Mrt. - mei 2018, 13e jg. nr.2. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 
VOORKANT ACTUEEL ACHTERGROND AGENDA UITGELICHT ARCHIEF COLOFON 
voorpagina
artikel
recensies van tentoonstellingen

over kunst en
kunstenaars

actuele exposities
Nederland België
opmerkelijke
kunstberichten
artikelen uit  
vorige nummers

over Het Beeldende Kunstjournaal

 

Uitgelicht
Berichten van musea, andere kunstpodia en uitgeverijen, met aansprekende tentoonstellingen en nieuwe kunstboeken, voor u geselecteerd door de redactie.

Kunsthal KAdE, Amersfoort: KRIJT

Op 26 mei opent in kunsthal KAdE de tentoonstelling KRIJT. Het nostalgie oproepende teken- en schrijfmateriaal op een schoolborden-ondergrond staat centraal in een groepstentoon-stelling met werk van 17 Nederlandse kunstenaars en een aantal bijzondere internationale bruiklenen van onder meer Joseph Beuys en Rudolf Steiner. Het Amersfoortse Blauwdruk 033 richt de bovenzaal in, met Amersfoortse kunstenaars die reageren op het thema 'krijt'.

Krijt roept bij jong en oud herinneringen en nostalgische gevoelens op. Sinds de uitvinding van het zwarte en soms groene schoolbord in de 18e eeuw zijn hele generaties ermee opgegroeid.

 
Marjolijn de Wit, Studie voor 'To What Remains', porselein en krijt op schoolbord, 2018.

Op het meerluikige schoolbord worden talloze letters, cijfers, teksten, tekeningen en formules getekend en ook weer uitgeveegd. In wit- of kleurenkrijt, al dan niet met behulp van grote linialen, passers en hulplijntjes. Al deze materialen en handelingen zijn inmiddels bijna historisch te noemen, omdat ze in de schoolgebouwen zijn vervangen door markers op white board of digitale middelen.

Kunsthal KAdE heeft zeventien Nederlandse kunstenaars uitgenodigd om met krijt op een schoolbordenondergrond te werken. Er zijn zowel abstract als figuratief werkende kunstenaars geselecteerd, zodat een gevarieerd beeld ontstaat in verschillende stijlen en vormen. Zo maakt Arno Kramer een grote muurtekening, Roland Sohier verdiept zich in het groene drieluik als altaarstuk en Lenneke van der Goot vervaardigt op een vlak stoeptegels een stoepkrijttekening; een uitstapje naar het schoolplein. Daarnaast toont KAdE een aantal bruiklenen van Joseph Beuys, Rudolf Steiner, Juan Muñoz en een geheel in krijt vervaardigde animatiefilm uit 2016 van de Servische Nemanja Nikolic.

Deelnemende kunstenaars: Marijn Akkermans (NL, 1975) | Jitske Bakker (NL, 1982) | Joseph Beuys (DE, 1921 - 1986) | Nik Christensen (GB, 1973) | Marcel van Eeden (NL, 1965) | Hanneke Francken (NL, 1976) | Lenneke van der Goot (NL, 1979) | Susanna Inglada (ES, 1983) | Arno Kramer (NL, 1945) | Bart Lodewijks (NL, 1972) | Romy Muijrers (NL, 1990) | Juan Muñoz (ES, 1953 – 2001) | Marc Nagtzaam (NL, 1968) | Nemanja Nikolic (RS, 1987) | Thomas Raat (NL, 1979) | Roland Sohier (NL, 1950) | Rudolf Steiner (HR, 1861-1925) | Guy Vording (NL, 1985) | Witte Wartena (NL, 1976) | Marjolijn de Wit (NL, 1979) | Marthe Zink (NL, 1990)

KRIJT, 26 mei t/m 19 augustus 2018, Kunsthal KAdE, Eemplein 77, Amersfoort. Website: www.kunsthalkade.nl.

Terug naar boven

 

De Pont museum, Tilburg: Sean Scully

Internationaal geldt Sean Scully (Dublin, 1945) als een van de meest toonaangevende abstracte kunstenaars. Met zijn solotentoonstelling bij De Pont maakt hij zijn debuut in Nederland. Scully's schilderijen, werken op papier en foto's zijn hier niet alleen voor het eerst te zien, de tentoonstelling heeft nog een andere verrassing in petto – een recente serie figuratieve schilderijen.

Geboren in Dublin groeide Sean Scully op in een arbeiderswijk in Zuid-Londen. De schilderijen die hij ontdekte in een lokale katholieke kerk waren samen met rhythm & blues muziek bepalend voor zijn verdere leven. In de jaren zeventig vestigde Scully zich in New York en in 1983 werd hij Amerikaans staatsburger.

 
Zaaloverzicht Sean Scully (2018) in museum De Pont, Tilburg. Foto: Gert Jan van Rooij.

In hetzelfde jaar kwam zijn negentienjarige zoon Paul om het leven. Gebeurtenissen in zijn privéleven keren, samen met historische en culturele invloeden, in zijn werk terug. Scully voelt zich sterk verbonden met actuele politieke en maatschappelijke ontwikkelingen.

Sean Scully werd twee keer genomineerd voor de Turner Prize, in 1989 en 1993 en is vertegenwoordigd in de collectie van gerenommeerde musea als het Metropolitan Museum of Art en het MoMA in New York en Tate Modern in Londen. De Staatliche Kunsthalle in Karlsruhe toont t/m 5 augustus 2018 eveneens een selectie uit zijn werk in de tentoonstelling Vita Duplex.

Sean Scully, t/m 26 augustus 2018, De Pont museum, Wilhelminapark 1, Tilburg. Website: www.depont.nl.

Terug naar boven

 

Foam, Amsterdam: Seydou Keïta - Bamako Portraits, Foam 3h: Tereza Zelenkova

Seydou Keïta - Bamako Portraits
In de jaren vijftig en zestig poseerde een bonte verzameling inwoners van de Malinese hoofdstad Bamako voor de lens van Seydou Keïta (1921-2001, Mali). Men kwam naar Keïta's studio om zich zo mooi mogelijk te laten portretteren: in jurken met opvallende stoffen en extravagante vormen, met statige hoofdtooien, of in een Westers pak met strikje, stoer leunend op een motorfiets of met een radio onder de arm. Zijn oeuvre toont een tijdsbeeld van Bamako's transitie van een kosmopolitische stad in de voormalige Franse kolonie naar de trotse hoofdstad van een onafhankelijk Mali.

 
'Untitled', 1954 © Seydou Keïta / SKPEAC / courtesy CAAC – The Pigozzi Collection, Geneva.

Keïta's bijzondere archief van meer dan 10.000 negatieven kwam in 1992 aan het licht dankzij André Magnin, toenmalig curator van de collectie hedendaagse Afrikaanse kunst van Jean Pigozzi. Er werden moderne afdrukken van Keïta's negatieven gemaakt waardoor zijn werk in de kunstwereld kon worden geïntroduceerd.Dit bezorgde hem internationale roem. De tentoonstelling in Foam bestaat uit gesigneerde moderne afdrukken en een ruime selectie aan unieke vintage prints.

Seydou Keïta – Bamako Portraits past in een reeks tentoonstellingen over fotostudio's die Foam de afgelopen jaren presenteerde. De reeks is gebaseerd op de groeiende interesse in 'vernacular photography' en de onderkende sociaal-historische en artistieke waarde hiervan.

Foam 3h: Tereza Zelenkova - A Snake That Disappeared Through a Hole in the Wall
Volgens een oude Slavische legende waart er een slang door de woningen, die het huishouden geluk en voorspoed brengt. Deze 'huishoudslang' werd traditioneel verwelkomd met een kommetje melk in de deuropening. Het verhaal behoort inmiddels tot een van vele in de vergetelheid rakende volksverhalen uit de Tsjechische Republiek. In een poging deze nieuw leven in te blazen verzamelde Tereza Zelenkova (1985, Ostrava) gedurende twee jaar zo veel mogelijk mythes en legendes uit haar thuisland. Deze vormden het beginpunt van een dwaaltocht door het landschap van haar jeugd.

In tegenstelling tot haar onderwerpen is Zelenkova's werkwijze onomfloerst en zakelijk: de geheimzinnige, soms ronduit barokke taferelen worden frontaal en met genadeloos flitslicht vastgelegd. Met haar camera isoleert en verzamelt Zelenkova haar vondsten als een wetenschapper zijn specimen. Samen vormen haar beelden een archeologie van een ongelofelijke werkelijkheid.

Seydou Keïta - Bamako Portraits, t/m 20 juni 2018, Foam 3h: Tereza Zelenkova - A Snake That Disappeared Through a Hole in the Wall, t/m 10 juni 2018, Foam, Keizersgracht 609, Amsterdam. Website: www.foam.org.

Terug naar boven

 

BOZAR, Brussel: Beyond Klimt

Exact honderd jaar na hun sterfdatum zijn de Oostenrijkse kunstenaars Gustav Klimt en Egon Schiele nog steeds klinkende namen in de internationale kunstwereld. De tentoonstelling Beyond Klimt presenteert niet alleen het late werk van deze grootmeesters, maar laat het publiek bovenal kennis maken met de internationale avant-gardebewegingen - surrealisme, expressionisme, nieuw realisme, constructivisme, Bauhaus…- die na WOI ook tot bloei kwamen in het politiek hertekende Oostenrijks-Hongaarse Rijk.

De tentoonstelling verzamelt werk van ongeveer tachtig kunstenaars, zoals Gustav Klimt, Oskar Kokoschka, Koloman Moser, Egon Schiele, László Mohaly-Nagy, František Kupka en Alfred Kubin. Beyond Klimt opende op 22 maart in het Belvedere in Wenen en is in het najaar te bezichtigen in het Paleis voor Schone Kunsten (BOZAR) in Brussel.

De Eerste Wereldoorlog bracht een breuk teweeg in de Europese (kunst)geschiedenis. Het leidde tot ingrijpende geopolitieke, economische en artistieke veranderingen. In 1918 viel het Oostenrijks-Hongaarse Rijk definitief uit elkaar in kleinere natiestaten.

 
Gustav Klimt, 'Johanna Staude', 1917/1918 (c) Belvedere, Vienna.


1918 is ook het sterftejaar van de bekende kunstenaars Gustav Klimt, Egon Schiele, Koloman Moser en Otto Wagner. Als boegbeelden van de 'Wiener Sezession', belichaamden zij met hun typerende art-nouveaustijl de hoogdagen van de Belle Epoque in Wenen. Hun dood wordt beschouwd als het einde van een tijdperk. Maar wat kwam er na hen? Hoe hebben zij de volgende generatie kunstenaars beïnvloed en welke kunststromingen kwamen er in die regio tot bloei?

Beyond Klimt brengt de kunstontwikkelingen en de diverse avant-gardebewegingen in Centraal-Europa in beeld tussen de sleuteljaren 1914 en 1938. De kunstenaars uit het voormalige Oostenrijks-Hongaarse Rijk legden contacten met kunstscenes over de hele wereld: ze stampten netwerken uit de grond, communiceerden over de nieuwe politieke grenzen heen via tijdschriften en ontmoetten elkaar in kunstcentra en verenigingen. Ze plaatsten hun artistieke identiteit boven hun nationaliteit. De intensieve uitwisseling van ideeën resulteerde in internationale bewegingen als het surrealisme, expressionisme, neorealisme en constructivisme. Dit internationalisme kwam met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog tot een abrupt einde en het gevoel van een gedeelde cultuur verschoof naar de achtergrond.

Beyond Klimt is een tentoonstelling van het Weense Belvedere en het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten (BOZAR), in samenwerking met de Hungarian National Gallery, het Museum voor Schone Kunsten in Boedapest. De tentoonstelling is een bijdrage aan het Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed 2018. Ze zal van 21 september 2018 tot 20 januari 2019 te zien zijn bij BOZAR ter gelegenheid van het Oostenrijkse voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie.

Beyond Klimt, New Horizons in Central Europe (1914-1938), 21 september 2018 t/m 20 januari 2019, BOZAR – Paleis voor Schone Kunsten, Ravensteinstraat 23, Brussel. Website: www.bozar.be.

Terug naar boven

 

Museum Ons' Lieve Heer op Solder, Amsterdam: 130 jaar

Museum Ons' Lieve Heer op Solder viert deze maand het 130-jarig bestaan. Op 24 april 1888 gingen tijdens een feestelijke opening, de deuren open voor publiek. Er was in de voormalige 17e-eeuwse huiskerk van alles te zien dat refereerde aan het katholieke verleden van Amsterdam. Een bonte verzameling van boeken, penningen, schilderijen, beelden, textiel en nog veel meer, afkomstig uit katholieke kerken, werd tentoongesteld.

Voor 25 cent en op zondag voor 10 cent, kon het museum bezocht worden. Een eigen museum paste bij de emancipatie van een opkomende katholieke middenklasse die steeds meer tijd en geld over had voor cultuur en recreatie.

 
Museum Ons' Lieve Heer op Solder, met in het midden het collectiestuk 'Aanbidding der koningen', 1910.

130 Jaar later zoekt Museum Ons' Lieve Heer op Solder in nieuwe programma's naar de raakvlakken met de positie van minderheidsgroeperingen in het huidige Amsterdam. In 2016 sprak toenmalig burgemeester Eberhart van der Laan met jongeren in het museum over de betekenis van verborgen gebedshuizen. Hij stelde hen de vraag "Is Amsterdam voor jou een tolerante stad?" Het gesprek over religieuze diversiteit en verdraagzaamheid komt in het nieuwe deel van het museum aan de orde.

Ter ere van het 130-jarige bestaan zal in Museum Ons' Lieve Heer op Solder vanaf 24 april een presentatie over de ontstaansgeschiedenis van het museum. In het historische huis zijn foto's geplaatst van het museum in vroeger tijden. De tentoonstelling geeft weer hoe het museum is uitgegroeid tot een culturele instelling die de geschiedenis koppelt aan hedendaagse onderwerpen.

130 jaar, t/m 31 oktober 2018, Museum Ons' Lieve Heer op Solder, Oudezijds Voorburgwal 38 - 40, Amsterdam. Website: www.opsolder.nl.

Terug naar boven

 

Fixed Flow

Van 30 maart t/m 1 juli 2018 is de tentoonstelling Fixed Flow van kunstenaar Sjoerd Knibbeler te zien in Het Scheepvaartmuseum in Amsterdam. In opdracht van Het Scheepvaartmuseum realiseert Knibbeler Fixed Flow, een artistiek experiment geïnspireerd op in de scheepsbouw toegepaste wetenschappelijke methodes om de zeewaardigheid van nieuwe schepen te testen: sleepproeven met scheepsmodellen.

Knibbeler reflecteert met dit project op de tijdelijke tentoonstelling Gamechangers | Maritieme innovaties. Fixed Flow is een installatie met fotogrammen, een waterbassin, scheepsmodellen en een documentairefilm.

 
Scheepvaartmuseum, 'Fixed Flow', Sjoerd Knibbeler.

Knibbeler maakt gebruik van een techniek uit de pionierstijd van de fotografie: het fotogram. Dit is een directe afdruk op lichtgevoelig papier, zonder tussenkomst van een camera. De fotogrammen in de tentoonstelling van 300 x 127 cm zijn het resultaat van de sleepbeweging van scheepsmodellen in een waterbassin in een donkere ruimte. De ruimte is tijdens het proces kortstondig verlicht, waardoor er op het papier onder het glazen waterbassin, een silhouetafdruk van het scheepsmodel en de scheepsgolf verschijnt. Het is een momentopname van de stroming van het scheepsmodel in het water; een 'fixed flow'.

De scheepsmodellen waarmee Knibbeler zijn artistieke experiment vormgeeft, zijn niet zomaar scheepsmodellen, maar digitale ontwerpen van studenten Maritieme Techniek aan de Technische Universiteit Delft. De modellen zijn van uiteenlopende scheepstypen – van containerschip tot trimaran – ieder met hun eigen Fixed Flow. Om de bezoeker mee te nemen in de wereld van het ontwerpen en testen van scheepsmodellen, is in de tentoonstelling een korte documentairefilm te zien. Fixed Flow is een kruisbestuiving tussen kunst en wetenschap.

Fixed Flow, Sjoerd Knibbeler, t/m 1 juli 2018, Het Scheepvaartmuseum, Kattenburgerplein 1, Amsterdam. Website: www.hetscheepvaartmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Mu.ZEE, Oostende: Dromen van parelmoer, de ENSOR-verzameling van het KMSKA

Ensor behoort tot het handjevol Belgische kunstenaars die ook internationaal van belang zijn. Wereldwijd hebben musea, verzamelaars en liefhebbers belangstelling voor zijn grensver-leggende kunst. Lang voor de term een modieus cliché werd, was Ensor wel degelijk een 'game changer'. Toch staat zijn kunst zelf nog al te vaak in de schaduw van de populaire legende: die rare, mensenschuwe snuiter achter zijn piano in zijn Oostends schelpenwinkeltje.

Het innovatieve karakter van Ensors schilderkunst, zijn etsen en tekeningen is het rechtstreekse gevolg van zijn wens om haast stelselmatig de meest uiteenlopende technieken, genres en voorstellingswijzen te exploreren. In een brief aan kunstcriticus Pol De Mont schrijft hij al in 1894:

 
James Ensor, 'Het schilderende geraamte', 1896, KMSKA © www.lukasweb.be - Art in Flanders vzw. Foto: Hugo Maertens. SABAM Belgium 2018.

"j'ai étudié attentivement les manières les plus opposées" (aandachtig heb ik de meest uiteenlopende artistieke stijlen bestudeert). En tot op hoge leeftijd zal hij zijn streven naar artistieke diversiteit, het zoeken naar verschillende stilistische, iconografische of technische alternatieven blijven verdedigen. Alleen zo zal een kunstenaar er in slagen zijn publiek in vervoering te brengen, en dat is voor Ensor het ultieme doel. Het gaat hem om de gelukzaligheid die hij ervaart wanneer hij zijn Brusselse vrienden meeneemt naar de dijk en hen de wonderbaarlijke (of om het Ensoriaans te formuleren: wonderbaarachtiglijke) schoonheid van de zee te tonen. En hij droomt van dezelfde gelukzaligheid wanneer hij geïnspireerd door het parelmoer van een schelpje religieuze taferelen, landschappen of stillevens schildert.

In 2013 startte het Koninklijk Museum Antwerpen met het Ensor Research Project waarin o.m. met behulp van geavanceerde beeldtechnieken (infraroodreflectografie, röntgen, Portable X-Ray Reflectography) Ensors creatieve processen worden bestudeerd. Het ERP-team werd inmiddels uitgebreid met leden van de staf van Mu.ZEE. Tot nog toe werden de schilderijenverzamelingen van het KMSKA, Mu.ZEE, het MSK Gent en een privéverzameling onderzocht. In de nieuwe Ensor-presentatie worden de eerste, tussentijdse resultaten van dit onderzoek voorgesteld.

De nieuwe Ensorpresentatie bestaat nagenoeg uitsluitend uit schilderijen en tekeningen uit de verzameling van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen. Met 38 schilderijen en zowat 650 tekeningen beschikt het museum niet alleen over de grootste maar ook over de allerbeste Ensorverzameling. Rechtstreeks en onrechtstreeks is deze verzameling de vrucht van de grote belangstelling van Antwerpse verzamelaars zoals François Franck, Albin en Emma Lambotte, en de liefhebbers leden van de tentoonstellingsvereniging Kunst van Heden (1905-1955). Maar ook hoofdconservator Walther Vanbeselaere (1948-73) was van doorslaggevend belang voor de kwaliteit van de Antwerpse Ensorverzameling. Dat het Antwerps museum doorheen de jaren uitgroeide tot hét Ensorexpertisecentrum is eveneens te danken aan Vanbeselaere.

De afgelopen jaren werd de Antwerpse Ensorverzameling tentoongesteld in New York, Chicago, Los Angeles, Tokyo, Bazel, Kopenhagen en Utrecht. Het KMSKA geeft aan Mu.ZEE 26 schilderijen in langdurig bruikleen. Daarnaast worden wisselende ensembles met tekeningen tentoongesteld.

Dromen van parelmoer, De ENSOR-verzameling van het Koninklijk Museum Antwerpen (KMSKA) in Oostende, 12 mei 2018 t/m 16 juni 2019, Mu.ZEE, Romestraat 11, Oostende. Website: www.muzee.be.

Terug naar boven

 

Fries Museum, Leeuwarden: Escher op reis

Vanaf 28 april 2018 presenteert het Fries Museum de grootschalige tentoonstelling Escher op reis. Meer dan tachtig originele prenten, circa twintig tekeningen en diverse foto's en objecten komen naar Leeuwarden, de geboortestad van M.C. Escher, die dit jaar Culturele Hoofdstad van Europa is. Topstukken van over de hele wereld laten zijn artistieke ontwikkeling zien van technisch bekwame graficus tot wereldberoemd kunstenaar. Enkele werken zijn voor het eerst in decennia of zelfs voor het eerst ooit in Nederland te zien. De tentoonstelling, waarvoor in drie maanden tijd al 25.000 kaarten zijn verkocht, loopt tot en met 28 oktober 2018.

 
Fries Museum, Leeuwarden. Foto: Ruben van Vliet.

Escher op reis maakt de ontwikkeling van M.C. Escher als beeldend kunstenaar voelbaar. Een belangrijke rol is weggelegd voor de invloed van de locaties waar hij tijdens zijn leven verbleef. Van het grauwe platte Nederland van de jaren tien van de twintigste eeuw tot de zon en de bergen van de Méditerranée. De schetsen die Escher onderweg maakte en de indrukken die hij opdeed, vormen een bron waaruit hij zijn leven lang kon putten. Zo zijn de prenten die Escher naar aanleiding van zijn vele reizen maakte, een opmaat naar het spel met de werkelijkheid dat we zo goed kennen van zijn late werk.

Maurits Cornelis Escher werd in 1898 geboren in het stadspaleis van Leeuwarden, waar tegenwoordig Keramiekmuseum Princessehof gevestigd is. Als jonge kunstenaar reisde Escher naar Italië, waar hij zijn gelukkigste jaren doorbracht. Een serie prenten van Italiaanse dorpjes en zijn donkere werken van 'Rome bij nacht' laten zien dat hij geïnspireerd door het landschap experimenteerde met opvallende perspectieven en beeldcompilaties. Terug in Nederland verwerkte Escher al deze ervaringen tot complexe mathematische beelden en onmogelijke werelden. In het wereldberoemde Belvedere (1958) is op de achtergrond een Italiaans berglandschap te zien en in Metamorphose II (1939-1940) is het havenstadje Atrani verwerkt. In de tentoonstelling zijn natuurlijk ook Eschers iconische metamorfoses, perspectieven en onmogelijkheden te zien. Zijn topstukken blijken meer te zijn dan grafische hoogstandjes, ze zijn een montage van elementen uit verschillende perioden in zijn kleurrijke leven.

Het Fries Museum laat onder andere Acht Koppen (1922) zien. Van deze houtsnede, waarin een motief van vier vrouwen- en vier mannenhoofden meerdere keren is afgedrukt, zijn tenminste twee varianten bekend. Bij de ene versie drukte Escher het houtblok negen keer af en bij de andere versie deed hij dat zes keer, in een andere samenstelling. Een ander topstuk is Hol en Bol (1955). In het werk keert Escher een Mediterraans aandoend beeldhouwwerk binnenstebuiten. Verschillende perspectieven zijn op duizelingwekkende wijze met elkaar verbonden maar raken tegelijk met elkaar in conflict. Eschers pogingen zijn terug te zien in de tien voorstudies die samen met de prent gepresenteerd worden. Ook de originele lithosteen die hij gebruikte voor het maken van de afdruk wordt tentoongesteld.

Dit jaar staat Leeuwarden in het teken van Escher. Naast een grote tentoonstelling van zijn werk, presenteert het Fries Museum nog het hele jaar de tentoonstelling Phantom Limb: art beyond Escher. In deze tentoonstelling worden indrukwekkende installaties van hedendaagse (inter)nationale kunstenaars gepresenteerd die de bezoeker op het verkeerde been zetten en een wereld scheppen waarin niets is wat het lijkt. De objectieve waarneming van de werkelijkheid wordt in twijfel getrokken, net zoals Escher dat deed. Bovendien organiseert het museum onder de noemer Planeet Escher het gehele jaar projecten in de provincie om uiteenlopende groepen binnen de mienskip samen te brengen met M.C. Escher als bindende factor.

Escher op reis, 28 april t/m 28 oktober 2018, Fries Museum, Wilhelminaplein 92, Leeuwarden. Website: www.friesmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Parc de la Boverie, Luik: Viva Roma!

De nieuwe tentoonstelling Viva Roma! is georganiseerd in samenwerking met het Louvre, en toont ons Rome door de ogen van Europese kunstschilders. De tentoonstelling neemt ons mee in de voetsporen van zij die de 'Grand Tour' maakten, de voorlopers van de huidige toeristen die reisden om hun opvoeding te voltooien, of van kunstenaars, kunstliefhebbers of kunstverzame-laars.

De bezoekers worden meegenomen naar Rome om er kennis te maken met de aantrekkingskracht die deze mythische stad uitoefende op Europese kunstenaars. De 170 werken zijn afkomstig van het Louvre en meer dan 40 buitenlandse instellingen, waaronder het Getty Museum van Los Angeles, het

 
'View on the Colosseum and the Arch of Constantine', 1742, olie op doek, 83 x 107,4 cm © Giovanni Paolo Panini © Musée Thomas Henry, Cherbourg-en-Cotentin.

Museum voor Schone Kunsten van San Francisco, het Thorvaldsen-museum van Kopenhagen. De 'reis naar Rome' heeft zich van de 17e tot de 20e eeuw opgeworpen als een onuitputtelijke inspiratiebron waarin de relatie met kunstwerken uit de oudheid overheerst. De vroegere hoofdstad van het Romeinse Rijk oefende een sterke aantrekkingskracht uit door monumenten zoals het Colosseum, de nabijgelegen sites (Pompei, Herculaneum) en kunst met het droombeeld van de ideale schoonheid naar het Griekse voorbeeld.

De tentoonstelling brengt de bijzonderheden van een stad vol contrasten en genoegens, badend in een zuiders licht. De verschillende wijken, de paleizen, de kunstateliers, het drukke leven van de inwoners en zelfs de gastronomie hebben de kunst in Europa nieuwe kleuren ingeblazen. De catalogus en een nummer van het magazine Liege.museum geven met tekst en beeld toelichtingen bij deze belangrijke tentoonstelling, die geschikt is voor elk publiek.

Viva Roma! t/m 26 augustus 2018, La Boverie, Parc de la Boverie 3, Luik, België. Website: www.laboverie.com.

Terug naar boven

 

Fotomuseum Den Haag: Alphons Hustinx, perspectief van een reiziger

Het is 23 maart 1932 als twee welgestelde jongemannen uit Limburg in een A-Ford stappen om de reis van hun leven te maken. Fotograaf Alphons Hustinx (1900-1972) en zijn vriend Theo Regout (1901-1988) rijden vanaf de Schaandertweg in Maastricht via het Midden-Oosten naar eindbestemming Herat in Afghanistan. Tijdens deze reis die acht weken duurt, maakt Hustinx ongeveer 250 foto’s en tientallen filmopnamen. Zijn stadsgezichten, landschappen en portretten geven een uniek en persoonlijk beeld van landen als Syrië, Irak en Perzië in de vroege jaren 30.

 
Alphons Hustinx, 'Zonder titel', 1932. © Alphons Hustinx / Hollandse Hoogte. Alphons Hustinx en Theo Regout in Afghanistan, 1932.

Vanaf 1938, en ook in de oorlogsjaren, reist Hustinx veel door eigen land om zijn in het buitenland opgenomen documentairefilms te vertonen en om lezingen te geven.

Overal waar hij komt, maakt hij opnames in kleur. Hij is een van de eerste fotografen die deze nieuwe techniek goed beheerst. Juist in de donkere dagen van de Tweede Wereldoorlog – en later tijdens de wederopbouw – fotografeert hij het alledaagse leven in kleur. Het resultaat is een beeld van Nederland in die jaren zoals we dit nog niet vaak eerder zagen. In de tentoonstelling, die het Fotomuseum Den Haag in samenwerking met persagentschap Hollandse Hoogte heeft samengesteld, zijn circa honderd foto’s van Alphons Hustinx uit de periode 1932-1965 te zien. Eveneens wordt de film Van Maastricht naar het verre Afghanistan doorlopend vertoond. In de tentoonstelling staat bovendien een originele A-Ford Cabriolet opgesteld; eenzelfde type als waarmee de vrienden hun reis destijds ondernamen.

Alphons Hustinx is niet alleen fotograaf, maar ook cineast. Tijdens de reis door het Midden-Oosten maken hij en Theo Regout tientallen filmopnamen die zij na afloop verwerken tot een lange documentaire. Dankzij samenwerking met Eye Filmmuseum is de onlangs gerestaureerde film Van Maastricht naar het verre Afghanistan in z’n geheel tijdens de tentoonstelling te zien. Bij de tentoonstelling verschijnt een themanummer van het tijdschrift Hollandse Beelden dat volledig gewijd is aan de fotografie van Alphons Hustinx.

Alphons Hustinx, perspectief van een reiziger, 28 april t/m 9 september 2018, Fotomuseum Den Haag, Stadhouderslaan 43, Den Haag. Website: www.fotomuseumdenhaag.nl.

Terug naar boven

 

Nationaal Gevangenismuseum, Veenhuizen: nieuwe vaste expositie

Op zaterdag 24 maart 2018 opende het Nationaal Gevangenismuseum een nieuwe vaste expositie over de rijke geschiedenis van Veenhuizen. De afgelopen twee eeuwen fungeerde het Drentse dorp als kolonie voor weeskinderen en bedelaars, als rijkswerkinrichting en als gevangenisdorp.

De onderkant van de samenleving werd er heropgevoed, leerde er werken of zat er een straf uit. In 'Het verhaal van Veenhuizen' maken bezoekers kennis met de belangrijkste thema's uit de geschiedenis van het dorp - zoals de bootreis ernaartoe en het dagelijks leven van de weeskinderen.

 
Vaste tentoonstelling Veenhuizen. Foto: Sake Elzinga.

Door een volledig nieuwe vormgeving en het verrassende gebruik van multimedia komt het verhaal van Veenhuizen tot leven. Nieuwe inzichten in onder andere de ontwikkeling van het landschap van Veenhuizen verrijken de expositie.

De kolonie Veenhuizen was oorspronkelijk bedoeld voor de opvang van wezen; duizenden kinderen zijn 'opgezonden' naar het dorp. In de expositie ervaren bezoekers op indringende wijze hoe de boottocht naar Veenhuizen verliep en hoe een dag in de kolonie eruitzag. Later veranderde het Drentse dorp in een rijkswerkinrichting voor mannen die straf kregen wegens landloperij en bedelarij. Ook de ontwikkelingen in het landschap en de architectuur van Veenhuizen door de eeuwen heen komen aan bod in de nieuwe expositie. In een multimediale presentatie ontdekken bezoekers hoe het oorspronkelijke heide- en veenlandschap - met de komst van de Maatschappij van Weldadigheid - in korte tijd veranderde in een strak en rechthoekig landschap.

In 1818 richtte Generaal Johannes van den Bosch de Maatschappij van Weldadigheid op: in zeven jaar tijd stichtte hij zeven landbouwkoloniën om daar van arme paupers brave en hardwerkende burgers te maken. Veenhuizen was de grootste en meest ambitieuze van de zeven. Het Drentse dorp begon als onvrije kolonie voor wezen en armen en werd vervolgens een rijkswerkinrichting voor landlopers en bedelaars. Duizenden paupers zijn ter heropvoeding naar dit 'Hollands Siberië' gestuurd. Uiteindelijk transformeerde Veenhuizen tot een gesloten gevangenisdorp, wat vandaag de dag nog steeds is terug te zien: van de strenge lijnen in het landschap en de architectuur tot gevangenissen die nog in gebruik zijn. Veenhuizen is pas sinds 1984 vrij toegankelijk.

Het verhaal van Veenhuizen, doorlopend, Nationaal Gevangenismuseum, Oude Gracht 1, Veenhuizen. Website: www.gevangenismuseum.nl.

Terug naar boven

 

Hermitage Amsterdam: Classic Beauties, op Grand Tour naar Italië

Op zaterdag 16 juni 2018 opent in de Hermitage Amsterdam de tentoonstelling Classic Beauties. Kunstenaars, Italië en het schoonheidsideaal in de 18de eeuw. Het verhaal van kunstenaars en reizigers in Italië, vooral Rome, in de tweede helft van de achttiende eeuw. Vanuit heel Europa komen zij naar de Eeuwige Stad om inspiratie op te doen, en om de opgegraven klassieke beelden en bouwwerken te bestuderen. In de bouwkunst komen strakke vormen in de mode, in de beeldende kunst maakt een nieuwe sensuele stijl furore: een naakte, goddelijke schoonheid, nog gedurfder dan bij de Grieken en Romeinen. Het neoclassicisme is geboren.

De archeologische vondsten lokken een rage uit onder jonge aristocratische Europeanen. Velen ondernemen de maandenlange reis naar Italië met als hoogtepunt Rome. Zo ook Johann Wolfgang von Goethe en de 'graaf en gravin van het Noorden', de latere Russische tsaar Paul I en zijn vrouw Maria Fjodorovna. Zij ontmoeten op hun 'Grand Tour' de grote kunstenaars van het moment.

Aan de hand van ruim zestig sculpturen, schilderijen en tekeningen van 25 toonaangevende kunstenaars gaat de bezoeker net als de Grand Touristen op Italiëreis.

 
Pompeo Batoni, 'Allegorie van de Wellust', 1747 © State Hermitage Museum, St. Petersburg.

En treft daar de kunstenaars van die tijd, onder wie Pompeo Batoni, Anton Raphael Mengs, Angelika Kauffmann en de beroemdste van allemaal, Antonio Canova. Van hem zijn maar liefst acht sculpturen in de tentoonstelling te zien, waaronder de beroemde Drie Gratiën, Amor en Psyche en Hebe.

Voor Classic Beauties heeft de Hermitage Amsterdam geput uit de collectie van Staatsmuseum de Hermitage in St.-Petersburg. Daarnaast is de tentoonstelling verrijkt met bruiklenen uit andere collecties, particulier, maar ook museaal, zoals die van het paleis van Paul en Maria in Pavlovsk in Rusland en het Teylers Museum.

Classic Beauties. Kunstenaars, Italië en het schoonheidsideaal in de 18de eeuw, vanaf 16 juni 2018, Hermitage Amsterdam, Amstel 51, Amsterdam. Website: https://hermitage.nl.

Terug naar boven

 

Cromhouthuis, Amsterdam: Wild! Tekeningen naar het leven

In het Cromhouthuis is t/m 26 augustus 2018 de tentoonstelling Wild! Tekeningen naar het leven te zien. In de tentoonstelling worden 19 tekeningen van wilde dieren gepresenteerd die zijn vervaardigd door bekende kunstenaars als Paulus Potter, Albert Cuyp, Samuel van Hoogstraten, Hendrick Goltzius en Cornelis Saftleven. De tekenaars bestudeerden de dieren tot in de kleinste details. Het resultaat: prachtig gedetailleerde tekeningen uit de zestiende tot en met de negentiende eeuw.

Scherpe observatie en geduldige aandacht zijn kenmerkend voor de tekeningen die in de loop der eeuwen door excellente kunstenaars op papier zijn gezet.

 
Tentoonstelling 'Wild'. Foto: (c) Cromhouthuis.

De expositie Wild! toont hoe veel kunstenaars gefascineerd waren door dieren. Zij tekenden niet alleen koeien, paarden, varkens en huisdieren naar het leven, ook uitheemse dieren trokken artistieke belangstelling. Handelsschepen namen tropische vogels, maar ook leeuwen, tijgers, aapjes en zelfs olifanten mee van over de hele wereld. Eenmaal op het Europese vasteland werden de dieren in stallen van de Compagnie of in menagerieën van welgestelde lieden gehouden. Op jaarmarkten en kermissen werden de exotische dieren aan het publiek getoond. Gewapend met pen en papier bezochten ook kunstenaars deze evenementen, om zeldzame beesten naar eigen waarneming te tekenen.

In 1838, 180 jaar geleden, werd Artis opgericht onder de naam Natura Artis Magistra met als doel 'Het bevorderen van de kennis der natuurlijke historie'. De nieuwe dierentuin bood, net als de kermissen in de 17de eeuw, gelegenheid aan kunstenaars om zich de kunst van het tekenen van dieren eigen te maken. In de tentoonstelling zijn dan ook enkele tekeningen van dieren in Artis te vinden. Artis' oud-directeur Haig Balian, die eind vorig jaar afscheid nam van zijn geliefde dierentuin, vertelt in de gratis audiotour over de dieren die op de tekeningen te zien zijn. Van koe tot maraboe, de dieren op de tekeningen komen tot leven voor de aanschouwer.

Het Cromhouthuis is het huis van verzamelaars. In het grachtenpand aan de Herengracht, die ooit behoorde aan de welgestelde verzamelaarsfamilie Cromhout, zijn in wisselende exposities bijzondere Amsterdamse verzamelingen te zien. Dit keer dus tekeningen van wilde dieren. Amsterdamse verzamelaars zoals Carel Joseph Fodor (1801-1860) en Abraham Willet (1825-1888) kochten onder andere tekeningen. Na hun overlijden schonken zij hun kunstcollectie aan de stad Amsterdam. Het Amsterdam Museum prijst zich gelukkig dat het deze zomer uit het kunstbezit van deze genereuze erflaters een kleine maar fijne tekeningententoonstelling kan samenstellen in het Cromhouthuis.

Wild! Tekeningen naar het leven, t/m 26 augustus 2018, Cromhouthuis, Herengracht 366 – 368, Amsterdam. Website: www.cromhouthuis.nl.

Terug naar boven

 

Oude Kerk, Amsterdam: Giorgio Andreotta Calò

Komende zomer presenteert de Oude Kerk het nieuwste, monumentale werk van Giorgio Andreotta Calò (Venetië, 1979). Calò ontwikkelt site specifiek werk waarmee hij een ingrijpende verandering in het interieur van de kerk teweegbrengt. Door het plaatsen van rood folie en plexiglas voor de hoge glazen vensters past hij het licht en daarmee ook de sfeer in de kerk radicaal aan.

Wie tijdens de zomermaanden de kerk binnenloopt komt in een zee van rood licht terecht. Een niet te reproduceren ervaring. 's Avonds laat schijnt het rode licht naar buiten en voegt het zich bij het rode schijnsel van de talrijke bordelen en peeskamers rondom de kerk. Een zomer lang leeft de kerk mee met licht en donker; binnen en buiten circuleren om elkaar heen, op het ritme van zonlicht en de omdraaiing daarvan.

Met het rode licht brengt Calò de rooms-katholieke beeldtaal terug in het gebouw en reflecteert hij op de Beeldenstorm van 1566 en de ommekeer in religieus denken. Als een flashback naar de rooms-katholieke tijd van vóór de Alteratie. Ten gevolge van de Alteratie gingen parochiekerken en kapellen over in handen van de protestanten en kregen zij nieuwe namen. Sindsdien staat de oudste parochiekerk van de stad, de Sint Nicolaaskerk, dan ook als Oude Kerk bekend.

 
Calò in de Oude Kerk. Foto: Maarten Nauw.

Van het enig overgebleven katholieke glas-in-loodvenster (Maria-glas) maakt de kunstenaar gedurende de tentoonstelling directe impressies, als vertrekpunt voor een nieuw fotografisch werk waaraan ook de Rijksakademie voor Beeldende Kunsten een bijdrage levert. Het rode licht beschermt het nog niet ontwikkelde beeld en schept dezelfde condities als een donkere kamer (doka). De hele zomer door functioneert de kerk als studio en doka.

De Oude Kerk (1306) staat midden in het bruisende en hectische Wallengebied dat met haar nauwe straatjes, enorme bedrijvigheid en grote toeristenstromen een bijna beklemmend effect op je heeft. Eenmaal binnen in de kerk, waan je je in een oase van rust, ruimte en geschiedenis. Opvallend zijn de monumentale glasvensters. In de Middeleeuwen werden deze vensters voorzien van gebrandschilderd glas, waardoor het licht in talloze kleurvariaties naar binnen viel. Tijdens de Beeldenstorm van 1566 werden de meeste gebrandschilderde ramen in de Oude Kerk vernield. De Calvinisten gaven de voorkeur aan een sobere geloofsbeleving. Voor warme gevoelens was geen plaats. De kleur rood verdween grotendeels. De nieuwe glasvensters in blauwe, grijze of groene tinten hulden het interieur in een koud licht en doen dit tot op de dag van vandaag. Het werk van Giorgio Andreotta Calò creëert een nieuw inzicht in deze geschiedenis.

Giorgio Andreotta Calò, 25 mei 2018 t/m 23 september 2018, Oude Kerk, Oudekerksplein (wallen) Amsterdam. Website: www.oudekerk.nl.

Terug naar boven

 

Gemeentemuseum Den Haag: Naar buiten! School van Barbizon

Het Gemeentemuseum Den Haag bezit een van de grootste collecties grafiek uit de 19e eeuw in Nederland, met daarin een rijke verzameling tekeningen van de belangrijkste vertegenwoordigers van de School van Barbizon: Théodore Rousseau, Jean François Millet, Jean-Baptiste Camille Corot en Charles-François Daubigny. Voor het Berlagekabinet is een selectie van 45 prenten geselecteerd van de mooiste landschappen plus een klein aantal portretten.

Halverwege de negentiende eeuw vestigt een groep jonge kunstenaars zich in het dorp Barbizon, vlakbij het bos van Fontainebleau nabij Parijs. Daar schilderen ze de omgeving en de boerenbevolking. In vergelijking met het werk van hun voorgangers verbeelden zij het Franse landschap en plattelandsleven met een frisse blik, zonder academische conventies. Het schilderen 'en plein air', in de buitenlucht, draagt bij aan het realisme in hun werk.

De School van Barbizon groeit in de daaropvolgende jaren uit tot een belangrijk rolmodel voor kunstenaars uit heel Europa. Het stille dorpje Barbizon verandert in een internationale kunstenaarskolonie, waar kunstenaars uit Nederland, Duitsland, Zweden, Engeland, België en zelfs de Verenigde Staten in navolging van Rousseau en Millet het landschap schilderen.

 
Charles-Francois Daubigny, 'De herten in het bos', 1850, ets, inkt op papier, 27,8 cm x breedte 21,7 cm, Gemeentemuseum Den Haag.

Ook de schilders van de Haagse School en de Duitse schilder Max Liebermann zien de School van Barbizon als een belangrijke inspiratiebron. Liebermann, van wie het Gemeentemuseum gelijktijdig met deze tentoonstelling een groot overzicht toont, was bijvoorbeeld een groot fan van Millet.

Het realisme, ook wel aangeduid als naturalisme, van de School van Barbizon dankt zijn populariteit overigens niet alleen aan de schilderkunst. Als een van de eersten omarmen kunstenaars als Rousseau en Millet de grafiek, zoals de etskunst en lithografie. Zij maken slim gebruik van deze nieuwe technieken om tekeningen en schilderijen te reproduceren. Dankzij de brede verspreiding van deze prenten komen kunstenaars uit de hele wereld in aanraking met het realisme van deze kleine groep kunstenaars in het dorpje Barbizon.

Naar verloop van tijd verandert het medium van de grafiek van een middel om schilderkunst te reproduceren naar een geheel zelfstandige kunstvorm. Daarbij experimenteren kunstenaars als Daubigny bewust met de grafische mogelijkheden van de grafiek, zoals spannende composities en sterke licht-donkercontrasten.

Naar buiten! School van Barbizon, t/m 24 juni 2018, Gemeentemuseum Den Haag, Stadhouderslaan 41, Den Haag. Website: www.gemeentemuseum.nl.

Terug naar boven

 

Fondazione Berengo, Venetië: Glasobjecten van Han de Kluijver

"Mijn glassculpturen zijn architectonische werken," zegt architect en kunstenaar Han de Kluijver (1950). Met zijn glasobjecten laat hij zien dat de grens tussen architectuur en sculptuur minder scherp is dan dikwijls wordt aangenomen. "Als architect creëer je ruimte met behulp van glazen wanden en gevels. De glazen objecten creëren alleen ruimte in figuurlijke zin. Ze zijn een metafoor van de letterlijke ruimtebeleving waarin de architectuur voorziet," zegt De Kluijver.

Het thema van de 16e Architectuur Biënnale van Venetië die gelijktijdig plaatsvindt, Freespace, is een verkenning van ruimte in de brede zin, en sluit dus naadloos aan op De Kluijvers werk.

 
Opbouw tentoonstelling 30 april. Foto: Han de Kluijver.

Het thema Freespace gaat volgens de twee biënnale-curatoren Yvonne Farrell en Shelley McNamara over werk dat essentiële kenmerken van architectuur laat zien, zoals beweging, licht, modulering, materialen, maar ook de kracht en schoonheid van architectuur. En juist in die schoonheid zit de overlap tussen architectuur en kunst.

Ook een kunstwerk begint met een idee en het intuïtief zoeken naar de juiste vormen. Na talloze schetsen vormt zich een beeld dat in een model kan worden vastgelegd. Net als in de architectuur zijn er tijdens het vervaardigen van dat model nog allerlei veranderingen en verbeteringen aan het ontwerp mogelijk. Van het definitieve model wordt een mal gemaakt, en met het gieten neemt het glas vorm en structuur van de mal over. Het gegoten glasobject is, net als een architectonische schepping, een onveranderlijk massief in de ruimte. In de architectuur hebben wanden dezelfde functie als de mal van het glazen object, namelijk het omhullen en afscheiden van ruimtes in de grotere, natuurlijke ruimte.

Als kunstenaar en architect experimenteert De Kluijver met de talloze mogelijkheden van dit veelzijdige materiaal. "Voor mij is glas een metafoor voor het leven; fragiel, niet altijd transparant, soms gekleurd en vaak betoverend."

Han de Kluijver, glasobjecten, 16 mei t/m 25 november 2018, Berengo Exhibition Space, Campiello della Pescheria, 30141 Murano, Venetië, Italië. (Oorspronkelijke tekst: Saskia Naafs)

Download de flyer.

Terug naar boven

 

Spoorwegmuseum, Utrecht: Baanbrekend design, 50 jaar NS huisstijl

Het zijn bekende kleuren in het Nederlandse landschap, het geel en blauw van de treinen van NS. Ook het bijpassende logo is bij iedereen bekend. Dit jaar is het precies 50 jaar geleden dat NS deze nieuwe huisstijl introduceerde. In de tentoonstelling 'Baanbrekend design, 50 jaar NS Huisstijl' laat het Spoorwegmuseum zien waarom NS de nieuwe huisstijl invoerde, hoe men tot het alom geroemde logo kwam en waarom het zo succesvol is gebleken. Op 26 mei wordt de tentoonstelling feestelijk geopend met de aankomst van de Mat '64, de eerste treinenserie die in de nieuwe kleuren de fabriek uitrolde. De tentoonstelling bevindt zich in de trein die in het Spoorwegmuseum komt te staan.
image

In 1968 introduceerde de Nederlandse Spoorwegen zijn nieuwe huisstijl met het bekende en veel geprezen logo en de gele kleur voor de treinen. Vernieuwend was dat de huisstijl doorgetrokken werd tot alle facetten van het bedrijf. Het werd zichtbaar op de treinen, uniformen, bewegwijzering, vertrekstaten, dienstregelingen, briefpapier en ga zo maar door. Met de nieuwe huisstijl kon NS zich presenteren als modern, dienstverlenend en aantrekkelijk alternatief voor de auto en het vliegtuig.

 
NS logo, ontwerptekening.

De introductie van de nieuwe huisstijl ging hand in hand met de poging van NS om de concurrentie met het weg- en vliegverkeer aan te gaan en weer meer reizigers de trein in te lokken. Het logo van NS is één van de best herkenbare emblemen van Nederland gebleken. In een halve eeuw hebben logo en huisstijlkleuren niets aan zeggingskracht ingeboet.

NS gebruikte al sinds de oprichting in 1917 een embleem, dat gebaseerd was op het internationale symbool voor de spoorwegen: een spoorwagenwiel met vleugels van de handelsgod Mercurius, ook wel 'het gevleugelde wiel' genoemd. In 1946 werd een nieuw logo geïntroduceerd waarbij het gevleugelde wiel zo geabstraheerd was, dat het nauwelijks meer te herkennen was. Bovendien werd dit embleem niet systematisch doorgevoerd, waardoor de stations zich kenmerkten door een veelheid aan uitingen en lettertypes. Ook het gebruik van kleuren voor het materieel was divers: dieseltreinen waren donkerrood, elektrisch materieel was donkergroen en internationale treinen hadden een donkerblauwe kleurstelling. Dat zie je in het Spoorwegmuseum terug, daar hebben de treinen hun oorspronkelijke kleur. Je ziet daar naast de kleur geel vooral veel rode, groene, blauwe en zelfs turquoise kleuren. De keuze voor een frisse kleur geel was destijds zeer gewaagd, een lichte kleur was besmettelijk en dus onderhoudsgevoelig. Nu, 50 jaar later, worden de huisstijlkleuren geel en blauw en het bijpassende logo nog steeds gebruikt door NS. Voor een huisstijl een ongekend lange periode.

Baanbrekend design, 50 jaar NS huisstijl, 26 mei t/m 28 oktober 2018, Spoorwegmuseum, Maliebaanstation 16, Utrecht. Website: www.spoorwegmuseum.nl.

Terug naar boven | LEES OOK DE KUNSTAGENDA

Inhoud


KRIJT,
26 mei t/m
19 augustus 2018,
Kunsthal KAdE, Amersfoort

Sean Scully,
t/m 26 augustus 2018, De Pont museum,
Tilburg

Seydou Keïta -
Bamako Portraits,
t/m 20 juni 2018,
Foam 3h: Tereza Zelenkova -
A Snake That Disappeared Through
a Hole in the Wall,
t/m 10 juni 2018,
Foam, Amsterdam

Beyond Klimt, New Horizons in Central Europe (1914-1938),
21 september 2018
t/m 20 januari 2019,
BOZAR – Paleis voor Schone Kunsten,
Brussel

130 jaar,
t/m 31 oktober 2018, Museum Ons' Lieve Heer op Solder, Amsterdam

Fixed Flow,
Sjoerd Knibbeler,
t/m 1 juli 2018,
Scheepvaartmuseum, Amsterdam

Dromen van parelmoer, De ENSOR-verzameling van het Koninklijk Museum Antwerpen (KMSKA) in Oostende,
12 mei 2018
t/m 16 juni 2019,
Mu.ZEE, Oostende

Escher op reis,
28 april t/m
28 oktober 2018,

Fries Museum, Leeuwarden

Viva Roma!
t/m 26 augustus 2018, La Boverie, Luik, België

Alphons Hustinx, perspectief van
een reiziger,
28 april t/m
9 september 2018,
Fotomuseum Den Haag

Het verhaal van Veen-huizen, doorlopend,
Nationaal Gevangenis-museum, Veenhuizen

Classic Beauties. Kunstenaars, Italië en het schoonheidsideaal
in de 18de eeuw,
vanaf 16 juni 2018, Hermitage Amsterdam

Wild! Tekeningen
naar het leven,
t/m 26 augustus 2018, Cromhouthuis,
Amsterdam

Giorgio Andreotta Calò,
25 mei 2018 t/m
23 september 2018,

Oude Kerk, Amsterdam

Naar buiten!
School van Barbizon,
t/m 24 juni 2018, Gemeentemuseum
Den Haag

Han de Kluijver, glasobjecten,
16 mei t/m
25 november 2018,
Berengo Exhibition Space, Venetië, Italië

Baanbrekend design,
50 jaar NS huisstijl,
26 mei t/m
28 oktober 2018,
Spoorwegmuseum,
Utrecht