Actueel
Claire
Tabouret – Van Pentecôte tot Battleground
'Ik
ben ongelooflijk trots dat we met deze virtuoze kunstenaar ons jubileumjaar
openen; Claire Tabouret schildert trefzeker, vol lef en met groot
inlevingsvermogen', aldus Suzanne Swarts, directeur Voorlinden
Door
Joke M. Nieuwenhuis Schrama
| Voor
Museum Voorlinden is 2026 een bijzonder jaar (vanwege het
tienjarig bestaan). Voor Claire Tabouret (1981) is het eveneens
een buitengewoon jaar. Ze heeft haar eerste museale overzichtstentoonstelling
in Nederland en aan het eind van dit jaar worden haar zes
glas-in-lood ramen in de Notre Dame kathedraal in Parijs
geïnstalleerd. Deze laatste eervolle opdracht heeft
Tabouret gekregen, nadat ze door president Emmanuel Macron
en de aartsbisschop van Parijs, Laurent Ulrich, was geselecteerd
uit ruim honderd kunstenaars. Het is een onderdeel van de
restauratie die de kathedraal heeft ondergaan na de verwoestende
brand in 2019.
Pinksteren
De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik, bij toeval,
voor het eerst hoorde van Tabouret door haar ontwerpen voor
deze ramen. Die ontwerpen blijken min of meer omstreden,
omdat er nieuwe glas-in-loodramen werden besteld terwijl
de bestaande uit de negentiende eeuw, ontworpen door de
architect Eugène Viollet-le-Duc (1814-1879), wel
hadden kunnen worden gerestaureerd. Dit leidde tot ophef.
|
|
| |
Claire
Tabouret, 'Battleground', 2016, acryl op doek, 220 x 170
cm, particuliere collectie. Foto: © Blunt Bangs. |
Evengoed komt de beslissing van twee autoriteiten, die zich (naar
ik aanneem) weloverwogen hebben beraad over de keuze. Bovendien
had Tabouret niet alle artistieke vrijheid. Het thema werd door
de aartsbisschop bepaald: 'Pentecôte' (Pinksteren), het moment
waarop de Heilige Geest neerdaalt op de apostelen van Jezus. Daarnaast
moest Tabouret de kleuren van de ramen in balans houden, om ervoor
te zorgen dat in het interieur van het godshuis het 'witte licht'
behouden zou blijven. Dat is een proces waarvoor ook overleg met
de kerknotabelen van de Notre Dame nodig was. Overigens is er in
de loop van de eeuwen geregeld wel wat veranderd aan het iconische
gebouw. Nu het weer uit de as is herrezen, na vijf jaar restauratie
(heropend eind 2024), waarom dan geen andere glas-in-loodramen?
Vlammen
Het Pentecôte-thema is een symbool van de Heilige Geest die
neerdaalt in de vorm van vurige vlammen. Hopelijk is de 'Saint Esprit'
de kathedraal goed gezind en slaat de brand niet opnieuw uit. Op
een van de zes ramen heeft Tabouret inderdaad dat tafereel van die
vurige vlammen figuratief uitgebeeld, met moeder Maria en de volgelingen
van Jezus die naar de vlammen opkijken. Dat figuratieve geldt voor
alle voorstellingen op de zes ramen, de zichtbare werkelijkheid
voor de gelovigen en bezoekers. Tabouret werkte samen met atelier
Simon-Marq in Reims, dat al sinds 1640 het aloude ambacht van glazenier
uitoefent. Dit atelier heeft eerder religieuze ontwerpen uitgevoerd,
onder meer van Joan Miró en Marc Chagall.
Voorbezichtiging
Niet helemaal onvoorbereid dus, keek ik eerst naar haar ontwerpen
voor deze ramen. Onder meer met gekleurd transparant papier en glasstukjes
zijn de fragmenten verdeeld over een vitrinemeubel, dat centraal
is geplaatst in de omvangrijke bibliotheek van het museum, die op
afspraak is te bezoeken. De 'voorbezichtiging' van de ramen op ware
grootte was tot 15 maart 2026 te zien in het Grand Palais in Parijs,
met de ontwerpen uitgevoerd op dik papier en plexiglas onder de
titel 'D'un seul souffle' (met één ademtocht). Zie
ook: www.youtube.com/YngUuH_vTH4.
Weaving
waters, weaving gestures
Vervolgens verder naar de schilderijen, sculpturen, alsook de beschilderde
vazen van Tabouret, die tot en met 25 mei 2026 worden gepresenteerd
op het thema 'Weaving waters, weaving gestures'. Het is een tentoonstelling
van de werken die zij in de afgelopen tien jaar heeft gemaakt.
'Het
menselijk gezicht is als het oppervlak van water, altijd in beweging,
altijd ongrijpbaar, nooit stil. Door mezelf te schilderen, kan ik
die vluchtige toestand vastleggen' aldus Claire Tabouret.
Haar forse schilderijen op doek en op nepbont, haar monoprints via
plexiglasplaten, de vazen, het is mysterieus, zelfs een beetje magisch.
In de eerste zaal zijn Tabourets' zelfportretten te zien; waarvan
één van haar ten voeten uit, getiteld 'Battleground'.
In dit tafereel rijst zij boven een slagveld met ridders te paard
uit, gekleed in een catsuit en op hoge hakken. Haar zelfportret
als vampier wordt ook als campagnebeeld gebruikt. Dat intrigeert,
is het een volwassene of een kind, aangezien Tabouret al sinds haar
veertiende zelfportretten schildert. Eveneens geldt dat voor het
portret met de hoodie (sweater met capuchon). De gezichtsuitdrukkingen
veranderen nauwelijks, ze kijken je wel recht aan.
Inspirators
Ook Tabouret heeft diverse inspirators. Al vanaf zeer jonge leeftijd
was dat Claude Monet, met name zijn vermaarde waterlelieschilderijen
die haar verlangen hebben aangewakkerd om zelf te gaan schilderen.
Ook Giorgio Morandi heeft indruk gemaakt op Tabouret, onder meer
met zijn landschappen. Dat heeft zich wellicht geuit in haar landschapschilderingen
op nepbont. Een gedurfde techniek, want alle verf die je op een
dergelijke drager aanbrengt, is onomkeerbaar, het absorbeert onmiddellijk.
Je moet de verf er als het ware in borstelen of tamponneren. Aan
de randen is de (aaibare) structuur nog te zien. Kleinere werken
in deze techniek heb ik eerder gezien, maar nog niet op deze grootte,
zeker indrukwekkend! In een hoek over een stoel 'gedumpt' ligt de
schildersoutfit van Tabouret, als een soort installatie of assemblage.
Hierdoor wordt de indruk gewekt dat ze hier haar atelier heeft en
net klaar is voor die dag. Zowel haar werkkleding als -schoeisel
heeft een 'Jackson Pollock' dessin.
| ,%202023.JPG)
|
Breaklights
Intrigerend zijn ook haar groepsportretten van stoïcijns
kijkende kinderen, waarbij haar kleurgebruik heel bijzonder
is. Zoals de groep verklede kinderen met zeer lange 'glowsticks'
(plastic staafjes die een gekleurd licht geven) of 'breaklights'
in hun handen, waarbij zowel hun sticks als diverse kledingstukken
en hoofddeksels zijn geschilderd in een soort fluorescerende
groenige kleur. Ik vroeg me af of het tafereel een 'glow
in the dark' effect heeft, zodra het donker wordt en het
museum is gesloten.
Les
pleureuses
De grote porseleinen vazen of urnen die Tabouret heeft
beschilderd zijn ware blikvangers. De enigszins eivormige
ontwerpen van Henri Rapin (1873-1939) zijn vervaardigd
door Manufacture nationale de Sèvres. Tabouret
schilderde met een door haar ontwikkelde techniek rechtstreeks
op het poreuze oppervlak, waarbij de kleuren pas echt
ontstaan na het bakken op 1280° C. De voorstellingen
zijn treurende en rouwende vrouwen. Tabouret kwam op dit
onderwerp door de vele aanslagen en het geweld van de
afgelopen jaren.
|
Claire
Tabouret, 'Les pleureuses' (brun doré), 2023, geëmailleerd
porselein, 53 x 40 cm, courtesy of the artist. |
|
'Naar
het werk van Claire Tabouret blijf je kijken; het heeft een enorme
aantrekkingskracht. Dat komt door haar duidelijke signatuur, kleurenpalet,
de materialiteit en haar onderwerpen (…)' aldus Barbara Bos,
hoofd tentoonstellingen Voorlinden. En aantrekkingskracht heeft
het daadwerkelijk. De tentoonstelling is de moeite waard om te gaan
bekijken, ruim tentoongesteld over zes zalen van het museum.
CLAIRE
TABOURET – Weaving waters, weaving gestures, t/m 25 mei 2026,
Museum Voorlinden, Buurtweg 90, Wassenaar. Website: www.voorlinden.nl.
Filmpje: hier.
Terug
naar boven
| Print dit artikel!
Glas
als taal, niet als spektakel
Glas is een materiaal met een paradoxale status. Het is tegelijk
alledaags en uitzonderlijk, kwetsbaar en technisch veeleisend, transparant
maar nooit neutraal. We drinken eruit, kijken erdoorheen, beschermen
er kunst mee in vitrines. Tegelijkertijd bezit glas een bijna magische
kwaliteit: het vangt licht, reflecteert de omgeving en kan een ruimte
veranderen zonder die fysiek te bezetten. Juist deze eigenschappen
maken glas tot een verleidelijk medium voor kunstenaars —
en tegelijk tot een risico.
Door
Han de Kluijver
| In
een tijd waarin technische perfectie snel bewondering oproept,
ligt esthetische vrijblijvendheid voortdurend op de loer.
Glas kan gemakkelijk imponeren door zijn glans, zijn kleur
of zijn ambachtelijke virtuositeit. Maar wanneer het materiaal
slechts een demonstratie van vaardigheid blijft, verliest
het zijn betekenis. De vraag dringt zich daarom op: hoe
kan glaskunst betekenisvol blijven? Misschien ligt het antwoord
besloten in het vermogen van glas om niet alleen te tonen
wat het ís, maar ook wat het kan verliezen: zijn
helderheid, zijn vorm, zijn stabiliteit. Waar glas breekt,
vervormt, beslaat of oplost in licht, ontstaat ruimte voor
betekenis. Glas laat ons niet alleen kijken naar een object,
maar reflecteert ook op de manier waarop wij kijken. |
|
| |
Als
een van de pioniers van de Amerikaanse glasbeweging onderzocht
Marvin Lipofsky (1938–2016) vooral de sculpturale
en ruimtelijke potentie van glas. 'Russian 6', 2006-2007,
geblazen, gezaagd, geetst glas. Foto: Studio Marvin Lipofsky. |
Het
laat ons ervaren dat zichtbaarheid nooit vanzelfsprekend is.
Emancipatie
van het medium
De herwaardering van glas als autonoom kunstmedium begon in de tweede
helft van de twintigste eeuw. Binnen de internationale 'studio-glass'
beweging werd glas losgemaakt uit zijn industriële context
en naar het kunstenaarsatelier gebracht. Een belangrijke rol werd
gespeeld door Marvin Lipofsky, die het materiaal benaderde als een
experimenteel veld. Zijn opgeblazen, organische vormen lijken soms
meer op levende organismen dan op traditionele glasobjecten. In
zijn werk wordt glas geen perfect oppervlak, maar een lichaam in
wording — kwetsbaar, onvoorspelbaar en voortdurend in beweging.
Parallel aan deze ontwikkeling ontstond in Europa een krachtige
sculpturale benadering van glas.
Het
werk van Stanislav Libenský en Jaroslava Brychtová
betekende een radicale uitbreiding van de mogelijkheden van het
materiaal. In hun monumentale gegoten glasvormen speelt licht een
architectonische rol. De objecten lijken massief en zwaar, maar
blijven tegelijkertijd licht doorlaten en transformeren. Hun werk
toont dat glas niet alleen een fragiel oppervlak kan zijn, maar
ook een sculpturaal medium met een bijna spirituele monumentaliteit.
Een meer autobiografische en expressieve benadering vinden we bij
de Duitse kunstenaar Erwin Eisch. Voor hem werd glas een middel
om persoonlijke verhalen, mythologie en maatschappelijk commentaar
te verbeelden. Zijn werk doorbrak het idee dat glas vooral decoratief
of functioneel moest zijn.
Licht,
perceptie en ruimte
Vanaf de jaren tachtig en negentig verschoof de aandacht binnen
de glaskunst steeds vaker van object naar ervaring. Glas werd niet
langer alleen gebruikt om vormen te maken, maar ook om perceptie
(waarneming) te onderzoeken. Bij de Belgische kunstenaar Ann Veronica
Janssens staat de zintuiglijke ervaring centraal.
| 
|
Haar installaties van glas, licht en kleur creëren
ruimtes waarin de toeschouwer zijn eigen waarneming begint
te betwijfelen. Grenzen vervagen, kleuren veranderen, en
de ruimte lijkt voortdurend te verschuiven. Ook het werk
van Roni Horn onderzoekt deze relatie tussen materie en
waarneming. Haar massieve glasobjecten hebben een bijna
meditatieve kwaliteit. Door hun transparantie en gewicht
lijken ze tegelijkertijd aanwezig en ongrijpbaar. Ze veranderen
voortdurend, afhankelijk van het licht en de positie van
de toeschouwer. Glas wordt hier geen object dat iets voorstelt,
maar een middel om te ervaren hoe kijken werkt. |
Stanislav
Libenský en Jaroslava Brychtová gebruikten
monumentaal gegoten glas om innerlijke ruimte en spirituele
monumentaliteit voelbaar te maken. Hun sculpturen dragen
een innerlijk licht, een stilte die verder reikt dan het
object. Galerie Libenský, Brychtová. Zelezny
Brod. Foto: Han de Kluijver. |
|
Europese
stemmen
Binnen Europa ontwikkelde zich bovendien een rijke diversiteit aan
artistieke benaderingen van glas. In Scandinavië onderzochten
kunstenaars de relatie tussen glas en landschap en tussen natuur
en menselijke verbeelding. De Zweedse kunstenaar Bertil Vallien
bijvoorbeeld, maakte monumentale zandgegoten glasobjecten waarin
archetypische vormen – boten, hoofden, menselijke figuren
– verwijzen naar reizen, herinnering en mythologie. Zijn werk
lijkt soms op archeologische vondsten uit een onbekende beschaving.
Een geheel andere benadering vinden we bij de Deense kunstenaar
Steffen Dam. Hij creëert glazen vitrines waarin fictieve biologische
specimens worden gepresenteerd. Deze objecten lijken afkomstig uit
een natuurhistorisch museum, maar blijken uiteindelijk producten
van de verbeelding. Hier ontstaat een subtiel spel tussen wetenschap
en fictie en tussen kennis en interpretatie. Glas fungeert als medium,
dat zowel transparantie als twijfel belichaamt.
Ook in Italië blijft glas een belangrijke rol spelen binnen
de hedendaagse kunstpraktijk. Door initiatieven als de internationale
samenwerkingsprojecten op het eiland Murano in Venetië, dat
beroemd is om zijn glaswerk, en projecten als 'Glasstress', georganiseerd
door Berengo Studio, ook op Murano, wordt glas steeds vaker ingezet
door kunstenaars die oorspronkelijk uit andere disciplines komen.
In deze context wordt het materiaal niet langer alleen benaderd
vanuit de traditie, maar vanuit het concept. Glas wordt een taal
binnen een breder artistiek discours.
Glas
en de wereld
Een belangrijke ontwikkeling binnen de hedendaagse glaskunst is
de groeiende aandacht voor een maatschappelijke en ecologische context.
Kunstenaars gebruiken glas niet alleen om schoonheid of virtuositeit
te tonen, maar ook om vragen te stellen over de wereld waarin we
leven.
|
Glas kan daarbij functioneren als metafoor voor kwetsbaarheid.
Het kan verwijzen naar breekbare ecosystemen, naar fragiele
sociale structuren of naar de lichamelijke kwetsbaarheid
van de mens. Sommige kunstenaars werken bewust met gebroken
glas, gerecyclede materialen of industriële restproducten.
Door deze materialen opnieuw te gebruiken, plaatsen zij
glas terug in een bredere maatschappelijke kringloop. Het
materiaal verliest zijn status van luxeobject en wordt onderdeel
van een kritisch verhaal over productie, consumptie en duurzaamheid.
In deze context wordt glas niet alleen een esthetisch medium,
maar ook een ethisch en politiek instrument. |
|
| |
Erwin
Eisch (1927-2022) gaf het glas een autobiografische en expressieve
dimensie. Het materiaal werd drager van persoonlijke mythologie
en maatschappelijk commentaar. Eisch, 'Schuh + Telefon im
GM', Foto: Sven Bauer. |
Van
spektakel naar noodzaak
In een wereld die steeds sneller en visueler wordt, dreigt kunst
soms te veranderen in spektakel. Grote installaties, indrukwekkende
kleuren en spectaculaire vormen kunnen gemakkelijk de aandacht trekken,
maar dat betekent nog niet dat ze ook betekenis dragen. Juist hier
ligt een belangrijke uitdaging voor kunstenaars die met glas werken.
Het materiaal bezit een intrinsieke schoonheid die gemakkelijk kan
verleiden. Maar wanneer glas uitsluitend wordt gebruikt om te imponeren,
blijft het oppervlakkig. Betekenisvolle glaskunst ontstaat daarentegen
vaak in het spanningsveld tussen controle en onzekerheid. Het werken
met glas vereist technische beheersing, maar tegelijkertijd laat
het zich nooit volledig controleren. Temperatuur, zwaartekracht
en tijd spelen allemaal een rol in het uiteindelijke resultaat.
In dat proces ontstaat een dialoog tussen kunstenaar en materiaal.
Soms leidt die dialoog tot onverwachte vormen, soms tot mislukkingen.
Maar juist in dat risico schuilt de mogelijkheid van het ontstaan
van betekenis.
Glas
als standvastige pijler
|

|
In
een wereld die vaak wordt gekenmerkt door snelheid en
verwarring, kan kunst een andere vorm van aandacht bieden.
Niet door luider te worden, maar door ruimte te creëren
voor reflectie. Glas bezit die mogelijkheid in bijzondere
mate. Het laat ons kijken én beseffen dat kijken
nooit neutraal is. Het confronteert ons met licht, met
ruimte en met onze eigen positie als waarnemer.
Wanneer
kunstenaars glas gebruiken als taal — en niet slechts
als spektakel — kan het medium een krachtige rol
spelen in de hedendaagse kunst. Het kan verhalen dragen,
vragen stellen en nieuwe vormen van ervaring mogelijk
maken. De toekomst van de glaskunst ligt daarom misschien
niet in steeds grotere technische prestaties, maar in
een hernieuwde aandacht voor betekenis.
Gebruik
glas niet als doel, maar als taal. Vraag niet alleen:
wat kan ik nog maken? Maar vooral: wat móét
ik maken? Daar, in die verschuiving van virtuositeit naar
noodzaak, kan glas werkelijk spreken.
|
Zo
werkte o.a. Erwin Wurm bij Berengo studio met glas zonder
dat het materiaal hun praktijk domineerde. Deze verschuiving,
van materiaalgedreven naar idee-gedreven, markeert een cruciale
stap in de volwassenwording van het medium. Foto: Han de
Kluijver. |
|
Han de Kluijver
is architect bna bni bnsp.
Terug
naar boven
| Print dit artikel!
Shilpa
Gupta – echo's van gesmoorde stemmen uit het verleden
De
tentoonstelling 'For, In Your Tongue, I Cannot Fit' in Museum Voorlinden
in Wassenaar, is een symfonie van honderd verboden, gecensureerde
stemmen. Met deze tentoonstelling geeft Shilpa Gupta een stem aan
dichters die door de eeuwen heen gevangen zijn gezet vanwege hun
geschriften en overtuigingen.
Door
Joke M. Nieuwenhuis Schrama
| Verdeeld
over drie kabinetten en de tuinzaal van het museum is de
tentoonstelling te zien van Shilpa Gupta (1976) –
niet te verwarren met Subodh Gupta (1964), van wie ook werk
is te zien in museum Voorlinden. Shilpa Gupta's kunst is
onderzoeksgericht, waarbij zij gebruik maakt van tekst,
tekeningen, objecten, geluid, licht en video. Haar werk
zag ik eerder op de biënnale van Venetië in 2019
(als bijdrage voor India in de Arsenale) en dat maakte indruk.
Een biënnale die de dreiging van gevaar in het algemeen
of onheilspellende vooruitzichten als thema had, onder de
titel 'May you live in interesting times'. Het is uiteraard
maar net hoe je zo'n uitspraak interpreteert. |
|
| |
Shilpa
Gupta, 'For, In Your Tongue, I Cannot Fit', 2017- 2018,
100 speakers, microfoons, papier, metalen standaarden, collectie
museum Voorlinden, courtesy of the artist. Foto: Antoine
van Kaam. |
Ralph
Rugoff, de curator van die 58ste editie, had hem ontleend aan een
tijding of boodschap van Sir Austen Chamberlain in 1936, waarin
deze toenmalige minister van buitenlandse zaken van het Verenigd
Koninkrijk waarschuwde voor een dreigende Tweede Wereldoorlog. Afijn,
die 'interesting times' van Chamberlain hadden grimmige gevolgen
in de daaropvolgende jaren...
Actueel
Dat geldt zeker ook voor de jaren na die biënnale die Rugoff
cureerde. Denk daarbij aan de desastreuze Covid-pandemie, die begin
2020 in Italië als een van eerste Europese landen uitbrak.
Toen de pandemie nauwelijks voorbij was, viel Rusland in 2022 Oekraïne
binnen. Wat er tussentijds tot in het hier en nu aan ellende en
onheil over de aardbol is uitgestort, is meer dan we kunnen bevatten.
Het werk van Shilpa Gupta, getiteld: 'For, In Your tongue, I Cannot
Fit', was geselecteerd door Rugoff en heeft te maken met vrijheden.
Shilpa Gupta is een van de belangrijkste kunstenaars in India. Haar
onderliggende boodschap in deze installatie en de andere werken
in deze tentoonstelling, is het belang van de vrijheid van meningsuiting
en het kunnen schrijven van literatuur en poëzie zonder censuur.
Ook dat is nog steeds op diverse plaatsen in de wereld in het geding,
wat haar kunst actueel houdt.
Stemmen
uit verleden en heden
Bezoekers kunnen voorzichtig door deze opmerkelijke geluidsinstallatie
lopen, om fragmenten uit korte of lange verzen van honderd dichters
te horen en te lezen. Dichters die door de eeuwen heen om hun poëzie
gevangen zijn gezet, vanwege de onmogelijke censuur in hun land.
Die poëzie is gezongen of verteld in de moedertaal van de betreffende
dichter en is nu in het Engels te lezen op A4-tjes die op honderd
spiesen zijn gestoken, waarboven een microfoon hangt. De gedichten
dateren uit de achtste eeuw tot heden en worden voorgelezen in talen
zoals Engels, Spaans, Arabisch, Russisch, Azerbeidzjaans en Hindi,
waardoor bezoekers in een uur tijd meer dan duizend jaar wereldwijde
poëzie kunnen ervaren. Met dit werk geeft Shilpa de microfoon
terug aan hen die stemloos zijn gemaakt. De titel heeft de kunstenaar
ontleend aan een uitspraak van de 14e eeuwse dichter Imadaddin Nasimi,
een martelaar. Zie ook: www.youtube.com/cqCQeZPTkwI
(voor 'tongue', lees: taal ).
Censuur
'For, in your tongue, I cannot fit', is het sleutelwerk en de grootste
installatie (over zo'n 280 m²) van Shilpa in de tuinzaal. Het
is tamelijk donker in deze grote ruimte, wat ook de bedoeling is,
maar ik moest toch echt even bijschijnen met de zaklamp op mijn
telefoon om de Engelse vertalingen goed te kunnen lezen.
De
Cubaanse journalist, schrijver en dichter Heberto Padilla schreef
over de censuur tijdens het communistische regime van Fidel Castro
(fragment): 'Cuban poets dream no longer (not even at night), they
close the door to write alone. When suddenly the wood creaks; The
wind buffets the garret; Hands seize them by the shoulder'. Zijn
poezie en andere geschriften brachten hem in de gevangenis en later
in ballingschap. Zo lees ik een fragment uit een 'ondicht' van Allan
Ginsberg, een beroemd geworden werk, mede door de vele rechtszaken
die het veroorzaakte. Het is inmiddels niet meer verboden, maar
in sommige delen van de USA wordt het op scholen nog steeds geweerd.
Het werk is obsceen volgens de censuur autoriteiten, te plastisch
of te 'beeldend' omschreven (Ginsberg was openlijk homoseksueel).
Het
was voor Shilpa een jarenlang onderzoeksproject om erachter te komen
welke poëzie of proza er precies werd geweigerd, waar gevangenisstraf
of zelfs de doodstraf op stond, door wie het was geschreven en wanneer.
'Vaak, zoals ook nu het geval is, veroorzaken de stemmen van de
waarheid ongemak en worden ze het zwijgen opgelegd, maar de echo
blijft bestaan en wordt nog steeds gehoord'. (Shilpa Gupta)
Message
in a bottle
Bij de andere installaties of assemblages van Gupta die hier worden
getoond, heb ik zonder het zaalgidsje wel gedacht 'waar kijk ik
naar... '. Het is bij dit thema een uitdaging om dat zelf te kunnen
duiden, want alle objecten refereren aan de vrijheid van meningsuiting.
De toelichting is overigens helder omschreven. Zo is er een zeventig
kilo zwaar gordijn te zien, dat aan de wand hangt en uitgevoerd
is in gegoten kanonsmetaal. Het metaal werd vroeger gebruikt voor
wapens en is beter bekend als gietijzer. Het gaat over macht hebben,
verhullen en over kijken en bekeken worden. In een vitrinekast staan
vijftien flesjes en in elk flesje heeft Shilpa een verzetsgedicht
ingesproken en ze vervolgens snel verzegeld; bewaard en veiliggesteld
voor toekomstige generaties. Op de flesjes staan de titels van (verboden)
gedichten en door wie ze zijn geschreven, onder meer door Osip Mandelstam
en Mikayil Mushfig, die beide als anti-Stalinisten werden veroordeeld
tot respectievelijk heropvoedingskamp en tot executie.
| ,%202018%20ongoing,%20Collection%20museum%20Voorlinden%20Antoine%20van%20Kaam.jpg)
|
'Vaak, zoals ook nu het geval is, veroorzaken de stemmen
van de waarheid ongemak en worden ze het zwijgen opgelegd,
maar de echo blijft bestaan en wordt nog steeds gehoord'.
(Shilpa Gupta)
Message
in a bottle
Bij de andere installaties of assemblages van Gupta die
hier worden getoond, heb ik zonder het zaalgidsje wel
gedacht 'waar kijk ik naar... '. Het is bij dit thema
een uitdaging om dat zelf te kunnen duiden, want alle
objecten refereren aan de vrijheid van meningsuiting.
De toelichting is overigens helder omschreven. Zo is er
een zeventig kilo zwaar gordijn te zien, dat aan de wand
hangt en uitgevoerd is in gegoten kanonsmetaal. Het metaal
werd vroeger gebruikt voor wapens en is beter bekend als
gietijzer. Het gaat over macht hebben, verhullen en over
kijken en bekeken worden.
In
een vitrinekast staan vijftien flesjes en in elk flesje
heeft Shilpa een verzetsgedicht ingesproken en ze vervolgens
snel verzegeld; bewaard en veiliggesteld voor toekomstige
generaties. Op de flesjes staan de titels van (verboden)
gedichten en door wie ze zijn geschreven, onder meer door
Osip Mandelstam en Mikayil Mushfig, die beide als anti-Stalinisten
werden veroordeeld tot respectievelijk heropvoedingskamp
en tot executie.
|
Shilpa
Gupta, 'zonder titel | untitled (Spoken Poem in a Bottle)',
2018 – permanent, flessen, vitrine, gloeilamp, bottles,
display case, light bulb, collection museum Voorlinden.
Foto: Antoine van Kaam. |
|
Potloodpunten
en gesloten boeken
Een fragiele toren van eenentwintig potloodpunten op een houten
zuil duidt op de vasthoudendheid van dichters die in gevangenschap
leven. Het werk symboliseert het verbergen van afgebroken potloodpunten
in de spleten van muren, zodat ze daarmee kunnen schrijven. Loodzware
boeken staan in een vitrinekast met dezelfde titel als de grote
installatie 'For, in your tongue, I cannot fit'. Ze kunnen niet
meer opengeslagen worden. Op de kaften heeft Shilpa zinnen uit diezelfde
gedichten gegraveerd en op de ruggen de namen van de dichters. Op
de grond staan loodzware voetstappen die onmogelijk in beweging
komen. Dit werk (2021/23) is een krachtige metafoor voor hoe het
lichaam een verlengstuk is van onze expressie, en wat er gebeurt
wanneer die wordt beperkt. Naast de vrijheid van meningsuiting speelt
ook het concept 'grenzen' een belangrijke rol in het werk van Shilpa.
Niet alleen geografische en politieke grenzen, maar ook die tussen
jou en de ander. Haar werk zet je aan het denken hoe je naar anderen,
de wereld en jezelf kijkt.
Shilpa
Gupta, FOR, IN YOUR TONGUE, I CANNOT FIT, t/m 17 mei 2026, Museum
Voorlinden, Buurtweg 90, Wassenaar. Website: www.voorlinden.nl.
Terug
naar boven |
Print dit artikel!
In
memoriam – Václav Cigler (1929–2026)
Op
donderdag 8 januari 2026 is Václav Cigler overleden. Met zijn
dood verliest de internationale kunstwereld een van de meest invloedrijke
en visionaire kunstenaars van de twintigste en eenentwintigste eeuw.
Door
Han de Kluijver
| Cigler
geldt als een van de grondleggers van de Tsjechische glasbeweging.
Al aan het einde van de jaren vijftig ontdekte hij als een
van de eersten het artistieke potentieel van optisch glas
— een materiaal dat tot dan toe uitsluitend werd ontwikkeld
voor technische en wetenschappelijke toepassingen, zoals lenzen
voor microscopen, telescopen en camera’s.
Door
dit extreem zuivere, industrieel vervaardigde glas te gebruiken
voor sculpturale en ruimtelijke werken, transformeerde hij
het glasmedium en verlegde hij wereldwijd de grenzen ervan.
Zijn
werk wordt gekenmerkt door radicale eenvoud en uiterste precisie.
|
|
| |
Vaclav
Cigler. Foto: Michal Motycka. |
Cirkels, bollen, cilinders, prisma’s en rechthoekige blokken
vormen de elementaire bouwstenen van zijn sculpturen. Binnen deze
strenge geometrieën spelen reflectie, breken en verstoring van
licht een centrale rol. De objecten zijn geen gesloten vormen, maar
functioneren als instrumenten voor waarneming: zij vergroten, ontleden,
spiegelen en transformeren de zichtbare werkelijkheid. Zoals Cigler
zelf zei: "Ik maak geen kunstobjecten, maar manieren van kijken."
Licht is bij Cigler geen bijkomstigheid, maar een actief materiaal.
Zijn werken veranderen voortdurend, afhankelijk van standpunt, beweging
en omgeving. Horizonnen verschuiven, vormen lossen op, ruimte wordt
vervormd. De toeschouwer is niet langer enkel kijker, maar wordt deelnemer.
Deze ervaring verleent zijn werk een meditatief, bijna spiritueel
karakter, waarin tijd vertraagt en aandacht wordt aangescherpt.
Dialoog
Naast zijn autonome glassculpturen verrichtte Cigler vanaf de jaren
zestig baanbrekend werk op het gebied van land art en kunst in de
openbare ruimte. Water speelde daarin een sleutelrol: als spiegel,
als drager van licht, als metafoor voor tijd en continuïteit.
Zijn ontwerpen — glazen loopbruggen, wateroppervlakken, lichtcorridors
— zoeken steeds de dialoog met het landschap en balanceren tussen
rust en beweging, stilte en stroom. Een belangrijk deel van zijn oeuvre
bevindt zich op het snijvlak van kunst en architectuur. In 1965 richtte
hij aan de Academie voor Schone Kunsten in Bratislava de invloedrijke
studio 'Glas in Architectuur' op, waarvan hij tot 1979 directeur was.
Hij leidde daar een hele generatie kunstenaars op en drukte een blijvend
stempel op de ontwikkeling van de Tsjechische en Slowaakse glaskunst.
Tot zijn bekendste gerealiseerde werken behoren de licht- en glasinstallaties
in verschillende metrostations in Praag, waaronder Námestí
Míru, Námestí Republiky en Kriíkova.
Ontdekken
Ciglers werk werd wereldwijd tentoongesteld en is opgenomen in toonaangevende
collecties, waaronder het Corning Museum of Glass (VS), het Victoria
& Albert Museum (Londen), het Musée des Arts Décoratifs
(Parijs) en de Slowaakse Nationale Galerie. In 2019 ontving hij de
Prijs van het Ministerie van Cultuur van de Tsjechische Republiek,
voor zijn levenslange artistieke en pedagogische betekenis. Naast
zijn sculpturen vormt ook zijn omvangrijke oeuvre op papier —
tekeningen, diagrammen en notities — een essentieel onderdeel
van zijn werk. Dit zijn niet louter voorstudies, maar autonome reflecties
op ruimte, kosmos en menselijke waarneming. Ze tonen Cigler als denker
en observator, voortdurend zoekend naar de essentie van vorm, licht
en betekenis.
Václav Cigler zag kunst als een middel tot ontdekken: van de
wereld, van perceptie, van onszelf. Zijn werk gaat niet over spektakel,
maar over aandacht — over kijken, vertragen en het bewust worden
van licht, ruimte en aanwezigheid. In zijn glas weerspiegelt zich
niet alleen de wereld om ons heen, maar ook onze plaats daarin. Zijn
nalatenschap is helder, precies en blijvend — als het licht
dat door zijn werk blijft stromen.
Han de Kluijver
is architect bna bni bnsp.
Terug
naar boven
| Print dit artikel!
Korte
berichten
Op 28
maart opende de eerste uitgebreide retrospectieve solotentoonstelling
van Sara Sejin Chang (Sara van der Heide, 1977) in
Landhuis Oud Amelisweerd. Transmutation brengt immersieve
filminstallaties, 558 aquarellen en werk op textiel uit de afgelopen
vijftien jaar samen en toont de dwarsverbanden in het veelzijdige
oeuvre van Chang. Chang bevraagt in haar werk de koloniale en eurocentrische
'blauwdruk' die in Europa het heden heeft gevormd. Bijvoorbeeld in
de totstandkoming van een grootschalige, transraciale adoptie-industrie
onder invloed van koloniale machtsverhoudingen. Juist in de vorm,
door middel van poëtische en betoverende installaties, probeert
ze die manier van denken ongedaan te maken. Met haar werk nodigt Chang
uit tot collectieve heling. Centraal staat het idee van transmutatie:
een spiritueel proces waarbij historisch gevormde patronen, structuren
en hiërarchieën worden getransformeerd, daarbij het persoonlijke
overstijgend. De Koreaans-Nederlandse kunstenaar Sara Sejin Chang
woont en werkt in Berlijn. Ze maakt films en grootschalige immersieve
installaties en werkt daarnaast met onder meer textiel, schilderkunst
en tekst. Van 2022 tot en met 2027 presenteert het Centraal Museum
een reeks tentoonstellingen in Landhuis Oud Amelisweerd. Iedere kunstenaar
krijgt een open podium om werk en wensen te presenteren in wisselwerking
met de historische kamers. Zo maakt het Centraal Museum van deze historische
buitenplaats een actuele vrijplaats. Transmutation, Sara Sejin
Chang (Sara van der Heide), 28 maart t/m 25 oktober 2026, Landhuis
Oud Amelisweerd, www.centraalmuseum.nl.
Duologue
laat zien dat kunst, ongeacht haar leeftijd, altijd in gesprek is
met onze tijd. Vijf ontmoetingen tussen Oude en hedendaagse kunst
uit de collectie van Bonnefanten zijn gearrangeerd. De verrassende
duo’s gaan een direct gesprek aan. Met elkaar én met
de bezoeker. Het resultaat is soms confronterend, soms poëtisch,
maar altijd urgent. De werken in Duologue lijken voor elkaar
gemaakt, terwijl ze honderden jaren uit elkaar liggen. Vorm, houding
of beeldtaal blijken moeiteloos tijd te overstijgen. Door deze visuele
verwantschappen ontstaan nieuwe betekenissen en scherpe vragen: wat
kan het verleden ons vertellen over vandaag, en andersom? Een middeleeuws
paneel gebruikt een banderol om Gods woord over te brengen; in een
hedendaags werk van Ed Templeton spreekt een jonge harlekijn zich
via eenzelfde banderol uit over het recht op abortus. Eeuwen scheiden
de werken, maar de urgentie is dezelfde. Steeds meer stemmen eisen
ruimte. Bezoekers worden uitgenodigd om zelf betekenis te geven. Tekstbordjes
kunnen worden opengevouwen voor extra context, maar associatie en
verbeeldingskracht staan centraal. Duologue kiest bewust
voor een speelse, experimentele opstelling waarin kijken belangrijker
is dan weten. Met deze transhistorische presentatie toont het Bonnefanten
een voorproefje van de vernieuwde herinrichting van de gehele verdieping
Oude Kunst. Deze herinrichting waarin Oude en hedendaagse Meesters
vaker samen worden gepresenteerd om nieuwe verhalen zichtbaar te maken,
is in voorbereiding. Duologue: Kunst van toen en nu, oog in oog,
12 maart t/m 7 juni 2026, Bonnefanten museum, Maastricht, www.bonnefanten.nl.
Voor
het eerst in 23 jaar verandert de inrichting van het Rietveldpaviljoen
in de beeldentuin van het Kröller-Müller Museum. Hier wordt
plaats gemaakt voor zestien beelden van Ruud Kuijer
(1959) uit de periode 1990-2025. De beelden zijn heel precies gekozen
qua materiaal, maat en plaats. Het is een solotentoonstelling en tegelijkertijd
een tentoonstelling over sculptuur en architectuur: Kuijer en Rietveld.
Ruud Kuijer maakt beelden van ruwe materialen als beton en staal.
Zijn sculpturen ontstaan uit het spel met de zwaartekracht en de eigenschappen
van herkenbare materialen als H-balken, betongaas of ‘springveren’.
Kuijer probeert steeds tot de kern van sculptuur te komen. Het draait
in zijn werk om hoe iets staat, ligt, hangt of leunt. Zijn abstracte
beelden verbeelden geen verhaal, maar laten de materialen en vormen
in verhouding met elkaar spreken. In het Rietveldpaviljoen is de ruimte
zelf nét zo belangrijk als de materialen die dezeruimte vormgeven.
In een spannende pas de deux worden architectuur en sculptuur bij
elkaar gebracht. Er verschijnt een catalogus met foto’s van
de zestien sculpturen in het paviljoen en teksten over sculptuur en
architectuur van Benno Tempel, Frits Scholten en Ruud Kuijer. Beelden
van Ruud Kuijer, Rietveldpaviljoen Kröller-Müller Museum,
23 mei t/m 4 oktober 2026. Website: krollermuller.nl.
Samenstelling:
Rob den Boer
Terug
naar boven
|
|