Aug. - sept. 2019, 14e jg. nr.3. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 

De onzichtbare schoonheid
Een vraagteken dat ons aan het denken zet

Do Ho Suh's (1962) werk gaat over het huis als plek vol herinneringen. De architecturale installaties in museum Voorlinden in Wassenaar zijn onderdelen van huizen waar Do heeft gewoond in Seoul, New York, Londen en Berlijn. Als een architecturale detective meet en registreert hij gebouwen.

Door Han de Kluijver

Toch is het vooral de fragiliteit die mij aanspreekt. Van de gewichtloze, eenzame trap die je nooit zou kunnen betreden, tot de transparantie van de gekozen stoffen. Alles lijkt zo te kunnen vervliegen, als een efemere (kortstondige) herinnering. Do wil de herinneringen dolgraag bij zich houden. Hij maakt de stoffen constructies zelfs zo dat hij ze in een koffertje kan vervoeren en zich overal thuis kan voelen.

Bij de nylon installaties van zijn voormalige en huidige woningen komen juist de tussenruimtes aan bod. Gangen, trappen, entreehallen, het zijn ruimtes waar je eigenlijk nooit bij stilstaat. Ze worden enkel gebruikt om tot je bestemming te komen. Zo ziet Do ook het leven, als een aaneenschakeling van tussenruimtes waar we doorheen bewegen om tot ons doel te komen. Juist doordat hij er zoveel aandacht aan besteedt in zijn werk, worden die ruimtes weer speciaal. Een stopcontact, een scharnier, een sleutelgat: alles is prachtig gemaakt en tot leven gewekt. Het licht valt door de zorgvuldig genaaide transparante nylon gordijnen, muren, deuren en ramen. Je kunt door de gang lopen en in de kamers staan. Je kunt zelfs het zware slot van de voordeur met een spionnetje bekijken.

In tijden van globalisering en migratie is het belangrijker dan ooit om stil te staan bij de betekenis van individuele plekken. Wanneer voelen we ons thuis? Do's werk toont een behoefte om ruimte en identiteit in kaart te brengen. Dit komt voort uit zijn persoonlijke beleving van het steeds ontworteld raken en weer opnieuw hechten tijdens zijn vele migraties over de wereld. Zijn werken vertalen het continue onderweg zijn, het overschrijden van geografische grenzen, zonder er een gedachte aan te wijden, nomadisch en ontworteld.

Nieuwe tussenwerelden
Bij de fascinerende textiele nylonobjecten van Do moest ik gelijk denken aan glazen wanden. Een soortgelijke ervaring had ik eerder bij de in hars gegoten translucente deuren van Rachel Whiteread (1963). Zij maakt sculpturen die bestaan uit afgietsels van interieurdelen, waarbij de mal als sculptuur wordt gebruikt. Als materiaal kiest ze gips, was of rubber, maar ook hars, zoals bij de dubbelzijdig gegoten deuren. Door afdrukken van beide kanten van oude deuren te maken en er vervolgens transparante hars (in lichtblauw, groen of amber) tussen te gieten, ontstaat een nieuw beeld. De deur die normaliter functioneert als doorgang naar een andere ruimte, of bescherming biedt tegen invloeden van buitenaf, heeft haar functie verloren.

Door het leunen van de deur tegen de muur, ontstaat een nieuwe 'tussenwereld'. De translucente materialen geven een gevoel van openheid, terwijl de afdrukken van dwarsbalkjes en sloten getuigen van het menselijke gebruik. Hierdoor overstijgen de objecten hun functie als dagelijks gebruiksvoorwerp en worden het een soort monumenten. Zo vraagt Whiteread de toeschouwer opnieuw na te denken over de functie van alledaagse objecten, waar je wellicht nooit aandacht aan besteedde, maar waarvan je toch beseft dat die belangrijk zijn. Haar werk schept een moment van hapering, omdat er te midden van de stortvloed aan beelden ineens een vraagteken wordt opgeworpen dat ons aan het denken zet.

Ook Do Ho Suh laat ons even stilstaan en brengt ons zo op nieuwe gedachten, maar zijn aanpak is heel anders. Met zijn tactiele (tastbare) benadering probeert hij zijn persoonlijke installaties haast onzichtbaar te maken, terwijl de installaties van Whiteread generiek zijn. Ze vormen geen individuele ervaring, maar vertegenwoordigen een gedeelde ervaring van het alledaagse. Hoewel sommige van hun objecten (de badkuip, de radiator) hetzelfde onderwerp hebben, is de uitwerking compleet anders.

Do's badkuip is een blauwdruk van het object, het is bijna een röntgenfoto. Het gegoten werk van Whiteread is in wezen een badkuip met een deuk, op een blok gips. Het object lijkt nog steeds op een badkuip, maar er is een niet-functioneel aspect dat moeilijk te traceren is. Whiteread houdt zich bezig met hoe de ruimtes waarin we dagelijks functioneren ons beïnvloeden. Door de ruimte op zo'n manier te herscheppen, wordt deze vraag voor de kijker voelbaar en onvermijdelijk. Do's belangrijkste onderwerpkeuze is zijn eigen leefruimte. Die is monumentaal en poetisch tegelijk, een metafoor die je kunt laden met betekenissen.

Do Ho Suh, t/m 29 september 2019, Voorlinden museum & gardens, Buurtweg 90, Wassenaar. Website: www.voorlinden.nl.

Han de Kluijver is architect bna bni bnsp.

Terug naar boven