Dossier achtergrond: Glaskunst. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 
terug
 

Memphis is back, less is bore

In het Nationaal Glasmuseum Leerdam is van 18 maart t/m 1 juli 2016 een tentoonstelling te zien met glasobjecten van Ettore Sottsass uit de collectie van The Gallery Mourmans uit Lanaken, België. Niet eerder werd in Nederland een overzichtstentoonstelling georganiseerd met het glaswerk van Sottsass. In de tentoonstelling zijn verschillende unieke stukken opgenomen, afkomstig uit een privécollectie die niet toegankelijk is voor publiek.

Door Han de Kluijver

Ettore Sottsass (1917-2007) is in Nederland vooral bekend als de leidende figuur van de Memphis Design Group. Hij was niet alleen architect, maar vervaardigde ook gebruiksvoorwerpen zoals meubels, lampen, keramiek en glas. Met deze tentoonstelling wil het Nationaal Glasmuseum een hommage brengen aan deze markante man, die radicaal in zijn opvattingen en in zijn vormentaal was, buiten kaders kon denken en bijzondere glasobjecten heeft vervaardigd. De meningen over de Memphis Design Group waren vroeger zeer verdeeld. Mogelijk zal deze tentoonstelling ook bij jongere generaties tot nieuwe inspirerende discussies leiden.

Postmodernisme
Na de Tweede Wereldoorlog werden in razend tempo woningen, kantoren en fabrieken uit de grond gestampt; meestal in de stijl van het modernisme met een vormgeving zonder versiering. Er was in die tijd weinig kritiek op de dominantie van het modernisme. De aanhangers gingen ervan uit dat het modernisme bijdroeg aan de verbetering van de wereld. In de jaren zestig en zeventig kwam daar verandering in. Het optimisme van de moderne periode maakte plaats voor een meer pessimistische houding, waarbij begrippen als waarheid, authenticiteit en ratio in twijfel werden getrokken.

Er ontstond verzet tegen autoriteiten en het principe 'less is more' (Mies van der Rohe) van het modernisme. In de jaren zestig was in Amerika de consumptiemaatschappij als eerste in opkomst en werd de bevolking snel welvarender. Traditionele samenlevingsvormen raakten in ontbinding. Zelfontplooiing en hedonisme werden dominante waarden. Daarbij werd beeldtaal steeds belangrijker en die begon tekst te verdringen. Het tijdperk van het postmodernisme brak aan. De postmodernisten gingen uit van pluralisme en relativering. Geen grote verhalen meer, geen uniciteit, maar complexiteit, cultuurrelativisme en verschillende fragmentarische visies op de werkelijkheid. Alles was mogelijk, er kon gekopieerd, geciteerd, gerecycled en gestolen worden.

In de jaren '70 en '80 werd het postmodernisme de overheersende stijl in de Verenigde Staten, waarbij historische verwijzingen naar vroegere bouwstijlen werden verwerkt in nieuwe architectuur. De vroegere stijlen werden door elkaar gebruikt en vermengd. Businessparken en winkelcentra, maar ook kleinere gebouwen verrezen in deze stijl. Omdat de stijlelementen uit de historische context werden gehaald, kwam de vormgeving veelal ironisch over. Dit sloeg door naar kitsch toen het postmodernisme door de entertainmentindustrie werd omarmd, denk aan sommige gebouwen in Las Vegas, of de themaparken van Walt Disney door Michael Graves. Deze postmodernistische stroming in de architectuur werd om zijn neiging naar overvloed in Nederland altijd een beetje verguisd.

Europa
In Europa is het postmodernisme veel later tot ontwikkeling gekomen, met het accent meer op de stedenbouw. Dit uitte zich in romantische wijkjes met een hang naar het verleden. Op kastelen geïnspireerde woningbouw, zoals in de wijk Haverleij in Den Bosch en het Circus van Sjoerd Soeters in Zandvoort. Toch was er eind jaren tachtig al veel kritiek op het postmodernisme. De ontwikkeling van technologie en vernieuwing moest centraal komen te staan. Het postmodernisme leidde tot vervlakking en verveelde.

De toekomst was aan de 'fuck the context'-architectuur en andere super modernistische architecten, zoals Rem Koolhaas. Maar juist in deze periode begon het postmodernisme in Nederland aan een ongekende bloei. Er werden talrijke woonwijken als vestingstadjes, compleet met grachtjes en traditionele huizen gebouwd. Ook het Groninger museum (1994) van Mendini was een van de eerste grote afspiegelingen in ons land. Natuurlijk heeft ook het postmodernisme in de jaren negentig door de opkomst van het internet en de overgang van een productiemaatschappij naar een kennismaatschappij een belangrijke verschuiving gekend.

Memphis design
Al in de jaren '60 en '70 ontstonden een aantal Italiaanse 'antidesign' bewegingen, zoals Archizoom, Soperstudio en Studio Alchimia. In 1981 richtte Ettore Sottsass Memphis Design op, een Italiaanse designgroep die een nieuwe postmoderne ontwerpfase inluidde. Niet de functie van het product stond centraal, speelsheid en gevoelswaarden werden leidend. Als reactie op 'form follows function' kwam de stelling: 'vorm volgt emotie'.

Deze groep keerde terug naar lokale, historische stijlen en waarden. Omdat zij hoge cultuur wilden combineren met de populaire cultuur, werd de naam Memphis gekozen (de hoofdstad van het oude Egypte, maar ook de geboorteplaats van Elvis Presley). Een poëtischer versie van dit verhaal wil dat de naam ontleend is aan het nummer 'Stuck inside of Mobile with the Memphis blues again' van de in 1966 uitgebrachte, prachtige dubbel LP 'Blonde on Blonde' van Bob Dylan. Het nummer werd eind december 1980 op de bijeenkomsten van de groep grijs gedraaid.

Flirten met vormen
Het herkenbare, uniforme design van de Memphis Group is kleurrijk, zorgeloos, speels en bewust naïef, geïnspireerd op speelgoed, films en strips. Binnen een ontwerp werden altijd verschillende vormen gecombineerd, denk aan een stoel met een ronde en een rechthoekige armleuning, een cirkelvormige rug en een driehoekige zitting. De onderdelen leken willekeurig op elkaar gestapeld. Ook werd geflirt met vormen en materialen, die voorheen het toonbeeld van kitsch waren.

Memphis predikte een creatieve bandeloosheid, waarin een kast geen kast meer hoefde te zijn en je jezelf niet voor plastic marmer hoefde te schamen. Formica was een favoriet materiaal, net als andere kunststoflaminaten. Met schijnbaar dure kitschmaterialen of goedkope hoogwaardige stoffen werd de toeschouwer op het verkeerde been gezet.

Memphis was met zeer groot succes deelnemer aan de eerste Salone del Mobile in 1981, de meubeldesignbeurs in Milaan. Memphis creëerde een mengelmoes van art deco, kitsch en popart. Deze radicale aanpak bracht een waar schokeffect teweeg. Binnen onafzienbare tijd was de Memphis Group een echt 'eighties' fenomeen. Critici omschreven de kleurrijke meubels en objecten als 'liefdesbaby's uit een verhouding tussen Bauhaus en Fisher Price'. Er zit iets in, maar dan wel in de vrolijk makende en recalcitrante zin van het woord. Sottsass verliet de groep in 1985. Drie jaar later hield de beweging op te bestaan.

Het antidesign van Sottsass
Ettore Sottsass (1917-2007) werd in Innsbruck geboren, studeerde architectuur in Turijn en trad hiermee in de voetsporen van zijn Italiaanse vader. Na de Tweede Wereldoorlog verhuisde hij naar Milaan om samen met hem aan sociale woningbouw te werken. Ook vervaardigde hij in die tijd op ambachtelijke wijze huishoudelijke producten. In 1947 opende hij zijn eigen studio voor architectuur en design.

In 1954 ging hij bij de Amerikaanse ontwerper George Nelson werken, waar hij kennis maakte met de industriële cultuur. Gegrepen door consumptiedrift en massaproductie, besloot hij zich eenmaal terug in Italië toe te leggen op industrieel vervaardigde producten. In 1958 kwam hij in dienst bij Olivetti, waar hij twintig jaar lang aan het hoofd stond van de designafdeling. Hier gaf hij mede vorm aan de draagbare Valentine typemachine. Deze iconische 'anti-machine' met popart uiterlijk van glimmend rood plastic, betekende waarschijnlijk zijn doorbraak.

Door zijn reizen naar India in de jaren zestig, destijds mode onder hippies, raakte hij gefascineerd door rituele objecten. Het versterkte zijn opvattingen over wat vormgeving moest inhouden. De symbolische waarde van een product en niet de functionaliteit werd maatgevend in zijn eigen ontwerpen. Dit anti-design manifesteerde zich in Studio Alchymia (1979). Sottsass vond in het najaar van 1980 dat studio Alchymia te theoretisch was en teveel in de laboratoriumfase bleef hangen. Hij en vele andere ontwerpers, zoals Hans Hollein, Michael Graves en Michele De Lucchi wilden juist meubels ontwerpen die geproduceerd en verkocht zouden worden en niet slechts bij het prototype bleven steken. Zo werd in 1981 de Memphis Group opgericht.

Na deze periode heeft Sottsass met zijn studio Sottsass Associati vele designprojecten gedaan en gebouwen ontworpen. Hij omarmde andermaal de architectuur en ontwierp vele spraakmakende woonhuizen, zoals het huis van de familie Mourmans in Lanaken. Sottsass Associati bestaat nog steeds en is onder andere verantwoordelijk voor het vernieuwde vliegveld Malpensa in Milaan.

Han de Kluijver is architect bna bni bnsp.

Terug naar boven