Sept.-okt. 2021, 16e jg. nr.1. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 

Bernardine de Neeve-prijs 2022
Het ambacht verdient een plek in ons moderne denken

In de periode 4 november 2021 t/m 9 januari 2022 wordt voor de negende maal de Bernardine de Neeve-prijs* uitgereikt. Deze prijs is een stimulans voor glaskunstenaars die de grens opzoeken tussen kunst, ambacht en design.

Door Han de Kluijver

De onvoorspelbare manier waarop glas zich gedraagt tijdens de uitvoering is specifiek voor het medium. Kunstenaars voelen zich aangetrokken tot het contrasterende gevoel dat glas kan oproepen. Glas biedt oneindig veel mogelijkheden om vorm, licht, textuur en ruimte te onderzoeken. Op conceptueel niveau kan glas een maatschappelijke boodschap overdragen, of juist heel persoonlijke gevoelens verbeelden. Toch is de teneur in de huidige discussies over de toekomst van glaskunst vaak negatief: het aantal opleidingsmogelijkheden zou teruglopen, net als het aantal galeries en musea dat glaskunst tentoonstelt. Door het verdwijnen van glasfabrieken in Europa en de sterke afname van (technische) opleidingen, staat het ambacht bovendien onder druk. Het aantal glasblazers is de laatste tien jaar achteruit gegaan en zicht op verandering is er niet.

Zeker nu veel ontwerpers en kunstenaars glas hebben ontdekt als medium om hun ideeën vorm te geven, is dit een ongewenst scenario. We zien dan ook overal kleinschalige opleidingen ontstaan, die ervoor moeten zorgen dat bijvoorbeeld het ambacht van glasblazer niet uitsterft. Maar er is ook hoop. Glaskunstenaars zijn ware globetrotters die de wereld bereizen om op allerlei plekken met glas te kunnen werken en deel te nemen aan symposia, evenementen en tentoonstellingen. Kunst, en zeker glaskunst, opent grenzen. Juist kunstenaars denken en kijken over die grenzen heen.

De Bernardine de Neeveprijs kan worden gebruikt om het hedendaagse glas in Europa te promoten, omdat het winnen van de prijs Europese glaskunstenaars de gelegenheid geeft te laten zien hoe ze hun ambacht levend houden. Een eerste stap zou kunnen zijn om naast Nederland en België ook Duitsland bij de prijs te betrekken.

Noodzaak voor vernieuwing
Die verbreding is nodig. Naarmate de 21ste eeuw zich verder ontvouwt, is het namelijk van cruciaal belang om een nieuw publiek te verleiden. Kunnen we glaskunst 'herdefiniëren' door progressie te tonen op een intellectueel en visueel overtuigende manier? En zo ja, hoe zou dat kunnen?
De sleutel zou wel eens kunnen liggen bij het ambacht. Als het ambacht wordt beschouwd als een onderdeel van de culturele en creatieve industrie, wordt design een belangrijk element om het ambacht op te waarderen. Ook in de ambachtelijke sector is de vraag naar goed ontworpen producten van fundamenteel belang om het behoud en de valorisatie (waardebepaling) ervan te garanderen.

Op academies, in musea en in galerieën ligt tegenwoordig een grote nadruk op het leren denken, het vormen van concepten. Historische kennis en het volgen van voorbeelden liggen niet langer aan de basis van het ontwerpen. Eigen inzichten, individuele ideeën en de persoonlijke expressie staan voorop. Het resultaat is dat de vernieuwing van het ambacht en het denken over materialen en technieken soms ontbreken. Het waarderen van verandering en vernieuwing boven traditie en ervaring heeft zich ook sterk in de ontwerpwereld gemanifesteerd. Het zogenoemde 'out of the box' – denken en innovatie staan hoger aangeschreven dan traditie, ambacht, materiaalkennis en onderhoud. Aandacht voor ervaring en de ontwikkelingen op de langere termijn, ontbreekt op deze manier. Ervaring is zelfs verdacht, omdat het gelijk staat aan vastgeroest zijn in oude gewoontes.

Die trend werd in de jaren zestig van de vorige eeuw in gang gezet. Het establishment veranderde van voorbeeld in vijand. Deze omwenteling is zo krachtig geweest dat we tot op de dag van vandaag de 'eeuwige jeugd' idealiseren en het 'ouder' worden vooral zien als een tekortkoming, in plaats van als vergaring van wijsheid en ervaring. Waar de jeugd ooit gezien werd als een voorstadium van volwassenheid, kreeg ze vanaf het midden van de twintigste eeuw op allerlei manieren een belangrijke en zelfstandige rol toegedicht. Revolutionaire omwentelingen zoals de studentenopstand van mei 1968 en de flower power-beweging werden door de jeugd in gang gezet, die zich afzette tegen de generatie van hun ouders. Ook de commercie ontdekte de jeugd als doelgroep, wat de verering van verjonging en vernieuwing verder versterkte.

Daarbij zorgde de omwenteling in de jaren zestig er ook voor dat alle autoriteit verdacht raakte, waardoor het onmogelijk werd om een autoritair hiërarchische structuur als het meester-leerling-principe te handhaven. Zo werd de meester-leerling relatie doorbroken. Er ontstond ook een overwaardering van authenticiteit en eigenheid, zonder het langere voortraject van een ambachtelijk proces, geleerd van een meester, in de traditie van het vak. Maar de generatiekloof waar de jaren zestig-revolutie een gevolg van was, bestaat niet langer. Ook de oudere generatie is nu continu bezig zich eenzelfde radicaliteit aan te meten als de jongere generaties. Hiermee lijkt iedereen op hetzelfde niveau te opereren: puur op individuele basis, zoekend naar eigen ideeën, authenticiteit en een eigen stijl.

Het probleem van versnippering
Het voordeel van deze vrijheid is ook duidelijk: in plaats van binnen een strak omlijst kader te moeten ontwerpen, kunnen verschillende tradities op losse wijze aan elkaar worden gekoppeld om tot iets nieuws te komen. Die vrijheid moeten we koesteren, want nieuwsgierigheid is immers fundamenteel voor ons bestaan. Maar zijn we nu, meer dan vijftig jaar na de 'summer of love', niet vastgeroest geraakt in ons idee van vernieuwing? Draait de nadruk op vernieuwende concepten en op authenticiteit niet slechts om herkauwde ideeën verpakt in steeds wolliger woorden?

Laten we de vernieuwing niet alleen zoeken in het conceptuele, maar ook in de technieken en in de materialen, zodat het creatieve proces weer echt betekenis krijgt. Op deze manier kunnen ontwerpers en kunstenaars zich te midden van maatschappelijke ontwikkelingen plaatsen, zoals duurzaamheid en digitalisering, en een nieuwe relevantie opeisen. Laten we veel meer inzetten op het vernieuwen van het ambacht, zodat ook de techniek en de kennis meegenomen worden in de 21e eeuw. Anders hebben we straks alleen nog een eindeloos in herhaling vallende reeks goede ideeën, in steeds gebrekkiger uitvoering.

De Bernardine de Neeve-prijs
Kunstenaars creëren vanuit hun ambachtelijke werk volop kansen voor innovatie, kijken anders naar dingen en zoeken andere oplossingen. De ontwerper daagt de industrie uit om grensverleggend te werken. Op deze manier plaatsen kunstenaars zichzelf te midden van de vernieuwing, en niet erbuiten door enkel over concepten en persoonlijke expressie na te denken.

De Bernardine de Neeveprijs* van de Vereniging van Vrienden van Modern Glas (VVMG) is dan ook een uitstekende gelegenheid om deze discussie te voeden en om te laten zien wat glaskunstenaars vandaag de dag inspireert en beweegt om met glas te werken. Kunstenaars zijn gevraagd werk in te sturen dat kan bijdragen aan de ontwikkeling van glas als artistiek expressiemedium, dat krachtig en nieuw is, en de grenzen opzoekt tussen kunst, ambacht en design. In het beste en meest interessante werk zal het concept perfect afgestemd zijn op de formele aspecten van het werk en de mogelijkheden van het medium.

De jury heeft in eerste instantie uit dertig inzendingen elf inzendingen geselecteerd. Het werk van de elf geselecteerden is tot 20 maart 2021 tentoongesteld in het Nationaal Glasmuseum in Leerdam. Tijdens deze tentoonstelling heeft de jury drie kunstenaars (Jenny Ritzenhoff, Judith Roux en Nataliya Vladychko) genomineerd om nieuw werk te maken voor de definitieve keuze. De genomineerden krijgen ieder een bijdrage van € 2.000,- voor het maken van dat werk. Van 4 november 2021 t/m 9 januari 2022 presenteren de genomineerden zich met dit nieuwe werk, aangevuld met oudere werken, in Museum JAN in Amstelveen. Tijdens die tentoonstelling wijst de jury de winnaar van de Bernardine de Neeve Prijs 2022 aan. (De winnaar ontvangt een cheque van € 5.000,-).

Han de Kluijver, voorzitter de Bernardine de Neeveprijs 2015, 2018 en 2021


*De Bernardine de Neeve-prijs is in 1990 in het leven geroepen door de Nederlandse Vereniging van Vrienden van Modern Glas en is een eerbetoon aan de eerste hoofdconservator kunstnijverheid van Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam, mevrouw Bernardine de Neeve (1915-1996). Zij was vanaf de late jaren vijftig conservator kunstnijverheid van het genoemde museum en uit hoofde van die functie verantwoordelijk voor het verzamelbeleid. Al snel legde zij zich niet alleen toe op de traditionele antieke en historische gebruiksvoorwerpen, maar vanaf 1960 richtte zij haar aandacht vooral op de eigentijdse kunstnijverheid. In 1986 was De Neeve een van de grondleggers van de Vereniging van Vrienden van Modern Glas. De prijs is in 1990 in het leven geroepen ten behoeve van de artistieke ontwikkeling van glaskunstenaars uit Nederland en België. De prijs wordt in 2022 voor de negende maal uitgereikt aan een kunstenaar die een vernieuwende en verrassende kijk heeft op glas en dit op artistieke grondslag promoot, waarbij glas als beeldend materiaal een essentieel onderdeel vormt in het gehele oeuvre.

Han de Kluijver is architect bna bni bnsp.