Het Beeldende Kunstjournaal is een uitgave van het Platform ArtizonTaal. Eindredactie: Rob den Boer. Postadres: Postbus 268, 4100 AG in Culemborg, E-mail: redactie.bkj@hetnet.nl.
[terug]

De intieme wereld van Jan Mankes

Richard Roland Holst karakteriseerde Jan Mankes in 1928 reeds als 'Hollands meest verstilde schilder'. De overzichtstentoonstelling 'Het Mankes Perspectief' in het Drents Museum te Assen bevestigde deze woorden van Roland Holst.

Door Wim Adema

Jan Mankes bleek een veelzijdig schilder, tekenaar en graficus die naar de grens van zijn verbeelding zocht. Bij de vroege portretten (1911-1916) van zijn vader en zichzelf valt de verstilling op. De ogen zijn indringend en toch naar binnen gericht. Een psychische aanwezigheid die tastbaar is. De gelijkenis tussen de vader en de zoon is treffend. De verf is donker van toon, het kleurgebruik ingehouden. Een lichte scherpe lijn vormt een contour rond de vorm van het gezicht. De details in het gezicht zijn verfijnd.

Als bezoeker van de expositie ervaart men de geportretteerden als personen. Men wordt soms indringend aangekeken, alsof Mankes de tijd wil overbruggen. De woorden van Richard Roland Holst worden steeds meer duidelijk. Een portret uit 1918 verstoort echter de harmonie. Met een grove verftoets toont Jan Mankes een andere kant van zichzelf. Zoekend en experimenterend. Grote verfvlakken zonder detail. De verf oogt hard en agressief. Op welk spoor zat hij toen? Deze manier van schilderen is later niet meer terug te vinden.

De olieverfschilderijen van Stillevens en Dieren tonen op een andere manier zijn 'zoektocht'. Een vaas met een fijne donkergroene glazuurhuid omvat ragfijne dopheide. Schilder- en tekenkunst samen. Het tafereel van een uil op een boomtak (1918) laat een zachtgrijze vogelfiguur zien tegenover een geheimzinnige donkerte. Vogelnestjes (1909 en 1910) hebben eenzelfde ragfijne contourlijn als de geschilderde portretten.

In de 'Vaas met jasmijn' (1913) lijkt Jan Mankes de essentie van zijn schilderkunst bereikt te hebben. De dromerige en mysterieuze sfeer is onontkoombaar. Hier schilderde hij verdunde transparante lagen op elkaar. De jasmijnbloemen hebben een onwerkelijk scherpte-diepteverloop, alsof een bijzondere lens gebruikt is. De bloemen lichten op uit een duisternis.

Een klein schilderijtje (12x15 cm) valt niet direct op, maar is dichtbij een bijzondere ervaring. Het 'Meisje met witte bloem' (1911) lijkt de inspiratie, het vakmanschap en de ervaring van Mankes te kunnen samenvatten. In dit schilderijtje ervoer ik de essentie van zijn schilderkunst.

In een heel klein beeldvlak werd de 'Intieme wereld van Jan Mankes' tastbaar. De compositie toont een harmonie van vertonen en detaillering, alsmede contrasten tussen licht en donker. Maar ook 'Dwergasters in kannetje (1912) bereikt een magische sfeer door een fijnmazige structuur van de bloemen en het licht en donker als compositievlak.

Het schilderwerk van Jan Mankes is magisch-realistisch. Hij heeft een sterke binding met religie, kunst en geloof. Zijn werk heeft een verbinding met de neoromantiek. Vooral Mathijs Maris is een inspiratiebron voor hem. Zijn portretten tonen de invloed van de Italiaanse renaissance. In het portret 'Moeder in kamer' (1912) is de schilderkunst van Johannes Vermeer merkbaar.

Steeds weer valt zijn verbondenheid met dier en natuur op. Uilen, kraaien en lijsters verdwijnen soms in een nachtelijke atmosfeer. In 'Egels in het bos' (1916) valt de opbouw met diagonale lijnen (driehoek) op.

Eén tekst uit zijn brieven: God spreekt door de stilte van de eenvoudige dingen. Zijn landschappen zijn echter vaak zonder detail en geschilderd in terughoudende klemtonen. In een klein vlak weet Mankes 'ruimte' te suggereren. Soms ook leegheid. Het immense van een landschap wordt voelbaar. Met ragfijne lijnen verscherpt hij de compositievlakken.

Het landschap van de 'Woudsterweg bij Oranjewoud' (1912) geeft een schitterend perspectiefverloop van een hoge bomenrij naar een lage bomenhorizon.

De Geit is een aparte inspiratiebron. Als bezoeker wordt men indringend door dit dier aangekeken.
De 'Oude Geit' (1912) staat in een groen landschap. Een witte verschijning, haast fragiel, die de leegheid van de ruimte bepaalt. Een 'Jonge witte geit' (1920) lijkt verzonken in zichzelf. Een groene bodem en drie lichte berken zorgen voor een magisch-realistische sfeer.

In de bovenzaal is ruimte voor zijn tekeningen en grafische werk.

Zijn tekeningen met potlood tonen een zelfde verfijnde detaillering als zijn schilderwerk. In de 'Koemelkster' (1914) vallen de fijne potloodlijnen op. De arceringen doen denken aan detailleringen in zijn schilderwerk.

Een groot vakmanschap blijkt uit zijn houtsnedes en etsen. Soms combineert Mankes deze technieken. Het portret van 'Douwe' (1915) krijgt bijvoorbeeld een bijzonder karakter door het samengaan van de houtsnedetechniek en pen met inkt. 'Twee ganzen' (1911), in zilverstift en potlood gemaakt, hebben bijna een olieverfkarakter.

Foto's, brieven, films en exemplaren van het tijdschrift 'Beeldende Kunst, (H.P. Bremmer) versterken het tijdsbeeld. Een zeer kort leven werd zichtbaar: 1889-1920. Mankes vond in Anni Mankes-Zemike een inspirerende partner. Hoe zou het kunstenaarschap van Jan Mankes verlopen zijn, als hij langer had kunnen leven? Welke wegen zou hij nog gevonden hebben?

De beeldend kunstenaar Jan Mankes leefde slechts 31 jaar, maar laat nu reeds een doorleefd kunstenaarschap zien. Zonder twijfel had hij de grenzen van het magische realisme verder verkend. Zijn tijdsgrens was echter bepaald.

Het Mankes Perspectief, Drents Museum in Assen, Brink 1 Assen, website: www.drentsmuseum.nl

Wim Adema is beeldend kunstenaar en fotograaf en publiceert regelmatig artikelen over beeldende kunst in diverse media. Klik hier om zijn CV te bekijken.