Dec. 2018 - jan. 2019, 13e jg. nr.5. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 

De Venetiaanse kapellen
Architectuur tussen hemel en aarde

De 16e Internationale Architectuurbiënnale van Venetië viert met het thema 'Freespace' de kracht en schoonheid van de architectuur. In de uitwerking blijkt dit thema soms wat esoterisch, maar het levert ook uitgesproken gelaagde werken op.

Door Han de Kluijver

De Ierse curatoren Yvonne Farrell en Shelley McNamara wijzen bijvoorbeeld op een bank aan de muur van het Palazzo Medici in Florence. Een klein gebaar in de openbare ruimte, maar de bank was ook een manier voor de De Medicis om hun requestranten (aanvragers van een verzoekschrift) in het volle zicht te laten wachten en klein te laten lijken tegen de gigantische muren.

Wat op vrijgevigheid lijkt, kan een heel andere betekenis hebben. Dit gelaagde gevoel kreeg ik ook bij de prachtige 'Vatican Chapels' in het bos, in de schaduw van de kerk van Andrea Palladio op het Venetiaanse eiland San Giorgio Maggiore. Het Vaticaan deed voor het eerst mee aan de 16e Internationale Architectuurbiënnale van Venetië. De tien door Francesco Dal Co gekozen architecten kregen de vrijheid om het architecturale concept van de kapel te verkennen. Als inspiratiebron diende de boskapel (Skogskapellet) van de Zweedse architect Gunnar Asplund, gebouwd in 1920 op de begraafplaats van Stockholm. De architecten herinterpreteren de poëzie van deze kapel in hun eigentijdse ontwerpen.

Metafysische kapellen
Dit uitgangspunt leverde zeer uiteenlopende resultaten op. De Portugese architect Eduardo Souto de Moura ontving de Leone d'oro voor het beste project op de 16e Architectuurbiënnale. Zijn ontwerp bestaat uit dikke stenen platen die voor meerdere interpretaties vatbaar zijn: graf, monument, heiligdom, altaar of gewoon een afgesloten ruimte met vier muren, zoals de architect het zelf beschrijft. Interessant is om te zien hoe Souto de Moura de muren van zijn kapel opzette. Dit doet denken aan de scharniermechanismen die door de Inca's op Machu Picchu werden gebruikt. Het buitenoppervlak van de natuurstenen platen is ruw, bijna beschadigd, met zichtbare sporen van de gereedschappen die het steen bewerkten. Je zou de slijtage kunnen interpreteren als een metafoor voor de stormen die de Katholieke Kerk door de eeuwen heen te verduren kreeg.

De Australische architect Sean Godsell lijkt juist geïnspireerd te zijn door de Toren van Babel. Zijn project bestaat uit een te openen slanke rechthoek van zink en titanium. Het holle interieur van de toren is goudkleurig geverfd, als een gebaar van licht en hoop op wedergeboorte. Helaas was de kapel door het slechte weer gesloten.

Het onmiskenbaar Japanse ontwerp van Teronobu Fujimori met prachtig bewerkte houten kerkbanken en bladgoud, blijft misschien het dichtste bij de oorspronkelijke Zweedse boskapel. Hij combineert elementen uit de Japanse houtconstructie met de traditionele kenmerken van een bergkapel. Het resultaat is een volume in zwart hout, waarbij een zadeldak op een portiek staat van boomstammen, die als kolommen dienen. Uit insnijdingen aan de oppervlakten loopt hars, als een symbool van levensbloed.

De Vaticaanse kapellen was voor mij één van de meest interessante tentoonstellingen van de Architectuurbiënnale, ook de meest samenhangende ervaring binnen het thema 'Freespace'. De ontwerpen zijn zeer divers, monumentaal of juist huiselijk en bieden gelegenheid voor reflectie en bezinning. Sommige architecten hebben een herkenbare kapel ontworpen, met een spreekstoel en altaar, andere ontwerpen zijn abstracter en sculpturaler. Tezamen vormen de ontwerpen een zoektocht naar de nieuwe identiteit van de architectuur van de Heilige Stoel.

Bijzonder in de abstractie en afwerking is de iconische luchtbel van de Chileense architect Smiljan Radic. Hij bouwde een kapel als een echte 'denktank'. De afgeknotte kegelvorm met een glasplaat als dak, is voorzien van geprefabriceerde panelen van donkergrijs beton, waarvan de binnenkant met noppenfolie is bedekt - een materiaal dat wordt gebruikt bij het gietproces en later wordt verwijderd. Dit levert een ongewone en spontane textuur op, die contrasteert met de geometrische perfectie van het architectonische ontwerp. De monumentale, kantelende houten ingang onthult een continue spiraal naar het interieur en nodigt bezoekers uit om binnen te komen voor bezinning.

De projecten van Norman Foster, Francesco Cellini en Carla Juaçaba gaan nog een stap verder. Zij ontleden de architectuur van een kapel, vermengen de grenzen tussen binnen en buiten en leggen paden aan als ontmoetingsplekken en rustplaatsen. De spichtige houten kapel van Norman Foster is samengesteld uit een niet-lineaire reeks houten latten. De gehele structuur wordt ondersteund door drie stalen kruisen, die de variatie aangeven tussen de schuine lijnen die het volume vormen. Eenmaal binnen, produceert het skelet van lariksstroken schilderachtige lichteffecten, waardoor de architectuur samensmelt met de natuur. De achterzijde van de kapel roept door de geometrische vorm de beweging van scheepszeilen op.

De kapel van de Italiaanse architect Francesco Cellini bestaat uit twee elementen: een eenvoudige tafel en een dak. Deze twee gestileerde vormen komen samen in een prachtige ruimte. De kapel van de Braziliaanse architect Carla Juaçaba bestaat uit vier acht meter lange stalen balken van 12 centimeter dik. Ze vormen een bank op zeven betonnen platen, met een staand kruis, om een dialoog te stimuleren.

De bijzondere kapellen zijn zeker gedurende het jaar 2019 nog te bezoeken. Daarna wil het Vaticaan ze afbreken en weer opbouwen in Italiaanse steden die zware schade opliepen door aardbevingen.

De ontwerpers van de Vaticaanse kapellen zijn: Andrew Berman (New York, USA, 1969), Francesco Cellini (Rome, Italië, 1944), Javier Corvalan Espinola (Asuncion, Paraguay, 1962), Eva Prats (1965) en Ricardo Flores (1965) (Barcelona, Spanje), Norman Foster (Londen, Groot-Brittannië, 1935), Teronobu Fujimori (Nagano, Japan, 1946) ), Sean Godsell (Melbourne, Australië, 1960), Carla Juaçaba (Rio de Janeiro, Brazilië, 1976), Smiljan Radic Clarke (Santiago, Chili, 1965), Eduardo Souto de Moura (Porto, Portugal, 1952), MAP studio, Francesco Magnani (1971) en Traudy Pelzel (1967) (Venetië, Italië).

Bron: Catalogus Vatican Chapels, 2018, 252 p., uitgeverij Electa Architecture, Milaan, ISBN 978-88-918-2020-4. Website: www.electa.it/en/vatican-chapels-3.

HOLY SEE, Vatican Chapels, www.labiennale.org/en/architecture/2018/holy-see.

Han de Kluijver is architect bna bni bnsp.

Terug naar boven