Het Beeldende Kunstjournaal is een uitgave van het Platform ArtizonTaal. Eindredactie: Rob den Boer. Postadres: Postbus 268, 4100 AG in Culemborg, E-mail: redactie.bkj@hetnet.nl.
[terug]

KUNSTNOTITIES

Kanttekeningen over de beeldende kunsten

door Wim Adema, beeldend kunstenaar

 

INTRO | DEEL 1 | DEEL 2 | DEEL 3 | DEEL 4 | DEEL 5 | DEEL 6 | DEEL 7 | DEEL 8 | DEEL 9 | DEEL 10 | DEEL 11

 
Deel 4. Welke factoren kunnen de beeldende kunsten van binnenuit negatief beïnvloeden? -Keuzebeleid van musea en galeries.

Is het mogelijk dat het 'keuzebeleid' van galeries en musea soms ten koste gaat van belangrijke kunstenaars?
Het is een feit dat dit beleid bepaald wordt door de voorkeuren van conservatoren en galeriehouders. Museumdirecteuren kunnen bijzonder hun stempel zetten op collectiebeheer en exposities. Hun visie op de beeldende kunst en de kwaliteit van de kunstenaars bepaalt mede de identiteit en imago van de Nederlandse kunst in Nederland en buitenland. Hierdoor worden veel belangrijke kunstenaars gepasseerd.

Presentatie van hedendaagse beeldende kunst op kunstbeurzen.
Slechts een klein aantal Nederlandse galeries kan deelnemen aan de belangrijke buitenlandse kunstbeurzen. Door de commerciële opzet van deze galeries worden alleen kunstenaars vertegenwoordigd die 'gunstig' bij het publiek
liggen. Vaak zijn in deze galeries ook buitenlandse kunstenaars aanwezig.

Door deze opzet krijgt het publiek in het buitenland een zeer beperkt beeld van de Nederlandse beeldende kunst. Door de presentatie op de Nederlandse kunstbeurzen ontstaat het zelfde probleem. Het publiek krijgt een zeer beperkt beeld van de kwalitieit van de de Nederlandse beeldende kunst.

Bijvoorbeeld: de beeldhouwkunst uit Limburg is van een zeer hoog niveau. Op de landelijke en internationale kunstbeurzen is van hen zeer weinig werk te zien.

Kunsthistorie en -kritiek.
Is de 'kunsthistoricus en -criticus' wel in staat de ontwikkelingen in de beeldende kunst en de persoonlijke ontwikkelingen van de kunstenaars te volgen en kunnen hierdoor verkeerde kritieken geschreven worden?

In de vorige eeuw ontstonden meer dan 300 stijlen en stromingen. Wie heeft hierover nog een overzicht?

Overzichtswerken als Art Now I en II laten zien hoeveel persoonlijke stijlen er momenteel aanwezig zijn.

Is het voor de kunsthistoricus- en criticus niet beter om zich te beperken tot één stroming, stijl of kunstenaar. Het kost veel tijd, kijkervaring en studie om beeldende kunst te begrijpen en te interpreteren. Men kan terecht vragen stellen over de wijze waarop in Nederland kunstkritiek beoefend wordt. Men dient een kunstdiscipline goed te kennen en te begrijpen, voordat men hierover kan schrijven. Kunstkritiek in dagbladen wordt vaak niet gedragen door research en kennis van zaken. Men heeft als kunstredacteur te weinig tijd om zich voor te bereiden.

De tijdsdruk van een krant is zeer hoog. Het artikel moet snel gemaakt worden. M.i. wordt hierdoor veel kunstenaars onrecht aangedaan door verkeerde snelle 'interpretaties' van hun werk en persoon.

Kunstuitleencentra en kwaliteit van uitleenkunst.
Werkt het niveau van kunstuitleencentra kwaliteitsverlagend? Wordt hierdoor teveel afgestemd op een publieksniveau en niet op de 'Verbeelding'?

Een bezoek aan kunstuitleencentra geeft meestal een divers beeld van beeldende kunst. De werken lijken vaak afgestemd op de 'smaak' van het publiek. Mooi gemaakt, prettig om naar te kijken en niet te diepgaand. De keuzes van de kunstwerken worden bepaald door hun 'uitleenmogelijkheden' voor de artotheek.

Door deze opzet kan slechts een beperkt beeld gegeven worden van de mogelijkheden van beeldende kunst. Een bezoek aan een kunstuitleencentra confronteert niet met autonomie, avontuur en beeldonderzoek. M.a.w. belangrijke ontwikkelingen of bijzondere persoonlijke stijlen zullen niet snel getoond kunnen worden.

Keuzes door selectiecommissies.
Hoe groot is bijvoorbeeld de invloed van selectiecommissies bij subsidiefondsen? Welke criteria hanteert men voor de kwaliteit van beeldende kunst?

Mijn indruk is dat het een gevaarlijke zaak is om het werk van beeldend kunstenaars door selectiecommissies op de beeldende kwaliteit te laten beoordelen In deze commissies zitten o.a. collega-kunstenaars en kunsthistorici.

Aspecten als opleiding, werkervaring en vakmanschap zijn meetbaar. Er zijn een aantal concrete zaken waaraan men het niveau van een beeldend kunstenaar kan beoordelen. Dat wordt door de bond van beeldend kunstenaars ook gedaan. Deze bond beoordeelt echter niet de kwaliteit van het werk van haar leden, omdat men weet dat dit een onmogelijke zaak is. Het vereist namelijk veel ervaring met het werk van een kunstenaar om tot een oordeel te komen. Een diepgaand gesprek en een bestudering van hun werk is nodig om tot een beeld te komen.

De leden van de selectiecommissies hebben deze tijd niet en moeten in kort bestek over veel subsidie-aanvragers een oordeel geven. Op basis hiervan wordt een besluit genomen voor het wel of niet toekennen van een subsidie. Het is logisch dat op deze wijze veel beeldend kunstenaars een belangrijke financiële ondersteuning mislopen.

Het is m.i. ook onjuist dat subsidie-aanvragers door collega's beoordeeld worden. Men kan ook grote twijfels hebben over hun vermogen om kwaliteit van beeldende kunst en kunstenaars objectief te verwoorden en hiermee te beoordelen. Interpretatie van beeldende kunst is een zeer subjectieve zaak. Het is afhankelijk van opleiding, kijkervaring, inzicht in technieken en het werkelijk kunnen onderkennen van beeldende kwaliteit.

'Provinciale' commissies bepalen op een andere manier wie 'provinciaal' erkend kan worden als beeldend kunstenaar. Per provincie worden weer andere selectiecriteria gehanteerd. Vaak zijn niet de opleiding en mate van ervaring van belang, maar wordt de artistieke kwaliteit beoordeeld. Het is duidelijk dat veel collega's hierdoor 'provinciaal' niet als beeldend kunstenaar geaccepteerd worden.

Wanneer men 10 mensen naar een kunstwerk laat kijken, dan krijgt men 10 verschillende visies.

Het 'definiëren' van beeldende kwaliteit is echter aan weinigen voorbehouden. Werkelijke beeldende kracht raakt vaak het gebied van de magie. Het 'beeld' is om te zien. Woorden blijven een poging om een 'brug' te maken tussen de kijker en het kunstwerk. Een bijzonder 'beeld' tart ons verstand, bewustzijn en kijkervaring. Het dwingt ons om de 'bekende' werkelijkheid los te laten en 'alleen' op reis te gaan.

Tegen deze achtergrond lijkt het belangrijk om onze 'interpretaties' van kunst met de nodige voorzichtigheid te hanteren.

Publiek en de beeldende kunsten
Is het publiek deskundig genoeg om beeldende kunst in deze tijd te begrijpen en te beoordelen?

M.i. is het gebied van de Kunsten te complex voor één mensenleven. Wij kunnen slechts proberen in deelgebieden kennis en ervaring op te doen. De complexitieit van de Kunsten wordt door het merendeel van de mensen niet begrepen. Men heeft weinig of geen ervaring met de kunstgeschiedenis.

Veel mensen hebben weinig of geen opleiding om bijvoorbeeld van beeldende kunsten te genieten en het een plaats in hun leven te geven. Leuk of spannend zijn vaak de gangbare waarderingen. Hedendaagse kunst is door zijn veelvormigheid moeilijk om te begrijpen. Een relatie tussen Kunsten en de Wetenschappen is niet zichtbaar. De 'Verbeelding' lijkt laag gewaardeerd te worden en heeft het karakter van gamituur.

Recent onderzoek toonde aan dat de Kunsten door het publiek laag gewaardeerd worden. Een constructief beleid van overheid, musea, kunstenaars, onderwijs en media lijkt nodig om deze situatie te veranderen.

Tot slot
Bepalen de bovengenoemde factoren ook mede de inhoud van ons kunstklimaat en zijn zij mede verantwoordelijk voor de landelijke en internationale identiteit van onze beeldende kunstenaars? Zonder twijfel!

Veel belangwekkende kunst sneuvelt voortijdig door onkunde en desinteresse. Binnen zijn of haar vakgebied ontmoet de kunstenaar vele hindernissen om goed te functioneren. Dit bepaalt mede de inhoud van ons kunstklimaat.