|
|
| Juli
- sept. 2026, 21e jg. nr.2.
Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com. |
|||||
| VOORKANT | ACTUEEL | AGENDA | UITGELICHT | ARCHIEF | COLOFON |
| voorpagina artikel |
recensies van tentoonstellingen | actuele
exposities Nederland België |
opmerkelijke kunstberichten |
artikelen
uit vorige nummers |
over Het Beeldende Kunstjournaal |
|
Uitgelicht De Pont Museum, Tilburg: Sigmar Polke – Het weten van de kleuren
De werken in de tentoonstelling markeren een cruciaal keerpunt in Sigmar Polkes oeuvre. Van groot belang was de reis die hem in 1980/81 naar Australië, Papoea-Nieuw-Guinea en Zuidoost-Azië voerde. De ervaringen tijdens deze reis veranderden zijn kijk op kleur en op de contexten waarin kleur betekenis krijgt. De impact daarvan werd zichtbaar in 1986 op de Biënnale van Venetië, waar Polke in het Duitse paviljoen zijn met de Gouden Leeuw bekroonde installatie Athanor presenteerde. Met deze installatie, vernoemd naar de alchemistische oven, transformeerde hij het paviljoen letterlijk in een ‘fornuis’ waarin beeldprocessen zich voltrokken als materiële reacties tussen schilderkunstig oppervlak en omgeving. Het hart van de installatie werd gevormd door een wandschildering die daadwerkelijk mee veranderde met het weer: bij hoge luchtvochtigheid kleurde zij roze, bij droogte blauw. De werken uit deze periode en daarna worden gekenmerkt door het gieten, uitstrooien, blazen en uitstrijken van lakken, pigmenten en harsen op transparante of semitransparante dragers, stoffen en doeken. Ze variëren van volledig abstracte Farbproben (kleurproeven), monochrome Farbtafeln (kleurpanelen) en lak- en gietschilderijen tot werken met herkenbare figuratie en vormen. Deze ontleent Polke aan historische beeldbronnen, waaronder citaten uit de kunst- en cultuurgeschiedenis, zoals in het vierluik Hermes Trismegistos. In deze fase verschuift de nadruk van de hand van de kunstenaar naar het gedrag van de materialen zelf, die ook nadat ze op het doek zijn aangebracht tot op zekere hoogte blijven doorwerken en als het ware een eigen leven leiden. Hun onderlinge interacties en historische lading maken verbanden zichtbaar tussen cultuur-, natuur- en kunstgeschiedenis. In de abstracte kleurcomposities en schilderkundige details wordt zichtbaar hoe Polke de ogenschijnlijk vaste schilderkunstige canon fundamenteel bevraagt. Door vrijelijk te spelen met dragers en pigmenten en door ruimte, transparantie en licht actief te betrekken bij het ontstaan van het beeld, ontvouwt zich een praktijk waarin schilderkunst zich voortdurend herdefinieert. Voor het eerst worden de belangrijkste ensembles van Polke uit Nederlandse museale collecties binnen dit experimentele perspectief bijeengebracht. Daarnaast zijn er belangrijke bruiklenen uit onder andere Museum Abteiberg, Mönchengladbach; Museum Brandhorst, München; Museum Frieder Burda, Baden-Baden; Carré d’Art – Musée d’art contemporain de Nîmes; Museum für Gegenwartskunst, Siegen; Kunstmuseum Karlsruhe; Hesta Collection Uster; Cranford Collection, Londen en uit diverse particuliere verzamelingen. Veel van de werken zijn voor het eerst in Nederland te zien. Sigmar Polke – Het weten van de kleuren, 20 september 2026 t/m 28 februari 2027, De Pont Museum, Tilburg. Website: www.depont.nl.
Singer Laren: Meesterwerken uit Le Havre
De stad dankt haar aantrekkingskracht niet alleen aan de bedrijvigheid van de haven, maar ook aan de unieke atmosfeer van licht en zee aan de monding van de Seine. Hier worden kunstenaars als Eugène Boudin, Claude Monet, Raoul Dufy en Othon Friesz opgeleid, terwijl anderen vanuit Parijs de laatste ontwikkelingen meebrengen. Gesteund door vermogende havenbaronnen ontstaat een levendig kunstklimaat waarin vernieuwing kan bloeien. In deze dynamische omgeving schildert de jonge Monet, gefascineerd door het steeds veranderende licht en de sfeer, zijn Impression, soleil levant (1872), het startpunt van het impressionisme. De havenbaronnen stimuleren artistieke vernieuwing door werk van lokale kunstenaars te verzamelen en kunstenaars van buitenaf naar Le Havre te halen. Zo nodigen zij in 1903 de impressionist Camille Pissarro uit, die er een reeks havengezichten schildert. De gemeente Le Havre verwerft een aantal van deze werken voor het plaatselijke museum; de eerste werken van Pissarro die tijdens zijn leven in een museale collectie worden opgenomen. Meesterwerken uit Le Havre volgt tachtig jaar artistieke vernieuwing, met Le Havre als vertrekpunt: van het sfeervolle impressionisme tot de felle kleuren van het fauvisme. Raoul Dufy, ook wel ‘zoon van Le Havre’ genoemd, vindt in het zee- en havenlandschap een blijvende inspiratiebron. In zijn werk verbeeldt hij zijn geboortestad in heldere kleuren en vereenvoudigde vormen. Le Havre is de geboorte- en ontwikkelingsplaats van belangrijke pioniers uit de moderne schilderkunst. Een vergelijkbare ontwikkeling is te zien in Laren: met de komst van de tramverbinding met Amsterdam (‘De Gooische Moordenaar’) is het boerendorp uitgegroeid tot kunstenaarskolonie en een Nederlands centrum van opeenvolgende vernieuwende kunststijlen.
Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerde catalogus,
uitgegeven door Waanders Uitgevers (ISBN 9789462627123, €32,50).
Museum van Bommel van Dam, Venlo: Nachtleven, Hanny Korevaar en Armand Bouten
Lange tijd, bovendien, bleef hun kunst buiten het zicht van het grote publiek. Eigenzinnig als ze waren, sloten Korevaar en Bouten zich niet aan bij kunstenaarsverenigingen, exposeerden ze weinig en verbleven ze een groot deel van hun leven in het buitenland. Ze hadden genoeg aan elkaar en de kunst. Vanaf eind 1922 trokken Hanny Korevaar en Armand Bouten als pasgetrouwd stel door Zuidoost-Europa. Vooral Hongarije en de Roma-gemeenschappen die ze daar ontmoetten, spraken sterk tot hun verbeelding. Vanaf dat moment kregen volkskunst en mensen met een andere etniciteit een prominente plek in hun werk. In 1924 verhuisden Korevaar en Bouten naar het artistieke Parijs. Hier legden beide kunstenaars zowel de armoede als de glamour van de jaren '20 vast. Ze maakten veel nieuw werk en zijn duidelijk op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen in de moderne kunst. Bouten liet zich inspireren door belangrijke figuren van de zogeheten Parijse School, zoals Marc Chagall. Ook experimenteerde hij met stromingen als dada, het kubisme, futurisme en surrealisme. Fragmentarisch verbeeldde hij het hectische leven in de grote stad. Korevaar zocht haar weg in het surrealisme, waarbij mensen, dieren en stedelijke elementen samensmelten tot raadselachtige figuren. In de jaren '30 verhuisden Hanny Korevaar en Armand Bouten naar Brussel, waar de dreigende sfeer van de naderende oorlog steeds zichtbaarder werd in het werk van Bouten. De afgebeelde mensen ogen doorleefd en vertonen tekenen van honger, uitputting en verminking. In Brussel kwamen ook de meeste van zijn sculpturen tot stand: werken geïnspireerd op Afrikaanse beelden die hij als puur ervoer. Hanny Korevaar en Armand Bouten exposeerden tijdens hun leven slechts drie keer samen: tweemaal in Amsterdam (1922 en 1924) en eenmaal in Venlo (1924). De Venlose tentoonstelling vond plaats in café-restaurant National, een statig feestpaleis pal tegenover het huidige museum van Bommel van Dam, dat later door brand werd verwoest. Meer dan honderd jaar later keert hun werk terug naar nagenoeg dezelfde plek. Nachtleven, Hanny Korevaar en Armand Bouten, t/m 13 september 2026, Museum van Bommel van DamKeulsepoort 1, Venlo. Website: www.vanbommelvandam.nl.
Het Mondriaanhuis, Amersfoort: Het Mondriaan-effect
In één van de zalen toont Het Mondriaan-effect werk van ontwerpers die zich inhoudelijk of visueel hebben laten inspireren door Mondriaans oeuvre. Zo is onder meer de jurk Mon Cadre van Irving Vorster te zien. Voor dit ontwerp vormde 'Ruitvormige compositie met twee lijnen' (1931) het uitgangspunt. Vorster trekt de lijnen als het ware door over het lichaam en brengt ze in beweging. Het schilderij van Mondriaan verandert zo in iets dat gedragen en ervaren kan worden. Naast de jurk van Vorster zijn onder andere servies, sieraden, een munt en vazen te zien. Sommige ontwerpers grijpen terug op de bekende abstracte composities met primaire kleuren en strakke lijnen, terwijl anderen inspiratie vonden in Mondriaans vroegere werk, zoals 'De rode boom' of 'Tableau III'. Niet alleen zijn vormentaal, maar ook zijn ideeën over harmonie en evenwicht klinken door in deze ontwerpen. Een andere zaal laat zien hoe de commerciële wereld Mondriaans stijl heeft omarmd. Zijn kenmerkende beeldtaal groeide uit tot een wereldwijd herkenbaar visueel merk dat op talloze producten en in reclamecampagnes wordt toegepast - soms doordacht, soms oppervlakkig. Daarmee toont de tentoonstelling hoe een artistieke visie kan uitgroeien tot een cultureel én commercieel fenomeen. Denk aan vogelhuisjes, regenlaarzen, servies, vliegers, een keukenschort en nog veel meer. Blikvanger in deze zaal is de Gripen-gitaar van gitaarbouwer Doug Kauer in Californië, VS. Deze handgemaakte en -geschilderde gitaar in Mondriaankleuren is er één uit de serie NOMM-Drian. De inspiratie voor het kubistische ontwerp van de Gripen komt van Mondriaans kunst en is de aanleiding voor de NOMM-Drian serie. Vooral de taps toelopende 'vleugels' van de Gripen zorgen voor contrast zonder te botsen met het lineaire karakter van de gitaar. Deelnemende ontwerpers: Bruno Doedens, Marjolein Rothman, Erna Huppelschoten, Thomas de Roo, Vincent de Kooker, Lonneke van Leth, Jiska Minderhout, Irving Vorster. Het Mondriaan-effect, t/m 4 oktober 2026, Het Mondriaanhuis, Kortegracht 11, Amersfoort. Website: www.mondriaanhuis.nl.
Foam, Amsterdam: Martin Parr - Very Modern and Rather Ugly
Gedurende een carrière van meer dan vijf decennia groeide Martin Parr (1952–2025) uit tot een van de meest onderscheidende en invloedrijke figuren in de hedendaagse fotografie. Hij werd bekend om zijn gebruik van verzadigde kleuren, close-up composities, met een harde flitslicht en scherpzinnige, ironische blik waarmee hij de alledaagse rituelen, gedragingen en gewoonten van het moderne leven vast legde. Parr werd gevierd voor zijn vaardigheid om het bekende vreemd te maken en het ogenschijnlijk saaie interessant. Met zijn levendige visuele taal transformeerde hij alledaagse scènes tot scherpe reflecties op de moderne samenleving. Centrale thema’s in zijn levenswerk zijn consumptie, culturele identiteit, toerisme en klasse. Parr documenteerde niet alleen het hedendaagse leven; hij daagde kijkers ook uit om het anders te zien. De tentoonstelling Very Modern and Rather Ugly toont de iconische serie Common Sense (1999), een installatie van 270 kleurrrijke close-upfoto’s die inzoomen op de wereldwijde consumptiecultuur; van fastfood en toeristische locaties tot persoonlijke decoraties en sociale stereotypen. De serie Autoportrait (2002) brengt drie decennia aan portretten van Martin Parr samen, gemaakt door straatfotografen, studiofotografen en fotohokjes over de hele wereld, waarmee hij de vele vormen, stijlen en tradities van de mondiale portretfotografie belicht. Bezoekers kunnen ook kennismaken met The Non-Conformists (mid-1970), zijn vroege zwart-wit documentatie van landelijke Engelse gemeenschappen, en zijn doorbraakserie The Last Resort (1983-85), die Parrs overgang naar kleur markeert en zijn focus op de Britse kust. Martin Parr (1952-2025) is geboren in Epsom, Verenigd Koninkrijk, en studeerde fotografie aan de Manchester Polytechnic. In 1994 werd Parr lid van Magnum Photos, en van 2013 tot 2017 was hij voorzitter van het agentschap. Naast zijn fotografie praktijk was hij actief als curator, redacteur en professor. Met meer dan 150 door hemzelf gepubliceerde boeken en nog eens dertig fotografieboeken die hij redactioneel samenstelde liet Parr een blijvende nalatenschap achter. Zijn werk is opgenomen in de collecties van vele toonaangevende musea wereldwijd, van Tate in het Verenigd Koninkrijk tot het Centre Pompidou in Parijs en het Museum of Modern Art in New York. In 2017 werd in Bristol de Martin Parr Foundation opgericht om opkomende, gevestigde en onderbelichte fotografen te ondersteunen die zich in hun werk richten op Groot-Brittannië en Ierland. Martin Parr – Very Modern and Rather Ugly, t/m 12 augustus 2026, Foam, Keizersgracht 609, Amsterdam. Website: www.foam.org.
M Leuven: Valérie Mannaerts - Antennae
Deze langzame, collectieve processen staan in contrast met het nieuwe
werk in de tentoonstelling, waarin Mannaerts opnieuw de directheid van
het atelier opzoekt.
De tentoonstelling opent met Volubly Troublously (2025) (letterlijk:
'spraakzaam verontrustend'), een nieuw werk dat meteen de eigen vormentaal
van Mannaerts introduceert. De sculptuur bestaat uit een beschilderd
doek in de vorm van een open tuniek of kimono, tule en linten. Op het
oppervlak verschijnen tepels, bloemen, vruchtjes en andere organische
motieven. Het werk bevindt zich op het snijvlak van schilderkunst en
sculptuur en verwijst naar het vrouwenlichaam, vruchtbaarheid en kleding.
Het zet de toon voor het vervolg van het parcours dat niet chronologisch
verloopt, maar via thematische clusters. Doorheen vijf zalen ontvouwt
zich een scherp en eigentijds portret van Mannaerts’ kunstenaarspraktijk
dat de veelzijdigheid van haar dertigjarige carrière in beeld
brengt. Antennae nodigt bezoekers uit om zich te laten leiden
door vormen en beelden die voortdurend bewegen tussen het intieme en
het grootse, het persoonlijke en het universele.
Naar aanleiding van haar tentoonstelling Antennae in M, verschijnt
een gelijknamige publicatie bij Walther König Verlag.
Zeeuws Museum, Middelburg: Hebben, hebben, hebben
Deze (en/of hun makers) hebben gemeen dat ze je anders naar bezit laten kijken en kunnen inspireren tot een alternatieve levenshouding. Musea raken steeds voller en lijken ook grenzeloos te verzamelen. Collecties breiden alsmaar verder uit, terwijl maar een heel klein deel tentoongesteld kan worden. Het gros van de kunstschatten en verzameld erfgoed wordt bewaard en beheerd in depots en krijg je nooit te zien. Hoeveel kan een museum eigenlijk bewaren en zijn er alternatieven? Hebben, hebben, hebben onderzoekt het. In de eerste periode doen we dat met werk van Maarten Vanden Eynde, Beatrijs Lauwaert, Jacoba van Heemskerck en Paul en Menno de Nooijer. In november ‘26 volgt het tweede deel met veel nieuwe kunstwerken. De gehele reeks loopt tot voorjaar ‘28. Op dezelfde verdieping vind je eenZM Open atelier; een inspiratie- en ontmoetingsruimte in het kader van eenZM*. De komende periode onderzoeken we hier, met buurtbewoners en andere geïnteresseerden, hoe we op het Abdijplein (onze publiekstoegankelijke voortuin) waardevolle ontmoetingen en verbinding kunnen stimuleren. Onder de noemer eenZM Open plein komen we maandelijks samen om wensen en ideeën uit te wisselen en inspiratie op te doen. Kunstenaars en creatieve makers betrekken we bij het proces om mee te denken over eventuele uitvoeringen. De samenkomsten legt tekenaar Betina Van Meter (Bord&Stift) vast en zijn te zien in eenZM Open atelier. Richting zomer verplaatst een en ander zich meer naar buiten en gaan we experimenteren op het plein. Hebben, hebben, hebben, deel 1, t/m 25 oktober 2026, Zeeuws Museum, Abdij 4, Middelburg. Website: www.zeeuwsmuseum.nl.
Museum Kranenburgh, Bergen NH: Bernard Essers – Dromen in het duin
Naast vrij werk omvat deze selectie illustraties voor boeken en tijdschriften waaronder Wendingen, het kunst- en architectuurforum voor progressief Nederland (1918 – 1933). Hoewel Bernards Essers al op zevenjarige leeftijd naar Nederland komt, blijft de herinnering aan zijn vroege jeugd op Java doorwerken in zijn artistieke beeldtaal. Hij volgt opleidingen in Amsterdam en Londen en maakt kennis met de ideeën van de Engelse Arts and Crafts-beweging over vakmanschap, ornamentiek en de relatie tussen vorm en functie. In Bergen gaat hij in de leer bij de grafici Job Graad van Roggen (NL, 1867-1959) en Jaap Veldheer (NL, 1866-1954), pioniers van de kunstenaarsavant-garde die aan het begin van de 20ste eeuw in Bergen neerstrijkt. Essers verhuist in 1920 eveneens naar Bergen. Hoewel hij zich beweegt in het netwerk van kunstenaars van de Bergense School, blijft hij artistiek volledig zijn eigen weg gaan. Wanneer hij rond 1918 in contact komt met de kunstenaars Jan Toorop (ID/NL 1858-1928) en Lodewijk Schelfhout (NL, 1881-1943), centrale figuren binnen het Nederlands symbolisme, voelt Essers zich aangetrokken tot deze stroming die geestelijke verdieping zoekt en, net als de Engelse Arts and Crafts-beweging, een combinatie van stilering, heldere lijnen en een decoratieve benadering propageert. Essers componeert zijn taferelen tot volmaakte, sprookjesachtige voorstellingen, waarin de schoonheid van de natuur centraal staat. Meer dan welke collega-kunstenaar in Bergen ook blijft Essers gefascineerd door de duinen, polders en bossen en wat zich er afspeelt. Bernard Essers – Dromen in het duin, t/m 1 november 2026, Museum Kranenburgh, Hoflaan 26, Bergen NH. Website: www.kranenburgh.nl.
Kunsthal Rotterdam: Woody van Amen - The Best Of Kunsthal Rotterdam presenteert een overzicht van het werk van de Rotterdamse kunstenaar Woody van Amen (1936). De tentoonstelling markeert zijn negentigste verjaardag en eert een van de invloedrijkste Nederlandse kunstenaars van de naoorlogse avant-garde. Woody van Amen. The Best of toont sleutelwerken uit zijn decennialange oeuvre en volgt de ontwikkeling van zijn werk vanaf de vroege jaren zestig, toen hij uitgroeide tot een van de pioniers van de popart in Nederland. Van popartschilderijen en assemblages tot het iconische taxat-motief: de tentoonstelling laat zien hoe Van Amen steeds opnieuw de grenzen van beeldcultuur, technologie en spiritualiteit verkent. Zijn speelse, directe en scherpe vormentaal maken deze kunstenaar tot op de dag van vandaag nog altijd relevant. Van Amen vertrok begin jaren zestig naar de Verenigde Staten, waar hij in aanraking kwam met kunstenaars als Andy Warhol en Robert Rauschenberg. Hij trof er een kunstscene aan waarin alledaagse objecten, merknamen en beelden uit de consumptiemaatschappij centraal stonden. In zijn vroege werk is deze invloed duidelijk zichtbaar. Van Amen gebruikte bekende merknamen zoals RVS, Philips en Wrigley in schilderijen waarvan de beelden direct aan het straatbeeld lijken ontleend: neonletters, logo’s en industriële vormen. De tentoonstelling presenteert een aantal van Van Amens assemblages: combinaties van elementen uit alledaagse voorwerpen die bewegen en geluid maken of zelfs aanvriezen, zoals zijn iconische IJsmachines. Ook zijn de Vibro-objecten te zien: sculpturen die vibreren door middel van kleine motoren of mechanische onderdelen uit afgedankte apparatuur. Geïnspireerd door de harde kant van de Amerikaanse cultuur vormt de elektrische stoel een indringend onderwerp in Van Amens werk. Hij isoleert het object en maakt de stoel op deze manier een opzichzelfstaand, sculpturaal beeld. Een van de belangrijkste ontwikkelingen in Van Amens oeuvre is het gebruik van symbolen met een van oorsprong religieuze lading, die hij tijdens zijn reizen ontdekt. Invloeden uit Azië zijn zichtbaar in tekeningen van wajangpoppen en andere culturele motieven. Zo is de taxat een van de bekendste symbolen in zijn oeuvre: een dubbelkruis dat hij aantrof in de bekleding van een taxi in Singapore. De door Van Amen bedachte naam verwijst naar deze vindplaats. Het symbool intrigeerde hem zozeer dat hij de driedimensionale vorm, bestaande uit dertien kubussen, wiskundig liet vastleggen. Ook de karakteristieke top van de Zwitserse Matterhorn keert regelmatig terug in zijn werk, evenals Nepalese gebedsvlaggetjes. Woody van Amen - The Best Of, t/m 4 oktober 2026, Kunsthal Rotterdam, Museumpark, Westzeedijk 341, Rotterdam, info 010-4400301, www.kunsthal.nl, openingstijden: dinsdag t/m zondag 10.00 - 17.00 uur.
Kunsthal KAdE, Amersfoort: Mundo Mágico
Hij
was een autodidact uit Belo Horizonte, die leefde van 1900
tot 1995. Zijn visie op het landschap is heel specifiek: realistisch,
naïef en suggestief tegelijk, enigszins onthecht, waardoor het
nooit een feitelijke registratie is. Lorenzato is een ‘kunstenaars-kunstenaar’.
Het waren de kunstenaars van de galerie die de galeriehouders op hem
wezen. Zijn werk is exemplarisch voor de fijngevoelige schilderkunst
die in het programma van Mendes Wood DM de boventoon voert. Mundo Mágico, t/m 30 augustus 2026, KAdE, Kunsthal in Amersfoort, Eemplein 77 (Eemhuis), Amersfoort. Website: www.kunsthalkade.nl.
Fries Museum, Leeuwarden: Robert Zandvliet: Aan de oevers van de tijd
Het oeuvre van Robert Zandvliet wordt gekenmerkt door zijn zoektocht naar de essentie van het beeld. Met zijn overtuigende en directe handschrift beweegt hij zich op het spanningsveld tussen figuratie en abstractie. Zandvliet debuteerde eind jaren negentig met een serie monumentale schilderijen van alledaagse objecten; een achteruitkijkspiegel, een bioscoopscherm, een haarspeld. De strakke lijnen van de objecten gaan later over in die van een wegennet en van een landschap, een thema dat sindsdien als een rode draad door zijn oeuvre meandert. In deze tentoonstelling wordt zijn ontwikkeling van de afgelopen 30 jaar in beeld gebracht. De tentoonstelling opent met de haarspeld uit de collectie van het Fries Museum en eindigt met Arundo, een van zijn meest recente schilderijen van in het water weerspiegelde rietpollen. Robert Zandvliet (1970, Terband) woont en werkt in Haarlem. Zijn werk was te zien in solotentoonstellingen in onder meer het Kunstmuseum Den Haag, het Stedelijk Museum Amsterdam, De Pont in Tilburg en Kunstmuseum Bonn. Hij volgde een residency aan De Ateliers in Amsterdam en ontving onder andere de basisprijs van de Prix de Rome (1994), de Charlotte Köhler Prijs (1998) en de Wolvecampprijs (2004). Zijn werk is opgenomen in belangrijke (inter)nationale collecties. In 2026 exposeert Zandvliet ook in Kunsthalle Darmstadt (Darmstadt, Duitsland), Museum Franz Gertsch (Burgdorf, Zwitserland) en in het Caspar David Friedrich Centre (Greifswald, Duitsland). Deze tentoonstelling wordt gemaakt in samenwerking met de AkzoNobel Art Foundation, die dit jaar haar 30-jarig jubileum viert. De AkzoNobel Art Foundation is een toonaangevend platform voor internationale hedendaagse kunst met veel aandacht voor talentontwikkeling. De foundation volgt het werk van Robert Zandvliet al vanaf het begin van zijn loopbaan en heeft een ruime hoeveelheid werken in de collectie. Ongeveer de helft van de werken in de tentoonstelling is als bruikleen beschikbaar gesteld. Robert Zandvliet: Aan de oevers van de tijd, t/m 21 maart 2027, Het Fries Museum, Wilhelminaplein 92, Leeuwarden. Website: www.friesmuseum.nl.
Museum Kranenburgh, Bergen NH: Iris Le Rütte – Alles verandert, niets vergaat
Alles verandert, niets vergaat, samengesteld door curator Marianne van Gils, toont werken uit het bezit van de kunstenaar en uit de collecties van Museum Kranenburgh, particulieren en bedrijven. De beelden en tekeningen van Le Rütte kenmerken zich door een grote diversiteit aan vormen waarin mensfiguren, dieren, planten en dingen versmelten. Haar dierfiguren zijn veelal antropomorf: ze lijken menselijke emoties te tonen en met de toeschouwer te communiceren. Zijn het dieren of mensen, of allebei tegelijk? Aan deze verscheidenheid voegt de kunstenaar nog meer samensmeltingen toe. Zo laat ze benen uit schelpen tevoorschijn komen, of vrouwenlichamen overgaan in bloemen. Met deze hoogsteigen schepsels, maar ook met haar weergaven van figuren uit de mythologie die een metamorfose ondergingen, plaatst Le Rütte zich in een lange traditie en kiest ze tegelijkertijd voor eigenzinnige nieuwe invalshoeken. Hoewel de beelden van Le Rütte zijn uitgevoerd in sterke, duurzame materialen zoals brons, suggereren de werken dat ze op ieder moment een andere gedaante kunnen aannemen en een nieuwe betekenis kunnen krijgen. Bovendien schuwt Le Rütte het niet om aandacht te vragen voor de actualiteit, zij het op subtiele wijze. Zo heeft ze een sculptuur gemaakt van het hondje Patron dat in Oekraïne landmijnen opspoort. Het is alsof ze haar wezens laat oproepen tot positiviteit: een transformatie naar het goede blijft altijd mogelijk. Iris Le Rütte (NL, 1960) krijgt al snel na haar afstuderen aan de Rijksakademie te Amsterdam de opdracht voor het monumentale beeld In de wind (1994, Hoofddorp). Hierna volgen tal van opdrachten voor werk in de openbare ruimte, zoals Fata Morgana (2005), de stalen dromedarissen langs het spoor in Amsterdam. Le Rütte is genomineerd voor de Elisabeth van Thuringenprijs voor haar kunstproject 'Uitzicht op kinderdroomkunst' (2015) voor het ziekenhuis OLVG in Amsterdam. Ook is ze bekend vanwege haar ontwerpen voor culturele prijzen, zoals de Blijvend Applaus Prijs, de Heldringprijs van NRC en de IJ-Prijs van de gemeente Amsterdam en PwC. Haar beelden bevinden zich in de museale collecties van Beelden aan Zee, Scheveningen en Museum Kranenburgh en in diverse bedrijfscollecties. Iris Le Rütte – Alles verandert, niets vergaat, t/m 1 november 2026, Museum Kranenburgh, Hoflaan 26, Bergen NH. Website: www.kranenburgh.nl.
Wereldmuseum Leiden: Yuki Kihara - Darwin in Paradise Camp
Kihara’s video-installaties, fotografie en textielwerken vertellen op scherpe en humorvolle wijze hoe ideeën over natuur, gender en cultuur zijn gevormd door koloniale en eurocentrische beeldvorming en nodigen uit om deze onderdrukte perspectieven te ontdekken en het culturele bewustzijn te vergroten. Yuki Kihara werd geboren in Samoa en maakt deel uit van de fa’afafine-gemeenschap. Deze gemeenschap speelt een centrale rol in haar werk. De modellen in haar foto’s en video’s komen vaak uit dezelfde sociale kring en verschijnen niet als exotische objecten van een westerse blik, maar als actieve deelnemers in een hervertelling van de geschiedenis. In de serie Paradise Camp herschept Kihara verschillende composities van Gauguins schilderijen met leden van de Samoaanse fa’afafine-gemeenschappen. Daarmee verschuift het perspectief: ‘het paradijs’ wordt niet langer bekeken door de ogen van een Europese kunstenaar, maar wordt gepresenteerd door de mensen zelf. Yuki Kihara presenteert in de tentoonstelling nieuw werk. Moana Queer Taxonomy (2026) bestaat uit twaalf geborduurde pandanusmatten – in Samoa bekend als fala su‘i – waarop het zeeleven rondom de Samoaanse archipel is afgebeeld. Biologen vonden er tal van vormen van seksuele en genderdiversiteit: vissen die van geslacht veranderen, soorten die gelijktijdig mannelijke en vrouwelijke kenmerken bezitten of langdurige paren vormen met partners van hetzelfde geslacht. Door deze dieren met hun oorspronkelijke Samoaanse namen te tonen, laat Kihara zien dat er al andere manieren waren om de natuur te benoemen en te ordenen voor de Europese classificaties. De matten werden vervaardigd met de assistentie van borduurders uit de Tovio-familie van de Moata‘a Aualuma-gemeenschap op het naast Samoa gelegen eiland Upolu, waardoor het werk ook een collectieve dimensie krijgt. Archiefonderzoek vormt een rode draad in Kihara’s praktijk. Voor Darwin in Paradise Camp verzamelt ze historische foto’s, boeken en documenten in wat ze haar varchive noemt: een archief dat verschillende tijden, verhalen en perspectieven met elkaar verbindt. Koloniale foto’s van Samoa en missionarisverslagen uit de negentiende eeuw laten zien hoe Europese bezoekers de eilanden probeerden te begrijpen binnen hun eigen wereldbeeld. Tegelijkertijd onthullen deze bronnen hoe lokale kennis en tradities een andere kijk op gender en natuur bieden. Door deze historische items naast haar eigen kunstwerken te plaatsen, laat Kihara zien hoe geschiedenis voortdurend wordt herschreven. Yuki Kihara - Darwin in Paradise Camp, t/m 3 januari 2027, Wereldmuseum Leiden, Steenstraat 1B, Leiden. Website: leiden.wereldmuseum.nl.
Singer Laren: Dichter bij De Denker
Tijdgenoten prijzen de Franse kunstenaar om zijn vermogen het karakter van zijn modellen te doorgronden en om de overtuigende expressie in zijn werk. Met name in zijn weergave van naakte lichamen wist Rodin de menselijke hartstochten indringend te verbeelden.
Singer Laren beheert de grootste museale collectie bronzen beelden van
Auguste Rodin in Nederland. In totaal schaffen Anna en William Singer
veertien werken van Rodin aan, voornamelijk gietsels afkomstig van de
Parijse bronsgieterij Alexis Rudier. Deze gerenommeerde gieterij produceert
vanaf 1902 tot het midden van de 20ste eeuw afgietsels van Rodins werk,
die nog altijd worden gewaardeerd om de hoge kwaliteit, de verfijnde
afwerking en het karakteristieke patina. Met Dichter bij De Denker
krijgt deze bijzondere verzameling een nieuw en intiem perspectief.
Museum Kranenburgh, Bergen NH: totaalinstallatie Lisa Konno Paul Kooiker
Hun objecten en beelden gaan met elkaar én met het publiek een dialoog aan over de macht en kracht van mode en de invloed daarvan op de vorming van identiteit. Konno toont kostuums en objecten van textiel en keramiek uit Figure (2025/2026), de voorstelling die ze recentelijk maakte in samenwerking met De Nationale Opera en Ballet. Hiertegenover presenteert Kooiker zijn serie foto’s Business of Fashion (2018). In de installatie vindt een ontmoeting plaats tussen twee verschillende benaderingen: Konno onderzoekt de samenhang tussen mode, macht en identiteit vanuit het perspectief van het lichaam en hoe dat zich verhoudt tot kleding. Haar ontwerpen verbeelden de invloed van mode en schoonheidsidealen in verschillende levensfasen. Paul Kooiker speelt juist met de overdrijving van het lichaam als vorm. Door het lichaam te behandelen als sculptuur en gebruik te maken van licht, schaduw en abstractie creëert hij beelden met een surrealistische ondertoon. De tentoonstelling Lisa Konno Paul Kooiker sluit aan bij actuele discussies over de invloed van beeldcultuur en schoonheidsnormen op identiteit. In een tijd waarin de manier waarop we ons presenteren steeds meer wordt bepaald door gestileerde beelden en door de blik van de ander, bieden Konno en Kooiker twee autonome, kritische perspectieven op de relatie tussen mode en het menselijk lichaam. Lisa Konno Paul Kooiker, t/m 1 november 2026, Museum Kranenburgh, Hoflaan 26, Bergen NH. Website: www.kranenburgh.nl.
Kunsthal KAdE, Amersfoort: Frankenthaler x Judd
Het samenbrengen van de twee oeuvres in één tentoonstelling is een studie in contrasten. Beide kunstenaars vertegenwoordigen cruciale ontwikkelingen in de naoorlogse kunst: het werk van Frankenthaler kwam voort uit de vernieuwingen van het abstract expressionisme in de jaren vijftig, een positie die zij in de daaropvolgende decennia verder ontwikkelde. Met royale gebaren bracht ze heldere kleuren aan op grote doeken, soms door middel van haar ‘soak-stain’-techniek, waarbij de verf in het doek werd geabsorbeerd en zich over het oppervlak verspreidde. Judd werd een van de leidende figuren van het minimalisme van de jaren zestig en produceerde strak geordende geometrische vormen die vaak werden vervaardigd uit industriële materialen en door anderen werden geassembleerd. In
de tentoonstelling komen deze verschillen nadrukkelijk naar voren, zoals
ze zich in beider oeuvres aandienen: vrije vorm versus strakke beeldtaal,
intuïtie versus rede, persoonlijke gebaren versus een ‘industriële’
houding, maar ook ondergewaardeerd zijn (en daardoor niet verzameld)
versus populair en veelvuldig aangekocht (waarmee het genderverschil
wordt blootgelegd). Tegelijkertijd zijn er subtiele overeenkomsten.
Frankenthaler gebruikte regelmatig rechthoekige en vierkante oppervlakken
in haar werk, waarbij ze soms flirtte met het minimalisme. Tegen het
einde van zijn carrière begon Judd steeds meer expressieve kleuren
te gebruiken, een factor die een belangrijk onderdeel vormt van de visuele
kracht van Frankenthaler. Frankenthaler x Judd, 26 september 2026 t/m 10 januari 2027, KAdE, Kunsthal in Amersfoort, Eemplein 77 (Eemhuis), Amersfoort. Website: www.kunsthalkade.nl.
Van GoghHuis, Zundert: DUET – Nederland + Japan
Speciale gast is de Japanse kunstenaar Takashi Kuribayashi, die tijdens een residentie een ‘site specific’ werk zal maken in de tuin van het Van GoghHuis. Hij wordt daarbij geassisteerd door studenten en vrijwilligers. Zijn ontwerp is een holle boom aan de binnenzijde bekleed met kleine spiegels. In het randprogramma wordt een expositie samengesteld door Find Van Gogh van schilderijen die Japanse kinderen maakte geïnspireerd door Van Gogh. Van 10 juli tot en met 16 augustus breidt de tentoonstelling zich uit naar Breda, locatie StadsGalerij. Hier vindt een presentatie plaats van jonge Nederlandse kunstenaars die op initiatief van het Van Goghhuis hebben gewerkt in Japan en van Japanse kunstenaars die in Zundert op residentie zijn geweest. Op 10 en 11 juli wordt in Breda ook een Japan Festival georganiseerd met als doel aandacht te vragen voor de exposities, residenties en een nieuw atelier op Teshima. Gelijktijdig vertoont Filmhuis Botanique een aantal Japanse films. DUET – Nederland + Japan, t/m 4 oktober 2026, Vincent van GoghHuis, Markt 26-27, Zundert. Website: www.vangoghhuis.com.
Museum Beelden aan Zee, Den Haag: Femmy Otten - Birthland Museum Beelden aan Zee toont de solotentoonstelling Birthland van Femmy Otten. Zij is de winnaar van de Per Abramsen Sculptuurprijs 2026 van de Stichting Abramsen-Koedam, die in samenwerking met het museum wordt uitgereikt. De vakjury roemt haar sterk expressieve en driedimensionale praktijk en authentieke beeldtaal. De tentoonstelling brengt een persoonlijke selectie sculpturen en tekeningen samen waarin Otten op indringende wijze thema’s als spiritualiteit, moederschap en seksualiteit onderzoekt. Aan de onderscheiding zijn naast de tentoonstelling, een geldbedrag van €10.000 en een wisselbeeld van Per Abramsen verbonden. De Per Abramsen Sculptuurprijs wordt eens in de twee jaar toegekend aan een hedendaagse Nederlandse beeldhouwer wiens werk experimenteel, vernieuwend en uitgesproken driedimensionaal is. Femmy Otten (Amsterdam, 1981), geeft in haar tekeningen, schilderijen, sculpturen, muurschilderingen en performances, uitdrukking aan de krachtige, maar ook kwetsbare momenten in het leven. De jury motiveert haar keuze als volgt: "Net als het werk van Per Abramsen is Femmy Ottens praktijk sterk driedimensionaal en expressief en hebben haar werken een heel authentieke beeldtaal. In de context van museum Beelden aan Zee is haar werk bovendien interessant, omdat het museum is opgericht vanuit een collectie gericht op het mensbeeld: een sculpturaal genre dat Femmy Otten een heel persoonlijke en vernieuwende draai weet te geven.” De tentoonstelling is samengesteld door de kunstenaar, en omvat naast een klein, nieuw werk, een selectie sculpturen en tekeningen die iets zeggen over deze tijd. Met haar persoonlijke, openhartige voorstellingen van zwangerschap en bevalling reageert Femmy Otten op het door mannen gedomineerde wereldbeeld, zoals dat wordt overgeleverd in de kunstgeschiedenis. Verbeeldingen van deze vrouwelijke thema’s zijn, zeker in de beeldhouwkunst, opvallend schaars. Ze bezorgt ze met terugwerkende kracht een welverdiende plek in de canon. Otten maakt haar actuele sculpturen bewust in hout en marmer met ambachtelijke technieken. De uiteindelijke vorm en inhoudelijke toon van deze werken ontstaan intuïtief tijdens het maakproces. Ze zegt daarover: “In tegenstelling tot een wereld gedomineerd door snelheid en door AI-gegenereerde beelden, zijn mijn beelden juist het product van een lichamelijke verhouding met de werkelijkheid.” De Per Abramsen Sculptuurprijs is een landelijke prijs voor ruimtelijk werk met een sterk beeldend karakter. Per Abramsen (1941 – 2018) liet een omvangrijk oeuvre na van abstracte en figuratieve werken, gekenmerkt door technische veelzijdigheid en creatieve vrijheid. Museum Beelden aan Zee ontving recent van de Stichting Abramsen Koedam een schenking van drie van zijn beelden. Met de prijs blijft de nalatenschap van Per Abramsen voortleven en krijgt de beeldhouwkunst blijvende aandacht en nieuwe impulsen. Femmy Otten - Birthland, 27 juni t/m 1 november 2026, Museum Beelden aan Zee, Harteveltstraat 1, Den Haag. Website: www.beeldenaanzee.nl.
Museum van Bommel van Dam, Venlo: Seeing Sounds- over muziek en vrijheid
Hoewel Hémon, Middleton, Rosina en Ballan uit verschillende generaties en culturen komen, delen zij dezelfde overtuiging: dat in muziek zowel inspiratie als een methode kan worden gevonden die sociale, politieke en artistieke grenzen kan doorbreken. Seeing Sounds brengt hun variaties op dit thema nu samen in één tentoonstelling, die de rol van muziek in de vier oeuvres voelbaar maakt en interessante overeenkomsten toont. Het werk van de vier kunstenaars laat zo zien hoe muziek - van jazz tot hiphop - een visuele taal wordt die vrijheid tastbaar maakt. Zo ontwikkelde Sedje Hémon (1923-2011), die na terugkeer uit concentratiekampen fysiek niet meer in staat was viool te spelen, een unieke methode om abstracte kunst ook als muziekstuk uit te voeren. Haar schilderij-composities zijn een onderbelicht hoofdstuk in de Nederlandse kunstgeschiedenis. Generatiegenoot Sam Middleton (1927-2015), opgegroeid in de New Yorkse wijk Harlem en later werkzaam in Nederland, vertaalde de ritmes en improvisaties van de jazz in collages en schilderijen. In zijn werk zijn de Afro-Amerikaanse cultuur en de strijd voor burgerrechten voelbaar. Decennia later put Dion Rosina (1991) op vergelijkbare wijze uit de samplecultuur van de hiphop: hij hergebruikt bestaande beelden om ruimte te maken voor lang genegeerde verhalen en gemeenschappen. In de schilderijen van Raafat Ballan (1990) spelen muzikanten een cruciale rol. Voor hem is muziek een sociale praktijk - iets wat mensen samenbrengt en ruimte schept voor zingeving en verbondenheid. Seeing Sounds nodigt bezoekers uit om het werk van Hémon, Middleton, Rosina en Ballan ook in dialoog met geluid te ervaren. Vier luisterstations met zorgvuldig geselecteerde vinylplaten maken de muzikale werelden van de kunstenaars hoorbaar. Bezoekers kunnen zelf bladeren, kiezen, luisteren en ontdekken hoe muziek hun blik op de kunstwerken verandert. Uniek is dat verschillende schilderijen van Sedje Hémon daadwerkelijk als muziekstuk zijn uitgevoerd. Een aantal is te horen in uitvoeringen die speciaal voor de tentoonstelling zijn geselecteerd. Zo kan een breed publiek zich inleven in Hémons visie dat abstracte schilderkunst en muziek dezelfde taal spreken. Museum van Bommel van Dam, Venlo: Seeing Sounds- over muziek en vrijheid, 4 juli t/m 22 november 2026 museum van Bommel van Dam, Keulsepoort 1, Venlo. Website: www.vanbommelvandam.nl.
Mu.ZEE, Oostende: Statuettes - Kleinsculptuur in huis
Aan de hand van zo’n honderd sculpturen, schilderijen en tekeningen neemt Mu.ZEE je mee door anderhalve eeuw kunst in België. Verwacht een reis van de belle époque beelden van Yvonne Serruys langs de art deco statuettes van Oscar Jespers, Oscar De Clerck, Jozef Cantré en natuurlijk Constant Permeke naar hedendaagse creaties van onder meer Aline Bouvy en Christiane Blattmann. Deze meesterwerkjes tonen hoe kunstenaars sinds 1880 de schaal van het grote naar het kleine brachten en zo kunst letterlijk in de huiskamer introduceerden. Hun draagbare formaat doet verlangen naar aanraking en de tactiele rijkdom van brons, steen, terracotta of hout, een tactiliteit die bezoekers hier en daar zelf zullen kunnen ervaren. Laat je verrassen door de kracht van het kleine en beleef hoe kunst van dichtbij nog intenser wordt – we kijken ernaar uit je te verwelkomen in de Venetiaanse Gaanderijen. Mu.ZEE - Statuettes. Kleinsculptuur in huis, t/m 3 januari 2027, Venetiaanse Gaanderijen, Zeedijk Oostende. Website: www.muzee.be.
Verwey Museum Haarlem: Living Mesh – A World Beyond Linnaeus Living Mesh verkent op prikkelende wijze hoe wij als mens naar de natuur kijken. Is de natuur iets wat we ordenen en beheersen, of maken wij zelf deel uit van een levend, onderling verbonden geheel? Vertrekpunt van de tentoonstelling is het invloedrijke classificatiesysteem dat de Zweedse botanicus Carl Linnaeus ontwikkelde tijdens zijn verblijf op buitenplaats De Hartekamp in Heemstede. Dit systeem, dat nauw verweven is met koloniale denkbeelden, bepaalde eeuwenlang onze blik op de natuur. Zestien hedendaagse kunstenaars kijken hier anders naar en benaderen de natuur als een netwerk van relaties, waarin alles met elkaar verbonden en in beweging is. De tentoonstelling is samengesteld door gastcurator Kim Knoppers. Op Buitenplaats De Hartekamp in Heemstede kreeg Carl Linnaeus (1707-1778) toegang tot een uitzonderlijke verzameling tropische planten, exotische dieren en natuurhistorische collecties van de rijke Amsterdamse koopman en bankier George Clifford III. Hier ontwikkelde en toetste Linnaeus zijn Systema Naturae, waarin hij een nieuwe ordening van de natuur uiteenzette. In zijn wereldberoemde publicatie Hortus Cliffortianus paste hij dit systeem voor het eerst toe op de wereldwijde plantencollectie van Clifford. Linnaeus ordende niet alleen planten en dieren, maar ook mensen. Zijn hiërarchische indelingen, waarin Europa als norm gold, droegen bij aan raciale ongelijkheid. Zijn werk was bovendien diep verweven met koloniale netwerken waarin planten werden verzameld, verplaatst en toegeëigend, zonder bestaande inheemse kennis en context te erkennen. In dialoog met deze nalatenschap presenteren zestien internationale hedendaagse kunstenaars nieuwe perspectieven op onze relatie tot de levende wereld. Samen openen zij een ruimte waarin ordenen, categoriseren en herbenoemen plaatsmaakt voor het beschouwen van de natuur als een onderling verbonden geheel van relaties. De kunstenaars onderzoeken nieuwe perspectieven en verkennen aan de hand van onder andere volkstaxonomie, spiritualiteit en meer dan menselijk denken andere manieren om ons tot de natuur te verhouden. Zonder eenduidige antwoorden te formuleren, zet de tentoonstelling aan tot andere manieren van kijken, ervaren en betekenis geven aan de wereld om ons heen. Met werk van Semâ Bekirovic, melanie bonajo, Fabiola Burgos Labra, Katerina Gabriel Konarovská, Awoiska van der Molen, Michelle Piergoelam, Angelo Plessas, Farah Rahman, Almudena Romero, Jacobien de Rooij, Sophie Steengracht, Elisa Strinna, Agnes Waruguru, Henk Wildschut, Müge Yilmaz en Peng Zhang, naast historische bruiklenen. Living Mesh – A World Beyond Linnaeus, t/m 1 november 2026, Verwey Museum Haarlem, Groot Heiligland 47, Haarlem. Website: verweymuseumhaarlem.nl.
Museum Arnhem: overzichtstentoonstelling Henk Mual
De tentoonstelling is ontstaan tegen een bijzondere maatschappelijke
achtergrond. Gelderland kent de grootste concentratie Molukse gemeenschappen
van Nederland en in 2026 wordt herdacht dat de eerste grote groep Molukkers
75 jaar geleden in Nederland arriveerde. Henk Mual - Kunstenaar
in drie werelden verbindt deze geschiedenis met actuele vragen
over identiteit, erfgoed en de betekenis van diaspora. Bij de tentoonstelling verschijnt de rijk geïllustreerde publicatie Henk Mual – Kunstenaar in drie werelden, uitgegeven door WBOOKS. Prijs: €29,95. Henk Mual - Kunstenaar in drie werelden, 19 september 2026 t/m 21 februari 2027, Museum Arnhem, Utrechtseweg 87, Arnhem. Website: www.museumarnhem.nl.
Het Noordbrabants Museum: Den Bosch: 15 Mysteriën van de rozenkrans
Door verhalen, gebeden en herinneringen generaties lang te herhalen en door te geven, vormt de rozenkrans ook een vorm van collectieve herinneringscultuur. 15 Mysteriën van de rozenkrans markeert ook de bijzondere historische band tussen Den Bosch en Antwerpen. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog, na de verovering van ’s-Hertogenbosch in 1629, werden belangrijke religieuze kunstschatten uit ’s-Hertogenbosch tijdelijk veiliggesteld in Antwerpen. Nu, vier eeuwen later, maken monumentale topstukken uit de Antwerpse Sint-Pauluskerk juist tijdelijk de omgekeerde reis naar Noord-Brabant. De 15 Mysteriën van de rozenkrans geven aanleiding tot verwondering en reflectie. De schilderijen verbinden Bijbelse verhalen met hedendaagse vormen van herinneren. In dialoog met de oude meesters zijn hedendaagse werken te zien van kunstenaars zoals Mona Hatoum, Latifa Echakhch, Kader Attia, Maria Roosen en Geraldo Dos Santos. Deze sculpturale werken leggen verbanden met rituelen en tastbare vormen van herinneren, van gebedssnoeren tot een knoop in een zakdoek. De bovenmaatse kralen in de vorm van groenten van Maria Roosen verwijzen naar de hortus conclusus: de besloten tuin waarin Maria en het Christuskind vaak worden afgebeeld. In Worry Beads transformeert Mona Hatoum een traditioneel islamitisch kralensnoer tot een zware bronzen sculptuur. En in Untitled (Tears Fall) laat Latifa Echakhch duizenden glazen kralen als tranen neerstorten in de museumzaal. De
tentoonstelling is opgebouwd rond drie groepen van vijf mysteries, waarbij
in iedere zaal een hedendaags werk gecombineerd wordt met historische
schilderijen. Zo ontstaat een dialoog tussen verleden en heden, kijken
en ervaren. Ook het publiek is onderdeel van de tentoonstelling geworden.
Uit honderden inzendingen selecteerde het museum tien persoonlijke gebedssnoeren
en de verhalen die daarbij horen. Van een rozenkrans van een oma tot
een tespih, tasbih of worry beads die rust bieden in moeilijke tijden:
deze persoonlijke herinneringen laten zien hoe dergelijke voorwerpen
ook vandaag nog betekenis en houvast kunnen geven.
Met Escher & Islamic Art: 20 Perspectives plaatst het museum deze invloed nadrukkelijk in de schijnwerpers. Tegelijkertijd opent de tentoonstelling een nieuwe dialoog tussen Eschers oeuvre en hedendaagse makers die zich eveneens laten inspireren door geometrie, ambacht, architectuur en de culturele betekenissen van ornament en patroon. De tentoonstelling toont een rijke en meerstemmige beeldtaal die in het Nederlandse museale veld nog relatief weinig zichtbaar is. De geselecteerde kunstenaars verbinden traditionele technieken en erfgoed met actuele thema’s als identiteit, verlies, herinnering, spiritualiteit en vernieuwing. Daarmee onderstreept de tentoonstelling niet alleen de actualiteit van Eschers fascinatie voor islamitische geometrie, maar ook de blijvende relevantie van deze visuele tradities in de hedendaagse kunst en cultuur. De deelnemende kunstenaars: Nasam Abboud & Yazan Maksoud | Karim Adduchi | Amine Asselman | Dana Awartani | Fatima Barznge | Emin Batman | Hassan Hajjaj | Siddiqa Juma | Mous Lamrabat | Shehzil Malik | Layla May Arthur | Farwa Moledina | Suleika Mueller | Leila Nazarian | Shirin Neshat | Mounir Raji | MASTOOR collab Mounir Raji | Alfaz Sayed | Ishraq Zraikat Escher in Het Paleis: Escher & Islamic Art: 20 Perspectives, t/m 1 november 2026, Escher in Het Paleis, Lange Voorhout 74, Den Haag. Website: www.escherinhetpaleis.nl.
Cultuur Knokke-Heist en Mu.ZEE, België: Luc Peire - Abstractie in Overvloed Deze zomer staat Knokke-Heist helemaal in het teken van Luc Peire. Met de tentoonstelling Luc Peire (1916-1994) - Abstractie in Overvloed wordt een verfrissende blik geworpen op het oeuvre van deze Belgische kunstenaar. Peire was niet alleen schilder, maar ook een drijvende kracht binnen de abstracte en modernistische kunst, architectuur en design. Vanuit Knokke verkende hij de wereld – en bracht hij de artistieke wereld naar Knokke. Eind jaren 1950 trok hij naar Parijs, het kloppende hart van de moderne kunst, maar elke zomer keerde hij terug naar de kust. Knokke-Heist groeide in die periode uit tot een experimentele biotoop voor kunst, architectuur en design. Peires schilderstijl evolueerde van expressieve figuratie naar zijn typische verticale abstractie, zoals in zijn werk in dialoog met internationale grootheden zoals Pierre Soulages en Victor Vasarely, en met topstukken uit de collectie van Mu.ZEE Oostende. Luc Peire - Abstractie in Overvloed is een samenwerking tussen Cultuur Knokke-Heist en Mu.ZEE, het museum voor Belgische kunst van 1880 tot morgen. U kunt uw bezoek starten in CC Scharpoord om uzelf onder te dompelen in de wereld van Luc Peire. Als u nog dieper wilt duiken in zijn universum, brengt u dan zeker ook een bezoek aan zijn voormalige woonhuis, het Peiremuzee in de Judestraat. Daar ontdekt u niet alleen het indrukwekkende Environnement van Peire, maar tijdens de looptijd van de tentoonstelling ook een bijzondere installatie van kunstenaar Jean-Paul Laenen. Luc Peire (1916-1994) - Abstractie in Overvloed, t/m 25 oktober 2026, CC Scharpoord, Maxim Willemspad 1, Knokke-Heist; Peiremuzee, De Judestraat 64, Knokke-Heist. Meer informatie vindt u hier: cultuur.knokke-heist.be/lucpeire. |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|