Mrt. - mei 2026, 21e jg. nr.1. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 
VOORKANT ACTUEEL AGENDA UITGELICHT ARCHIEF COLOFON 
voorpagina
artikel
recensies van tentoonstellingen actuele exposities
Nederland België
opmerkelijke
kunstberichten
artikelen uit  
vorige nummers

over Het Beeldende Kunstjournaal

 

Uitgelicht
Berichten van musea, andere kunstpodia en uitgeverijen, met aansprekende tentoonstellingen en nieuwe kunstboeken, voor u geselecteerd door de redactie.

Kunsthal Rotterdam: Signac, Symphony of Colours

In het najaar van 2026 presenteert Kunsthal Rotterdam een indrukwekkend overzicht van Paul Signac (1863–1935), de meester van het neo-impressionisme. Aan het eind van de negentiende eeuw ontwikkelt hij, voortbouwend op het werk van Georges Seurat, een schilderwijze waarin stippen en korte penseelstreken samen een ritmische symfonie van kleur vormen: het pointillisme. De tentoonstelling biedt een diepgaande kennismaking met Signacs werk, in een omvang die zelden in Nederland te zien is. Daarnaast belicht Symphony of Colours hoe Signacs invloed doorwerkt in de schilderkunst van zijn tijdgenoten. Bezoekers volgen Signacs ontwikkeling aan de hand van levendige havengezichten, kleurrijke landschappen en zorgvuldig gecomponeerde portretten.

 
Paul Signac, 'Le Port au soleil couchant, Opus 236' (Saint-Tropez), 1892, olie op doek, 65 x 81.3 cm. Hasso Plattner Foundation, Potsdam.

Een van de hoogtepunten vormt het zonovergoten Le Port au soleil couchant, Opus 236 (1892). Ook is Le port de Rotterdam (1907) te zien, gemaakt tijdens zijn verblijf in Nederland. Tegelijkertijd krijgt zijn sleutelrol binnen het neo-impressionisme vorm: niet alleen als schilder, maar ook als schrijver, ambassadeur, verzamelaar en mentor. Signac begeleidt jonge kunstenaars, organiseert tentoonstellingen en speelt een actieve rol in de internationale verspreiding van het neo-impressionisme. Zijn artistieke invloed reikt tot kunstenaars in heel Europa. In de tentoonstelling zijn schilderijen te zien van onder anderen Lucie Cousturier, Henri-Edmond Cross, Curt Herrmann, Maximilien Luce, Camille Pissarro, Théo van Rysselberghe, Jeanne Selmersheim-Desgrange, Georges Seurat en Jan Toorop.

In Signac. Symphony of Colours brengt de Kunsthal ruim zeventig bruiklenen van toonaangevende musea en particuliere collecties samen, waaronder het Musée d'Orsay in Parijs, het Art Institute of Chicago, het Van Gogh Museum in Amsterdam, Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam en de Archives Signac in Parijs. De tentoonstelling komt tot stand in nauwe samenwerking met Museum Barberini in Potsdam, bekend om zijn indrukwekkende collectie (neo-)impressionistische schilderijen.

Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerde Engelstalige catalogus met nieuwe essays van onder anderen Marina Ferretti Bocquillon, co-auteur van de catalogue raisonné over Signac, en Charlotte Hellman Cachin, achterkleindochter van Signac en directeur van de Archives Signac in Parijs.

Signac, Symphony of Colours, 24 oktober 2026 t/m 28 februari 2027, Kunsthal Rotterdam, Westzeedijk 341, Rotterdam, info 010-4400301, www.kunsthal.nl, openingstijden: dinsdag t/m zondag 10.00 - 17.00 uur.

Terug naar boven

 

Singer Laren: Suzanne Perlman

Sinds 11 februari 2026 kunt u in Singer Laren kennismaken met de Hongaars-Nederlandse kunstenaar Suzanne Perlman (1922–2020). Op Curaçao ontwikkelt zij een eigen beeldtaal: levendig van kleur, expressief van toets en altijd met aandacht voor het dagelijkse leven en de mensen om haar heen. Ze laat een groot – en vrijwel onbekend – oeuvre na. Singer Laren presenteert een veelzijdige selectie: van haar vroege, expressieve schilderijen op Curaçao tot haar latere abstract-expressionistische periode. Het is de eerste solotentoonstelling in Nederland over haar leven en werk in meer dan vijftig jaar.

Suzanne Perlman, geboren als Suzanne Sternberg, groeit op in een artistiek Joods gezin in Boedapest. Op zeventienjarige leeftijd trouwt ze met de Nederlandse graanhandelaar Henry Perlman. In 1939 verhuist het jonge echtpaar naar Rotterdam, maar hun verblijf is van korte duur. Drie dagen voor het bombardement op Rotterdam in mei 1940 vluchten ze voor de nazi's via Parijs naar Curaçao, waar Perlman uiteindelijk meer dan vijftig jaar blijft wonen.

 
Suzanne Perlman, 'Zelfportret', 1956, olieverf op doek op karton, 50 x 40 cm. The Estate of Suzanne Perlman. Foto: Justin Piperger.

Op het eiland schildert ze haar eerste expressionistische landschappen en intieme portretten. Deze getuigen van een diepe betrokkenheid met de Curaçaose omgeving en gemeenschap waarin ze leeft.

In de jaren vijftig en zestig zoekt Perlman naar artistieke verdieping. Ze studeert aan Columbia University en de Art Student League in New York, en aan de Escuela de Bellas Artes in San Miguel de Allende in Mexico. Daarnaast volgt ze lessen bij de expressionistische kunstenaar Oskar Kokoschka in Salzburg, die haar later uitnodigt om in zijn atelier te komen werken. Perlmans internationale opleidingen stimuleren haar verdere ontwikkeling in vorm en kleur. Ze experimenteert met figuratie en abstractie. De Amerikaanse en Europese abstract-expressionistische invloeden zijn duidelijk aanwezig in haar geabstraheerde schilderijen met krachtige kleurvlakken en zelfverzekerde penseelstreken.

In 1961 neemt Perlman deel aan de Koninkrijkstentoonstelling in het Curaçaosch Museum in Willemstad, waar hedendaagse kunstenaars uit Nederland, Suriname en het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden voor het eerst samen te zien zijn. Met de tentoonstelling hopen de rijksdelen de onderlinge verbondenheid zichtbaar te maken en toekomstige culturele samenwerking te stimuleren. Juist op een moment waarop Nederland vreest haar invloed in deze gebieden te verliezen. Perlman exposeert er onder andere naast Chris en Lucilla Engels, Rudi Getrouw, Jan Sluijters, Henk Chabot en Charley Toorop. Deze historische ontmoeting krijgt nu, 65 jaar later, een betekenisvol vervolg: in Singer Laren wordt haar werk gevierd als een 'weerzien' met Nederlandse modernisten, die hier in de vaste collectie vertegenwoordigd zijn.

Suzanne Perlman, t/m 28 juni 2026, Singer Laren, Oude Drift 1, Laren. Website: www.singerlaren.nl.

Terug naar boven

 

Museum Panorama Mesdag, Den Haag: DRIFT. Duin tot Doggersbank

DRIFT. Duin tot Doggersbank is een indringende tentoonstelling waar tweeëntwintig hedendaagse kunstenaars verleden, heden en toekomst samenbrengen rond één urgente vraag: hoe verhouden wij ons tot het duinlandschap en de Noordzee?
Voor hun werk laten de kunstenaars zich inspireren door het gedachtegoed van Hendrik Willem Mesdag en Sientje Mesdag-van Houten. Het kunstenaarsechtpaar vroeg al in 1881, met hun beroemde Panorama van Scheveningen, aandacht voor de kwetsbaarheid van het kustlandschap en het behoud van het Seinpostduin.

 
Hendrik Willem Mesdag, 'De Noordzee', 1905, Museum Panorama Mesdag

Nu, 145 jaar later, in een tijd van zeespiegelstijging en biodiversiteitsverlies, is de roep om zee- en kustbescherming wederom urgent.

In co-curatorschap met de Ambassade van de Noordzee heeft Museum Panorama Mesdag kunstenaars, onderzoekers en makers gevraagd om in de geest van Hendrik Willem Mesdag en Sientje Mesdag-van Houten nieuwe panorama's, perspectieven en vergezichten te bieden op de relatie van de mens met de Noordzee en het duinlandschap. Hun werk, dat mede tot stand is gekomen in dialoog met ecologen en andere deskundigen, maakt de ecologische processen en veranderingen in het landschap zicht- en voelbaar, en verkent mogelijke toekomstscenario's. De werken variëren van indrukwekkende installaties en sculpturen tot interactieve kunst die laat luisteren, voelen en ervaren. Zo worden bezoekers van alle leeftijden, 145 jaar na het ontstaan van Mesdags Panorama van Scheveningen, opnieuw uitgenodigd om het Noordzeelandschap te ontdekken: van de duintoppen tot de onderzeese wereld van de Doggersbank.

DRIFT brengt kunst samen van tweeëntwintig hedendaagse kunstenaars en toont een mix van nieuw en vernieuwend werk dat speciaal voor deze tentoonstelling is ontwikkeld, naast bestaand werk dat opnieuw is onderzocht en in deze context voor het eerst wordt gepresenteerd. Deelnemende kunstenaars: Atelier NL (Nadine Sterk & Lonny van Ryswyck), Frank Bloem, Suzette Bousema, Linhuei Chen, Jonat Deelstra, Xandra van der Eijk, Annemieke Fierinck & Esther Hessing, Sami Hammana & Harpo 't Hart, Folkert de Jong, Tim Knol, Daan Koens, Valerie van Leersum, Hendrik Willem Mesdag, Sientje Mesdag-van Houten, MUST (Ziega van den Berk, Sebastian van Berkel, Tea Hadžizulfic & Veerle Simons), Anke Roder, Thijs de Zeeuw en Anne Jesuina (locatie: Stroom Den Haag). Als onderdeel van de tentoonstelling is, op enkele minuten loopafstand van het museum, bij kunstinstelling Stroom Den Haag werk van Anne Jesuina te zien.

Gelijktijdig aan DRIFT biedt een uitgebreid publieksprogramma verdieping via lezingen en expertgesprekken met onder anderen Arita Baaijens, Peter Kuipers Munneke en Auke Florian. Daarnaast zijn er creatieve workshops met Suzette Bousema en kan het publiek deelnemen aan een participatieve Beach Clean Up. Bijzonder is dat een deel van het programma zich buiten het museum afspeelt, met cultuurwandelingen door Meijendel onder begeleiding van zanger en ambassadeur Tim Knol, een museumgids en bioloog.

Bij de tentoonstelling verschijnt de gelijknamige publicatie DRIFT. Duin tot Doggersbank. Tweetalig: Nederlands en Engels. Uitgeverij Waanders. Prijs 29 euro. ISBN 9789462627086.

DRIFT. Duin tot Doggerbank, t/m 13 september 2026, Museum Panorama Mesdag, Zeestraat 65, Den Haag. Website: panorama-mesdag.nl.

Terug naar boven

 

Design Museum Den Bosch: Vorm en vaderland

De tentoonstelling Vorm en vaderland in Design Museum Den Bosch onderzoekt de relatie tussen design en de natiestaat. Het nationalisme is de succesvolste ideologie van de moderne wereld. Op Koningsdag eten we oranje tompoucen, we snappen wat 'typische Nederlandse directheid' of gezelligheid betekent. En wie zou zich nog een wereld zonder paspoorten, grenzen en burgerschap kunnen voorstellen? Het vaderland is de hoogste autoriteit en mag alles van je vragen: werk, belasting, kinderen en desnoods de heldendood. Onze nationaliteit geldt als volkomen vanzelfsprekend en natuurlijk. Maar dat is ze niet. Deze tentoonstelling stelt die vanzelfsprekendheid ter discussie. Want: wat is een staat, wie heeft het recht om een staat te stichten en welke ontwerpen zijn daarvoor nodig? Hoe wordt iets een nationaal symbool, en wie mag dat bepalen?

 
Charles Fréger, Grande Escorte Royale, Belgique, uit de serie EMPIRE, 2006.

Die vragen zijn actueler dan ooit: in het nieuws zien we dagelijks hoe nationalisme op het wereldtoneel brandstof is voor veroveringsoorlogen, maar ook als motor achter democratische bewegingen voor gelijke rechten. De tentoonstelling Vorm en vaderland neemt de relatie tussen design en de natiestaat voor het eerst onder de loep. Wat is een staat, wie heeft het recht om een staat te stichten en welke ontwerpen zijn daarvoor nodig? Met vlaggen, maquettes, kostuums, foto's en kaarten uit tientallen landen presenteert de tentoonstelling op spectaculaire wijze een vergelijkende designgeschiedenis van de natiestaat – de belangrijkste uitvinding van de moderne tijd.

De natiestaat is een betrekkelijk recente uitvinding, en design speelt daarin een grote rol. Nationale bankbiljetten en overheidsgebouwen gelden niet voor niets als prestigieuze ontwerpopdrachten. De autoriteit van de staat leunt op ontworpen symbolen en rituelen: de nationale vlag, het volkslied, het staatswapen. Hoe meer landen hun unieke identiteit benadrukken, hoe vaker dezelfde ontwerpen terugkomen. De beeldtaal van het nationalisme wordt wereldwijd begrepen en steeds opnieuw gekopieerd. Inmiddels zijn staten een soort marketingbedrijven geworden. Met commerciële campagnes, toeristische trekpleisters, en sociale media proberen ze hun eigen stukje van ons collectieve bewustzijn te veroveren. Nationale symbolen maken aanspraak op de eeuwigheid, maar staan toch in elke generatie opnieuw ter discussie. In deze tentoonstelling ontdek je architectuur, alledaagse objecten en vele andere ontwerpen die nodig zijn om de natiestaat te maken én te bevragen.

Design van de natiestaat, 18 april t/m 20 september 2026, Design Museum Den Bosch, De Mortel 4, Den Bosch. Website: www.designmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Museum Beelden aan Zee, Den Haag: Rui Chafes X Alberto Giacometti: Gris Vide Cris III

Museum Beelden aan Zee presenteert Rui Chafes X Alberto Giacometti: Gris Vide Cris III. Deze internationale tentoonstelling brengt het werk van de Portugese kunstenaar Rui Chafes samen met dat van de Zwitserse modernist Alberto Giacometti.

Met zijn indrukwekkende installaties biedt Chafes een nieuwe, verstilde en zintuiglijke ervaring van Giacometti's wereldberoemde sculpturen. Gris Vide Cris III is de derde tentoonstelling in een internationale reeks.

 
Museum Beelden aan Zee. Foto: (c) Gerrit Schreurs.

Deze wordt georganiseerd door museum Beelden aan Zee in samenwerking met de Fondation Giacometti in Parijs en de Calouste Gulbenkian Foundation in Lissabon.

De Portugese hedendaagse kunstenaar Rui Chafes (Lissabon, 1966) werd geboren in hetzelfde jaar waarin Alberto Giacometti (Borgonovo, 1901 – Chur, 1966) overleed. Hoewel ze zijn gescheiden door tijd, plaats en vormentaal, delen zij een artistiek streven: transcendentie en het zichtbaar maken van het onzichtbare. Ze onderzoeken ieder op een eigen manier hoe sculptuur getuige is van aanwezigheid én afwezigheid, een spanning tussen lichaam, ruimte en geest. Waar Giacometti dit bereikt via een proces van reduceren, onderzoekt Chafes juist de grenzen van ijzer.

De tentoonstelling Rui Chafes X Alberto Giacometti: Gris Vide Cris III, georganiseerd in samenwerking met de Fondation Giacometti en de Calouste Gulbenkian Foundation, toont de sculpturen van beide kunstenaars voor het eerst samen in Nederland. Het concept van Gris, Vide, Cris — Grijs, Leegte, Schreeuw — is ontleend aan het gelijknamige gedicht van Giacometti en vat de thematische kern van de bijzondere ontmoeting tussen de twee kunstenaars samen. Voor Chafes verwijst het grijs naar het moment tussen zichtbaarheid en verdwijnen, de leegte naar de ruimte waarin die ervaring vorm krijgt en de schreeuw naar de intensiteit van de menselijke ervaring. De tentoonstelling ontvouwt zich precies in dat tussengebied, waar de fragiele mensfiguren van Giacometti resoneren binnen de stille, contemplatieve wereld van Chafes.

Centraal in de tentoonstelling staat niet alleen het lichaam als sculptuur, maar ook het lichaam in relatie tot de ruimte en de bezoeker. In het samenspel tussen Giacometti en Chafes openbaart zich een mensbeeld dat even kwetsbaar als tijdloos is. Waar Giacometti's uitgerekte figuren balanceren tussen materialiteit en verstilling, tast Chafes met zijn ijzeren beelden de grenzen af tussen lichamelijkheid en leegte. Hij nodigt bezoekers uit om zijn werken te betreden. Au-delà des yeux en Lumière zijn donkere installaties met architecturale gangen waarin verschillende beelden van Giacometti op een hele andere manier te zien zijn. Met deze werken, toont de Portugese kunstenaar de menselijke figuur als een tijdelijke verschijning in een oneindige ruimte. Zo ontstaat een krachtig spanningsveld tussen kwetsbaarheid en monumentaliteit, en tussen vorm en het onzichtbare.

Rui Chafes X Alberto Giacometti: Gris Vide Cris III, 27 juni 2026 t/m 10 januari 2027, Museum Beelden aan Zee, Harteveltstraat 1, Den Haag. Website: www.beeldenaanzee.nl.

Terug naar boven

 

Teylers Museum, Haarlem: Gevaarlijke boeken - 500 jaar wetenschap onder vuur

In de tentoonstelling Gevaarlijke boeken – 500 jaar wetenschap onder vuur volg je de Europese en Amerikaanse geschiedenis van censuur door Kerk en Staat aan de hand van (populair)wetenschappelijke werken. Want kennis is macht en dat kan bedreigend zijn – voor sommige machthebbers nog steeds.

Een van de topstukken van Teylers Museum is de Encyclopédie uit 1751 van Denis Diderot en Jean le Rond d'Alembert. Hierin werd alle kennis van die tijd verzameld. Het boek werd al in 1780, vier jaar voor de opening van het museum, gekocht.

 
De beroemdste pagina uit Nicolaas Copernicus' (1472-1543) De Revolutionibus orbium coelestium (‘Over de omwentelingen van de hemellichamen’). Neurenberg, 1543. Collectie Tresoar. Foto: Marieke Balk.

Het representeert het gedachtegoed van de Verlichting: gewapend met kennis kan iedereen zelfstandig denken, zich een mening vormen en de heersende macht bekritiseren. Dat zagen Kerk en Staat als een gevaar. En zo bevinden zich meer 'gevaarlijke' boeken in Teylers historische bibliotheek: de Systema naturae van Linnaeus uit 1735 bijvoorbeeld. Linnaeus classificeerde planten op seksuele kenmerken en plaatste de mens bij de viervoeters, naast apen. Het schokte velen als 'ketters en immoreel'. George-Louis Leclerc de Buffon schreef in zijn Histoire & Théorie de la Terre (1749) dat de aarde 75.000 jaar oud was, veel ouder dan in de Bijbel staat. Het leidde tot boekverbrandingen en verboden door de Kerk.

Met de komst van de boekdrukpers kon informatie zich razendsnel verspreiden. Reden voor de Kerk om in 1559 de Index Librorum Prohibitorum op te stellen: een lijst van verboden boeken. Veel werken in de tentoonstelling stonden op deze lijst, die pas in 1966 afgeschaft werd. Een van de beroemdste voorbeelden is Copernicus' Over de omwentelingen van de hemellichamen waarin hij, in 1543 al, stelt dat de aarde om de zon draait in plaats van andersom. Een ander exemplaar, een bruikleen van het Friese archief Tresoar, laat zien hoe astronoom Gemma Frisius uit Dokkum er juist uitvoerig zijn eigen ideeën bij schreef. Zo lang Copernicus' theorie als een hypothese gepresenteerd werd, gedoogde de Kerk het boek, maar toen Galileo honderd jaar later heliocentrisme als werkelijkheid verdedigde, eiste de paus censuur. Galileo's boek ligt ook in de tentoonstelling, net als boeken van protestantse auteurs die op de Index stonden. En Darwins evolutietheorie natuurlijk.

Een berucht voorbeeld van staatsmanipulatie van de wetenschap is het Lysenkoïsme, waarbij het idee van erfelijkheid van gewassen werd afgewezen in de communistische Sovjet-Unie. De overheid bepaalde wát er onderzocht werd, hoe het gefinancierd werd en welke resultaten er naar buiten kwamen. Dit had rampzalige gevolgen voor de landbouw en leidde tot hongersnood. Ook op thema's die vooral vrouwen troffen, zoals seksualiteit, anticonceptie en abortus, wilden regeringen grip houden. In Nazi-Duitsland werd Einsteins relativiteitstheorie verboden.

Met ruim twintig boeken laat de tentoonstelling zien dat religieuze en politieke censuur een stempel op de geschiedenis drukte. Momenteel zijn er grote zorgen in de academische wereld over de manier waarop vrijheid van onderzoek onder druk staat. Gevaarlijke boeken nodigt daarom uit tot reflectie: hoe vrij is wetenschap vandaag?

Gevaarlijke boeken - 500 jaar wetenschap onder vuur, 6 maart t/m 30 augustus 2026, Teylers Museum, Spaarne 16, Haarlem. Website: teylersmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Museum Gouda: Geloof, over de menselijke behoefte aan houvast en betekenis

De wereld staat in brand. Waar houden we ons aan vast? Op 14 februari opende Museum Gouda de tentoonstelling Geloof, over de menselijke behoefte aan houvast en betekenis. Je hoeft niet religieus te zijn om ergens in te geloven: vragen, angsten en rituelen horen bij het mens-zijn. Voor Geloof vroeg Museum Gouda drie bekende denkers met uiteenlopende achtergronden de tentoonstelling samen te stellen: schrijver Arnon Grunberg, jurist, onderzoeker en docent Naema Tahir en schrijver en presentator Stephan Sanders. Zij kregen toegang tot de collectie van het Rijksmuseum Amsterdam en selecteerden ruim veertig objecten die samen reflecteren op de betekenis van geloof in de wereld van vandaag. Na de presentatie in Gouda reist de tentoonstelling de komende jaren door heel Nederland.

Van een 15de-eeuws schilderij van de Italiaanse renaissanceschilder Sandro Botticelli (Judith met het hoofd van Holofernes) en een 19de-eeuws portret (Isabella) van Simon Maris tot een foto van schrijver Gerard Reve met een wijnglas en schedel bij een Mariabeeld door Vincent Mentzel. En van een Meissen porseleinen sculptuur van Urania (een van de negen muzen uit de Griekse mythologie, haar naam betekent 'hemelse') tot een tekening van de Taj Mahal. De kunstwerken gaan over universele onderwerpen als erbij horen en thuiskomen, goedheid en schoonheid, schuld en verlossing. Hoe kijken we met onze hedendaagse blik naar deze kunstschatten?

 
Nicolaas van der Waay, 'Amsterdams weesmeisje', ca.1890-1910. Legaat van de heer F. de Fremery. Collectie: Rijksmuseum.

Grunberg, Tahir en Sanders kozen vooral wat hen persoonlijk raakt en een aspect van geloof belichaamt. In de korte film die in het begin van de tentoonstelling te zien is vertellen ze hierover hun verhaal.

Geloof is ook lokaal van betekenis. De stad Gouda ligt aan de rand van de Bible belt en een grote groep inwoners is van huis uit orthodox gereformeerd. Er is tegelijk een grote gemeenschap met Marokkaanse wortels, en veel Gouwenaars zijn islamitisch. Geloof is een relevant thema. In de tentoonstelling beantwoorden Gouwenaars van verschillende leeftijden en achtergronden de vraag wat hen houvast geeft. Zij brengen persoonlijke voorwerpen in als symbool voor een houvast in hun leven. Van een veelgebruikt fototoestel tot een ufo op handformaat. Van een ring met een bijzondere boodschap tot een gebedskleed van een wijze vader. Soms heeft het voorwerp te maken met een dierbare, soms met een levensovertuiging of met een diepe drijfveer.

Bij de tentoonstelling komt een uitgebreid publieksprogramma, met excursies naar gebedshuizen van verschillende geloofsgemeenschappen, vieringen, feestmaaltijden die voor iedereen toegankelijk zijn, en een workshop rituelen maken. De tentoonstelling Geloof is het eerste deel in het drieluik Geloof, Hoop en Liefde, een serie reizende tentoonstellingen georganiseerd door zes samenwerkende Nederlandse musea (de M6) in samenwerking met het Rijksmuseum in Amsterdam.

Geloof, over de menselijke behoefte aan houvast en betekenis, t/m 30 augustus 2026, Museum Gouda, Oosthaven 9, Gouda. Website: www.museumgouda.nl.

Terug naar boven

 

Centraal Museum, Utrecht: Gerard van Honthorst in Centraal Museum

Vanaf 25 april presenteert het Centraal Museum de eerste grote overzichtstentoonstelling over Gerard van Honthorst (1592-1656), een van de succesvolste Noord-Nederlandse schilders van de zeventiende eeuw. Gerard van Honthorst - In alles anders dan Rembrandt brengt ruim zestig schilderijen en een dertigtal tekeningen uit internationale topcollecties samen, waaronder die uit Musée du Louvre, de Britse Royal Collection en Galleria Borghese.

Gerard van Honthorst werd geboren in Utrecht, waar hij het schildersvak leerde bij Abraham Bloemaert. Daarna vertrok hij naar Rome, waar hij werd beïnvloed door het vernieuwende chiaroscuro (licht-donker contrasten) en het naturalisme van Caravaggio.

 
Gerard van Honthorst, 'Cavalier en een vrouw die zingen bij kaarslicht', 1624. Particuliere collectie, New York © Foto: Christie's Images / Bridgeman Images.

In de jaren dat hij er woonde en werkte, van circa 1616 tot 1620, kreeg hij als een van de weinige niet-Italianen tal van opdrachten voor het schilderen van grote altaarstukken. Ook viel hij in de smaak bij de invloedrijke kunstverzamelaars. Hij maakte er naam met zijn nachtstukken, die hem later de bijnaam 'Gherardo delle Notti' (Gerard van de nachten) opleverde.

Utrecht was in de eerste decennia van de zeventiende eeuw het belangrijkste culturele centrum van de Noordelijke Nederlanden en toen Honthorst in 1620 terugkeerde, kwam hij tegemoet aan de vraag door genrestukken met een erotische twist en muziekstukken te gaan schilderen. Honthorst had een buitengewoon talent om zich in te leven in de wensen van zijn opdrachtgevers, wat hem belangrijke opdrachten opleverde en waardoor hij uiteindelijk zeer succesvol werd als hofschilder in Den Haag. In 1637 opende Honthorst een tweede werkplaats in Den Haag waar hij de favoriete schilder was van de in ballingschap levende koningin Elizabeth van Bohemen, de Winterkoningin. Voor haar en haar echtgenoot Frederik V van de Palts schilderde hij tal van portretten, die door zijn medewerkers eindeloos werden herhaald.

Tegenwoordig zijn wij geneigd om een kunstwerk als een vorm van zelfexpressie te interpreteren en te waarderen, maar in de zeventiende eeuw bestond dat idee nog niet. Destijds was er alleen sprake van de objectieve uitdrukking van de 'affecten': de al dan niet geslaagde uitbeelding van hartstochten en emoties. Het doel van de schilderkunst was niet de persoonlijke zelfexpressie, maar artistieke erkenning en brood op de plank.

Het mag duidelijk zijn dat Gerard van Honthorst niet alleen als caravaggist, maar ook als genre- en portretschilder een prominente plaats verdient in de canon van de zeventiende-eeuwse schilderkunst. Hij ontwikkelde een eigen, herkenbare beeldtaal, vooral in zijn nachtstukken, waarin de kunstmatige lichtbron niet alleen dramatisch, maar ook compositorisch en psychologisch functioneert. Na zijn terugkeer naar Utrecht, beïnvloedde hij schilders als Rembrandt en was hij een cruciale schakel tussen Italiaanse en Noord-Nederlandse schildertradities, die de Hollandse schilderschool mede vormgaven.

Gerard van Honthorst - In alles anders dan Rembrandt, 25 april t/m 13 september 2026, Centraal Museum, Agnietenstraat 1, Utrecht. Website: www.centraalmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Drents Museum De Buitenplaats, Eelde: Beauty of the Beast

Het verbeelden van dieren speelde rond het jaar 1900 een bijzonder grote rol. Kunstenaars ontwikkelden een nieuwe stijl en lieten zich in hun zoektocht naar schoonheid eindeloos inspireren door het dierenrijk. Dat zie je terug in de meest uiteenlopende werken uit die periode: van een kamerscherm met pauwen tot een messing vaas met rivierdonderpadden. Aan het eind van de negentiende eeuw broeide er in Europa namelijk een drang naar verandering. Kunstenaars verlangden naar een nieuwe stijl met als belangrijk uitgangspunt dat schoonheid weer onderdeel wordt van het dagelijks leven.

In die zoektocht naar schoonheid ontstond er een grote fascinatie voor de natuur. In de pas opgerichte kunstnijverheidsopleidingen leerden kunstenaars om dieren te bestuderen en tekenen: van letterlijke observatie tot gestileerde verbeelding. Keramiek en meubilair werden gedecoreerd met zeedieren, vogels en insecten. Hun kleuren en patronen werden verwerkt in textiel en grafiek. De opkomst van dierentuinen maakte het voor kunstenaars bovendien mogelijk om dieren naar het leven te tekenen. De variëteit is enorm. In de tentoonstelling Beauty of the Beast – Dieren in de art nouveau wandelen bezoekers dan ook een wonderlijk dierenrijk binnen met onder andere een apenrots, aquarium en vogeltuin.

 
Julie de Graag (1877-1924), 'Twee uilen', 1921, houtsnede, 26,3 x 20 cm, Drents Museum, schenking Stichting Schone Kunsten rond 1900.

Bezoekers ontdekken dieren met een veelheid aan kleuren en vormen, de niet te missen of juist verstopte dieren en het vakmanschap van de objecten in het algemeen.

De tentoonstelling is samengesteld uit de rijke collectie kunst rond 1900 van het Drents Museum in Assen. Er is tweedimensionaal en driedimensionaal werk te zien, groot en klein werk, publiekslievelingen, maar ook minder bekende werken. Topstukken die natuurlijk niet mogen ontbreken, zijn onder andere een vaas en schotel van Johanna van Eijbergen, een vuurscherm en naaldwerk van Christine van Zeegen, verschillende werken van Chris Lebeau en een kamerscherm van Jacob van den Bosch.

Beauty of the Beast – Dieren in de art nouveau, 18 april t/m 20 september 2026, Drents Museum De Buitenplaats, Hoofdweg 76, Eelde. Website: www.dmdebuitenplaats.nl.

Terug naar boven

 

Museum Cobra, Amstelveen: Andy Warhol, The Textiles

Andy Warhol, The Textiles toont een minder bekende kant van Andy Warhol en is voor het eerst in Nederland te zien. Nog vóór zijn wereldwijde faam als pionier van de Pop Art ontwierp Warhol in de jaren vijftig speelse en experimentele stoffen voor mode en interieur.

Met herhaling, krachtige lijnen en speelse motieven – van ijscoupes en toffee-appels tot kleurrijke knopen, gesneden citroenen, pretzels en springende clowns – verkende hij hoe beeldtaal verandert wanneer die wordt vermenigvuldigd, gedragen en onderdeel wordt van het dagelijks leven.

 
Foto: Michael Szarpak voor Museum Cobra.

De stoffen tonen een fase waarin Warhol vrijuit experimenteerde met de wisselwerking tussen kunst, mode en commercie. Ze maken zichtbaar hoe zijn beeldtaal zich ontwikkelt terwijl die letterlijk deel werd van het dagelijks leven. Tegen de achtergrond van de optimistische, snel veranderende jaren vijftig en zestig werpt deze tentoonstelling nieuw licht op Warhols ontwikkeling. Andy Warhol, The Textiles laat zien hoe deze ogenschijnlijk lichte, sprankelende ontwerpen een belangrijke stap vormden richting de iconische beeldtaal waarmee Warhol later de kunstwereld blijvend zou veranderen.

De tentoonstelling bevat meer dan 60 textielontwerpen van Warhol uit de jaren vijftig en vroege jaren zestig. Ook enkele van de belangrijkste producenten uit de Amerikaanse textielgeschiedenis zijn vertegenwoordigd, waaronder Stehli Silks, Fuller Fabrics Inc. en M. Lowenstein and Sons. Andy Warhol, The Textiles is georganiseerd in samenwerking met het Fashion and Textile Museum in Londen.

Andy Warhol, The Textiles, 24 april t/m 6 september 2026, Sandbergplein 1, Amstelveen. Website: cobra-museum.nl.

Terug naar boven

 

Dordrechts Museum: Water & Licht. Hoogtepunten uit het Yale Center for British Art

Het Dordrechts Museum presenteert de tentoonstelling Water en Licht met een tiental werken van J.M.W. Turner (1775). Hoogtepunt van de tentoonstelling is Dort, or Dordrecht: The Dort Packet-Boat from Rotterdam Becalmed (1818). Een monumentaal doek, tweeënhalve meter breed en in een stralende gloed. Dankzij een samenwerking met het Yale Center for British Art in New Haven (VS) komt dit schitterende gezicht op Dordrecht, samen met andere topstukken van Turner, voor het eerst terug naar de plek waar het 200 jaar eerder is ontstaan. In deel twee van de tentoonstelling geeft kunstenaar Nicky Assmann een actueel vervolg aan het werk van Turner.

 
Joseph Mallord William Turner, 'Dort, or Dordrecht: The Dort Packet-Boat from Rotterdam Becalmed', 1818, olieverf op doek, Yale Center for British Art, Paul Mellon Collection, New Haven Verenigde Staten.

De tentoonstelling presenteert Turner (1775 -1851) als de ultieme schilder van het water. Het spel van water en licht was voor hem een onuitputtelijke bron van artistieke inspiratie. Hij ving de schoonheid van schilderachtige rivieren, serene havens en uitgestrekte meren en confronteert ons met de immense kracht en gevaren van de wilde zee. Als schilder van het moderne leven, in zijn tijd maakten zeilschepen plaats voor stoomboten, legde Turner de schoonheid én de potentiële dreiging van water vast. Water als vriend en vijand en de mens daar als kwetsbaar element tussenin. De tentoonstelling toont zowel vroege rivierlandschappen als abstracte zeegezichten uit zijn late jaren.

Turner is wereldberoemd: 'de Rembrandt van Engeland'. Zijn werk siert zelfs het Britse £20 biljet. Hij liet zich door grote Nederlandse schilders inspireren en bezocht ons land meerdere keren. Toch is zijn werk zeldzaam in Nederland. Behalve Whalley Bridge and Abbey (langdurig bruikleen aan het Dordrechts Museum) bevinden zich in Nederland slechts een ander schilderij en twee aquarellen. Des te unieker dat in het Dordrechts Museum nu zoveel werken van hem te zien zijn, dankzij de samenwerking met het YCBA. Het YCBA werd in 1977 opgericht door Yale-alumnus en filantroop Paul Mellon en bezit de grootste collectie Britse kunst buiten het Verenigd Koninkrijk.

Assmann (1980) laat zich net als Turner inspireren door natuurlijke fenomenen als water en licht. Waar Turner de natuur schildert op doek of papier, neemt Assmann het publiek mee in een ruimtelijk landschap vol wervelende kleuren, met behulp van technologie. Speciaal voor deze tentoonstelling maakte zij een monumentaal werk: When the brilliance of light refracts a thousand times by the water. Een metersgrote kleurencirkel verschijnt als oplichtend hemellichaam, hangend in het duister, in een filmische setting met lichtprojecties en -spiegelingen. Het werk roept associaties op met een verlaten planeet, onder invloed van klimaatverandering. Net als Turner combineert Assmann de schoonheid en het sublieme van de natuur. Ze geeft een poëtisch perspectief op ecologische dreiging en de kwetsbaarheid van de mens in de 21ste eeuw.

Water & Licht. Hoogtepunten uit het Yale Center for British Art, t/m 14 juni 2026, Dordrechts Museum, Museumstraat 40, Dordrecht. Website: www.dordrechtsmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Bozar - Paleis voor Schone Kunsten, Brussel: Bellezza e Bruttezza

Schoonheid en lelijkheid zijn thema's die mensen in elke tijd blijven fascineren, maar hun betekenis verschuift voortdurend. Bozar presenteert Bellezza e Bruttezza, een tentoonstelling die onderzoekt hoe kunstenaars uit Italië en Noord-Europa in de 15e en 16e eeuw deze uitersten verbeeldden. Van verfijnde idealen tot bewuste karikaturen. Een zeldzame kans om uitzonderlijke en kostbare werken van Botticelli, Titiaan, Da Vinci, Tintoretto, Cranach de Oude, Matsys en vele anderen te zien, waarvan sommige voor de eerste en enige keer in België te bewonderen zijn.

De tentoonstelling werpt een unieke blik op hoe de idealen van schoonheid en lelijkheid evolueerden tussen het laatste kwart van de 15e eeuw en het einde van de 16e eeuw, twee sleutelperiodes. Door deze twee uitersten tegenover elkaar te plaatsen, ontstaat een gelaagde confrontatie die laat zien hoe grote Italiaanse meesters en hun tijdgenoten uit Noord-Europa deze begrippen hebben geïnterpreteerd. Schoonheid werd in deze periode ook op sociaal vlak steeds belangrijker, wat blijkt uit het groeiende aantal 16e-eeuwse publicaties met schoonheidsrecepten en verzorgingstips. Tegelijkertijd kreeg ook lelijkheid een grotere plaats in de kunst, in steeds uiteenlopendere vormen.

Bozar pakt uit met een selectie van meer dan 90 uitzonderlijke werken van vermaarde kunstenaars zoals Botticelli, Titiaan, Da Vinci, Tintoretto, Cranach de Oudere, Metsys, Carracci, Bordone, Sellaer, Dürer, Veronese, Campi, Dossi.

Bellezza e Bruttezza - Het ideale, het reële en het karikaturale in de renaissance, t/m 14 juni 2026, Bozar - Paleis voor Schone Kunsten, Rue Ravenstein 23, Brussel (België). Website: www.bozar.be.

Terug naar boven

 

Bonnefanten Museum, Maastricht: Bitches Brew

Drie pioniers van de figuratieve schilderkunst, drie solotentoonstellingen, drie uitgesproken schilderpraktijken. In Bitches Brew brengt Bonnefanten drie uitzonderlijke kunstenaars samen: Keetje Mans, Tanja Ritterbex en Aline Thomassen. De drie kunstenaars werken vanuit persoonlijke ervaringen, maar hun werk is daardoor niet per se autobiografisch. Het schuurt aan tegen grotere, veelbesproken thema's: identiteit, intimiteit, moederschap, schaamte, humor en vervreemding. Het alledaagse wordt uitvergroot, verdraaid of bespreekbaar gemaakt. Dat doen ze allen met nieuw en bestaand werk.

 
Tanja Ritterbex, zaaloverzicht Mama Steht Kopf (onderdeel van het project Bitches Brew), Bonnefanten 2026. Foto: Peter Cox.

Mans, Ritterbex en Thomassen laten zich niet gelijk in een hokje plaatsen. De eigenzinnige kunstenaars werken allen met hun eigen stijlen en thema's. Alle drie zijn ze onverschrokken en volledig zichzelf. Wat ze te zeggen hebben, schilderen ze. Keetje Mans (1979, Amsterdam) maakt schilderijen, tekeningen, installaties, objecten en textielkunst. In haar solotentoonstelling Shimmer of Bliss presenteert ze grotendeels nieuw werk. Geschilderde buitentaferelen waarin figuren en natuurlijke elementen - waarmee ze is opgegroeid - op een bevreemdende manier het alledaagse overstijgen.

Tanja Ritterbex (1985, Heerlen) belicht met Mama Steht Kopf daarentegen de dynamiek van het gezinsleven en de veranderingen die het moederschap met zich meebrengt. Andere thema's in haar werk zijn de beauty-industrie en de like-cultuur op social media. Ze brengt alles met veel kleur tot leven: op doek, op papier, door middel van performances of installaties. In deze solo toont ze onder meer een schilderij op een 12 meter lang doek, dat ze speciaal voor deze tentoonstelling maakte. De solotentoonstelling I am You- You are Me toont de met emotie doordrongen vrouwenlichamen van Aline Thomassen (1964, Maastricht). Haar aquarellen op papier zijn meer dan levensgroot, direct en nietsverhullend. Ze haalt inspiratie uit de mensen die ze ontmoet, persoonlijke ervaringen en wereldgebeurtenissen die diepe indruk op haar maken.

It's a Bitches Brew verwijst naar een mengsel van verschillen en overeenkomsten in ervaringen, karakters, werkwijzen, ontmoetingen, perspectieven. Bitches Brew toont een overzicht van drie zelfstandige oeuvres. De werken zijn herkenbaar door hun universele thema's en botsen soms, maar versterken elkaar juist daardoor. Samen geven ze ruimte aan onderwerpen die soms moeilijk uit te drukken zijn en onbesproken blijven.

Bitches Brew, Keetje Mans, Tanja Ritterbex en Aline Thomassen, 14 februari t/m 6 september 2026, Bonnefanten Museum, Avenue Céramique 250, Maastricht. Website: www.bonnefanten.nl.

Terug naar boven

 

Museum Voorlinden, Wassenaar: Claire Tabouret – Weaving Waters, Weaving Gestures

Voorlinden brengt het eerste grootse museale overzicht van het werk van Claire Tabouret (1981). De Franse schilder toont in haar solotentoonstelling Weaving Waters, Weaving Gestures bij Voorlinden de breedte van haar oeuvre, haar grensverleggende praktijken en haar blik op complexe thema's als identiteit en onderlinge verhoudingen. Eind 2026 worden ook haar glas-in-loodramen voor de Notre-Dame-kathedraal in Parijs onthuld.

Schilderen op doek, op nepbont, plexiglasplaten, bronzen sculpturen en keramiek – voor Claire Tabouret is geen brug te ver. De figuratieve schilder rekt de traditionele grenzen van de schilderkunst op.

 
Museum Voorlinden, Claire Tabouret, zaalzicht. Foto: Antoine van Kaam.

Ze speelt met kunsthistorische thematiek en reflecteert op menselijke relaties, op hoe je jezelf ziet – als individu én in een groep. Met haar portretten houdt ze je vaak een spiegel voor: wat zie jij, kracht of kwetsbaarheid? Ze schildert met een kleurrijk palet, soms met haast fluorescerende kleuren, dan weer in dunne, transparante verflagen. Haar werk is bij vlagen klassiek, romantisch, dan weer donker, mysterieus. Ondertussen is het doordrenkt van persoonlijke blikken, verhalen en herinneringen, maar ook gebaseerd op beelden die ze op internet of in archieven heeft gevonden.

Bij Voorlinden presenteert Tabouret werk uit de afgelopen tien jaar van haar carrière. Ze verwelkomt je met een aantal zelfportretten waarin ze zichzelf voorstelt als vampier en gekleed in een hoodie. Ze behandelt vervolgens traditionele genres zoals baders, landschappen, rouwende vrouwen en weerspiegelingen. Ze werkt met onmogelijke materialen, beelden van gedetineerden en andere ambachten, waarmee ze de controle over haar werk uit handen geeft. In haar diverse oeuvre zie je echo's tussen de werken en series ontstaan en een schilder die zichzelf én haar medium voortdurend op de proef stelt.

Voor Claire Tabouret én voor Voorlinden is 2026 een bijzonder jaar; het museum viert dan haar tiende verjaardag en de glas-in-loodramen van de Franse kunstenaar worden dan geïnstalleerd in de Notre-Dame van Parijs. Ze werd door president Emmanuel Macron en de aartsbisschop van Parijs, Laurent Ulrich, geselecteerd voor deze opdracht, die onderdeel is van de restauratie na de grote brand in 2019. De afgelopen jaren is de ster van Tabouret rijzende; haar werk is opgenomen in diverse museale collecties, waaronder het Los Angeles County Museum of Art, het Musée des Beaux-Arts de Montréal en het Pérez Art Museum Miami.

Claire Tabouret – Weaving waters, weaving gestures, t/m 25 mei 2026, Museum Voorlinden, Buurtweg 90, Wassenaar. Website: www.voorlinden.nl.

Terug naar boven

 

Els Nouwen, 'OXOMORON'

Els Nouwen stelt in haar werk fundamentele vragen rond perceptie, illusie en de betrouwbaarheid van wat we (denken te) zien. Nouwen laat zich inspireren door beelden die ze verzamelde: observaties uit het dagelijks leven, historische en populaire beeldcultuur, visuele illusies, groteske en humoristische vondsten. Dat persoonlijke archief functioneert als een denkruimte waarin beelden rijpen. Foto's uit de media, van het internet, uit de kunstgeschiedenis of uit haar persoonlijke archief, schildert Nouwen aanvankelijk nauwgezet na. Het startbeeld blijft echter nooit intact. Wanneer het beeld vertrouwd wordt, grijpt ze in. Ze overschildert, krast, veegt weg of voegt toe.

 
Els Nouwen, ‘OXO’, 2019-2020, Collectie Vlaamse Gemeenschap bij M Leuven, © de kunstenaar, foto: Kristel Van Ballaer.

Deze ingrepen zijn geen versiering, maar essentieel voor haar manier van werken. Nouwen wil de littekens van het maakproces tonen. De verf wordt niet weggestreken, maar getoond in al haar gedaanten: ruw of verfijnd, met klodders of glad, ingetogen of brutaal.

Nouwen werkt parallel in drie media – papier, olieverf op doek en koperplaat – die elkaar voortdurend beïnvloeden. Op papier ontstaan snelle notities, uitsnedes en verschuivingen; het is een terrein voor experiment, waar combinaties worden getest en ritmes verkend. In schilderijen krijgen die elementen schaal en huid. Lagen verschijnen en verdwijnen, sporen van overschildering blijven zichtbaar, en de spanning tussen figuur en achtergrond blijft voelbaar. De koperplaten introduceren op hun beurt reflectie en traagheid. Het glanzende metaal reageert op licht en positie, zodat de waarneming meebeweegt met de toeschouwer. Beslissingen zijn er minder omkeerbaar; elke ingreep weegt door in de uiteindelijke verschijning.

In een wereld van visuele overdaad en snel consumeerbare beelden, nodigt Nouwen uit tot traag kijken en tot het verdragen van dubbelzinnigheid. Ze experimenteert met pareidolie, optische effecten en speelse, soms cartooneske elementen die de blik op het verkeerde been zetten. Haar schilderijen tonen geen eenduidige beelden, maar brengen twijfel binnen. Beelden en motieven migreren van het ene werk naar het andere: fragmenten, symbolen en tekens worden telkens opnieuw herschikt. Deze werkwijze sluit aan bij surrealistische en dadaïstische strategieën, maar is tegelijk diep verankerd in de kunsthistorische traditie. Iconische, sacrale en culturele beelden worden geconfronteerd met geweld, humor, seksualiteit en het morbide, zonder ooit tot één sluitende betekenis te worden herleid.

Die ervaring staat centraal in 'OXOMORON'. De titel verwijst impliciet naar het begrip oxymoron: een stijlfiguur waarbij tegenstrijdige woorden worden gecombineerd om een nieuwe, vaak ironische betekenis te creëren. Met 'OXOMORON' toont M Leuven een kunstenaar die schilderkunst inzet als een manier van denken: lichamelijk, kritisch en intens. Geen geruststellende beelden, maar werken die blijven bewegen en het kijken zelf op scherp zetten. Of zoals Els Nouwen het zelf formuleert: "Een schilderij kan en mag niet geruststellend zijn, omdat de werkelijkheid dat ook niet is."

Naar aanleiding van de expo verschijnt het gelijknamige boek 'OXOMORON', de eerste publicatie van Els Nouwen, met bijdragen van Ralph Collier, Ger Groot, Leen Huet en Rudi Salomon, een uitgave van M en kost €30 - €27 in Barbóék in M.

Els Nouwen, 'OXOMORON', t/m 22 november 2026, M Leuven, L. Vanderkelenstraat 28, Leuven (België). Website: www.mleuven.be.

Terug naar boven

 

Wereldmuseum Rotterdam: Art She Crafted

Burgemeester Schouten opende Art She Crafted in Wereldmuseum Rotterdam: een tentoonstelling die laat zien hoe vrouwen - wereldwijd en door de eeuwen heen - kunst en cultuur vormgeven. Gastconservator Rajae El Mouhandiz selecteerde tientallen verhalen die zichtbaar maken hoe vrouwen, ondanks structurele uitsluiting en klassenverschillen, een onmisbare rol spelen als makers, opdrachtgevers, verzamelaars, vernieuwers en wegbereiders. Via internationale kunst, mode, fotografie en design komen deze verhalen tot leven en tonen ze dat de tafel van de kunstgeschiedenis veel langer is dan vaak wordt gedacht. 

 
V.l.n.r. Rei Kawakubo, Simone Rocha, Jamie Okuma © Michelle Muus Fotografie.

De verhalen in Art She Crafted tonen dat vrouwelijke creativiteit altijd een constante kracht is geweest. Zo wordt een wereldwijde moderniteit in beeld gebracht met onder andere Baya Mahieddine (1931-1998), die op zestienjarige leeftijd in Parijs doorbrak met een volkomen eigen visuele stijl die inspiratie bood aan kunstenaars als Picasso en Matisse. En met Hanae Mori (1926-2022), de eerste Aziatische ontwerper die in 1977 werd toegelaten tot de Chambre syndicale de la Haute Couture in Parijs. Mori opende zo de internationale modewereld voor niet-westerse ontwerpers. In haar ontwerpen verweefde ze Japanse textieltradities met westerse couture technieken, wat leidde tot een verfijnde culturele kruisbestuiving waarin beide tradities gelijkwaardig samenkomen. Zij laten zien dat de motor van vernieuwing nooit uitsluitend Europees of mannelijk was.

Voor gastconservator Rajae El Mouhandiz ontstond Art She Crafted vanuit het besef dat we ons midden in een hedendaagse renaissance bevinden: een nieuwe bloeiperiode waarin een jonge generatie vrouwelijke makers traditie en vernieuwing samenbrengt en waarin radicale, toekomstgerichte stemmen wereldwijd klinken. Dit is geen terugkeer naar het verleden, maar een vooruitblik: interdisciplinair, intersectioneel en diepgeworteld in zowel persoonlijke als culturele emancipatie.

Van textiel, borduurwerk en keramiek tot avant-gardistische mode, kunst en hedendaagse fotografie: Art She Crafted toont hoe vrouwelijke makers en sleutelfiguren - van koningin tot activist en van autodidact tot verzamelaar - structureel hebben bijgedragen aan artistieke bloeiperiodes. Door deze intersectionele lens - wie kon creëren, voor wie, en onder welke omstandigheden - ontstaat een gelaagd tegenverhaal. Bezoekers verlaten Art She Crafted met een blik op kunst- en cultuurgeschiedenis die rijker is aan perspectieven.

Art She Crafted: The Power of Women in Arts and Culture, t/m 27 september 2026, Wereldmuseum Rotterdam. Website: rotterdam.wereldmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Kunsthal Rotterdam: Flowers Forever

Komend voorjaar presenteert Kunsthal Rotterdam Flowers Forever. Met meer dan tweehonderd objecten uit de kunst, design, mode en wetenschap biedt deze tentoonstelling voor het eerst in Nederland een uitgebreid cultuurhistorisch overzicht van de bloem. Flowers Forever toont hoe bloemen uitgroeiden van mythische en religieuze iconen tot statussymbolen, handelswaar en schakels in het mondiale ecosysteem.

In zeven hoofdstukken laat de tentoonstelling zien hoe bloemen in onze cultuur zijn verankerd als dragers van rituelen, emoties en ideeën, en biedt zij de bezoeker een verrassende blik op de rol van bloemen in onze samenleving. Bloemen symboliseren binnen verschillende religieuze tradities verlichting, zuiverheid en het paradijs, terwijl ze in oude Griekse mythes staan voor goddelijkheid en transformatie.

In de tentoonstelling zijn objecten en schilderijen te zien die deze mythes verbeelden, waaronder het alom bekende verhaal van de mythologische figuur Narcissus, naar wie ook de bekende voorjaarsbloem is vernoemd.

 
Stefan Eberhard, Arabidopsis thaliana Bloem, 2011, scanning-elektronenmicrograaf 100× vergroting. University of Georgia, Athens, Georgia, USA.

Botanische tekeningen en herbariums uit de 18e en 19e eeuw illustreren hoe nauw kunst en wetenschap verbonden zijn. Het hedendaagse werk Of Palimpsests and Erasure van de Nederlandse kunstenaar patricia kaersenhout (1966) onthult de verborgen lagen van kennis en geschiedenis. Aan de hand van grote, kleurrijke wandtapijten bevraagt kaersenhout hoe we natuur en erfgoed zien, bewaren en doorgeven. Met dit werk reageert de kunstenaar op het botanische boek Metamorphosis insectorum Surinamensium (1705) van Maria Sibylla Merian, dat eveneens te zien is in de tentoonstelling. Merian's gedetailleerde tekeningen van Surinaamse insecten, bloemen en planten maakten haar wereldberoemd, maar minder bekend is dat haar kennis grotendeels afkomstig was van tot slavernij gedwongen lokale en Afrikaanse vrouwen.

Flowers Forever belicht daarnaast hoe bloemen in de Westerse kunst steeds belangrijker worden, vooral in de 17e-eeuwse stillevens, waar ze rijkdom en status symboliseerden. Met de tulpenmanie in Nederland wordt de handel in bloemen in de 17e eeuw voor het eerst een omvangrijke speculatieve business. De Britse kunstenaar Anna Ridler (1985) brengt de invloed van de beursfluctuaties op verrassende wijze naar voren in haar video-installatie Mosaic Virus (2019): op drie schermen is in een time-lapse te zien hoe de groei en bloei van een tulp wordt beïnvloed door de wisselende koers van de Bitcoin. Hoewel bloemen ons overal omringen, toont de Britse kunstenaar Tracey Bush (1964) dat we vaak sneller een reclame-uiting herkennen dan een specifieke bloemsoort. In haar kleurrijke collages transformeert ze verpakkingen van bekende producten tot de subtiele contouren van een paardenbloem, madeliefje en een klaproos.

Bloemen staan vaak symbool voor verandering en protest en verschijnen veelal in adellijke wapenschilden en nationale symbolen. De tentoonstelling presenteert verschillende cartoons en politieke affiches. Ook de Canadese kunstenaar Kapwani Kiwanga (1978) gebruikt bloemen om sociale kwesties aan te kaarten. In het werk The Marias toont ze in een gele ruimte twee papieren weergaven van de pauwenbloem. De zaden van deze bloem droegen tot slaaf gemaakte Afrikaanse vrouwen verborgen in hun haar met zich mee als middel om een ongewenste zwangerschap af te breken. Het werk maakt op indringende wijze voelbaar hoe, in dezelfde periode waarin Victoriaanse vrouwen papieren bloemen vouwden als onschuldig tijdverdrijf, anderen juist genoodzaakt waren bloemen te gebruiken als een laatste vorm van overleving en verzet.

Bij de tentoonstelling Flowers Forever verschijnt de Nederlandstalige catalogus Flowers Forever. Bloemen in Kunst en Cultuur, ISBN 978-90-74514-09-5. Vanaf 27 maart te koop in de Kunsthalwinkel en online in de Kunsthalshop.

Flowers Forever, 27 maart t/m 30 augustus 2026, Kunsthal Rotterdam, Museumpark, Westzeedijk 341, Rotterdam, info 010-4400301, www.kunsthal.nl, openingstijden: dinsdag t/m vrijdag 10.00 - 17.00 uur, zaterdag & zondag 10.00-18.00 uur.

Terug naar boven

 

de Appel, Amsterdam: The Broken Pitcher

Op zaterdag 17 januari opende de tentoonstelling The Broken Pitcher in de Appel met het Opening Forum reaffecting property, reaffecting place. De tentoonstelling, en de publieksprogramma's erom-heen, onderzoeken de gevolgen van financialisering en bezuinigingen. Het project bestaat uit een schaalmodel op ware grootte van de bankruimte, dat zowel fungeert als tentoonstellingsruimte en decor voor een 70 minuten durende film die een bankscène reconstrueert.

Bij de Appel brengt The Broken Pitcher historische patronen naar voren via gesprekspartners wiens praktijken zowel sociaal, intiem en infrastructureel kritisch zijn.

 
'The Broken Pitcher' in de Appel. Foto: Peter Eramian.

Parallel aan de installatie, het onderzoeksmateriaal, de video-interviews en de film, roepen deze bijdragen op om zowel de ruimtes als de narratieven te hercontextualiseren en terug te winnen. Binnen deze beweging traceren de aanvullende artistieke bijdragen van Stelios Kallinikou, Olga Micinska en Maria Toumazou de doodlopende wegen van de staatsbureaucratie en de ineenstorting van het bankwezen als sociale structuur. Gedurende de looptijd van het project organiseert The Broken Pitcher Forum een programma met open discussies en leesgroepen, filmvertoningen en een uitvoering van een album uitgebracht door het Cypriotische label Moneda.

Deze eerste editie van The Broken Pitcher Forum richt zich op eigendom, bezit en de inbeslagname van gemeenschappelijke grond in bezette gebieden, waarbij met name wordt gekeken naar de geschiedenis van Cyprus en Palestina. Samen met hun gesprekspartners, geograaf Noura Alkhalili en kunstenaar Toula Liasi, bespreken hosts Marina Christodoulidou en Natascha Sadr Haghighian de geschiedenis van beide contexten om te onderzoeken hoe koloniale regimes het leven, de huisvesting en de infrastructuur blijven vormgeven. Het Forum volgt de overgang van Ottomaans naar Brits bewind en bekijkt de huidige bezettingssituaties, en traceert daarbij uitzetting, executieverkoop, schulden en onteigening als voortdurende extractieve logica, en plaatst deze in de bredere context van de strijd tegen kolonialisme en de kapitalistische vernietiging van het sociale, culturele en ecologische leven.

The Broken Pitcher, t/m 20 maart 2026, de Appel, Tolstraat 160, Amsterdam. Website: www.deappel.nl.

Terug naar boven

 

Centraal Museum, Utrecht: Sophie Steengracht & Lydia Radda – Dream of a seed

Op 21 februari opende de tentoonstelling Sophie Steengracht & Lydia Radda – Dream of a seed in het Centraal Museum in Utrecht. Aanleiding is het zeventigjarige jubileum van de Van Baaren Stichting, waarvan het museum sinds 1980 een omvangrijke collectie werken in bruikleen heeft, waaronder bijna dertig bloemstillevens van Lydia Radda. In Dream of a seed toont de Utrechtse kunstenaar Sophie Steengracht een selectie uit Radda's werk naast eigen schilderijen, tekeningen en etsen.

In 1956 richten Lambertus (1888–1964) en Josephina (1890–1959) van Baaren de Van Baaren Stichting op.

 
Utrecht Lokaal: Sophie Steengracht & Lydia Radda – 'Dream of a seed', Centraal Museum Utrecht. Foto Billie-Jo Krul.

Broer en zus waren fanatieke kunstverzamelaars en kochten in totaal zo'n 400 werken aan: veelal schilderijen van Franse en Nederlandse kunstenaars tussen 1850 en 1950. In 1980 gaf de stichting alle werken in langdurig bruikleen aan het Centraal Museum. Tot de Van Baaren-collectie behoren werken van kunstenaars als Vincent van Gogh, Charley Toorop en Piet Mondriaan.

Sophie Steengracht (Driebergen, 1991) is precies honderd jaar later geboren dan de Franse kunstenaar Lydia Radda (Corbeil-Essonnes, 1891). In het Utrecht Lokaal zijn hun stillevens voor het eerst naast elkaar te zien. Steengracht schildert mythische werelden waarin mensen, planten en micro-organismen met elkaar verbonden zijn. Geïnspireerd door dromen, verhalen en het animisme voelde ze bij het werk van Radda een bijzondere verwantschap met haar eigen praktijk.

Vanaf de jaren 1920 schildert Lydia Radda bloemstillevens en onderwaterwerelden met vissen en waterplanten. Ze valt dan al op met haar intuïtieve en energieke stijl, ook bij kunstverzamelaars als de Utrechtse zus en broer Josephina en Lambertus van Baaren. Zij kopen in totaal maar liefst 26 schilderijen van haar, die nu worden bewaard in het Centraal Museum. Over het persoonlijke leven van Radda was tot voor kort weinig bekend. Dankzij nieuw kunsthistorisch onderzoek krijgt haar werk nu een actuele interpretatie.

Het Centraal Museum staat met verschillende tentoonstellingen stil bij het zeventigjarige jubileum van de Van Baaren Stichting. Naast Dream of a seed is er in de Stadscolumn de expositie Blik op bloemen te zien, waarvoor de stichting samen met de Stadsredactie zo'n zeventig Utrechters naar hun persoonlijke kijk op bloemen vroeg. In Collectie Centraal, de vaste collectiepresentatie van het museum, is de zaal 'Smaken verschillen' gewijd aan de collectie Van Baaren. Speciaal voor het jubileum zijn er niet eerder getoonde Japanse houtsnedes uit de Van Baaren-collectie te zien, waaronder Sous Bois (1887) van Vincent van Gogh. In Utrecht Lokaal laat het Centraal Museum recent en vaak speciaal voor de tentoonstelling gemaakt werk zien van Utrechtse kunstenaars in de door Krijn de Koning ontworpen tentoonstellingsarchitectuur.

Sophie Steengracht & Lydia Radda – Dream of a seed, t/m 17 mei 2026, Centraal Museum, Agnietenstraat 1, Utrecht. Website: www.centraalmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Musiom, Amersfoort: Dromen en Visioenen

Van 9 januari tot en met 12 april 2026 is in Musiom de tentoonstelling 'Dromen en Visioenen' te zien, met werk van zes kunstenaars die magisch-realistische en surrealistische kunst maken, ieder in een heel eigen stijl.

Bij Musiom zijn twee kunstenaars die magisch-realistische kunst maken. Het zijn de kunstschilders Hans Deuss en Peter van Oostzanen.

Ter voorbereiding van deze tentoonstelling werd ruim een jaar geleden aan hen de vraag gesteld welke kunstenaars zij kenden die zouden passen in deze expositie. En zo kwamen we tot de volgende zes kunstenaars:

 
Musiom, 'Dromen en Visioenen', zaalzicht.

Sinds medio 2020 is Peter van Oostzanen bij Musiom aangesloten. Veel van zijn werken stelen verhalen voor. Geen verhalen die werkelijk zijn gebeurd, maar verzonnen verhalen. Niet zelden komt de 2CV van de kunstenaar in zijn werken voor. En dat maakt zijn werk ook een feest van herkenning.

De in 2023 overleden Michael Hiep noemde zichzelf een symbolisch fijnschilder. Gefascineerd door de rijke vormenwereld van de natuur en van de cultuur is Hiep het realisme in de kunst altijd trouw geweest. In de tentoonstelling zijn vooral zijn meest recente werken te zien, die nu voor het eerst aan het publiek getoond worden.

De enige beeldhouwer in het gezelschap is de Deense Helle Crawford. Haar werk is niet zelden een komische draai aan bestaande verhalen. Zo is haar beeld Sharkmaid een zeemeermin, maar dan met het lichaam van een haai. Haar beelden zijn prachtig gemaakt en hebben een unieke uitstraling.

Nog een Deen in het gezelschap is Danny Heinricht. De kunst van Danny Heinricht kan worden omschreven als poëtisch, meditatief, filosofisch en metafysisch. En surrealistisch. Hij ziet zichzelf als een moderne surrealist met wortels in de klassieke Europese schildertraditie. De vorm is klassiek en de inhoud is modern.

Hans Deuss schildert heldere fantasielandschappen waarbij voornamelijk hoekige architectonische vormen in contrast staan tot de organische vormen van de natuur. In zijn werk lijken natuur en cultuur een eeuwige strijd met elkaar te voeren. In de werken in deze expositie zijn onwaarschijnlijk veel boeiende details te zien

Tobias Baanders poogt middels zijn even bizarre als reële beeldtaal de mens zijn gezichtsvermogen terug geven, hem wakker schudden uit de dommel van zijn bewustzijn. Zowel het grootste schilderij als de kleinste schilderijtjes in deze expositie zijn van zijn hand.

De combinatie van deze zes kunstenaars resulteert in een wereld vol droombeelden en visioenen van een wereld zoals het wellicht ooit zou kunnen zijn. Deze tentoonstelling houdt je aandacht wel even vast, want er is zoveel te zien!

Dromen en Visioenen, t/m 12 april 2026, Stichting Musiom, Stadsring 137, Amersfoort. Website: www.musiom.art.

Terug naar boven

Inhoud


Signac, Symphony
of Colours,
24 oktober 2026 t/m 28 februari 2027, Kunsthal Rotterdam

Suzanne Perlman,
t/m 28 juni 2026,
Singer Laren

DRIFT. Duin tot Doggerbank,
21 maart t/m 13 september 2026, Museum Panorama Mesdag, Den Haag

Design van de natiestaat,
18 april t/m 20 september 2026, Design Museum
Den Bosch

Rui Chafes X Alberto Giacometti:
Gris Vide Cris III,
27 juni 2026 t/m 10 januari 2027,
Museum Beelden aan Zee, Den Haag

Gevaarlijke boeken - 500 jaar wetenschap onder vuur,
6 maart t/m 30 augustus 2026, Teylers Museum, Haarlem

Geloof, over de menselijke behoefte aan houvast en betekenis,
t/m 30 augustus 2026,
Museum Gouda

Gerard van Honthorst - In alles anders dan Rembrandt,
25 april t/m 13 september 2026, Centraal Museum, Utrecht

Beauty of the Beast – Dieren in de art nouveau,
18 april t/m 20 september 2026, Drents Museum De Buitenplaats, Eelde

Andy Warhol,
The Textiles,
24 april t/m
6 september 2026,
Amstelveen

Water & Licht. Hoogtepunten
uit het Yale Center
for British Art,
t/m 14 juni 2026, Dordrechts Museum

Bellezza e Bruttezza - Het ideale, het reële en het karikaturale in de renaissance,
t/m 14 juni 2026, Bozar - Paleis voor Schone Kunsten, Brussel (België)

Bitches Brew, Keetje Mans, Tanja Ritterbex en Aline Thomassen, 14 februari t/m 6 september 2026, Bonnefanten Museum, Maastricht

Claire Tabouret – Weaving waters, weaving gestures,
t/m 25 mei 2026, Museum Voorlinden, Wassenaar

Els Nouwen, 'OXOMORON',
t/m 22 november 2026, M Leuven,
L. Vanderkelenstraat 28, Leuven (België)

Art She Crafted: The Power of Women in Arts and Culture,
t/m 27 september 2026, Wereldmuseum Rotterdam

Flowers Forever,
27 maart t/m
30 augustus 2026,
Kunsthal Rotterdam

The Broken Pitcher,
t/m 20 maart 2026,
de Appel, Amsterdam

Sophie Steengracht
& Lydia Radda – Dream of a seed,
t/m 17 mei 2026,
Centraal Museum, Utrecht

Dromen en Visioenen, t/m 12 april 2026, Stichting Musiom, Amersfoort