Mrt. - mei 2018, 13e jg. nr.2. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 
VOORKANT ACTUEEL ACHTERGROND AGENDA UITGELICHT ARCHIEF COLOFON 
voorpagina
artikel
recensies van tentoonstellingen

over kunst en
kunstenaars

actuele exposities
Nederland België
opmerkelijke
kunstberichten
artikelen uit  
vorige nummers

over Het Beeldende Kunstjournaal

 

Actueel

Hugo Claus – Con Amore

Tien jaar na zijn dood en vijftig jaar na mei 1968 wijdt BOZAR een tentoonstelling aan de meest bekroonde auteur van België: Hugo Claus (1929-2008). De tentoonstelling, samengesteld door Marc Didden, toont de grootmeester in al zijn facetten: dichter, schrijver, schilder, theatermaker, filmregisseur en sociaal bewogen kunstenaar.

Door Joke M. Nieuwenhuis Schrama

Con Amore (met liefde), zo ondertekende Hugo Claus vaak zijn brieven. De tentoonstelling gaat niet óver, maar is vóór Claus, aldus Didden.

''Ik heb Claus' leven en werk proberen te vatten in een aantal beelden, woorden en klanken die pars pro toto staan voor zijn onmiskenbare grootsheid. Ik ga zijn warmte, zijn verstand, zijn elegantie, zijn humor in het DNA van tentoonstelling en boek trachten te verwerken (…) Ik hoop vooral dat Claus met deze korte kunstwandeling door zijn universum blij zou kunnen zijn, daar in dat vagevuur waar hij nu ongetwijfeld poker zit te spelen met een paar van zijn oude makkers."

En Didden heeft daadwerkelijk een liefdevolle expositie gemaakt voor zijn overleden vriend en vakgenoot. Totaal zo'n tweehonderd objecten, waaronder archiefstukken, originele handschriften, magazines, trivia, foto's en geluid- en filmfragmenten. Verder is er een selectie kunstwerken te zien van kunstenaars met wie Claus bevriend was of samenwerkte: Karel Appel, Roger Raveel, Jan Cox, Pierre Alechinsky, Jan Vanriet, maar ook van kunstenaars die hem inspireerden: James Ensor, Leon Spilliaert.

 
Hugo Claus, 'Zonder titel', s.d. Maurice Verbaet Art Center, Antwerpen.

Voorts hedendaagse kunstenaars: Michael Borremans, Luc Tuymans, Sam Dillemans, Johan Muyle. Ook wordt een kleine selectie beeldend werk (schilderijen en werken op papier) van Claus zelf geëxposeerd, uitzonderlijke stukken die zelden of nooit publiekelijk te bezichtigen zijn. Voor het eerst wordt een origineel schetsboekje van Claus getoond, waarin hij naar het eind van zijn leven toe, toen schrijven moeilijker werd, nieuwe tekeningen maakte.

Een eigenzinnig portret in acht hoofdstukken. De tentoonstelling is in het BOZAR uitgezet in het zogenaamde 'B/N – circuit', boven een van de door Victor Horta ontworpen tentoonstellingszalen. De B en de N staan voor 'Blanc et Noir', uitgestippeld door Horta in een soort entresol bovenlangs de benedenhal en aanvankelijk bestemd voor de zwart-witfotografie. Dit jaar bestaat het BOZAR 90 jaar, Claus exposeerde hier in 1959 ('Schilderijen op papier') voor de eerste keer, maar kwam er geregeld in verschillende gedaantes: als CoBra-man, toneelauteur, regisseur, kunstcriticus, dichter-croniqueur, rebel en later nog meer als gevierd schrijver.

Het lijkt wat smal en compact in dit B/N circuit, maar al lopend en kijkend is er zodoende weinig van te missen, wat ook zonde zou zijn, want van begin tot einde (en van einde tot begin, dat heb ik voor alle zekerheid maar gedaan) is de (kunst)wandeling interessant. Zo komen de plaatsen voorbij die Claus lief waren: Oostende, Parijs, Gent, Amsterdam, Brussel, New York. De wandeling begint met een mooie contour van Claus overgebracht op de muur, naar een tekening uit 1993 van Roger Raveel (1921-2013), een vriend van hem. Die heeft Raveel trefzeker neergezet, Claus is hierop zeer herkenbaar, ten voeten uit …

Er zit niet echt een chronologische volgorde in deze hommage aan Claus, behalve dan misschien aan het eind, dat wordt gesierd met een rouwgedicht op de muur van Remco Campert, voor zijn vriend Hugo. Hieronder enkele van de hoofdstukken uitgelicht:

7. België en zijn verdriet
Ofschoon ik enkele gedichten en korte verhalen heb gelezen, moet ik tot mijn schaamte bekennen geen enkel boek van Claus in mijn bezit te hebben, maar ik heb wel een kleine uitgave (formaat kerkboekje) die is samengesteld over Claus' meesterwerk, de familieroman 'Het Verdriet van België' (1983), namelijk: 'Kleine encyclopedie van Het verdriet' (2013). Het boekje bestaat uit een verzameling korte verhalen van Vlaamse en Nederlandse schrijvers, die hun verbeelding de vrije loop geven naar aanleiding van details uit de roman. De omslag van dit boekje toont een tekening, een soort plattegrond of wegenkaartje van Claus zelf, met de personages uit zijn roman. De originele tekening, die ook op de tentoonstelling is te zien, herkende ik direct. Claus heeft het wegenkaartje eigenhandig getekend voor het geval de lezers zouden verdwalen in zijn roman, prachtig toch? Nu toch maar eens gaan lezen …

Hugo Claus, originele kaart met personages uit Het verdriet van België, 1993, tevens cover van 'Een kleine encyclopedie van Het verdriet', 2013. De Slegte antiquariaat, Antwerpen.

8. Rebel zonder kousen: BOZAR Occupied: 1968-2018 50 years of Cultural Protest.
Op 15 maart 1968 werd in Antwerpen de eerste protest 'read-in' gehouden, gevolgd door de tweede op 20 mei 1968 in de centrale hal van het BOZAR, destijds nog Paleis voor Schone Kunsten/Palais des Beaux-Arts. Hier zijn de originele affiches te zien die deze Anti Censuur Protest 'happenings' aankondigen met de namen van een verzameling schrijvers- waaronder Claus - kunstenaars, acteurs en andere belanghebbenden, die daaraan meededen. Claus was een geëngageerd schrijver en mens. Hij sprong meermaals in de bres voor zaken die het algemeen belang dienden, steunde acties van noodlijdende kranten en stond op tegen bekrompen politici. Het botste wel een keer tamelijk tussen de arm der schrijver en de arm der wet. Voor zogenaamde obsceniteiten tijdens de voorstellingen van 'Masscheroen', Claus' bewerking van het middeleeuwse mirakelspel 'Mariken van Nieumeghen', werd hij veroordeeld tot een gevangenisstraf en een boete (wat achteraf wel meeviel). Ook van deze voorstellingen zijn beelden te zien.

3. Zeezucht

https://www.youtube.com/watch?v=6Y30ZdyQCmE

"de bloemencorso / een litho van Spilliaert / De IJslandvaart / Sehnsucht ? / Zeezucht," schrijft Claus in de poëziebundel 'Behoud de Begeerte' (Hugo Claus/Jan Vanriet, 2003). Een groot schilderwerk van Thierry de Cordier, 'Mer du Nord no 9' (deuxieme tentatieve), 2016-2018, maakt deel uit van het hoofdstuk 'Zeezucht'. Een werk dat Claus niet zelf heeft kunnen zien, maar dat hem wordt 'aangeboden' in het kader van deze tentoonstelling. Prachtig zijn ook de filmbeelden van Oostende door Henri Storck, 'Images d 'Ostende' uit 1929.

Het is dezelfde zee die Claus heeft gezien, zoals ook James Ensor die zag en Leon Spilliaert, van wie in dit hoofdstuk ook een prachtig schilderij wordt getoond. In Oostende schreef Claus zijn eerste roman, 'De Metsiers'.

Hij verbleef daartoe lange tijd in Hôtel de Londres in ruil voor het bewijs dat hij schrijver zou zijn, een weddenschap tussen Claus en de uitbater van het hotel. Claus won, het telegram (uit 1950) met de mededeling van de uitgever dat zijn boek de Leo J. Krynprijs had gewonnen, is hier te zien. De schrijver was toen 19 jaar oud.

 
Thierry De Cordier, 'Mer du Nord', N°9 (deuxième tentative), 2016-2018, olieverf, teer en emaille op doek, 170 x 270 cm, frame: 175 x 275 cm.

"(...) Ik had geen huis, geen kleren, niks. Toen ontmoette ik bij toeval in een café in Oostende de eigenaar van Hôtel de Londres. Hij zei: ''Je kunt bij mij komen wonen. Mijn vrouw is net gestorven en ik ben treurig.'' Ik had die vrouw ook gekend. Dus samen met hem treurende woonde ik daar, in twee kamers op de hoogste etage van dat vrijwel leegstaande hotel. Dan gingen we 's avonds, zoals het romantici behoort, naar de bars waar entraineuses waren. Ik had het zeer naar mijn zin (…)." Hugo Claus, 1997.

Hugo Claus – Con Amore, BOZAR, Paleis voor Schone Kunsten, Ravensteinstraat 23, Brussel, 28 februari t/m 27 mei 2018. Website: www.bozar.be.

Ga zeker kijken naar deze interessante expositie, het BOZAR ligt op 4 minuten lopen van Station Brussel Centraal. Er is en catalogus verschenen bij deze tentoonstelling: Hugo Claus, Con Amore, ISBN 9789401450898.

Terug naar boven | Print dit artikel!

 

Pieter Pourbus
Meesterschilder uit Gouda

De meesterschilder Pieter Pourbus (1523-1584) was in de 16de eeuw een beroemdheid, maar na die tijd raakte hij vergeten. Hij zag het levenslicht in Gouda. Wie zijn vader en moeder waren, is minder duidelijk. Er komt in de Goudse archieven maar één man als vader in aanmerking, Jan Pietersoen Puerboss, van wie een rekening bewaard is gebleven voor het schilderen van het stadswapen op een luik.

Door Peter van Dijk

Een grondige analyse van Pourbus' werk leert dat hij waarschijnlijk in Leiden of Utrecht opgeleid is. Maar hij liet al snel het verarmde Gouda achter zich en trok naar het veel rijkere Brugge, schoolde zich daar verder en schreef zich in als 20-jarige meesterschilder in het gilde van de Beeldenmakers en Zadelaars.

Pourbus was niet alleen meester-kunstschilder (een gildeterm), maar ook een meester in landmeten en bouwkunde. Op de tentoonstelling in Gouda is een zorgvuldige landkaart te zien van het Brugse burggraafschap Vrije. Een precisiekarwei.

Pourbus' professionele en sociale carrière nam een hoge vlucht toen hij ging werken in het atelier van de meest gewaardeerde Brugse kunstenaar in het tijd, Lancelot Blondeel. Hij trouwde met diens dochter Anna en kreeg een zoon, Frans, later zijn opvolger als schilder. Pourbus keerde, zover men weet, nooit terug naar Gouda. Ook zijn werk kreeg er nooit een tentoonstelling. Deze in Gouda is de eerste in Nederland.

 
Pieter Pourbus, 'De verkondiging aan Maria' (de annunciatie), collectie Museum Gouda. Foto: Tom Haartsen.

Pourbus' werk kan in twee hoofdonderwerpen verdeeld worden, altaarstukken voor kerken en portretten voor rijke burgers en adel. Als je een geziene meester was, kon je in Brugge goed aan de kost komen. En Pourbus was een gezien lid van de Brugse gemeenschap, tweemaal deken en vijfmaal gezworen ouderling, belangrijke functies in zijn gilde van Beeldenmakers.

In 1551 vestigde hij zijn reputatie als portrettist door de wijnhandelaar Jan van Eyewerve en zijn vrouw Jacquemyne Buuck te schilderen. Pourbus werkte heel precies, met dunne gladde verf, en hij besteedde veel aandacht aan details. Het wijn-echtpaar is in het zwart gekleed, met nauwelijks sieraden, een enkele ring, een doffe halsketting, een handschoen of een opgerold doekje in de hand, kortom een sobere uitvoering. Waarschijnlijk protestantse mensen. Zijn liefde voor details blijkt uit de achtergrond van beide schilderijen. Bij de koopman zien we op de achtergrond een grote hijsinstallatie geschilderd en bij zijn vrouw een rijk versierde koopmanswoning. Als echte renaissance-kunstenaar wilde Pourbus ook wel laten weten wie de schilder was: in grote gouden letters op de zwarte achtergrond staat OPVS PETRI POVRBVS.

Portretten
Zijn vakmanschap komt tot volle glorie in de vrouwenportretten 'Een jonge dame' en 'Een zesentwintigjarige'. Vooral het laatste portret is wonderschoon, een melancholiek kijkende jonge vrouw, met een licht bedrukt wit katoenen haarkapje, opstaande kanten krulkraag, zwarte kleding, een rij knoopjes in de vorm van een klein verfijnd trosje bessen, van goud, elk opgesierd met een bleek blauw pareltje.

Hinderlijk is de behoefte van de rijke burger om zijn belangrijkheid te willen uithangen, het familiewapen in de hoek van het schilderij is bijna even groot als het verstilde vrouwenhoofd en leidt de aandacht af. Veel van Pourbus' portretten zijn in het zwart geschilderd en lachebekken zijn er niet bij. Ook niet de monnik, die op 17 april 2018 aan de tentoonstelling toegevoegd werd. Een sober schilderij van een onopvallende 41-jarige geestelijke. Het meest opvallend zijn de priemende ogen en de groot geschilderde vanitassymbolen, de schedel waarop de rechterhand van de monnik rust en het kruisbeeld dat hij in de andere vasthoudt. Voor hem ligt een open boek met als titel 'Anxia Vita Nihil', Het leven is angst, niets anders. Het was geen makkelijke tijd, dat is duidelijk. Het komt weinig voor dat werken na de opening nog opgehangen worden, maar het betrof hier een recente ontdekking, die de nieuwe eigenaar graag wilde uitlenen.

Het enige (groeps)portret in kleur op de Goudse tentoonstelling is ongewild potsierlijk. Vader Juan Lopez Gallo bidt met zijn drie zonen, een rij geknielde mannen. Ze zijn gehesen in het blinkende harnas, waarover een stoffen overgooier in blauw en goud hangt. De overgooier is versierd met drie zwarte hanen en nog eens drie hanen op de mouwen. Zwarte kruisjes op de witte randen. Het wordt de kijker ingepeperd dat de vader Haan heet (Gallo in het Spaans), Jan Haan. De bonte kermis op dit schilderij, die devoot bedoeld is, kan niet de artistieke opzet van Pourbus zijn geweest, maar ongetwijfeld heeft de heer Haan zijn zin doorgedrukt.

Altaarstukken
Altaarstukken vervelen mij meestal snel, de voorstellingen zijn herhalingen van hetzelfde, de aankondiging, de vlucht uit Bethlehem, de geboorte, het kindje op schoot, de wijzen aan de voet van de kribbe, de kruisiging, de opstanding. Ook Pourbus' altaarstukken laten de geijkte beelden zien. Maar als je hen benadert als portretten of interieurstudies, zijn ze vaak prachtig. Op de 'Aankondiging' aan Maria van haar komende zwangerschap is uiteraard de bekende brave engel te zien, en de invliegende heilige duif, maar het burgermansinterieur is

Pieter Pourbus, 'Portret van een jonge vrouw', privécollectie.

interessant, met prachtige tegelvloer, klassieke kasten en een omineus schilderij van de verdrijving uit het paradijs. Heel mooi is het serene gezicht van Maria, die haar handen in een verbaasd en verwachtingsvol gebaar omhoog vouwt. Ook de Madonna in de beroemde 'Van Belletriptiek' (1556) heeft op originele wijze haar handen kruiselings op haar schouders gevleid. Het gebaar geeft het schilderij een sfeer van verinnigde intimiteit. Een kleine, maar fijne tentoonstelling.

Pieter Pourbus, meesterschilder uit Gouda, t/m 17 juni 2018, Museum Gouda, Achter de Kerk 14, Gouda. Website: www.museumgouda.nl.

Wie nog zin heeft kan ook nog een overzicht van werk van Henk Helmantel bekijken. Onder de titel 'Geloof, Harmonie en Stilte' zijn interieurs, stillevens en werken die de realist Helmantel thuis heeft hangen en hem inspireren, samengebracht. Een bespreking van een andere, maar soortgelijke tentoonstelling van Helmantel vindt u elders in deze aflevering van het Beeldende Kunstjournaal.

Peter van Dijk is journalist.

Terug naar boven | Print dit artikel!

 

Twee haiku's van Ria Giskes. Verder op deze pagina vindt u er nog twee.

 

volle maan -
in de tuin beweegt
een molshoop

lentezon
ramen en deuren
gaan open

 

Haiku: Ria Giskes-Pieters; foto: ©John Giskes. Meer haiku's van Ria Giskes vindt u hier: http://tjilp.blogspot.com.

Terug naar boven

 

Het karige geluk van Jean Brusselmans

Tot nu toe kende ik het werk van Brusselmans alleen van afbeeldingen in boeken. Eenmaal gezien, vergeet je dit werk niet meer. Het Gemeentemuseum Den Haag besteedt aandacht aan deze Belgische schilder met een grote expositie van zijn werk. De werkstukken dateren uit zijn vruchtbaarste periode van circa 1930 tot 1940/50.

Door Lea Nieuwhof

In zijn zeelandschap met regenboog (De regenboog, 1932) komen een aantal karakteristieke kenmerken van de schilder terug. De lucht is geschilderd als een plat grijs vlak met een blauwe kleurzweem. Je oog volgt de halve cirkel die de regenboog vormt boven een schuimige zee, bestaande uit golvende lijnen en witte en grijze toetsen. Schematisch en kinderlijk komt de eenvoudige beeldtaal over. Maar met de stortbui van losgeschilderde grijze verfstrepen aan de rechterkant, het licht op de zee en de sobere betekenisvolle compositie laat Brusselmans zich kennen als een schilder die zijn vak beheerst.

Jean Brusselmans (1884-1954) is een schilder voor kunstenaars. Geen charmante voorstellingen, losse toets, zichtbare virtuositeit of aantrekkelijk kleurgebruik, maar ploeteren met verf en kwast. Het zijn vereenvoudigde, bijna schematische voorstellingen met een karig kleurgebruik. Tijdens zijn leven had de schilder weinig succes.

 
Jean Brusselmans, 'La Tempête' (De Storm), 1936, olieverf op doek, 147 x 147 cm, privé-collectie.

De armoede als gevolg van het uitblijvend succes, bepaalt mede de sfeer in zijn schilderijen. Zijn onderwerpen komen uit zijn directe leefomgeving. Stillevens, interieurs, portretten van zijn vrouw en het landschap in de omgeving van Dilbeek, een landelijke gemeente bij Brussel waar hij zijn hele leven zou blijven wonen, inspireerden hem voortdurend. Grijs, wit, zwart en aardkleuren vormen de grondtoon van veel doeken. Het kleurgebruik is doordacht. Soms ontbreekt diept en warmte in de kleuren en blijft de sfeer schraal. Elke vorm, elke lijn of penseelstreek, elke kleur en elke toon zijn belangrijk en dragen bij aan het totaalbeeld.

In zijn beginjaren als schilder maakte Jean Brusselmans kennis met het werk van impressionisten en fauvisten. Vooral Cezanne en Matisse inspireerden hem. Korte tijd deelde hij een atelier met Rik Wouters. In deze periode zijn de toets en kleuren vrij licht. Naderhand vestigde hij zich in Dilbeek. Regelmatig bezocht hij de Belgische kust en had daar contact met andere kunstenaars. Hij was lid van diverse kunstenaarsverenigingen, exposeerde regelmatig en werd gewaardeerd door meer succesvolle collega's als Constant Permeke, Gustaaf de Smet. Waardering van het grote publiek en verkopen bleven echter uit. In tegenstelling tot zijn succesvolle collega's, de Vlaamse Expressionisten, zocht hij niet naar een uitdrukking van gevoelens. De schilderijen van Brusselmans zijn bouwwerken van vlakken en lijnen op een geometrische basis en er is een voortdurend zoeken naar optimale zeggingskracht met een minimum aan beeldende middelen.

Stilleven met rode petroleumkan
'De compositie is van kapitaal belang. Zij schept de orde, geeft ieder personage en object een plaats en schikt de lijnen van het schilderij, rechte, horizontale of schuine. Zij verdeelt schaduw en licht en geeft aan ieder figuur of voorwerp zijn karakter, uitdrukking en eigen leven.' (Jean Brusselmans)

Een bijna vierkant doek wordt verdeeld door een zwarte horizontale lijn. Onder is een licht tafelvlak waarop alledaagse gebruiksvoorwerpen staan. Daarboven geeft een strook lichtvaal behang de ruimte van de kamer aan. Het behang is beschilderd met roze bloemetjes en groene blaadjes. Het penseelgebruik waarmee de bloemetjes geschilderd zijn, is dat van de volksschilderkunst. De voorwerpen die het stilleven vormen, zijn zoveel mogelijk als vlakken weergegeven en gerangschikt op een onzichtbaar geometrisch raster.

De grens tussen twee denkbeeldige vierkanten op het tafelvlak wordt gevormd door de glimlichten op de petroleumlamp in het midden. Twee rul geschilderde toetsen in het glas en het uitgespaarde citroengeel op de voet vormen de verticale lijn.

Jean Brusselmans, 'Nature morte au cruchon rouge' (Stilleven met rode kruik), 1933, olieverf op doek, 110 x 126 cm, privé-collectie.

Een zwartbruine rechthoek staat achter de lamp. Je herkent de gootjes van een broodplank. De plank, de mand vol appelen en het palet in de benedenhoek zijn de donkere, zware delen van de compositie.

Op het palet dat op het doek is geschilderd, liggen verftoetsen in de kleuren wit, zwart, blauw, geel en roodbruin. In het hele doek komen de rode en gele kleuren in telkens een andere tint terug. We zien het diepe volle rood van de petroleumkan, het valere bruinrood in de schaduw, de oranjerode appels en het roze van de bloemetjes in de achtergrond. Beginnend bij de lik geel op de kop van de vis en de goudgele glimlichten op de petroleumlamp, kijken we naar het lichte vaalgeel van de kaas. Wit en grijs, in verschillende tonen, geven een neutrale achtergrond.

Alle voorwerpen zijn herkenbaar en zo sterk mogelijk vereenvoudigd weergegeven. In de lamp is er nog iets van bolling en diepte zichtbaar. In de overige vormen wordt door de rechte onderkant en een harde contour de vlakke vorm benadrukt. De schaduw op de vazen en op het tafellaken is met brede repeterende kwaststreken weergegeven. De rechte en gebogen contourlijnen die in alle voorwerpen terugkomen, worden benadrukt door het contrast met de achtergrond. Er ontstaat beeldrijm. De geschilderde voorwerpen komen in telkens wisselende opstellingen terug op veel van zijn andere stillevens. Telkens opnieuw zoekt hij een ordening.

Portretten
Brusselmans is geen echte portretschilder. Psychologische diepgang ontbreekt. De houding waarin de geportretteerde is afgebeeld, is stijf en onhandig. De lichaamsvormen zijn schematisch en lijken uitgeknipt. Een uitzondering hierop vormen de portretten van zijn vrouw. Wanneer zij door Brusselmans geschilderd wordt, ontroert ze de kijker niet door haar schoonheid. Zij oogt stug, streng, in zichzelf verzonken en geeft geen toegang tot haar innerlijk. Het maskerachtige gezicht is uitdrukkingsloos. Op het doek 'Vrouw in keuken' maalt ze de koffie in een gelaten overgave aan een eenvoudige dagelijkse handeling. Ze vindt haar plaats in de wereld om haar heen. Het schilderij straalt warmte en harmonie uit.
Op latere doeken wordt ze meer afgebeeld als Madame Brusselmans, in haar feestelijke zwart witte jurk. Zij en misschien nog meer het patroon van haar jurk krijgt alle aandacht, geplaatst als ze is in het centrum van het doek. Kop en gezicht zijn opgebouwd uit brede kwaststreken en vlakjes kleur. In de beperking van het aantal kleuren en tonen in licht en schaduw, gaat hij tot het uiterste. Kleine details en oneffenheden voorkomen dat de kop star wordt.

Landschappen

"In mijn schilderijen blijft een lijn een lijn. Een kleurtoets of verflaag blijven wat ze zijn. De echte schilder zoekt geen nabootsing maar wel een hogere waarheid."

Wanneer de zon schijnt, krijgen zijn landschappen iets feestelijks. De gebogen lijnen van wolkenluchten en golven en de rechte lijnen van boten, akkers en bomen geven het schilderij een sterke dynamiek. Levendige pasteuze verfstreken doorbreken het schematische in de contourlijnen van wolken en golven. Niet altijd overtuigt Brusselmans. Dan is het schuim niet luchtig maar bestaat het uit harde kiezels wit en grijs. In het werk gemaakt tijdens de oorlogsjaren (1940-45) gaat de strengheid in de opbouw en de heldere vlakverdeling over in een meer chaotische losse structuur en toets.

 
Jean Brusselmans, 'Dame au canapé' (Dame op sofa), 1937, olieverf op doek, 150 x 150 cm, Stedelijk Museum Amsterdam.

Er hangen drie doeken die hetzelfde uitzicht uit zijn atelierraam tonen. Het zijn winterlandschappen op verschillende tijdstippen van de dag geschilderd, wat met kleine verschillen, zoals een warmer of kouder kleurgebruik, zichtbaar wordt gemaakt. Vierkante toetsen vormen vlekken licht of besneeuwde daken, dwarrelende vlokken sneeuw of de lege ruimte rond de takken van de bomen. De grens tussen ver weg en dichtbij is vaag. We nemen van alles waar, maar er is geen hiërarchie tussen wat belangrijk is en wat niet. De bruine kleur van het onbeschilderde linnen die deel uitmaakt van de compositie, benadrukt het meer schetsmatige spontane karakter van deze doeken. Het licht van de zon is nog steeds een geeloranje klodder verf, een tak een lijn, maar de strenge orde van eerdere doeken zoals het grijze winterlandschap uit 1935 is verdwenen.

In een wereld die streng geordend is, vallen de kleinste afwijkingen van die orde op. Zo worden de schilderijen van Brusselmans rijk, een voortdurend ontdekken van verf, kleur en vorm.

Jean Brusselmans, t/m 10 juni 2018, Gemeentemuseum Den Haag, Stadhouderslaan 41, Den Haag. Website: www.gemeentemuseum.nl.

Lea Nieuwhof is beeldend kunstenaar.

Terug naar boven | Print dit artikel!

 

New Art in Rotterdam

Tijdens de recente kunstmanifestatie Art Rotterdam 2018, die van 8-11 februari werd gehouden, werd in het bekende Van Nellegebouw in Rotterdam een bijzonder groot en gevarieerd kunstprogramma gepresenteerd.

Door Wim Adema

De bezoekers konden een keuze maken uit een groot aantal aparte 'Sections' en activiteiten, zoals 'citizenM cinema', de 'NN Group Art Award', de 'Reflections Room', beloftevolle jonge kunstenaars in 'Prospects & Concepts' (Mondriaanfonds), 'Intersections' (avant-garde), 'Commonities' (galeries met een bindend thema), de 'Main Section' met 75 Nederlandse en buitenlandse galeries, de grote videoprestatie 'Projections', de buitenpresentatie 'Open Air' en de 'New Art Section'. Ik bespreek hieronder de laatste sectie.

New Art Section
Deze 'New Art Section' werd samengesteld door Patrick C. Haas, associate-curator van het Witte de With Centrum voor Hedendaagse Kunst te Rotterdam. In eenentwintig units presenteerden jonge galeristen met een solopresentatie het werk van jonge kunstenaars. Deze opzet gaf de gehele sectie een extra dimensie. De bezoekers kregen de gelegenheid om het werk van opkomend talent in een breed perspectief te bekijken; in elke galerie stond het werk van één kunstenaar centraal. Op die manier werd de werkwijze en de beeldtaal van de kunstenaars overzichtelijk gepresenteerd.

De 'Main Section' kent deze opzet niet, waardoor bij de meeste galeries de nadruk wordt gelegd op een zo breed mogelijke presentatie van kunstenaars.

 
Jessica Lajard, 'What You Don't Know Can't Hurt You', 2012, geglazuurde keramiek, 89 x 71 x 45 cm en 140 x 23 x 23 cm. Courtesy: Irène Laub Gallery, Brussels.

Op deze manier ontstaat zeker een groot en gevarieerd aanbod van beeldende kunst, maar dat geeft vaak niet de mogelijkheid tot een dieper contact met een kunstenaar en zijn werk.

In de New Art Section was de deelname zeer internationaal, waardoor tevens een boeiend en eigentijds beeld ontstond van de ontwikkelingen in de hedendaagse beeldende kunst. Wat mij vooral opviel, was de intensiteit waarmee de jonge beeldend kunstenaars naar een nieuwe beeldtaal zoeken, waarbij op experimentele wijze met lijn, vorm, beweging en kleur in composities gewerkt wordt. Dat geeft veel van hun werk een confronterend en vernieuwend karakter. Tegelijk kan het avontuurlijke gebruik van eigentijdse materialen als spray paint en pvc, of Full HD beelden op LCD schermen tot grote beeldverrassingen leiden, maar soms blijft de kunstenaar ook dicht bij olieverf op doek. Bij veel jonge kunstenaars in deze sectie zag ik een volstrekt nieuwe visie op de beeldende kunsten, waarbij veel technieken en stijlmiddelen met elkaar verbonden worden.
.
Het werk van Jessica Lajard (Irène Laub Gallery, Brussel) is zo'n voorbeeld. Haar objecten in de serie 'What You Don't Know Can't Hurt You, 2012) laten kleine donkergroene flessen zien, staande op lange, smalle houten sokkels. Uit de hals van de twee flessen komen witte rookpluimen, verschillend van vorm, gemaakt van geglazuurde keramiek. De rook heeft een vreemde, verontrustende en tegelijk rustgevende werking. Haar talrijke objecten in de serie 'Eye Candy', gemaakt van Limoges porselein, creëren met diverse vormen een wit, mysterieus objectlandschap, waarin op subtiele wijze elke vorm een eigen ruimtelijke plaats inneemt.

Galerie Eva Meyer uit Parijs kreeg een prijs voor de beste presentatie in de New Art Section. Met het werk van Goiffon & Beauté wordt een artistieke verbinding gemaakt met het digitale tijdperk. Aan de wand hangen gouden printplaten, gemaakt van het Wikipedia softwaresysteem. Van elk softwaredocument is een fijnzinnige en uitgebalanceerde printafdruk gemaakt, die van dichtbij met gouden kleine letters, afbeeldingen en tekens het inwendige van het Wikipedia-systeem onthullen. Deze platen hangen als groep bij elkaar en maken samen ook een verleidelijke en esthetische indruk, die van dichtbij verandert in intimiteit en onthulling. Ook hun systeem 'Paravent #2', een apparaat voor 'pin-pushing management', is een hightech installatie waarin op ingenieuze wijze de verbinding tussen managementsecties verbeeld wordt.

In de Mini Galerie (Amsterdam) liet Pablo Tomek met acrylverf op doek intense abstracte landschappen zien met confronterende verfbewegingen; het zijn kleurcontrasten met een ruimtelijke intensiteit.

De studie naar pigmentwerking ('Untitled; Activation 002') van James Bridle (galerie NOME, Berlijn) binnen een frame van zestien kleine vierkante vlakken, is van een ongewone zeggingskracht. De strakke zwarte binnen- en buitenkadering versterken het totale beeld. Dit werk is een Ditone Archival Pigment Print en heeft een formaat van 110 x 114,26 cm.

De schilderijen van Stefan Pfeiffer bij galerie Kai Erdmann uit Hamburg tonen een indringend verhaal over het zoeken naar balans tussen krachtige, spontane verfstreken en een nieuwe ritmiek van verfbewegingen. Van dichtbij ontdekte ik bij deze kunstenaar een gedreven, zoekend penseel waarbij elke verfstreek een plaats krijgt binnen zijn composities. Met elkaar vormen de talloze verfbewegingen een nieuwe ruimtelijke compositie. Het doek 'Floating Garden' uit 2017 is een organisch en poëtisch object in een magisch kleurlandschap. Het lijkt alsof elke verfstreek in dit schilderij een autonome beeldkracht heeft gekregen.

Stefan Pfeiffer, 'Floating Garden', 2017, olieverf op brandnetels, 60 x 50 cm. Courtesy: Galerie Kai Erdmann, Hamburg.

In de 'New Art Section' leken de kunstenaars zich inhoudelijk en beeldend los te maken van de beeldende kunst in de 'Main Section'. Ruimtelijke objecten waren gemaakt van hars, acrylverf en staal; er was een draaiend universum met planeten van staal, glas en PLY; complexe Full HD beelden verschenen op een LCD-scherm, terwijl in zwarte aarde een 'Added New Protection' op inkjetprintscherm gericht was op een onbekende horizon. Ook het werk van Paulo Arraiano, Vivien Zhang, Mary-Audrey Ramirez, Malte Masemann, Fabio Lattanzi Antinori en Tuukka Tammisaari gaf veel reden voor verrassing en een nieuwe eigentijdse dynamiek.

Op de tentoonstelling 'Prospects & Concepts' liet het Mondriaanfonds het werk van 79 jonge kunstenaars zien. Dat vormde inhoudelijk zeker een boeiende verbinding met de hierboven beschreven New Art Section. Kunstenaars die mij in het bijzonder opvielen waren: Jasper van Loenen, Riley Harmon, Ralph de Jongh, Tim Mathijsen, Romy Muijrers, Naïmé Perrette, Sam Samiee, Jessica Skowroneck, Nan Wang, Wouter Willebrands en Rebekka von Zimmerman.

Meer informatie: www.artrotterdam.com.

Wim Adema is beeldend kunstenaar en fotograaf en publiceert regelmatig artikelen over beeldende kunst in diverse media. Klik hier om zijn website te bekijken.

Terug naar boven | Print dit artikel!

 

Twee haiku's van Ria Giskes.

 

onze tuin
vol witte veren -
de sperwer en de duif

een schip vaart voorbij
en verdwijnt in de verte -
nog zijn er golven

 

Haiku: Ria Giskes-Pieters; foto: ©John Giskes. Meer haiku's van Ria Giskes vindt u hier: http://tjilp.blogspot.com.

Terug naar boven

 

De blik van Morandi

"De taak van de schilder is het wegnemen van de barrières, de conventionele beelden die tussen hem en de dingen staan."

Deze uitspraak is van Giorgio Morandi (1890-1964), een van de invloedrijkste stillevenschilders uit de recente kunstgeschiedenis. Zijn geschilderde stillevens zijn tot 10 juni 2018 te zien in Museum Belvédère in Heerenveen, geflankeerd door foto's van de architectuur van Bologna, gemaakt door Ada Duker.

Door Lea Nieuwhof

Een eerste barrière voor de bezoeker zijn de lijsten waarin de kleine intieme schilderijen gepresenteerd worden. De zware donkere klassieke lijsten, soms met glas, belemmeren een direct contact met de huid van de subtiel geschilderde voorstellingen. Het uitzicht uit het atelier is het onderwerp van een aantal grotere doeken. Het handschrift is grover en er is geen spiegelend glas of een te grote lijst, waardoor je direct contact maakt met de verf en het handschrift van de schilder.

Achter in de zaal wordt door middel van grote wandvullende foto's een indruk gegeven van het atelier en de leefwereld van de schilder. De voorwerpen vullen planken en kasten. Morandi onderzocht hoe ze te rangschikken en ordenen. Op een tafel is een opstelling gemaakt van diverse potjes en flessen. Er is papier achter de vormen geplakt om een neutrale achtergrond te verkrijgen, zoals er ook een strook papier van de tafelrand omlaag hangt.

 
Giorgio Morandi, 'Natura morta' (1956), olieverf op doek, 35,8 x 35,4 cm (Museo Morandi, Bologna).

Op het papier staan talloze stippen verf, als van de schilder die telkens een toets met zijn kwast op het papier zet om de gemengde kleur te beoordelen.

Morandi schilderde telkens dezelfde voorwerpen. Zijn flessen, vazen en potjes zijn ontdaan van hun alledaagsheid. Stofuitdrukking, kleur en herkenbare details worden genegeerd. Ze groepen samen in voortdurend andere opstellingen. Hun onderlinge samenhang wordt versterkt door overeenkomsten in hoogte, breedte, vorm, kleur en toon en door tegenstellingen als licht en donker, bol en hol, geribbeld of glad, dun of dik. Geordend in rijen neergezet of schuin achter elkaar geplaatst, altijd versterken de vormen elkaar door hun maat en ritme. Er ontstaat een evenwicht van horizontale en verticale vlakken in verschillende kleuren en tonen. Het licht benadrukt de ruimtelijkheid en is schemerig en zacht. De contourlijn is vloeiend en zacht of bibberig. Flessenhalzen staan scheef. De voorwerpen zijn in één keer losjes met een halfdekkende penseelstreek op het doek gezet. De kleur is diffuus door de regelmatige afwisseling van dekkende en doorschijnende delen in de streken. De aardkleuren zijn licht en zacht.

Morandi's stillevens worden aangevuld met werk van Ada Duker. Zij fotografeerde details van de architectuur uit Bologna, de stad waar Morandi gewoond en gewerkt heeft. Haar keuzes benadrukken overeenkomsten tussen de stillevens en de ritmes en variaties in de architectuur. Door het sterke daglicht worden de aardetinten op de foto's duidelijk en uitgesproken zichtbaar, in tegenstelling tot de zachte binnenkamerse sfeer van kleur en licht op Morandi's stillevens.

Dukers foto's van de stad waar de kunstenaar doorheen wandelde, laten zien hoe Morandi mogelijk gestimuleerd werd in zijn creatieve proces door indrukken uit zijn omgeving.

Foto van Ada Duker

Giorgio Morandi | Bologna, met foto's van Ada Duker, t/m 10 juni 2018, Museum Belvédère, Oranje Nassaulaan 12, Heerenveen-Oranjewoud. Website: www.museumbelvedere.nl.

Lea Nieuwhof is beeldend kunstenaar.

Terug naar boven | Print dit artikel!

 

Kunstflitsen

Een rubriek met tips over mooie tentoonstellingen en evenementen die een bezoek waard zijn, of mooie boeken.

Hoewel haar expositie in het Stedelijk Museum (Schiedam) inmiddels beëindigd is, bood het fotografische werk van Ksenia Galiaeva (41 jaar, Rusland) een blijvend boeiend uitzicht op de mogelijkheden van de fotografie. In haar werk verraste de intimiteit welke zij in haar fotowerken oproept. Hoe de atmosfeer, dat net bewegende licht of fotografische trillingen oproepen worden, blijft boeiend. De visuele confrontatie met haar kleine universum, de tuin van haar ouders of het zicht op de wolken vanuit haar huis in Antwerpen, riepen herinneringen op aan een wereld die vergaat, bloot staat aan verval en vergeten herinneringen. De fotobeelden welke Ksenia Galiaeva maakt, blijken echter bestand tegen dit verval. Zij vormen blijvende registraties van dingen die vergaan en vastgelegd worden in een kwetsbare maar indringende beeldtaal. Weerloosheid verandert in een visueel houvast. Galiaeva bekende dat zij niet in tijd gelooft en dat was zichtbaar te zien in haar werk. Het leek alsof de camera rakelings langs het licht reisde en datgene vibreerde wat niet zichtbaar is. De eenvoud van het bestaan wordt niet verbloemd, maar maakt deel uit van haar waarneming. Het is een verstilde vorm van fotografie waarin de beeldpoëzie ontroerend is. Op haar expositie in het SMS was de titel: 'Alles is het zoals het moet zijn'. Ksenia Galiaeva is een naam om te onthouden. Haar laatste reizen gaan naar Japan en Zuid-Korea. In de ateliers aldaar zoekt zij ongetwijfeld naar nieuwe momenten van tijdloosheid. Meer informatie vindt u op de website: www.stedelijkmuseumschiedam.nl.
 

Edmund de Waal (1964), keramist en schrijver, schreef een boek over zijn fascinatie voor het materiaal porselein, 'De witte weg'. In dit boek vertelt de auteur over de geschiedenis van dit materiaal, dat hem als keramist reeds zo lang bezig houdt. Om dit keramische materiaal beter te kunnen begrijpen reisde de Waal terug naar de plekken waar het porselein werd uitgevonden, vervaardigd, verfijnd, verzameld en begeerd. Hij probeerde tijdens die reizen de aantrekkingskracht van dit materiaal te doorgronden, een materiaal wat ooit bekend stond als 'het witte goud'. In de geschiedenis van het porselein zijn drie landen bepalend geweest voor de ontdekking, de verspreiding en de popularisering: China, Duitsland en Engeland. De Waals zoektocht voerde hem over de gehele wereld, hij volgde de zijderoute in China, bezocht de paleizen in Versailles en Venetië, Delft en schreef over de Cherokees in North Carolina. De Waal vertelt over de familiegeschiedenis van de Wedgwoods, maar laat ook de zwarte bladzijden van de twintigste eeuw zien. De nazi Himmler leidde zijn gasten rond in een eigen porseleinfabriek in Dachau, welke bevolkt werd door zorgvuldig geselecteerde gevangenen. De geschiedenis van het porselein is een verhaal over serviezen en beelden, van elegante gebruiksvoorwerpen en gewilde verzamelaarsobjecten. Het boek 'De witte weg' geeft een beeld van het keramische materiaal porselein, waarin alchemie, kunst, rijkdom, handwerk en schoonheid kunnen samen komen. Uitgave: De Bezige Bij, Amsterdam, 2015. ISBN: 978 90 234 9665 6, www.debezigebij.nl/boeken/de-witte-weg.

Tussen 23 november 1997 en 13 februari 2002 vond in de Verenigde Staten een zeer interessante kunstmanifestatie plaats. De curator Judith A. Hoffberg (Florida Atlantic University) had uit het werk van negentig vrouwelijke kunstenaars een expositie samengesteld met de titel 'Women of the Book'. Joodse kunst en Joodse thema's stonden in deze grote rondreizende tentoonstelling centraal. De deelnemers aan deze expositie kwamen uit Australië, Noord-Amerika, Engeland, Israël, Italië en Zuid-Afrika. Hun werk was qua techniek heel afwisselend: objecten, beelden, schilderijen, tekeningen en grafiek. De kunstenaars werden geïnspireerd door familierituelen, tradities, liturgie, humorvolle reflecties op 'being Jewish', het culturele geheugen, de Holocaust, de integratie van de Joodse cultuur in de kunst en festivalgebeurtenissen. Op de expositie 'Women of the Book' was een grote verscheidenheid aan beeldmateriaal en zeggenschap te zien.

Het boek 'Survival' van Miriam Beerman (1923, USA) laat een zeer indringende visie zien op de Holocaust. Met collages van uitgeknipte portretten en figuren, chaotisch geplaatste handgeschreven teksten en zwart geschilderde composities vormt dit boek een aangrijpend kijkdocument. De teksten zijn afkomstig van schrijvers als Primo Levi, Rose Drachler en Osip Mandelstam. De joodse teksten worden omringd door de beelden van Miriam Beerman. Haar manier van werken wordt gekenmerkt door 'automatism and change', Zij werkt direct vanuit haar herinneringen ('subconscious imaging'). Dit boek is gemaakt als 'one -of-a-kind'; het is authentiek en eenmalig document. Het is een wijze van werken die Beerman vaak gebruikt. De AvroTros liet in december 2017 (Close-Up) een portret zien van Miriam Beerman, dat u kunt terugkijken via deze link: www.npo.nl/close-up/miriambeerman. Survival, Miriam Beerman, QCC Art Gallery, The City University of New York, 2007, ISBN, 0976475693, 9780976475699. 84 pages.
 
In de periode 2017-2021 organiseert het Van Abbemuseum te Eindhoven een serie tentoonstellingen en projecten vanuit de eigen collectie. De tentoonstelling 'The making of Modern Art' op de begane grond van het collectiegebouw- ontwikkeld in samenwerking met het Museum of American Art in Berlijn- is hier een onderdeel van. Deze presentatie integreert moderne meesterwerken uit de Van Abbecollectie, zoals Mondriaan, Picasso, Sol LeWitt, Kandinsky en Léger, in een experimentele 'making of' van de klassieke canon van moderne kunst. In een serie bijzondere stijlkamers laat de tentoonstelling zien welke rol musea, uitzonderlijke verzamelaars en invloedrijke tentoonstellingen hebben gespeeld bij de formatie van de moderne canon, maar die ook de basis vormen voor de collectie van het Van Abbemuseum. Deze tentoonstelling maakt ook duidelijk op welke manier moderne kunst onderdeel is van een bredere hedendaagse wereld, met haar technologische vooruitgang, maar ook duistere koloniale kanten. De acht zalen in deze expositie zijn ingericht als verschillende stijlkamers waarin een setting uit een bepaalde tijd of een bepaalde locatie is nagebouwd. Hierdoor krijgen de bezoekers steeds een ander perspectief waarmee de logica en het ontstaan van het verhaal over moderne kunst duidelijk wordt gemaakt. Deze tentoonstelling zorgt voor een eigentijdse en frisse blik op de moderne kunst. (Bron: Van Abbemuseum) Meer informatie: https://vanabbemuseum.nl/the-making-of-modern-art.
 
De Britse filmmaker en beeldend kunstenaar Steve McQueen, bekend van de films '12 Years a Slave' en 'Shame', presenteert voor het eerst in Nederland de nieuwste versie van 'End Credits'. Deze museale video-installatie gaat over de Afro-Amerikaanse Paul Robeson (1898-1976), een gevierd zanger en acteur die een invloedrijk burgerrechtenactivist en communist werd. Robeson was een uitgesproken tegenstander van sociale ongelijkheid. De FBI verzamelde in het McCarthy-tijdperk duizenden pagina's belastende informatie over hem. Deze gescande, soms gecensureerde en nu openbaar gemaakte documenten scrollen voorbij in McQueens video. De teksten werden ingesproken door verschillende acteurs. 'End Credits' toont de perverse aard van politieke discriminatie en vervolging. Plaats: Loods 6, Amsterdam, 9 t/m 28 juni 2018, tijdens het Holland Festival, www.hollandfestival.nl/end-credits.
 
De gemeenteraad van Venlo heeft in oktober 2017 een besluit genomen over het plan tot verzelfstandiging van het Museum van Bommel van Dam in Venlo. Ook het besluit tot verhuizing werd vastgesteld. Vanaf 4 november 2017 is dit museum nu gesloten en zal volgens planning eind 2019 weer geopend worden in het voormalige postkantoor. In de tussenliggende periode zal de collectie geregistreerd worden en een nieuwe organisatie worden gevormd. Het oude gebouw is dichtgegaan, maar in de komende tijd zal het museum haar activiteiten op verschillende plaatsen in de stad voortzetten. De toekomst van het museum Van Bommel van Dam is drastisch gewijzigd. Nieuwe exposities zullen in het oude pand niet meer gehouden worden. Een karakteristieke, intieme en belangrijke kunstontmoetingsplaats in Venlo heeft opgehouden te bestaan. Alleen de herinneringen aan deze tentoonstellingen blijven over. Het was het huis van de familie Van Bommel van Dam, gelegen aan de Deken van Oppensingel, nummer 6. Met hun inzet en inspiratie ontwikkelde deze familie een belangwekkend kunstmuseum in Venlo. Ik kwam er vaak en zag vele inspirerende tentoonstellingen. Meer informatie: www.vanbommelvandam.nl.
 
In het Design Museum Gent was t/m 15 april 2018 de expositie Hello, Robot, design between human and machine te bezoeken over het design tussen mens en machine. 'Een robot komt voor als werkkracht in de fabriek, als personage in een film of als militaire drone'. Iedereen weet hoe een robot eruit ziet, maar wie maakt robots van dichtbij mee? Elke dag wordt de afstand tussen mens en machine kleiner, zo heeft ook de smartphone ons leven nu al definitief veranderd. De tentoonstelling 'Hello, Robot' maakt de relatie tussen mens en technologie geheel duidelijk. Een van de vragen is of de robotisering ons creatiever zal maken en nieuwe banen zal geven. Welke mogelijkheden van de robots zijn werkelijk zinvol in het menselijk bestaan? Op die vragen probeert deze expositie een antwoord te geven. Kunnen robots onze functie in de samenleving gaan overnemen of misschien een reddende functie hebben op deze wereld? Designers leveren denkwerk en laten concrete oplossingen zien die aantonen dat de waarheid in het midden ligt. Enerzijds kun je enthousiast zijn over de ontwikkeling van robots, maar anderzijds maakt het ook kritisch in een wereld die steeds digitaler, slimmer en autonomer wordt. (Bron: Design Museum Gent) Meer informatie: www.designmuseumgent.be/hello-robot.

Soms kan de inhoud van een persbericht op een ongewone en experimentele manier vorm gegeven worden. Een dergelijk bericht las ik, afkomstig van het Kunstmuseum Wolfsburg in Duitsland, over de belangwekkende expositie Never Ending Stories die daar te zien was t/m 4 maart 2018. In dit bericht was een creatieve poging gedaan om de doorlopende kracht van de tentoongestelde werken door woorden met elkaar te verbinden. De inhoud van deze tentoonstelling richtte zich namelijk op de grens van een circulaire en lineaire tijd, waarin 'as tot as' terugkeer en de kosmische tijd deel uitmaakt van ons bestaan, zoals bijvoorbeeld gebeurde in het werk van Yayoi Kusama: Infinity mirror room (2013), waarin het universum door miljoenen sterren verbeeld wordt. Deze perstekst slaagt er naar mijn idee in om dit magische universum te verwoorden en te verbinden, waardoor een intens kunsthistorisch document is ontstaan. De steeds doorlopende zinnen en interpunctie pogen het frame van ons bestaan en de kunsten in een totaalbeeld samen te brengen. Meer informatie: www.kunstmuseum-wolfsburg.de/never-ending-stories.

Op 25, 26 en 27 mei 2018 vindt de zesentwintigste internationale kunstbeurs Huntenkunst plaats in de monumentale SSP-hal (DRU) in Ulft. Deze beurs heeft in de loop der jaren een grote internationale bekendheid gekregen. Meer dan de helft van de deelnemende kunstenaars komt uit het buitenland. De deelnemende kunstenaars verzorgen zelf vanuit een eigen unit het contact met de bezoekers. De deelname staat open voor beroepsmatig werkende beeldende kunstenaars en galeries. Selectie vindt plaats door ballotage. De editie van 2017 was zeer succesvol en trok zeer veel bezoekers. Meer informatie: www.huntenkunst.org.

Bovenstaande Kunstflitsen zijn samengesteld door Wim Adema.

In de Kunstkamer Vaassen is een expositie van moderne en hedendaagse kunst te zien die een breed overzicht biedt van schilderijen, tekeningen, fotografie, grafiek, keramiek, sculpturen, mixed media, ruimtelijke objecten, papierwerken, mail art, glasbeelden en new art. Nog te bezoeken t/m 15 oktober 2018, zaterdag en zondag van 13.00 -17.00 uur. Kunstkamer Vaassen, ter Heerdtspad 14, Vaassen, tel. 0578-617879, e-mail: w.adema6@kpnplanet.nl.

Terug naar boven | LEES MEER ARTIKELEN OP DE PAGINA ACHTERGROND

Inhoud