niet mogelijk, want hiervoor is het gebouw te klein en klimatologisch niet geschikt.

 
Foto: S.M.A.K. Gent

Op deze manier wil het Belgische museum een geheel nieuw expositieconcept ontwikkelen dat te gebruiken is in een eventueel nieuw museumgebouw, waarin hedendaagse beeldende kunst, kunstenaars en publiek dichter bij elkaar gebracht kunnen worden. 'Het beleven van een zichtbaar kunstwerk bracht ons op het idee om de onzichtbare collectie te tonen'. Elke vier maanden verandert het artistieke team daarom de collectietentoonstelling en de ruimtelijke presentatie in het museum.

Museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam heeft in Sjarel Ex een avontuurlijk en vernieuwend directeur. Vanaf 2019 zal de collectie van dit museum gepresenteerd gaan worden in het Depot Boijmans van Beuningen. Het architectenbureau MVRDV ontwierp een spectaculair zes verdiepingen hoog gebouw (39,5 meter) waarin alle objecten van dit museum ondergebracht kunnen worden en tegelijk toegankelijk zullen zijn voor het publiek. Een megaproject dat uniek is in de museumwereld.

The Big Draw
In educatieve zin valt ook het project 'The Big Draw' van het Rijksmuseum te Amsterdam op. Het museum heeft op een inventieve wijze de collectie betrokken bij een groot tekenproject. In de entreehal werden een groot aantal exotische opgezette dieren geplaatst, die bezoekers naar keuze konden tekenen en schilderen. Op deze wijze veranderde het entreeplein op 7 en 8 oktober 2017 in een dynamisch creatief teken- en schildercentrum.

Digitale vernieuwing
Te midden van een wereld vol digitale informatie en innovatie zijn ook musea zich bewust geworden van de noodzaak tot vernieuwing. Zo kwamen zij tot de conclusie dat het contact met het publiek op een meer eigentijdse manier moest worden georganiseerd en daarom wijzigden zij zowel visueel als inhoudelijk de presentatie van hun collectie.

Tentoonstellingsmaker Taco de Bie zegt hierover: "De bezoeker wil niet alleen genieten, maar ook een level hoger komen. Museumapps worden steeds meer gebruikt in de museumwereld."

Big Draw. Foto Rijksmuseum

Bram Wiercx, stafmedewerker informatiebeheer bij Faro, een Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed, dat adviseert over ICT, digitale communicatie, sociale media en apps, constateert: "(…) dat de museuminrichting en het ontwikkelen van de app nauw samenhangen. De scenografie van een nieuwe expositie wordt echter nog te weinig meegenomen in het nieuwe verhaal. Het publiek is vaak al gewend aan apps van hoge kwaliteit, zodat musea ook op dat kwalitatieve niveau moeten inhaken."

Opmerkelijk is in dit opzicht het gebruik van de app in het Middelheimmuseum in Antwerpen. Door het downloaden van de app op een eigen smartphone of tablet kan de bezoeker nu in deze beroemde beeldentuin zelf een wandeling programmeren langs de negenenvijftig beelden. Op die manier krijgt hij ook informatie over de geschiedenis van het museum en de belangrijkste collectiewerken te zien. Tegelijk wordt een beeld gegeven van de moderne en hedendaagse westerse beeldhouw- en installatiekunst.

Multisensorieel beleven
In het Huis van Alijn (B) staat de zintuigelijke presentatie centraal: een multisensorieel beleven. Op een laagdrempelige en toegankelijke manier wordt de collectie aan het publiek gepresenteerd. Voor blinden en slechtzienden is een speciaal project ontwikkeld, waarbij tijdens het betasten van het object een 'soundscape' te horen is, waarin over het object, en de geschiedenis ervan, wordt verteld. De digitale kanalen waarop de collectie terug te vinden is, zorgen voor een grotere verspreiding, bekendmaking en toegankelijkheid van het museum.

In de museumwereld blijkt dat het inrichtingsconcept, de scenografie, in een dynamische opstelling moet worden geplaatst. De beleving van de objecten door het publiek staat hierbij centraal. Deze objecten zijn de acteurs in een wisselend theaterstuk dat verhalen vertelt, prikkelingen geeft en een herinnering vormt voor de bezoekers. Musea moeten meer 'verwondermachines' gaan worden.

In het zintuigelijke Museum Plantin-Moretus uit Antwerpen vinden ze dat een museumbezoek pas geslaagd is als de menselijke geest en alle zintuigen zijn aangesproken. Museumpeil doet dit door de moderne vormgeving en lay-out van het blad, alsmede de boeiende afwisseling van tekst en beeld.

Susan Sontag: 'Voelen is een vorm van denken en denken is een vorm van voelen'

Museumpeil is een uitgave van de Stichting Museumpeil, ISSN: 1381-1088. Website: www.museumpeil.eu.

Wim Adema is beeldend kunstenaar en fotograaf en publiceert regelmatig artikelen over beeldende kunst in diverse media. Klik hier om zijn website te bekijken.

Terug naar boven | Print dit artikel!

Inhoud