Okt. - nov. 2019, 14e jg. nr.4. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 
VOORKANT ACTUEEL ACHTERGROND AGENDA UITGELICHT ARCHIEF COLOFON 
voorpagina
artikel
recensies van tentoonstellingen

over kunst en
kunstenaars

actuele exposities
Nederland België
opmerkelijke
kunstberichten
artikelen uit  
vorige nummers

over Het Beeldende Kunstjournaal

 

Uitgelicht
Berichten van musea, andere kunstpodia en uitgeverijen, met aansprekende tentoonstellingen en nieuwe kunstboeken, voor u geselecteerd door de redactie.

Drents Museum: Barbizon van het Noorden

In de tentoonstelling Barbizon van het Noorden - De ontdekking van het Drentse landschap 1850-1950 presenteert het Drents Museum het werk van grote kunstenaars die de unieke eigenschappen van Drenthe op doek hebben vastgelegd. Kunstwerken van onder meer Israëls, Mesdag en Van Gogh laten de unieke eigenschappen van Drenthe zien. Voor deze expositie wordt samengewerkt met Stichting Het Drentse Landschap.

In de tentoonstelling Barbizon van het Noorden maak je een wandeling door het Drentse landschap rond 1900 en ontdek je allerlei bijzondere plekken in Drenthe.

 
Julius van de Sande Bakhuyzen (Den Haag 1835-Den Haag 1925), 'Rustende koeienhoeder aan oever van door bomen omzoomde waterkant', ongedateerd, olieverf op doek, © Drents Museum, schenking Stichting Vrienden van het Drents Museum.

Zoals de prachtige heidevelden, de hunebedden, de vele akkers en natuurlijk de schilderachtige Drentse dorpen. Schilderijen, grafieken en tekeningen van grote kunstenaars worden gepresenteerd in combinatie met nog niet eerder getoonde onbekende pareltjes uit de rijke collectie van het Drents Museum. De expositie biedt hiermee een grote diversiteit aan werken die samen het unieke karakter van Drenthe tonen.

Rond 1840 wordt de verftube uitgevonden. Vanaf dat moment is het voor schilders een stuk makkelijker om buiten te gaan schilderen. Het dorpje Barbizon in Frankrijk is de eerste plek waar kunstenaars zich in de 19de eeuw verzamelen om de natuur te gaan schilderen, veelal in de openlucht. Met snelle streken van hun penseel schilderen kunstenaars de boerenbevolking, wolkenluchten en woeste natuur. Drenthe vervult eenzelfde rol als Barbizon met kunstenaarsdorpen als Zweeloo, Rolde en Vries als verzamelplekken.

Barbizon van het Noorden is een bijzondere samenwerking tussen het Drents Museum en Stichting Het Drentse Landschap. Sinds de tijd van Van Gogh is het landschap in Drenthe voortdurend aan veranderingen onderhevig. De economische groei zorgde ervoor dat er steeds meer ruimte opgeofferd moest worden. Rond die tijd werden de eerste natuurorganisaties opgericht. In Drenthe was dat in 1934 Het Drentse Landschap. Met deze nieuwe stichting wilden men de laatste stukjes ongerepte natuur van de ondergang redden. 85 jaar later is de stichting hier nog steeds mee bezig.

Bij de tentoonstelling Barbizon van het Noorden verschijnt de gelijknamige publicatie, een uitgave van WBOOKS (Zwolle). Het boek kost € 22,95 en is verkrijgbaar in onze Museumshop. Dit boek is gebaseerd op het eerder verschenen boek De schilders van Drenthe.

Barbizon van het Noorden, 24 november 2019 t/m 22 maart 2020, Drents Museum, Brink 1, Assen. Website: https://drentsmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Kunstmuseum Den Haag: Monet - Tuinen van verbeelding

Wie kent ze niet: de wereldberoemde waterlelies van Claude Monet? Maar wie heeft deze kleurexplosies op doek in werkelijkheid gezien en zich verloren in de weerspiegelingen van Monets waterlelievijver, niet meer wetende waar water begint en lucht ophoudt? In Nederland vond de laatste grote tentoonstelling van Monet ruim 30 jaar geleden plaats. Een groot deel van zijn beroemde 'tuinen' is zelfs nog nooit in Nederland vertoond. Hoog tijd voor een groots eerbetoon.

In Monet - Tuinen van verbeelding worden maar liefst veertig internationale topstukken bijeengebracht. Monet schilderde ze ter voorbereiding op zijn magnum opus: de Grandes Décorations. Publiekslieveling Blauweregen uit de eigen collectie van het Kunstmuseum is het stralende middelpunt. Hiermee geeft het museum een vervolg aan het baanbrekende Monet retrospectief dat in 1952 in Kunstmuseum Den Haag (destijds Haagse Gemeente-museum) plaatsvond en waarmee het Kunstmuseum heeft bijgedragen aan de herontdekking van Monets oeuvre uit Giverny.

 
Claude Monet (1840-1926), 'Waterlelies', 1914-17, olieverf op doek, 166,1 x 142,2 cm, Fine Arts Museum of San Francisco.

Claude Monet (1840-1926) is tweeënveertig jaar oud wanneer hij in 1883 naar Giverny verhuist. In dit kleine dorp nabij Vernon zal hij tot aan zijn dood in 1926 blijven wonen. Hij legt er twee tuinen aan: een bloementuin en een watertuin met een waterlelievijver, waarbij hij zich laat inspireren door de traditionele Japanse tuin. Monet kiest bewust voor exotische planten als bamboe, waterlelies (op de wereldtentoonstelling van 1889 zag hij voor het eerst gekleurde waterlelies die bestand zijn tegen de Europese kou) en blauweregen. Boven het smalle deel van zijn vijver plaatst hij een karakteristieke Japanse brug.

In Giverny sluit Monet zich steeds meer af van de buitenwereld en stort zich op het verbeelden van zijn tuin. Tussen 1883 tot 1926 schildert hij honderden keren de reflecties op zijn waterlelievijver. Aanvankelijk staan deze schilderijen in de traditie van het impressionisme, maar na verloop van tijd hanteert Monet een steeds expressievere vormentaal. Hij negeert elke vorm van dieptewerking en de herkenbaarheid van het onderwerp is geen vereiste meer. Niet langer richt hij zich op de weergave van het vluchtige moment; Monets monumentale verbeeldingen van zijn tuin ademen een sfeer van tijdloosheid. Daarmee is deze periode niet alleen de meest productieve uit het zijn leven, in Giverny maakt Monet eveneens een belangrijke artistieke ontwikkeling door. De oude schilder, in de 19de eeuw baanbrekend vanwege zijn rol binnen het impressionisme, weet zich in de 20ste eeuw opnieuw uit te vinden.

Ter gelegenheid van de tentoonstelling verschijnt een catalogus in het Nederlands en Engels, met teksten van onder meer Benno Tempel, directeur Kunstmuseum Den Haag, Frouke van Dijke, conservator Kunstmuseum Den Haag en Marianne Mathieu, directeur Musée Marmottan Monet (Uitgeverij Hannibal, Nederlandse editie €24,95,- Engelse editie €32,50,-). In het Kinderkunstboek In de tuin van Monet van Kaatje Vermeire (Gent, 1981) verwelkomt Monet de lezer in zijn tuin. Het boek (ISBN 9789025878221) is voor € 15,99 verkrijgbaar in de museumwinkel en boekhandels in het land.

Deze tentoonstelling is georganiseerd met de uitzonderlijke steun van het Musée Marmottan Monet, Parijs.

Monet - Tuinen van verbeelding, t/m 2 februari 2020, Kunstmuseum Den Haag, Stadhouderslaan 41, Den Haag. Website: www.kunstmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Kunsthal Rotterdam: Meesterlijk! Vier eeuwen teken- en schilderkunst

Met de tentoonstelling 'Meesterlijk!' presenteert de Kunsthal Rotterdam vanaf zaterdag 7 december een groots overzicht van vier eeuwen schilderijen en tekeningen uit de collectie van Museum Boijmans Van Beuningen. De tentoonstelling laat in ruim 150 werken het meesterschap zien van 27 kunstenaars die in beide kunstvormen uitmunten.

Beroemde meesters als Rembrandt, Rubens, Van Gogh, Delacroix, Pissarro, Saenredam, Goltzius en Basquiat, maar ook werk van minder bekende kunstenaars waaronder de Nederlanders Cornelis Saftleven en Josephus Augustus Knip. 'Meesterlijk!' belicht de bijzondere wisselwerking tussen teken- en schilderkunst en toont de liefde van grote meesters voor het tekenen.

De kunstenaars zijn door gastcurator Friso Lammertse dwars door de eeuwen heen met elkaar verbonden en gegroepeerd. Soms ontstaat deze connectie vanuit kunsthistorisch perspectief, maar veel vaker is de manier waarop de kunstenaar zijn werk benadert het uitgangspunt.

 
Eugène Delacroix, 'Dansende Marokkaan', 1832.


Dit levert bijzondere combinaties op. Zoals Cuyp en Knip, beiden op zoek naar het Italiaanse licht. Of het onopgesmukte mensbeeld getoond door Rembrandt en Breitner. De bewogen, korte levens van Van Gogh en Basquiat en hun enorme belang voor de kunstgeschiedenis. De 'ondragelijke zwaarte van het bestaan' in de werken van Westerik en Beckmann. En Claude Lorrain, Barend C. Koekkoek, Jacoba van Heemskerck en Camille Pissarro die door hun landschappen met elkaar worden verbonden. Het werk van tekenaar, graveur en schilder Hendrick Goltzius (1558-1617) vormt in de tentoonstelling de opmaat naar de vele interessante samenvoegingen; hij is een van de eersten die tekenkunst als zelfstandige kunstvorm introduceert.

De tentoonstelling kent vele hoogtepunten en verrassingen en is een paradijs voor liefhebbers van teken- en schilderkunst. Niet alleen door het grote aantal werken, waarvan enkele – zoals de tekeningen van Basquiat – voor het eerst worden getoond, maar ook door de vele ontdekkingen die het publiek kan doen. De tekeningen lijken je dichter bij de kunstenaar te brengen en zijn vaak veel vrijer en intiemer dan de schilderijen die we van deze meesters kennen. Sommige kunstenaars die we zo nauw verbinden met hun schilderkunst, zoals de Franse schilder Jean Antoine Watteau, blijken bijna nog meer uit te blinken in hun getekende werken. Ook opvallend zijn de getekende bloemstillevens van Mondriaan, waarmee hij in een ander daglicht wordt gesteld. De tentoonstelling heeft een enorme reikwijdte en voert de bezoeker mee, van de danseres van Edgar Degas en het portret van de familie Lütjens van Max Beckmann tot aan de tekening van een jonge vrouw die Peter Paul Rubens aan het eind van zijn leven maakte.

De tentoonstelling maakt onderdeel uit van Boijmans bij de Buren, een stadsbreed project om de collectie van Museum Boijmans Van Beuningen tijdens de renovatie zichtbaar te houden.

Meesterlijk! Vier eeuwen teken- en schilderkunst, 7 december 2019 t/m 29 maart 2020, Kunsthal Rotterdam, Museumpark, Westzeedijk 341, Rotterdam, info 010-4400301. Website: www.kunsthal.nl.

Terug naar boven

 

BOZAR, Brussel: Keith Haring

Harings iconische stijl is herkenbaar in één oogopslag. De grote retrospectieve van deze legendarische Amerikaanse kunstenaar biedt de kans om zijn oeuvre, activisme en blijvende invloed te (her)ontdekken. Het chronologische en thematische parcours toont een breed palet van zijn kunstenaarspraktijk, met meer dan 85 tekeningen en schilderijen die worden aangevuld met video's, collages, posters, murals, archiefdocumenten. Het werk van Haring is ingebed in de (pop)cultuur van de jaren 80 en raakt aan maatschappelijke thema's die ook vandaag nog relevant zijn, zoals mensenrechten, AIDS/HIV, racisme, LGBTQI+, drugsverslaving.

 
Keith Haring Drawing Series January 1982, © Joseph Szkodzinski 2019.

Keith Haring was in de jaren 80 een unieke persoonlijkheid in de New Yorkse kunstscène. Hij speelde een cruciale rol in de alternatieve undergroundcultuur van zijn generatie. Zijn stijl is in één oogopslag herkenbaar dankzij de wederkerende iconische motieven zoals blaffende honden, kruipende baby's en vliegende schotels. Haring's schilderijen en tekeningen waren vaak politiek geladen en activistisch. Zijn inzet als hiv/aidsactivist is zijn meest essentiële erfenis, maar ook andere maatschappelijke kwesties trokken zijn aandacht. Zo nam hij deel aan nucleaire ontwapeningscampagnes, creëerde hij de beroemde Crack is wack muurtekening en ontwierp hij anti-apartheidsposters. Als openlijk homoseksuele man is hij tot op vandaag een LGBTQI+ boegbeeld.

In Haring's kunst duiken de meest uiteenlopende invloeden op: van abstracte schilderkunst, pop art, Egyptische hiërogliefen en kalligrafie, tot het werk van New Yorkse graffitikunstenaars en de Belgische kunstenaar Pierre Alechinsky. Zijn typische, schijnbaar spontane stijl roept de energie op van de eighties. In de tentoonstelling wordt de sfeer van die tijd tastbaar gemaakt met zeldzame archiefdocumenten, video's en foto's. De 'black light' installatie uit 1983 presenteert fluorescerende werken onder UV-licht met pompende disco en post-punk electro muziek. Bovenal wilde Keith Haring publieke kunst creëren, die een zo breed mogelijk publiek zou bereiken. Hij was bevriend en werkte samen met Andy Warhol en Jean-Michel Basquiat, die net als hij het verlangen deelden om hoge kunst en populaire cultuur te vermengen.

Keith Haring kwam verschillende keren naar België. Hij spendeerde de zomer van 1987 in Knokke, waar hij in het Casino een grote solotentoonstelling presenteerde. In die periode creëerde hij ook de grote muurschildering in de cafetaria van het M HKA Antwerpen. De carrière van Keith Haring was kort: op 16 februari 1990 stierf hij op 31-jarige leeftijd aan de complicaties van aids. Haring drukte met zijn kunst universele begrippen als geboorte, dood, liefde, seks, oorlog en mededogen uit. Zijn oeuvre is vandaag nog even relevant als toen het werd gemaakt.

Keith Haring, 6 december 2019 t/m 19 april 2020, BOZAR - Paleis voor Schone Kunsten, Ravensteinstraat 23, Brussel. Website: www.bozar.be.

Terug naar boven

 

Kunstmuseum Den Haag: Rob van Koningsbruggen, Schilderijen 2003-2019

Sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw krijgt Rob van Koningsbruggen (Den Haag, 1948) elk decennium een grote museale tentoonstelling. De laatste, een groot oeuvre-overzicht, vond plaats in Gemeentemuseum Den Haag (sinds oktober Kunstmuseum Den Haag) in 2002. Dit najaar maakt het museum in samenwerking met de kunstenaar een tentoonstelling die de jaren 2003-2019 beslaat. Veel schilderijen zijn voor het eerst te zien.

Van Koningsbruggen werkt doorgaans aan meerdere werken tegelijk: “Ik maak een schilderij en dan zie ik een vorm ontstaan. Dan gooi ik die vorm op een nieuw doek en ga ik daaraan verder. Dan laat ik het andere schilderij een halfjaar rusten. Soms heb ik tien schilderijen onder handen. Het zijn patiënten, hè, je moet ze beter maken. Dan heb ik opeens een kleur op mijn penseel zitten en kijk ik naar het andere schilderij en denk van, hé. Zo speel ik de schilderijen tegen elkaar uit.”

Gedurende zijn loopbaan grijpt hij steeds terug op motieven als de kegel, bol en kleurcirkel. En hoewel ze zonder symbolische betekenis zijn of verwijzing naar de werkelijkheid, zijn ze soms wel ontstaan uit natuurlijke, bestaande voorbeelden.

 
Rob van Koningsbruggen, 'Zonder titel', 2017, olieverf op doek, 110 x 80 cm, Gemeentemuseum Den Haag - langdurig bruikleen kunstenaar.

Zo is de recenter ontstane niervorm afgeleid van een blad, en lijken de waaierachtige niervormen op een vaas met bloemen.

De nieuwste 'schuifschilderijen' hebben een takkenmotief, als zonnestralen door gebladerte. De vergelijking met Mondriaan dringt zich hier op; meerdere van diens abstracte composities zijn gebaseerd op bomen, gevels of landschappen. Ook hierin komt de 'landschappelijk schilder' Rob van Koningsbruggen om de hoek kijken. Toch geeft Van Koningsbruggens werk zich niet makkelijk prijs. Het vraagt iets van de kijker. Wie zich erin vastbijt, zal ervaren dat de schilderijen nieuwe sensaties opleveren, inzichten. Telkens weer is het zien van een schilderij van Van Koningsbruggen een ervaring, eerst ben je uit het veld geslagen en vervolgens kruipt het onder de huid en krijg je het niet meer uit je hoofd. Tegelijkertijd toont het Gemeentemuseum een selectie tekeningen uit het oeuvre van Rob van Koningsbruggen uit de periode 1968-2002.

Bij de tentoonstelling verschijnt de catalogus 'Rob van Koningsbruggen Schilderijen 2003-2019', in het Nederlands en Engels, uitgegeven door Waanders & De Kunst, Prijs: € 24,95.

Rob van Koningsbruggen, Schilderijen 2003-2019, 8 november 2019 t/m 23 februari 2020, Kunstmuseum Den Haag, Stadhouderslaan 41, Den Haag. Website: www.kunstmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Kröller-Müller Museum: Het leven getekend

In de tentoonstelling Het leven getekend zijn veel zelden getoonde tekeningen, pastels en aquarellen uit de collectie van het Kröller-Müller Museum te zien. De werken geven een inkijkje in het leven in de late negentiende en begin twintigste eeuw. De tentoonstelling is te zien van 12 oktober 2019 tot en met 19 januari 2020.

De collectie van het Kröller-Müller Museum is wereldberoemd om zijn schilderijen van grote meesters als Vincent van Gogh, Pablo Picasso, Claude Monet, Piet Mondriaan en Georges Seurat. Maar de collectie is nog veel rijker.

 
Tentoonstelling 'Het leven getekend'. Foto: Marjon Gemmeke.

De tentoonstelling Het leven getekend toont een selectie van honderdvijftig werken uit de meer dan 4.500 tekeningen, pastels, aquarellen en prenten uit de periode 1850-1950.

De werken op papier van kunstenaars als Jozef Israëls, George Breitner, Bart van der Leck, Georges Seurat, Odilon Redon en Paul Signac laten het alledaagse leven zien. Mensen tijdens hun dagelijkse bezigheden, zoals de zwoegende vissers van Jan Toorop of de danseressen van Marius Bauer en Pablo Picasso, of juist op rustmomenten, zoals de in gedachten verzonken vrouwen van Suze Robertson en Charley Toorop. Het straatleven en het nachtleven zijn geliefde thema's in de aquarellen en houtskooltekeningen van Isaac Israels, Leo Gestel en Alexander Bogomazov.

Bij de tentoonstelling verschijnt het Tekenboek met twaalf uitdagende opdrachten en leuke tekentips. Voor iedereen die graag tekent of graag meer wil tekenen. Het Tekenboek is gratis verkrijgbaar in het museum. Op zaterdag 16 november 2019 en zondag 19 januari 2020 organiseert het museum een lezing als inleiding op de tentoonstelling.

Het leven getekend, t/m 19 januari 2020, Kröller-Müller Museum, Houtkampweg 6, Otterlo. Website: www.krollermuller.nl.

Terug naar boven

 

Fries Museum, Leeuwarden: Auke de Vries

Sinds 13 september is een tentoonstelling van Auke de Vries (Bergum, 1937) te zien in het Fries Museum in Leeuwarden. Met staande en hangende sculpturen en een selectie uit zijn persoonlijke beeldarchief krijgt de bezoeker inzicht in zijn werkproces. Auke de Vries is de winnaar van de Gerrit Bennerprijs 2019 voor zijn oeuvre.

'Kleine ontploffinkjes van kleuren en vormen, van metaal, karton, hout en ijzerdraad' noemde NRC Handelsblad het werk van Auke de Vries. De Vries is vooral bekend van zijn grote sculpturen in de openbare ruimte. Zijn werk is te vinden in heel Nederland en in steden als Barcelona, Berlijn, Bangkok en Parijs. Zo maakte hij in 1982 het iconische bijna tweehonderd meter lange 'Maasbeeld' bij de Rotterdamse Willemsbrug.

Op de derde verdieping van het museum in Leeuwarden is een atelierachtige situatie gecreëerd. De bezoeker wordt vanaf de trap op de derde verdieping tot in de tentoonstelling verwelkomd door een speelse verzameling van de hangende dynamische werken. Deze vormgeving is geïnspireerd op het atelier van de kunstenaar in Den Haag. Deels uit ruimtegebrek hangt het plafond van De Vries' zolderatelier vol met kleurrijke sculpturen.

 
Atelier van Auke de Vries. Foto: Piet Gispen.

Een lange vitrine in de tentoonstelling is gevuld door de dochter van Auke de Vries. Grafisch ontwerper Esther de Vries maakte een selectie uit het persoonlijke beeldarchief van haar vader. Met persoonlijke quotes, schetsen, knipsels en foto's worden de inspiratiebronnen uitgelegd en kijkt de bezoeker een inkijkje in het werkproces van de kunstenaar.

In 2000 krijgt Friesland voor het eerst een echt leger. Kunstenaar Auke de Vries bedenkt het leger, samen met theatermaker Hilde Mulder, in het kader van de manifestatie Simmer 2000. Tijdens deze feestelijke zomerreünie van Friezen uit de hele wereld moet het leger de gerepatrieerde Friezen 'beschermen'. Het leger krijgt veel publiciteit maar wordt niet door iedereen gewaardeerd. Op de eerste verdieping van het museum neemt het leger intrek in de tentoonstelling Friezen. Er zijn enkele kostuumdelen te zien, te midden van een selectie voorstudies.

Auke de Vries, sculpturen, t/m 5 januari 2020, Fries Museum, Wilhelminaplein 92, Leeuwarden. Website: www.friesmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Rijksmuseum Twenthe, Enschede: Fons Brasser. Berlin Geisterbahn

Van 1983 tot 1990 fotografeerde Fons Brasser de negenenvijftig in onbruik geraakte S-Bahnstations in toenmalig West-Berlijn. Negenenvijftig frontale opnamen van verkommerde stationsgebouwen en evenveel opnamen van de verlaten perrons erachter: monumenten van de Koude Oorlog, sporen van de Duitse geschiedenis. Fons Brasser schonk de serie Berlin Geisterbahn in 2009 aan Rijksmuseum Twenthe. Vanaf 9 november 2019, exact dertig jaar na de val van de Muur, wordt de complete serie voor het eerst getoond in Rijksmuseum Twenthe.

Berlin Geisterbahn was het eerste grote fotoproject van beeldhouwer en fotograaf Fons Brasser (Haarlem, 1944). De aanleiding voor de serie was een bezoek dat hij bracht aan de omgeving van het Reichssportfeld in West-Berlijn, waar in 1936 de Olympische Spelen plaatsvonden. Ooit vervoerde de S-Bahn dagelijks twee miljoen mensen, veertig treinen per uur, maar tijdens Brassers bezoek was het traject uitgestorven. De 'duistere ingang naar de perrons' en de 'eenzame, verwaarloosde spoorlijnen' prikkelden hem zozeer dat hij zich ging verdiepen in de geschiedenis van de S-Bahn.

Met de bouw van de Muur in 1961 werd ook het S-Bahnnet gescheiden. Oost- en West-Berlijn kwamen overeen dat Oost-Duitsland de exploitatie van het gehele net op zich zou nemen.

 
Fons Brasser, 'Berlin Geisterbahn - Wannseebahn Botanischer Garten, perron', 1983, foto. Collectie Rijksmuseum Twenthe.

Maar in 1980 brak er een loonstaking uit bij het West-Duitse S-Bahnpersoneel, waarop de Oost-Duitse autoriteiten een groot aantal van de in het westen gelegen stations sloten. Zo ontstonden de spooklijnen.

Met de grondigheid van een wetenschappelijk onderzoeker beet Brasser zich vast in de S-Bahn en de spooklijnen. Hij verzamelde talloze kaarten, plattegronden en andere documenten die met de geschiedenis van de S-Bahn te maken hadden. Zijn benadering bij het fotograferen van de verlaten stations was even systematisch. Van alle negenenvijftig stations maakte hij een opname van de ingang en een van de verlaten perrons. Steeds op dezelfde manier, bij bestaand licht en streng gekaderd. Vanuit de drang om te ordenen en om zijn onderwerp zo goed mogelijk te kunnen doorgronden.

Het doel van de serie Berlin Geisterbahn was aanvankelijk documentair. Maar de foto's zijn ook artistieke documenten van de Koude Oorlog. Ze tonen de sporen van de Duitse geschiedenis. Het feit dat het in november 2019 dertig jaar geleden is dat de Muur viel, is voor Rijksmuseum Twenthe aanleiding om de serie compleet te tonen. De tentoonstelling is te zien vanaf zaterdag 9 november en zal op zondag 10 november officieel geopend worden door Margriet Brandsma, journalist, auteur en van 2002 tot 2012 correspondent in Duitsland voor het NOS-journaal.

Fons Brasser. Berlin Geisterbahn, 9 november 2019 t/m 16 februari 2020, Rijksmuseum Twenthe, Lasondersingel 129 - 131, Enschede. Website: www.rijksmuseumtwenthe.nl.

Terug naar boven

 

Afrika Museum, Berg en Dal: Inspirerend Afrika, een continent vol diversiteit en dynamiek

Het Afrika Museum bij Nijmegen ondergaat de komende tijd een metamorfose: bij deze herpositionering komt er meer aandacht voor het hedendaagse Afrika. In de vernieuwde vaste opstelling, te zien vanaf 29 november, raken bezoekers geïnspireerd door het Afrika van het heden, verleden én de toekomst.

De vernieuwde vaste opstelling neemt bezoekers mee langs de diversiteit, dynamiek en complexiteit van dit continent: van onafhankelijkheids-bewegingen, migratie, handelscontacten met Nederland en wereldbeschouwingen tot aan populaire cultuur, kunst en design. Het museum belicht deze diverse thema's vanuit verschillende perspectieven aan de hand van de rijke, veelzijdige collectie, persoonlijke verhalen en interactives.

Met de opening is de eerste stap in de herpositionering genomen. Het museumpark en de overige zalen worden in fases op een later moment vernieuwd. De insteek van de nieuwe vaste presentatie is om een zo genuanceerd en divers mogelijk beeld van het continent te schetsen met de collectie van het museum.

 
Portret van Cheikh Amadou Bamba, Senegal, Assane Dione, 2003.

Het geeft een eigentijdse blik op Afrika en is toegankelijk voor een breed publiek. Inzicht wordt verkregen in de enorme dynamiek van het continent met 54 landen en meer dan 2000 verschillende talen. Naast de stem van de mensen van het Afrikaanse continent, staat ook de diaspora centraal. De presentatie maakt het rijke, maar ook complexe verleden van het continent meer inzichtelijk, waardoor meer begrip verkregen kan worden over gebeurtenissen die zich nu op het Afrikaanse continent afspelen.

De vernieuwde vaste opstelling bevat maar liefst 329 objecten, waaronder diverse topstukken. Naast de etnografische collectie, zoals de kleine goudgewichten, zilveren sieraden, prachtige kledingstukken en diverse kammen en kappersborden, is er ook moderne kunst te zien. Zoals 38 schilderijen uit de reeks 'De geschiedenis van Zaïre' van de Congolees Tshibumba Kanda Matulu. Deze werken (die gelezen kunnen worden als een stripverhaal) tonen zijn persoonlijke visie op de Congolese geschiedenis, van de pre-koloniale tijd tot aan midden jaren '70. De toonaangevende zwart/wit fotografie van Malick Sidibe uit Mali laat op indringende wijze het optimisme van jongeren na de onafhankelijkheid zien. De Malinese jeugd stelde zich open voor nieuwe (internationale) trends en sociale vrijheden, zoals rock&roll en bluesmuziek. De 'Masques bidons' van Romuald Hazoumé zijn verwant aan de maskertradities van West-Afrika, maar gemaakt van afvalmateriaal. Ook thema's als handel, religie, identiteit en verzet komen aan bod.

Vernieuwde vaste opstelling, vanaf 29 november 2019, Afrika Museum, Postweg 6, Berg en Dal. Website: www.afrikamuseum.nl.

Terug naar boven

 

La Boverie, Luik: Hyper Realism Sculpture

'Hyperrealisme' is een kunststroming die in de jaren 70 in de Verenigde Staten opdook. Het abstracte de rug toekeren en proberen om een nauwkeurige weergave van de natuur voor te stellen tot het punt dat de toeschouwers zich soms afvragen of ze te maken hebben met een echt lichaam. De hyperrealistische kunstenaar creëert een soms amusant, soms verstorend, maar steeds een betekenisvol kunstwerk.

Met een selectie van een vijftigtal hyperrealistische beeldhouwwerken van de grootste namen in de hedendaagse kunst (George Segal, Ron Mueck, Maurizio Cattelan, Berlinde De Bruyckere, Duane Hanson, John De Andrea…), geeft de expositie Ceci n'est pas un corps. Hyperrealism Sculpture een weergave van de evolutie van de menselijke gestalte van de jaren 1970 tot vandaag.

De titel van de expositie, uiteraard geleend van Magritte en zijn bekende pijp, is niet meer onschuldig dan de zijne. Wat is kunst, lijkt de kunstenaar te vragen aan de toeschouwer van zijn schilderij? Hoe gedetailleerd en hoe perfect mogelijk de contouren en de textuur gemodelleerd zijn naar het echte, wat is de omzetting ervan op het doek, zo niet de illusie van dit echte? Alsof de kunstenaar elke keer hij dichter bij de echte kwam, hij onder zijn gebaar kon wegglippen. En meer fundamenteel, heeft kunst de functie van verbeelding van de werkelijkheid?

 
Carole A. Feuerman, 'Catalina', 1981, © Carole Feuerman. Courtesy of the artist and Institute for Cultural Exchange, Tübingen.

De stad Luik en La Boverie zagen de unieke kans om deze expositie op hun kalender te zetten. Het is de laatste stop van een wereldtournee na het Museum voor Schone Kunsten in Bilbao (Spanje), het Museum voor Hedendaagse Kunst in Monterrey (Mexico), de National Gallery in Canberra (Australië) en de Kunsthal Rotterdam.

Hyper Realism Sculpture, Ceci n'est pas un corps, 22 november 2019 t/m 3 mei 2020, La Boverie, Parc de la Boverie, Luik (België). Websites: https://nl.laboverie.com | www.expo-corps.be.

Terug naar boven

 

Kröller-Müller Museum, Otterloo: Loes van der Horst. Tekeningen voor de ruimte

In Tekeningen voor de ruimte toont het museum tekeningen van Loes van der Horst. Zij begint haar carrière in de jaren zestig als textielkunstenaar. Al snel zoekt ze met haar werk de ruimte op. Naast constructies van gespannen lijnen en vlakken maakt zij tekeningen, waarvan er dertig te zien zijn in de tentoonstelling van 19 oktober 2019 tot en met 1 maart 2020.

In de jaren vijftig en zestig komt de textielkunst internationaal sterk in de belangstelling te staan. Loes van der Horst (Noordwijk, 1919-Amsterdam 2012) begint in deze periode met het weven van wandkleden. Ze schetst abstracte kleurcomposities, die ze uitvoert in de gobelintechniek, zodat het beeld niet wordt verstoord door de structuur van het weefsel. Aanvankelijk werkt ze met wol, hennep en linnen, maar deze traditionele en 'huiselijke' materialen worden na verloop van tijd vervangen door moderne synthetische vezels.

In 1973 installeert ze in de tuin van het Kröller-Müller Museum haar eerste driedimensionale werk:

 
Loes van der Horst, 'Rode vormen 1', 1992, potlood en verf op papier, 148 × 123 cm, schetsontwerp voor binnenplaats B.V.P. 1992 Leidschendam. Foto: Marjon Gemmeke.

een constructie van vier deels over elkaar gespannen zadelvormen van getwijnde netten. Ze noemt het werk Dulobita, ontleend aan de naam van een prehistorisch insect met twee overlappende dekschilden. Dulobita is het begin van een onderzoek naar driedimensionaal werk. Hierin werkt ze de essentie van haar vroegere weefsels, de spanning tussen horizontale en verticale lijnen, verder uit.

Een lange reeks opdrachten in de openbare ruimte volgt voor monumentale, ruimte-omspannende constructies van gespannen lijnen en vlakken. Daarnaast ontstaan tekeningen op groot formaat en met een grote ruimtelijkheid: met slechts enkele elkaar doorsnijdende lijnen en vlakken weet Loes van der Horst een driedimensionale wereld te suggereren. Ook op het platte vlak is ze een ruimtelijk kunstenaar.

In de decennia vanaf de jaren tachtig van de vorige eeuw verwerft het Kröller-Müller Museum een reeks werken op papier van Loes van der Horst. Na haar dood wordt een grote groep tekeningen geschonken door haar beide zoons. Loes van der Horst blijft tot op het laatst van haar lange leven zeer actief. In december 2019 zou ze honderd jaar zijn geworden.

Loes van der Horst. Tekeningen voor de ruimte, 19 oktober 2019 t/m 1 maart 2020, Kröller-Müller Museum, Houtkampweg 6, Otterlo. Website: www.krollermuller.nl.

Terug naar boven

 

Kunsthal Rotterdam: Daniël van de Ven. Voor altijd Rotterdam

De tentoonstelling 'Voor altijd Rotterdam' laat beelden zien van het naoorlogse Rotterdamse havenleven, vastgelegd door fotograaf Daniël van de Ven (1929). Als fotojournalist legt Van de Ven tussen 1947 en 1971, vaak in opdracht van de Holland-Amerika Lijn, vele belangrijke momenten vast. Van oorlogsbruiden die na de bevrijding in 1945 naar hun geliefdes in Canada trekken tot aan de bouw van de s.s. Rotterdam (1956-1959). Ook laten zijn foto's vertrekkende landverhuizers op zoek naar meer geluk aan de andere kant van de wereld zien en het komen en gaan van mensen op bezoek in Rotterdam. Kijkend door de lens van Van de Ven komt de Rotterdamse haven van de vorige eeuw tot leven.

Een selectie van ruim dertig foto's – zwartwit en een aantal in kleur – laat een overzicht zien van 25 jaar werk van Daniël Van de Ven. Met een zwak voor de romantiek van de haven geniet hij van de wereld tussen water, land en schepen. De Wilhelminakade is als een tweede thuis voor hem, waar hij veel tijd spendeert. Doelgericht gaat Van de Ven te werk om het leven in de haven op een intieme manier in beeld te brengen. Niet alleen in de haven maar ook aan boord legt hij momenten vast van reizende passagiers en (on)gewone gebeurtenissen.

 
Foto © Daniël van de Ven.

Mannen die hun familie uitzwaaien aan de reling en uitgelaten vrouwen die niet kunnen wachten om herenigd te worden met hun geliefdes. Elke foto heeft zo zijn eigen verhaal. Sommige foto's spreken boekdelen, terwijl andere beelden een mysterieuze weergave zijn van het havenleven. De verhalen achter deze foto's worden onthuld in de tentoonstelling door middel van enkele audiofragmenten, ingesproken door Van de Ven.

Daniël van de Ven (1929) is opgegroeid in Delfshaven, Rotterdam, als zoon van een Rotterdamse zeeman. Tijdens de Tweede Wereldoorlog schiet Van de Ven zijn eerste foto's en krijgt daarna de smaak te pakken. In 1947 studeert hij af aan de Fotovakschool in Den Haag, waarna hij aan het werk gaat als gediplomeerd fotojournalist en lid wordt van de Nederlandse vereniging van Fotojournalisten. Eerst werkt hij voornamelijk voor kranten, maar gaat later aan de slag voor grote bedrijven zoals de Holland-Amerika Lijn. Evenzeer werkt Van de Ven voor scheepswerven in het Rijnmondgebied en de Koninklijke Rotterdamsche Lloyd. Hij is zijn leven lang trouw gebleven aan Rotterdam, waar zijn carrière vele hoogtepunten kent. Op negenentachtig-jarige leeftijd beheert Van de Ven actief zijn archief, een waar levenswerk bestaande uit circa 65.000 negatieven.

De Holland-Amerika Lijn, opgericht in 1873, is een oer-Hollandse rederij die is uitgegroeid tot een van de grootste ter wereld. De rederij heeft vele emigranten, toeristen en verschillende soorten ladingen vervoerd. Tegenwoordig is de Holland-Amerika Lijn in handen van een Amerikaanse onderneming, gevestigd in Seattle en functionerend als een cruise-maatschappij.

Bij de tentoonstelling verschijnt het boek 'Voor altijd Rotterdam. Daniël van de Ven', gepubliceerd door uitgeverij Scriptum. Prijs €29,99. ISBN: 978 94 6319 193 7.

Daniël van de Ven. Voor altijd Rotterdam, 19 oktober 2019 t/m 26 januari 2020, Kunsthal Rotterdam, Museumpark, Westzeedijk 341, Rotterdam, info 010-4400301. Website: www.kunsthal.nl.

Terug naar boven

 

Panorama Mesdag, Den Haag: Louis Apol op Nova Zembla

Panorama Mesdag brengt een avontuurlijke expeditie naar Nova Zembla, in beeld gebracht door de negentiende-eeuwse kunstenaar Louis Apol. Het is voor het eerst sinds 1955 dat zoveel 'reiswerken' bijeen te zien zijn. In 1880 nam de Haagse kunstenaar Louis Apol (1850-1936) deel aan een wetenschappelijk expeditie naar Nova Zembla. Hij verbleef vier maanden aan boord van de poolschoener Willem Barents een maakte een spectaculair beeldverslag. De reis inspireerde hem zijn verdere leven.

Louis Apol was de bekendste schilder van winterland-schappen uit zijn tijd. De reis naar Nova Zembla bood hem de ultieme kans om de meest bijzondere ijsformaties en desolate, besneeuwde landschappen van heel dichtbij te bestuderen en in beeld te brengen. Vanaf het schip kon hij prachtige reflecties van het licht op het ijs en de sneeuw vastleggen. Met de tentoonstelling Louis Apol op Nova Zembla toont museum Panorama Mesdag een selectie unieke potloodtekeningen, schetsen en aquarellen die Apol tijdens deze avontuurlijke reis maakte.

 
Louis Apol, 'Een verlaten schip, ingevroren in het ijs', 1880, Rijksmuseum Amsterdam.

Door de ogen van dit ongewoon bemanningslid, ervaart de bezoeker zelf de avontuurlijke expeditie naar Nova Zembla; een unieke inkijk in het leven aan boord van de poolschoener en in het werkproces van de kunstenaar. Ook is er aandacht voor de bijzondere dieren, mensen en natuurverschijnselen die hij onderweg tegenkwam.

Het thema past bij het negentiende-eeuwse karakter van het museum. Net als de grondlegger van museum Panorama Mesdag, Hendrik Willem Mesdag, behoorde Apol tot de Haagse School en schilderde hij het Nederlandse landschap in een losse penseelstreek, met aandacht voor de weergave van licht en atmosfeer. Daarbij inspireerde de reis Apol in 1896 tot het maken van een panoramaschilderij. Vijftien jaar eerder had Mesdag zijn Panorama van Scheveningen geschilderd. Apol en Mesdag werden zo directe concurenten van elkaar. Apols panorama was jarenlang met veel succes te zien in het Panoramagebouw in Amsterdam.

Louis Apol op Nova Zembla, t/m 1 maart 2020, Panorama Mesdag, Zeestraat 65, Den Haag. Website: www.panorama-mesdag.nl.

Terug naar boven

 

Wereldmuseum Rotterdam: Dossier Indië

Op dinsdag 1 oktober 2019 werd de tentoonstelling Dossier Indië - anders kijken naar koloniale fotografie in aanwezigheid van gastconservator Thom Hoffman, fotograaf Stacii Samidin en Wereldmuseum directeur Stijn Schoonderwoerd officieel geopend door minister Van Engelshoven van Onderwijs Cultuur & Wetenschappen.

De foto's en beeldfragmenten in de tentoonstelling Dossier Indië van gastconservator Thom Hoffman en die van de Rotterdamse fotograaf Stacii Samidin in Merdeka laten een unieke verzameling zien over de geschiedenis van koloniaal Indonesië tot 1949 en de koloniale erfenis van Indonesië en Nederland vandaag de dag.

Het Wereldmuseum vroeg Thom Hoffman als gastconservator voor de tentoonstelling Dossier Indië. De bekende acteur, fotograaf en documentairemaker verdiept zich al meer dan 25 jaar in de geschiedenis van Nederlands-Indië. De tentoonstelling toont de geschiedenis van het gekoloniseerde Indonesië en laat zien hoe er door fotografen bewust én onbewust een mythisch beeld van de kolonie is gecreëerd.

Deze vroegste foto's schetsen een droombeeld van een prachtig Indië. Maar gaandeweg veranderen de foto's van karakter en ontstaat er een scherper beeld van de maatschappelijke verhoudingen. Het perspectief verschuift van de Nederlandse kolonialen naar de gekoloniseerde Indonesiërs.

 
Jongen, © Museum Bronbeek

Stacii Samidin heeft roots in Indonesië en maakte in opdracht van het Wereldmuseum de fotoserie Merdeka, waarvoor hij naar Indonesië reisde. Met het Wereldmuseum kijkt Samidin verder dan het jaar 1949. Merdeka, dat vrijheid/onafhankelijkheid betekent, is een persoonlijke reflectie op de koloniale erfenis die hij aantreft in het Indonesië en het Nederland van vandaag de dag.

Wereldmuseum is een museum over mensen en geeft samen met het Afrika Museum, Tropenmuseum en Museum Volkenkunde vorm aan de missie: inspireren tot wereldburgerschap. De collecties bevatten 450.000 objecten van over de hele wereld, die stuk voor stuk een menselijk verhaal vertellen. Deze verhalen gaan over universele thema's zoals vieren, geloven, rouwen, vechten of versieren. Ze laten zien dat we op de verschillen na hetzelfde zijn: mens.

Dossier Indië - anders kijken naar koloniale fotografie, t/m 14 mei 2020, Wereldmuseum, Willemskade 25, Rotterdam. Website: www.wereldmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Zeeuws Museum, Middelburg: Wonderkamers

Zaterdag 5 oktober opent het Zeeuws Museum de nieuw ingerichte Wonderkamers voor publiek. Op de zolder van het museum vormen de Wonderkamers een wereld in het klein. In drie kabinetten worden meer dan 200 Zeeuwse en exotische voorwerpen tentoongesteld. Elk object met een eigen geschiedenis, een eigen verhaal.

In de Wonderkamers staat de relatie tussen kunst en wetenschap centraal. Alle voorwerpen zijn ooit verzameld, gemaakt en/of gebruikt door bekende en minder bekende Zeeuwen. Zo is er een stapeltje in leer gebonden boeken te zien, dat een kastje blijkt te zijn waarin preparaten van vlinders worden bewaard. Ook is er een maanwijzer die in 1783 ontworpen is door Henricus Schortinghuis, een predikant uit Koudekerke, die de omloop van de maan om de aarde bestudeerde.

De Wonderkamers dagen bezoekers uit om buiten de kaders te denken, op een andere manier te kijken en vragen te stellen. De kamers nodigen uit stil te staan bij het ontwerp van de Chinese dekselvaas, maar ook bij het productieproces van porselein. Hoe moeilijk is het om zo'n vaas van meer dan een meter hoog heel uit de oven te krijgen? En wat is bijvoorbeeld het verhaal achter het hersenkoraal?

 
Dekselvaas met vogel Feng Huang in famille rose, China, 1750-1800, Qingdynastie, Qianlong (1736-1795) / Jiaqing (1796-1820) (porselein, glazuur) Zeeuws Museum, collectie Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Fotograaf: Ivo Wennekes.

Beeldend kunstenaar Pepijn van den Nieuwendijk (Cirque de Pepin) werkte mee aan de nieuwe inrichting van de Wonderkamers. Zijn gedetailleerde, surrealistische muurschilderingen (meer dan 100 m2) lijken afkomstig uit een fantasiewereld, geïnspireerd op objecten die in de Wonderkamers te zien zijn.

Wonderkamers, vanaf 5 oktober 2019, Zeeuws Museum, Abdij (Plein), Middelburg. Website: www.zeeuwsmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Het Utrechts Archief: Utrecht begint hier

De Utrechtse geschiedenis komt tot leven in de volledig vernieuwde Expo van Het Utrechts Archief. Hier kunnen bezoekers de Utrechtse geschiedenis zien, horen, ruiken en beleven. Van de werfkelders tot de Domtoren en van het eerste fietspad tot het grootste station van Nederland. In 'Utrecht begint hier' maken bezoekers en bewoners in maar liefst vier nieuwe tentoonstellingszalen kennis met de Utrechtse geschiedenis.

'Utrecht begint hier' laat zien hoe Utrecht al tweeduizend jaar Gelooft, Werkt, Durft, Verbindt, Leert en Viert. Historische Utrechters als heldin Trijn van Leemput en de molenaar van Molen de Ster komen op magische wijze tot leven en nemen je mee op een virtuele reis door de Utrechtse geschiedenis.

 
Pandhof van de Dom in Utrecht. Foto: Rob den Boer.

Ontdek de typisch Utrechtse verhalen van de eerste vrouwelijke student, die haar colleges van achter een gordijn moest bijwonen, de roerige geschiedenis van muziekpaleis Tivoli en de allereerste Lowlands in de Jaarbeurs. Naast de hoogtepunten uit de geschiedenis van stad en provincie verzamelde het archief verhalen van Utrechters van nu zoals Claudia de Breij, Roberto van ijssalon Roberto Gelato, burgermeester Jan van Zanen, Tony Junior en vele andere Utrechters. Kom langs en hoor de Utrechtse geluiden, ruik de Utrechtse geuren en deel jouw eigen Utrechtse verhaal.

De typisch Utrechtse verhalen in de tentoonstelling worden geïllustreerd door bijzondere vondsten waarvan sommige nog niet eerder tentoongesteld zijn. Zoals de bijna 500 jaar oude hoofdpoortscharnier van kasteel Vredenburgh, mogelijk gemaakt door Theo Poort. Ook zie je onder andere het bekende Tivoli-shirt van Eddie Vedder, een bruikleen van Erik Mans/TivoliVredenburg, en het glas in lood van het schip van de Domkerk dat in 1674 werd verwoest is en dat het archief in bruikleen heeft gekregen van Erfgoed gemeente Utrecht in samenwerking met DOMunder. Chantal Keijsper, directeur van Het Utrechts Archief is dan ook zeer trots op het resultaat: “In onze nieuwe tentoonstelling maakt de bezoeker kennis met de Utrechter van toen en nu, en verwijzen we naar andere interessante verhalen en collecties buiten onze deuren. Hiermee worden we nog meer dan voorheen het startpunt om het Utrechtse verleden te ontdekken.”

Utrecht begint hier, doorlopend, Het Utrechts Archief, Hamburgerstraat 28, Utrecht. Website: https://hetutrechtsarchief.nl.

Terug naar boven

 

It Damshûs, Nij Beets: Winterkunst – VERLOST

Naar aanleiding van het Domela Nieuwenhuisjaar, waarin het honderd jaar geleden is dat Ferdinand Domela Nieuwenhuis overleed, organiseert Kunst in Opsterland het 'Winterkunst'-evenement VERLOST in It Damshûs op 28, 29 en 30 december 2019.

Ferdinand Domela Nieuwenhuis was een sterke voorvechter voor de rechten en betere omstandigheden van de arbeiders rond 1900 en werd in Opsterland door de veenarbeiders gezien als Ús Ferlosser.

In de schamele houten huisjes op het terrein van het openluchtmuseum It Damshûs in Nij Beets kun je je vooral in de winter voorstellen in welke erbar-

 
Campagnebeeld 'Verlost!'

melijke toestand de grote arbeidersgezinnen moesten leven. De combinatie van het Domela Nieuwenhuisjaar en de locatie was voor de werkgroep Kunst in Opsterland de aanleiding om met het thema VERLOST een mooi Winterkunst- evenement te organiseren. Na een oproep in het kunstenaarsblad BK-informatie verdiepten verschillende kunstenaars uit het hele land zich in de persoon van Domela en in het leven van de veenarbeiders. Er is uitdrukkelijk gekozen voor installatie- en performancekunst, omdat deze vormen (in de gemeente Opsterland) niet gauw aan bod komen. Tijdens het Winterkunst-evenement zullen in de huisjes en op andere locaties op het terrein van It Damshûs elf verschillende kunstprojecten van kunstenaars of kunstenaarsduo's rond het thema VERLOST te zien zijn.

De geselecteerde kunstenaars zijn: Jaap de Ruig (videoprojecties); Joris Collier en Gerdie de Jong (performance); Sigrid Hamelink (installatie); Odette Muijsers (eetkunst); Pat van Boeckel (video); Marcella Kuiper (installatie); Saber Mikael (levenskunstwerk); Raimond Evers (machinesculptuur); Leontine Lieffering (grote tekening); Miranda Keizer (installatie); Ank van Engelen (installatie).

Winterkunst – VERLOST, It Damshûs, Domela Nieuwenhuisweg 59b, Nij Beets, op 28, 29 en 30 december 2019, 14:00 tot 20:00 u. Gratis rondleidingen en alle dagen korte lezingen over Domela Nieuwenhuis. Websites: www.kunstinopsterland.nl | http://damshus.nl.

Terug naar boven

 

Ireland Glass Biennale 2019

Het National College of Art and Design (NCAD) organiseert een tentoonstelling met werk van 's werelds meest innovatieve glaskunstenaars, ontwerpers en ambachtslieden. Door de actualiteit van de hedendaagse glaspraktijk te tonen, wil de Ireland Glass Biennale het creatieve potentieel van glas vergroten en als katalysator fungeren voor culturele activiteiten rond glas. De Ireland Glass Biennale werd samengesteld door Reino Liefkes, senior-curator en hoofd Keramiek & Glas bij het Victoria and Albert Museum in Londen; Diane C. Wright, curator Glas & Design bij het Toledo Museum of Art in Ohio (VS) en Paula Stokes, kunstenares en mede-oprichter van de METHOD gallery in Seattle (VS).

 
David Chatt, 'Brownie camera'. Foto Gert Renkin.

De Ireland Glass Biennale 2019 is van 24 oktober 2019 t/m 5 januari 2020 te bezichtigen in de Coach House Gallery, Dublin Castle Gardens. De tentoonstelling is dagelijks geopend van 10:00 tot 17:00 uur. De Ireland Glass Biennale wordt mede gefinancierd door Het National College of Art and Design en met een bijdrage van de Europese Unie in de vorm van een Creative Europe-project: Imagining Sustainable Glass Network Europe (ISGNE). Dit project omvat vier partners (uit de UK, Duitsland, Letland en Ierland), die samenwerken met 33 aangesloten organisaties in negentien Europese landen. ISGNE heeft een looptijd van vier jaar, met als zwaartepunt 2021, waarin een dynamisch programma wordt gepresenteerd met culturele evenementen, workshops, tentoonstellingen en publicaties rond glas. Uit Nederland is Han de Kluijver aanwezig en uit België Gert Renkin.

Ireland Glass Biennale 2019, t/m 7 januari 2020, The Coach House Gallery, Dublin Castle, Ierland. Website: https://irelandglassbiennale.wixsite.com.

Terug naar boven

 

Kunstkamer Vaassen: Yvonne Struys, Hans Bode en Wim Adema

T/m 29 februari 2020 is in de Kunstkamer Vaassen een tentoonstelling te zien met werk van de beeldend kunstenaars Yvonne Struys, Hans Bode en Wim Adema.

Yvonne Struys laat op deze expositie een mooie combinatie zien van haar beeldende werk, waaronder de indringende tekst van 'Miserere', die bij de muziek hoort van de componist Vyautus Miškinis (Litouwen, 1954). Deze tekst is op een zeer groot doek geschreven en binnen de grondvorm van de kathedraal van Chartres geplaatst. Een oud gedicht van William Langland (ca. 1330-ca.1400), genaamd 'Het veld vol mensen', is door Yvonne Struys in het oude handschrift op twee grote verticale panelen herschreven, met drukinkt op geschept papier. Verder exposeert zij ook gouaches die in IJsland gemaakt zijn. Het zijn beelden van een donker landschap en sneeuwstormen. Haar inspiratiebronnen zijn oude histories, talen en culturen.

Hans Bode toont onder meer vier grote zerkafdrukken, waarvoor hij een oude en niet bruikbare zerk als beelddrager mocht gebruiken. De 'nieuwe' zerken hebben nu een geheel nieuwe beeldtaal gekregen, waarop afbeeldingen van zwarte vissen, voeten en een groot varenblad te zien zijn. De kleine sculptuur 'Bird' is verrassend in zijn abstracte vorm en valt op door het gebruik van verschillende (natuur)materialen.

 
Yvonne Struys, ‘Miserere’

Er zijn ook een groot aantal lino's van hem aanwezig, gedrukt op handgeschept papier. Met drie objecten uit de serie 'Buildings' laat Hans Bode ook nieuw ruimtelijk werk zien. Bijzonder boeiend zijn de broches van handgeschept papier die in kleine vitrines liggen.

Wim Adema exposeert in de Kunstkamer geheel nieuw werk. In zijn oorspronkelijke fotowerk (serie 'Nature') was de natuur zijn inspiratiebron. Later werden fotobeelden hiervan samengevoegd in de serie 'Double Images'. Met dood bloem- en plantenmateriaal ontstond hierna de serie 'Dead Flowers'. Bij het fotograferen van dit materiaal kwamen de oude kleurpigmenten weer tevoorschijn. Met acrylverf is opnieuw een element van aantasting in het fotobeeld aangebracht. In het drieluik 'Herfst' hebben de fotobeelden een atmosfeer van vergankelijkheid gekregen.

Yvonne Struys, Hans Bode en Wim Adema, t/m 29 februari 2020 Kunstkamer Vaassen, hoekpand ter Heerdtspad 14/Torenstraat (ingang), Vaassen, elke zaterdag van 13.00-16.00 uur of op afspraak via tel. 0578-617989. Website: www.kunstkamer-vaassen.blogspot.com.

Terug naar boven | LEES OOK DE KUNSTAGENDA

Inhoud


Barbizon van
het Noorden,
24 november 2019
t/m 22 maart 2020,

Drents Museum
,
Assen

Monet - Tuinen van verbeelding,
t/m 2 februari 2020, Kunstmuseum Den Haag

Meesterlijk!
Vier eeuwen teken-
en schilderkunst,
7 december 2019
t/m 29 maart 2020,
Kunsthal Rotterdam

Keith Haring,
6 december 2019
t/m 19 april 2020,
BOZAR - Paleis voor Schone Kunsten,
Brussel

Rob van Koningsbruggen, Schilderijen 2003-2019, 8 november 2019
t/m 23 februari 2020,
Kunstmuseum Den Haag

Het leven getekend,
t/m 19 januari 2020, Kröller-Müller Museum, Otterlo

Auke de Vries, sculpturen,
t/m 5 januari 2020,
Fries Museum, Leeuwarden

Fons Brasser.
Berlin Geisterbahn,
9 november 2019
t/m 16 februari 2020,
Rijksmuseum Twenthe, Enschede

Vernieuwde vaste opstelling, vanaf
29 november 2019,
Afrika Museum,
Berg en Dal

Hyper Realism Sculpture, Ceci n'est pas un corps, 22 november 2019
t/m 3 mei 2020,

La Boverie, Luik (B)

Loes van der Horst. Tekeningen voor
de ruimte,
19 oktober 2019
t/m 1 maart 2020,
Kröller-Müller Museum, Otterlo

Daniël van de Ven.
Voor altijd Rotterdam,
19 oktober 2019
t/m 26 januari 2020,
Kunsthal Rotterdam

Louis Apol op Nova Zembla,
t/m 1 maart 2020,

Panorama Mesdag,
Den Haag

Dossier Indië - anders kijken naar koloniale fotografie,
t/m 14 mei 2020, Wereldmuseum, Rotterdam

Wonderkamers,
vanaf 5 oktober 2019, Zeeuws Museum, Middelburg

Utrecht begint hier, doorlopend,
Het Utrechts Archief

Winterkunst – VERLOST, 28, 29 en 30 december 2019, It Damshûs, Domela Nieuwenhuisweg 59b, Nij Beets

Ireland Glass Biennale 2019,
t/m 7 januari 2020,
The Coach House Gallery, Dublin Castle, Ierland

Yvonne Struys, Hans Bode en Wim Adema,
t/m 29 februari 2020 Kunstkamer Vaassen