Febr. - apr. 2019, 14e jg. nr.1. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 

Maestro Van Wittel

"Maestro Wie? Van Wittel! Nooit van gehoord." Een kunstenaar die betrokken was bij de organisatie van de tentoonstelling 'Maestro Van Wittel' in Amersfoort, vertelde mij zo enthousiast over het resultaat dat 'gaan kijken' het enige juiste antwoord was. En dat geldt hopelijk ook voor de lezers van deze bespreking.

Door Peter van Dijk

Ik vroeg me na bezichtiging natuurlijk af waarom dit zo’n plezierige tentoonstelling is. Ik had afgelopen weken de 'Caravaggisten' in Utrecht en 'De schatkamer!' in de Amsterdamse Hermitage gezien, mooie tentoonstellingen, maar dit was anders, intiemer, interessanter, vanwege die onbekende man met zijn schitterende stadsgezichten. Van Wittel was in zijn tijd (1653-1736) wereldberoemd (de wereld beperkte zich toen tot Europa), maar is daarna, behalve bij een paar kenners, in de vergetelheid geraakt. Geboren in Amersfoort verhuisde hij al snel, op 21-jarige leeftijd, naar Italië, zoals de mode onder artiesten en rijke edellieden was in die tijd. In zijn nieuwe land werd hij de uitvinder en meester van het realistische stadsgezicht, ofwel de maestro van het portret van de stad. In het Italiaans: de 'veduta', het genre dat na hem talenten als Canaletto en Guardi heeft voortgebracht.

Waarom?
Waarom is dit een plezierige tentoonstelling? Je ziet al snel dat er veel liefde is besteed aan deze tentoonstelling. Er is werk verzameld van tijdgenoten, leermeesters en volgelingen. Van hemzelf zijn tekeningen, gouaches, waterverven, schilderijen, documenten en foto’s bijeengebracht. Heel veel moest geleend worden van andere musea en uit particuliere collecties. Tien jaar van voorbereidend werk. En dat voor zo’n klein museum, dat overigens steun kreeg van museum Flehite, het Mondriaanhuis en het Architectuurcentrum FASadE en daarnaast geld ontving van ettelijke overheden en instellingen.

Het verhaal van de wording van deze onbekende beroemdheid wordt gaande de expositie onderhoudend en to the point uit de doeken gedaan. En… de tentoonstelling is in alle rust te bekijken, na de Hermitage en het Centraal Museum is dat een verademing. Je kunt de prachtige stadsgezichten vol dagelijks leven bestuderen en biografische teksten lezen, zonder dat je het gevoel krijgt dat je andere kijkers ophoudt. De sleutel tot de aantrekkelijkheid van deze tentoonstelling is het bekijken van al die getekende en geschilderde voorstudies van Van Wittel, waardoor je ontdekt hoe zijn grondige voorbereiding leidde tot esthetische hoogstandjes.

Al wandelend door Rome maakte hij tekeningen, van details, van gebouwen. Zijn interesse ging uit naar de architectonische kant van een stadsgezicht. Zo zijn er talloze fijne, zorgvuldig bemeten tekeningen van de Tiber, de Engelenburcht, Romeinse pleinen, het Quirinaal, Venetië, enz., te zien naast de uiteindelijke schilderijen. Het geeft inzicht in zijn manier van werken en het is prachtig werk. Van deze schetsen en tekeningen maakte hij vervolgens vaak grote tekeningen, liggende rechthoeken van soms breder dan een meter. Hij trok rasterlijnen met potlood en pen, gaf de rasters nummers, maakte korte notities van kleur en plaats. Deze ontwerptekeningen vormden de basis voor zijn schilderijen. Interessant om rustig te bekijken.

Wanneer hij een stadsgezicht opnieuw kon verkopen, haalde hij zijn ontwerptekening tevoorschijn en veranderde in een nieuwe versie van het schilderij wat kleuren en details van de mensen of wagens en verkocht het opnieuw. Zo verbaas je je over een 'Piazza Navona' die Caspar van Wittel in Napels heeft gemaakt, terwijl je even tevoren zelfs twee Navona’s hebt gezien, die in Rome zijn geschilderd. Het ging om efficiency, hij leverde snel, op bestelling.

Opleiding
Van Wittel heeft zijn opleiding genoten in Nederland. Eerst bij Matthias Withoos, een schilder van onder meer stadsgezichten in Amersfoort, die ook al in Italië zijn opleiding had vervolmaakt. Withoos had een gezin met vier dochters en uit vrees voor de Franse invallers verhuisde hij naar Hoorn. Van Wittel volgde hem en kwam daar in contact met werk van Hendrick C. Vroom, ook al een schilder van stadsgezichten en met de mathematisch perfecte kerkinterieurs van Pieter J. Saenredam. Toen Withoos en Van Wittel terugkeerden naar Amersfoort, troffen ze daar zo’n puinhoop aan dat Caspar als vrije jongeman besloot zijn geluk maar in Italië te zoeken. Dat is hem wonderbaarlijk goed gelukt.

Hij had een feilloos gevoel voor de juiste connecties. Allereerst werd hij lid van de artiestenclub de 'Bentveughels', ook wel de 'Schildersbent' genaamd, waarvan de Utrechtse caravaggisten later eveneens lid werden. Daar kwam hij via via in contact met Cornelis Meijer, een waterbouwkundig ingenieur, die van de paus de opdracht had gekregen om de Tiber te bedwingen, iets wat hij met succes had volbracht. Van Wittel maakte tekeningen voor Meijer en kwam dankzij hem in steeds hogere kringen terecht. Een groot aantal werken van Caspar van Wittel werd daardoor opgenomen in de collecties van chique Romeinse families als de Colonna’s en de Sachetti’s. De combinatie van landschap, architectuur en stadsgezichten was populair in Rome, waar volop gebouwd werd; de stad stond voortdurend in de steigers.

Vanvitelli
Van Wittel noemde zich voortaan Caspare Vanvitelli. Hij trouwde op 45-jarige leeftijd met Anna Lorenzani, dochter van een geelgieter, dat is een kopergieter, kopersmid, die voor de aanzienlijkste Romeinse families werkte. Deze schreef ook toneelstukken en organiseerde regelmatig avonden voor toneel- en muziekliefhebbers. Ook leden van de leidende elite kwamen graag bij hem op bezoek. Het echtpaar Van Wittel kreeg vier zonen, waarvan er drie kort na hun geboorte stierven, en een dochter. Zoon Luigi werd een vermaarde architect in Italië. Dat hij ook schilderen kon, blijkt uit het portret dat hij van zijn vader maakte en dat op de expositie hangt.

Caspar reisde veel en vond in het hele land opdrachtgevers en kopers voor zijn kleurrijke stadsgezichten, vol dagelijks leven. Bekijk eens op uw gemak, bijvoorbeeld, het schilderij 'De Tiber onder de Engelenburcht'. U ziet Rome op de achtergrond, een vissersboot en wat roeibootjes op de rivier, op de oever schapen en herders, allemaal heel precies geschilderd en een blote man die gaat zwemmen. Links in het statige huis met de zuilen ziet u een vrouw die het tafereel gadeslaat.

Napels
Twee jaar lang woonde het gezin Vanvitelli in Napels, waar Caspar voor een mooi maandgeld in dienst was getreden van de Spaanse onderkoning, de hertog van Medinaceli. Deze had al werk van Van Wittel in bezit. De schilder kreeg als opdracht de privé-appartementen van de onderkoning te decoreren. Hij leverde in de vier jaar die hij uiteindelijk voor de hertog werkte, 35 schilderijen af, een enorme productie. De kwaliteit is wisselend, maar een schitterend schilderij is het grote (74 x 171,8 cm) 'De Darsena Napels'. De Darsena is een driemaster, afgemeerd in de haven. Er liggen meer schepen, alle zeer fijn en zorgvuldig geschilderd. Op de voorgrond zeelieden, notarissen, vrouwen met kinderen, een koets. Het levendige tafereel wordt omzoomd door Van Wittels handelsmerk: mathematisch en mooi geschilderde gebouwen, huizen, paleizen, kantoortjes.

De status van maestro Vanvitelli werd bekroond met zijn lidmaatschap in 1686 van de Compagnia dei Virtuosi al Pantheon. Een select kunstenaarsgenootschap, dat onder gezag stond van de paus himself. Kardinaal Pietro Ottoboni, een achterneef van paus Alexander VIII, was tientallen jaren de beschermheer van deze Compagnie. Ottoboni was een kunstmecenas en verzamelaar. Van Vittel zat gebeiteld.

De finale inburgering was het Romeinse burgerschap, dat hem in 1709 officieel werd toegekend. Twee jaar later volgde de verheffing tot het artistieke walhalla van Rome. Caspar werd uitgenodigd lid te worden van de Accademia di San Luca en als buitenlander was hij nu meer dan honderd procent geaccepteerd in Rome. Als lid van deze academie ging hij lesgeven in de toepassing van het perspectief. Het vak waarin hij dé grootmeester van zijn tijd was.

Hans Wilschut
Nog een laatste reden waarom deze tentoonstelling voor zo’n goed humeur zorgt, zijn de foto’s van Hans Wilschut. Wilschut kreeg van de organisatoren de opdracht de plekken die Van Wittel bezocht en geschilderd heeft, op zijn eigen wijze te fotograferen. Wilschut probeert als fotograaf, net als Van Wittel met de kwast, stad en stadsleven te vangen in een eigen interpretatie.

Naast de geschilderde Piazzo Navona hangt nu een imposante foto, naast de haven van Napels idem dito, naast de 'Salute' Wilschuts kijk op Venetië. Andere mensen, andere werklieden, geen koetsen maar auto’s, jachten in plaats van zeilschepen, maar met dezelfde aandacht voor scherpte en precisie gefotografeerd zoals door Van Wittel geschilderd, met slim gebruik van kleur en licht, zodat je je verbaasd staat af te vragen of de foto nu een schilderij is of het schilderij een foto. Het werk van de ene kunstenaar beïnvloedt de manier van kijken naar het werk van de andere. En andersom natuurlijk. Een bijzonder effect.

Maestro Van Wittel, t/m 5 mei 2019, Kunsthal KadE, Eemplein 77, Amersfoort. Website: www.kunsthalkade.nl.

Peter van Dijk is journalist.

Terug naar boven