Mrt. - mei 2020, 15e jg. nr.1. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 

CRUX: hedendaagse schilderkunst uit Leipzig

Met de expositie CRUX presenteert Museum de Fundatie de komende maanden een nieuwe generatie schilders uit Leipzig: Martin Kobe, Mirjam Volker, Robert Seidel en Titus Schade. Zij kregen hun opleiding aan de bekende Hochschule für Grafik und Buchkunst in Leipzig. Kobe was een Meisterschuler van Arno Rink, terwijl Volker, Seidel en Schade als Meisterschüler bij Neo Rauch studeerden. De tentoonstelling Crux vormt een groot overzicht van hun schilderkunst.

Door Wim Adema

De historische stad Leipzig kent een lange geschiedenis als kunstencentrum. Muziek, literatuur en schilderkunst vormden ook een onderdeel van het kunstleven in de voormalige DDR. Werner Tübke, Wolfhang Mattheuer en Bernard Heisig hadden in die tijd als schilders een grote invloed. In de DDR-periode werd het figuratief schilderen als een staatsopdracht gezien. De abstractie en het conceptuele uit het Westen bleven lang onbekend in de toenmalige DDR. Neo Rauch (1960) was de eerste beeldend kunstenaar die na de val van het DDR-regime voor een nieuwe schilderkunst in Leipzig zorgde en tevens internationale aandacht kreeg. Ook de eerder genoemde schilders Tübke, Mattheuer en Heisig kregen nieuwe mogelijkheden. Van deze drie schilders organiseerde Museum de Fundatie in 2017 een grote tentoonstelling.

CRUX
Het woord CRUX vormt in deze expositie de verbinding tussen de vier exposanten. Het kruis, een X, strekt zich uit naar vier richtingen, die elkaar in het centrum van het X weer ontmoeten. Kobe, Volker, Seidel en Schade voelen zich in hun werk verbonden door hun betrokkenheid bij architectuur en gebouwen. Ook hun vakmanschap en figuratieve verbeeldingskracht verbindt hen. Daarom wordt deze nieuwe schildergeneratie uit Leipzig onder de naam Crux in Museum de Fundatie gepresenteerd.

Martin Kobe (Dresden, 1973) schildert met acryl op canvas en wordt geïnspireerd door architectuur, open ruimtes en interieurs. In zijn werk krijgen de bouwelementen van grote gebouwen een nieuwe betekenis. De vele perspectieflijnen en verdwijnpunten zorgen voor onverwachte visuele gezichtspunten en een indringende futuristische stadsbeleving. In zijn schilderverbeelding raken werkelijkheid en droom elkaar aan en ontstaan utopische stadsbeelden. In een groot schilderij uit 2011 (Zonder titel, 70 x 90 cm, acryl op doek) zie ik een zachtblauw geschilderd centrum met wegdraaiende fragmenten van gebouwen, die een transparante en organische dynamiek laat ontstaan. De vele verdwijnpunten versterken dit beeld en laten een onbereikbare utopische stad zien. Glas en staal zorgen toch voor een eigentijdse beeldtaal. Kobe roept met dit schilderij een geheel nieuw ruimtelijk perspectief op, maar laat ook een herkenbare verbinding zien met een eigentijdse architectuur. Zijn composities vertoeven echter op de grens van de realiteit en fictie en zorgen voor visuele verwarring. De schilderkunst van Kobe is zeer verfijnd van penseelstreek, met veel aandacht voor detaillering, beeldtaal en imaginaire kleurtonen. Op onverwachte momenten maakt hij met zijn verf echter avontuurlijke bewegingen en ontstaan verontrustende abstract geschilderde kleurvlakken op het canvas.

In de schilderijen van Mirjam Volker (Bann, 1977) worden kleine, bouwvallige hutten, soms in het bos of op het strand, overwoekerd door chaos en vernietiging. Deze hutten zijn opgebouwd uit afvalmateriaal en tonen een wankele en onveilige woonplaats. Lange lianen of wortels en takken van bomen slingeren om de restanten van uitgeleefde en verlaten ‘woningen’. Haar schilderijen roepen een desolate sfeer op en geven weinig hoop voor leefbaarheid. Op een indringende manier wordt de kijker geconfronteerd met het einde van een stadsbestaan, het nergens meer kunnen wonen, zoals in het schilderij ‘Bann‘ uit 2015, (acryl op doek, 180 x 220 cm). Hierop komen wortels uit de grond, die nog een laatste dynamiek van groei laten zien en vanuit een zwart open raam met takken en bladeren alsnog op zoek zijn naar ruimte en licht. Witgroen geschilderde bladeren geven een suggestie van aantasting, te weinig licht en doodgaan. Donkere aarde vormt een laatste houvast voor een wankel gebouwde hut, die gefundeerd is op dunne verticale rietstroken. Op de rechterkant van het schilderij verzacht een lichtroze lucht de dramatiek aan de linkerkant van het doek.

Mirjam Volker maakt ook monumentale tekeningen met houtskool (Kohle und Bindemittel) die voor indrukwekkende, bijna fotografische composities zorgen. Deze tekeningen zijn met een onwaarschijnlijke precisie gemaakt, maar kennen eenzelfde desolate atmosfeer als haar schilderijen. Bleekgrijze kleurtonen bieden weinig ruimte voor een andere toekomst. Haar schilderijen tonen een grote betrokkenheid en zorg voor mens en milieu.

Op de schilderdoeken van Robert Seidel (Grimma, 1983) ervaar ik een complexe maar een vlak geschilderde on-dynamische wereld, die met ei-tempera op het doek is gezet. Hij maakt zijn verf zelf, schetst niet vooraf en brengt de verf laag voor laag aan op het doek. Hierdoor ontstaat een vervreemdend effect en een zekere mate van afstand. In zijn schilderstreek ontbreekt de dynamiek van een plotselinge kleurbeweging, de rimpeling van een verfkleur, maar tegelijk zie ik heldere en ruimtelijke composities. Het schilderij 'Player, Triptychon' uit 2015-2017 is een monumentaal doek, geschilderd in drie delen en heeft een formaat van 190 x 740 cm. Het laat het aanzicht zien van een moderne hoogbouwstad, die is opgedeeld in losstaande bouwfragmenten, die weer zijn opgebouwd uit zeer kleine bouwstenen. Dit werk heeft een zeer organische en monumentale vorm gekregen. Zeer kleine menselijke figuren lopen en springen door gangen en straten. Talrijke stadssymbolen roepen eveneens een levendig stadsbeeld op. Op de achtergrond van het schilderij is een grote sterrenhemel te zien.

In andere schilderijen van Robert Seidel kunnen op onverwachte plaatsen auto’s en motoren tevoorschijn komen, die een verbinding vormen met een eigentijdse wereld. Het schilderij 'Forum Romanum' (2016) laat echter een beeld zien van een oude klassieke stad met lichtgrijze pilaren en restanten van ruïnes. Het is mooi vlak geschilderd en heeft een perspectief met veel diepte. Op de achtergrond van het doek heeft Robert Seidel een grote moderne stad geschilderd, waardoor een dubbelbeeld is ontstaan tussen verleden en heden.

Titus Schade (Leipzig, 1984) werkt met olieverf en acrylverf op doek. De formaten van zijn schilderijen zijn wisselend. Op een speciale manier wordt de architectuur van geschilderde huizen, vaak met een vakwerkstructuur, door een scherp contrast tussen licht en donker weergegeven. Sommige schilderijen tonen een nachtelijke wereld waarin huizen met een voor- en zijkant aanwezig zijn, zoals 'Das Wolkenhaus' uit 2019, dat door helderwitte en lichtbruine kleuraccenten een zeer sterke compositie is geworden. Wit licht onder bomen en maanlicht versterken in een zwarte achtergrond de witte voor- en zijkant van het huis. Zeer donkergroen geschilderde bomen en de helderwitte maan geven het schilderij ook een romantische uitstraling. Op de voorgrond staan half afgesneden kleine, abstract geschilderde kleine struiken die vervreemdend werken. In het werk van Titus Schade zijn de composities vaak opgebouwd uit decors. Hierdoor ontstaat een imaginaire en surreële atmosfeer.

De vrijwel identiek geschilderde schilderijen 'Der Kiosk' (2012) en 'Der grosse Kiosk' (2018), die in de museumzaal naast elkaar hangen, zorgden bij mij voor een visuele confrontatie. Beide composities zijn namelijk op vrijwel dezelfde plaats in het donker geschilderd. Toch zijn er opmerkelijke kleine verschillen te zien. De perspectieflijn aan de voorzijde verloopt anders in het schilderij uit 2018. Deze is horizontaal langgerekter van vorm en heeft aan de zijkant van de kiosk meer diepte gekregen. Ook de vormelementen van het vakwerk kregen sterkere accenten en laten de lichtcontrasten scherper uitkomen. Het naast elkaar presenteren van deze schilderijen nodigt veel bezoekers uit om de verschillen te ontdekken. Het zijn toch twee autonome schilderdoeken geworden. In het schilderij 'Die Landschaft' (2018) geven impulsief geschilderde donkere wolkenpartij een dreigend accent boven een laag geschilderd vredig landschap. Het is abstract geschilderde donkergrijze onrust geworden.

CRUX als kruispunt
Met deze bijzonder grote expositie geeft Museum de Fundatie ruimte aan een nieuwe generatie schilders. Het is een tentoonstelling geworden waarin de vier schilders een fraai en breed palet kunnen laten zien van hun verrassend nieuwe schilderkunst en tegelijk een verbinding realiseren met de tijd waarin zij leven. Het is niet verwonderlijk dat vanuit de historische kunststad Leipzig de schilderkunst nieuwe impulsen heeft gekregen, wat te ervaren is in het werk van Martin Kobe, Mirjam Volker, Robert Seidel en Titus Schade. Nu in CRUX als kruispunt.

Crux – Schilderijen van Martin Kobe, Mirjam Völker, Robert Seidel en Titus Schade, t/m 5 mei 2020, Museum de Fundatie, Blijmarkt 20, Zwolle. Website: www.museumdefundatie.nl.

De mooi verzorgde catalogus, met hoogwaardige fotografie van de geëxposeerde werken, bevat interessante inleidingen over de vier kunstenaars. Directeur Ralph Keunig van Museum de Fundatie heeft een introductie geschreven. Leonie Pfennig gaat dieper in op de geschiedenis van CRUX.

Wim Adema is beeldend kunstenaar en fotograaf en publiceert regelmatig artikelen over beeldende kunst in diverse media.