Juli - sept. 2026, 21e jg. nr.2. Eindredactie: Rob den Boer. E-mail: redactie.bkj@gmail.com.
 
VOORKANT ACTUEEL AGENDA UITGELICHT ARCHIEF COLOFON 
voorpagina
artikel
recensies van tentoonstellingen actuele exposities
Nederland België
opmerkelijke
kunstberichten
artikelen uit  
vorige nummers

over Het Beeldende Kunstjournaal

 

Uitgelicht
Berichten van musea, andere kunstpodia en uitgeverijen, met aansprekende tentoonstellingen en nieuwe kunstboeken, voor u geselecteerd door de redactie.

De Pont Museum, Tilburg: Sigmar Polke – Het weten van de kleuren

Dit najaar presenteert De Pont Museum Sigmar Polke – Het weten van de kleuren, de eerste grote tentoonstelling in Nederland van Sigmar Polke (Oels, 1941 – Keulen, 2010) sinds zijn retrospectief in het Stedelijk Museum in 1992. De tentoonstelling, ontwikkeld in samenwerking met de Anna Polke-Stiftung, brengt meer dan vijftig werken samen uit de jaren tachtig tot en met de late jaren 2000 en richt zich op Polkes experimentele omgang met kleur, pigment en onconventionele schildersmate-rialen. Naast ensembles uit de Collectie Nederland, die voor het eerst samen te zien zijn, komen er belangrijke bruiklenen uit particuliere en museale collecties in o.m. Duitsland, Frankrijk en Engeland.

 
Courtesy Collection De Pont Museum, Tilburg (NL). Foto: Antoine van Kaam. © The Estate of Sigmar Polke, Cologne / Pictoright Amsterdam, 2026.

De werken in de tentoonstelling markeren een cruciaal keerpunt in Sigmar Polkes oeuvre. Van groot belang was de reis die hem in 1980/81 naar Australië, Papoea-Nieuw-Guinea en Zuidoost-Azië voerde. De ervaringen tijdens deze reis veranderden zijn kijk op kleur en op de contexten waarin kleur betekenis krijgt. De impact daarvan werd zichtbaar in 1986 op de Biënnale van Venetië, waar Polke in het Duitse paviljoen zijn met de Gouden Leeuw bekroonde installatie Athanor presenteerde. Met deze installatie, vernoemd naar de alchemistische oven, transformeerde hij het paviljoen letterlijk in een ‘fornuis’ waarin beeldprocessen zich voltrokken als materiële reacties tussen schilderkunstig oppervlak en omgeving. Het hart van de installatie werd gevormd door een wandschildering die daadwerkelijk mee veranderde met het weer: bij hoge luchtvochtigheid kleurde zij roze, bij droogte blauw.

De werken uit deze periode en daarna worden gekenmerkt door het gieten, uitstrooien, blazen en uitstrijken van lakken, pigmenten en harsen op transparante of semitransparante dragers, stoffen en doeken. Ze variëren van volledig abstracte Farbproben (kleurproeven), monochrome Farbtafeln (kleurpanelen) en lak- en gietschilderijen tot werken met herkenbare figuratie en vormen. Deze ontleent Polke aan historische beeldbronnen, waaronder citaten uit de kunst- en cultuurgeschiedenis, zoals in het vierluik Hermes Trismegistos.

In deze fase verschuift de nadruk van de hand van de kunstenaar naar het gedrag van de materialen zelf, die ook nadat ze op het doek zijn aangebracht tot op zekere hoogte blijven doorwerken en als het ware een eigen leven leiden. Hun onderlinge interacties en historische lading maken verbanden zichtbaar tussen cultuur-, natuur- en kunstgeschiedenis. In de abstracte kleurcomposities en schilderkundige details wordt zichtbaar hoe Polke de ogenschijnlijk vaste schilderkunstige canon fundamenteel bevraagt. Door vrijelijk te spelen met dragers en pigmenten en door ruimte, transparantie en licht actief te betrekken bij het ontstaan van het beeld, ontvouwt zich een praktijk waarin schilderkunst zich voortdurend herdefinieert.

Voor het eerst worden de belangrijkste ensembles van Polke uit Nederlandse museale collecties binnen dit experimentele perspectief bijeengebracht. Daarnaast zijn er belangrijke bruiklenen uit onder andere Museum Abteiberg, Mönchengladbach; Museum Brandhorst, München; Museum Frieder Burda, Baden-Baden; Carré d’Art – Musée d’art contemporain de Nîmes; Museum für Gegenwartskunst, Siegen; Kunstmuseum Karlsruhe; Hesta Collection Uster; Cranford Collection, Londen en uit diverse particuliere verzamelingen. Veel van de werken zijn voor het eerst in Nederland te zien.

Sigmar Polke – Het weten van de kleuren, 20 september 2026 t/m 28 februari 2027, De Pont Museum, Tilburg. Website: www.depont.nl.

Terug naar boven

 

Singer Laren: Meesterwerken uit Le Havre

In samenwerking met Musée d’art moderne André Malraux (MuMa Le Havre) presenteert Singer Laren Meesterwerken uit Le Havre. Topstukken van Franse kunstenaars als Auguste Renoir, Claude Monet, Raoul Dufy en Henri Matisse, die zelden in Nederland te zien zijn, vertellen het verhaal van de kunstenaarsstad Le Havre.

Deze plek aan de Atlantische Oceaan is een broedplaats van vooruitstrevende ideeën en de bakermat van een van de meest geliefde kunststromingen ter wereld: het impressionisme.

In de negentiende eeuw groeit Le Havre uit tot een belangrijk knooppunt van handel en uitwisseling, dankzij de internationale scheepvaart en de spoorverbinding met Parijs.

 
Camille Pissarro, 'L'Anse des Pilotes, Le Havre, matin, soleil, marée montante' (De inham van de loodsen, Le Havre, ochtend, zon, vloed), 1903, olieverf op doek, 54,5 x 65 cm. MuMa Le Havre, gekocht door de gemeente, 1903.

De stad dankt haar aantrekkingskracht niet alleen aan de bedrijvigheid van de haven, maar ook aan de unieke atmosfeer van licht en zee aan de monding van de Seine. Hier worden kunstenaars als Eugène Boudin, Claude Monet, Raoul Dufy en Othon Friesz opgeleid, terwijl anderen vanuit Parijs de laatste ontwikkelingen meebrengen. Gesteund door vermogende havenbaronnen ontstaat een levendig kunstklimaat waarin vernieuwing kan bloeien.

In deze dynamische omgeving schildert de jonge Monet, gefascineerd door het steeds veranderende licht en de sfeer, zijn Impression, soleil levant (1872), het startpunt van het impressionisme. De havenbaronnen stimuleren artistieke vernieuwing door werk van lokale kunstenaars te verzamelen en kunstenaars van buitenaf naar Le Havre te halen. Zo nodigen zij in 1903 de impressionist Camille Pissarro uit, die er een reeks havengezichten schildert. De gemeente Le Havre verwerft een aantal van deze werken voor het plaatselijke museum; de eerste werken van Pissarro die tijdens zijn leven in een museale collectie worden opgenomen.

Meesterwerken uit Le Havre volgt tachtig jaar artistieke vernieuwing, met Le Havre als vertrekpunt: van het sfeervolle impressionisme tot de felle kleuren van het fauvisme. Raoul Dufy, ook wel ‘zoon van Le Havre’ genoemd, vindt in het zee- en havenlandschap een blijvende inspiratiebron. In zijn werk verbeeldt hij zijn geboortestad in heldere kleuren en vereenvoudigde vormen. Le Havre is de geboorte- en ontwikkelingsplaats van belangrijke pioniers uit de moderne schilderkunst. Een vergelijkbare ontwikkeling is te zien in Laren: met de komst van de tramverbinding met Amsterdam (‘De Gooische Moordenaar’) is het boerendorp uitgegroeid tot kunstenaarskolonie en een Nederlands centrum van opeenvolgende vernieuwende kunststijlen.

Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerde catalogus, uitgegeven door Waanders Uitgevers (ISBN 9789462627123, €32,50).

Meesterwerken uit Le Havre, t/m 13 september 2026 in Singer Laren, Singer Laren, Oude Drift 1, Laren. Website: www.singerlaren.nl.

Terug naar boven

 

Museum van Bommel van Dam, Venlo: Nachtleven, Hanny Korevaar en Armand Bouten

Met Nachtleven brengt museum van Bommel van Dam voor het eerst sinds vijfendertig jaar het werk samen van kunstenaarskoppel Hanny Korevaar (Amsterdam, 1893 - 1983) en Armand Bouten (Venlo, 1893 - Amsterdam, 1965). Zij schilderden wat hun tijdgenoten liever niet zagen: de rafelranden van de stad. Pas de laatste decennia groeit de belangstelling voor deze 'on-Nederlandse' expressionisten. De even getalenteerde Korevaar stond daarbij lang in de schaduw van haar man. Nachtleven - Hanny Korevaar en Armand Bouten laat nu een breed publiek kennismaken met het rauwe, indringende en verrassend moderne werk van beide kunstenaars. Tegelijk geeft het de lang onbekend gebleven Korevaar de aandacht die zij verdient.

Als partners in leven en in de kunst ontwikkelden Hanny Korevaar en Armand Bouten een eigenzinnig oeuvre waarin het leven aan de rand van de samenleving centraal staat. Van de roerige jaren '20 tot de armoedige naoorlogse periode richtten beide kunstenaars hun blik vaak op de stad bij nacht. Steegjes, cafés, terrassen, danszalen en bordelen vormen het decor voor scènes van armoede, verlangen en kwetsbaarheid. Hun onverbloemde benadering van het nachtleven maakte hun werk voor veel tijdgenoten te gewaagd.

 
Hanny Korevaar, 'Dames van plezier', ca. 1920, gemengde techniek op papier, 55 x 37 cm. Collectie Sir Harald Art.

Lange tijd, bovendien, bleef hun kunst buiten het zicht van het grote publiek. Eigenzinnig als ze waren, sloten Korevaar en Bouten zich niet aan bij kunstenaarsverenigingen, exposeerden ze weinig en verbleven ze een groot deel van hun leven in het buitenland. Ze hadden genoeg aan elkaar en de kunst.

Vanaf eind 1922 trokken Hanny Korevaar en Armand Bouten als pasgetrouwd stel door Zuidoost-Europa. Vooral Hongarije en de Roma-gemeenschappen die ze daar ontmoetten, spraken sterk tot hun verbeelding. Vanaf dat moment kregen volkskunst en mensen met een andere etniciteit een prominente plek in hun werk. In 1924 verhuisden Korevaar en Bouten naar het artistieke Parijs. Hier legden beide kunstenaars zowel de armoede als de glamour van de jaren '20 vast. Ze maakten veel nieuw werk en zijn duidelijk op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen in de moderne kunst. Bouten liet zich inspireren door belangrijke figuren van de zogeheten Parijse School, zoals Marc Chagall. Ook experimenteerde hij met stromingen als dada, het kubisme, futurisme en surrealisme. Fragmentarisch verbeeldde hij het hectische leven in de grote stad. Korevaar zocht haar weg in het surrealisme, waarbij mensen, dieren en stedelijke elementen samensmelten tot raadselachtige figuren.

In de jaren '30 verhuisden Hanny Korevaar en Armand Bouten naar Brussel, waar de dreigende sfeer van de naderende oorlog steeds zichtbaarder werd in het werk van Bouten. De afgebeelde mensen ogen doorleefd en vertonen tekenen van honger, uitputting en verminking. In Brussel kwamen ook de meeste van zijn sculpturen tot stand: werken geïnspireerd op Afrikaanse beelden die hij als puur ervoer. Hanny Korevaar en Armand Bouten exposeerden tijdens hun leven slechts drie keer samen: tweemaal in Amsterdam (1922 en 1924) en eenmaal in Venlo (1924). De Venlose tentoonstelling vond plaats in café-restaurant National, een statig feestpaleis pal tegenover het huidige museum van Bommel van Dam, dat later door brand werd verwoest. Meer dan honderd jaar later keert hun werk terug naar nagenoeg dezelfde plek.

Nachtleven, Hanny Korevaar en Armand Bouten, t/m 13 september 2026, Museum van Bommel van DamKeulsepoort 1, Venlo. Website: www.vanbommelvandam.nl.

Terug naar boven

 

Het Mondriaanhuis, Amersfoort: Het Mondriaan-effect

Deze zomer laat het Mondriaanhuis met de expositie Het Mondriaan-effect zien hoe de invloed van Piet Mondriaan voortleeft in het werk van hedendaagse ontwerpers én hoe de commercie nog altijd gebruikmaakt van zijn krachtige beeldtaal. Ruim 82 jaar na zijn overlijden is de invloed van Piet Mondriaan nog overal zichtbaar. Van designobjecten en mode tot reclame en consumentenproducten: zijn herkenbare stijl maakt nog altijd deel uit van het dagelijks leven. Het Mondriaan-effect toont hoe Mondriaans werk en ideeën blijven inspireren en hoe zijn vormentaal wereldwijd is uitgegroeid tot een visueel icoon.

 
Mondriaan schoenen, Rodney Kersten, 2026

In één van de zalen toont Het Mondriaan-effect werk van ontwerpers die zich inhoudelijk of visueel hebben laten inspireren door Mondriaans oeuvre. Zo is onder meer de jurk Mon Cadre van Irving Vorster te zien. Voor dit ontwerp vormde 'Ruitvormige compositie met twee lijnen' (1931) het uitgangspunt. Vorster trekt de lijnen als het ware door over het lichaam en brengt ze in beweging. Het schilderij van Mondriaan verandert zo in iets dat gedragen en ervaren kan worden. Naast de jurk van Vorster zijn onder andere servies, sieraden, een munt en vazen te zien. Sommige ontwerpers grijpen terug op de bekende abstracte composities met primaire kleuren en strakke lijnen, terwijl anderen inspiratie vonden in Mondriaans vroegere werk, zoals 'De rode boom' of 'Tableau III'. Niet alleen zijn vormentaal, maar ook zijn ideeën over harmonie en evenwicht klinken door in deze ontwerpen.

Een andere zaal laat zien hoe de commerciële wereld Mondriaans stijl heeft omarmd. Zijn kenmerkende beeldtaal groeide uit tot een wereldwijd herkenbaar visueel merk dat op talloze producten en in reclamecampagnes wordt toegepast - soms doordacht, soms oppervlakkig. Daarmee toont de tentoonstelling hoe een artistieke visie kan uitgroeien tot een cultureel én commercieel fenomeen. Denk aan vogelhuisjes, regenlaarzen, servies, vliegers, een keukenschort en nog veel meer. Blikvanger in deze zaal is de Gripen-gitaar van gitaarbouwer Doug Kauer in Californië, VS. Deze handgemaakte en -geschilderde gitaar in Mondriaankleuren is er één uit de serie NOMM-Drian. De inspiratie voor het kubistische ontwerp van de Gripen komt van Mondriaans kunst en is de aanleiding voor de NOMM-Drian serie. Vooral de taps toelopende 'vleugels' van de Gripen zorgen voor contrast zonder te botsen met het lineaire karakter van de gitaar.

Deelnemende ontwerpers: Bruno Doedens, Marjolein Rothman, Erna Huppelschoten, Thomas de Roo, Vincent de Kooker, Lonneke van Leth, Jiska Minderhout, Irving Vorster.

Het Mondriaan-effect, t/m 4 oktober 2026, Het Mondriaanhuis, Kortegracht 11, Amersfoort. Website: www.mondriaanhuis.nl.

Terug naar boven

 

Foam, Amsterdam: Martin Parr - Very Modern and Rather Ugly

Foam brengt een eerbetoon aan het ouvre van de Britse fotograaf Martin Parr met de tentoonstelling Very Modern and Rather Ugly. De tentoonstelling brengt een selectie van zijn meest iconische werken samen en viert Parrs onmiskenbare manier van kijken, zijn humoristische maatschappijkritische observaties en blijvende fascinatie voor de rol van fotografie in het dagelijks leven.

Parr heeft voor het eerst in twintig jaar een museale solotentoonstelling in Nederland. Foam presenteert deze tentoonstelling ter nagedach-tenis aan Martin Parr, naar aanleiding van zijn recente overlijden in december 2025.

 
'Crimsworth Dean Methodist Chapel', Yorkshire, 1977 © Martin Parr / Magnum Photos.

Gedurende een carrière van meer dan vijf decennia groeide Martin Parr (1952–2025) uit tot een van de meest onderscheidende en invloedrijke figuren in de hedendaagse fotografie. Hij werd bekend om zijn gebruik van verzadigde kleuren, close-up composities, met een harde flitslicht en scherpzinnige, ironische blik waarmee hij de alledaagse rituelen, gedragingen en gewoonten van het moderne leven vast legde. Parr werd gevierd voor zijn vaardigheid om het bekende vreemd te maken en het ogenschijnlijk saaie interessant. Met zijn levendige visuele taal transformeerde hij alledaagse scènes tot scherpe reflecties op de moderne samenleving. Centrale thema’s in zijn levenswerk zijn consumptie, culturele identiteit, toerisme en klasse. Parr documenteerde niet alleen het hedendaagse leven; hij daagde kijkers ook uit om het anders te zien.

De tentoonstelling Very Modern and Rather Ugly toont de iconische serie Common Sense (1999), een installatie van 270 kleurrrijke close-upfoto’s die inzoomen op de wereldwijde consumptiecultuur; van fastfood en toeristische locaties tot persoonlijke decoraties en sociale stereotypen. De serie Autoportrait (2002) brengt drie decennia aan portretten van Martin Parr samen, gemaakt door straatfotografen, studiofotografen en fotohokjes over de hele wereld, waarmee hij de vele vormen, stijlen en tradities van de mondiale portretfotografie belicht. Bezoekers kunnen ook kennismaken met The Non-Conformists (mid-1970), zijn vroege zwart-wit documentatie van landelijke Engelse gemeenschappen, en zijn doorbraakserie The Last Resort (1983-85), die Parrs overgang naar kleur markeert en zijn focus op de Britse kust.

Martin Parr (1952-2025) is geboren in Epsom, Verenigd Koninkrijk, en studeerde fotografie aan de Manchester Polytechnic. In 1994 werd Parr lid van Magnum Photos, en van 2013 tot 2017 was hij voorzitter van het agentschap. Naast zijn fotografie praktijk was hij actief als curator, redacteur en professor. Met meer dan 150 door hemzelf gepubliceerde boeken en nog eens dertig fotografieboeken die hij redactioneel samenstelde liet Parr een blijvende nalatenschap achter. Zijn werk is opgenomen in de collecties van vele toonaangevende musea wereldwijd, van Tate in het Verenigd Koninkrijk tot het Centre Pompidou in Parijs en het Museum of Modern Art in New York. In 2017 werd in Bristol de Martin Parr Foundation opgericht om opkomende, gevestigde en onderbelichte fotografen te ondersteunen die zich in hun werk richten op Groot-Brittannië en Ierland.

Martin Parr – Very Modern and Rather Ugly, t/m 12 augustus 2026, Foam, Keizersgracht 609, Amsterdam. Website: www.foam.org.

Terug naar boven

 

M Leuven: Valérie Mannaerts - Antennae

M Leuven presenteert met Antennae de eerste overzichtstentoonstelling in België van kunstenaar Valérie Mannaerts. Ze brengt een selectie samen uit meer dan dertig jaar artistieke praktijk, aangevuld met nieuw werk dat voor het eerst aan het publiek wordt getoond.

Antennae markeert een belangrijk moment in Mannaerts' carrière. De voorbije vijf jaar werkte ze intensief aan projecten in de publieke ruimte, vaak in samenwerking met architecten en ambachtslieden. Zo realiseerde ze onder meer een vloer in mozaïek voor het Beursgebouw in Brussel - Private Architecture (BeursBourse) (2023).

 
Zaalzicht 'Antennae', Valérie Mannaerts, M Leuven, 2026. Foto: Filip Dujardin voor M Leuven.

Deze langzame, collectieve processen staan in contrast met het nieuwe werk in de tentoonstelling, waarin Mannaerts opnieuw de directheid van het atelier opzoekt.

Mannaerts werkt met uiteenlopende media zoals schilderkunst, tekenkunst, fotografie en sculptuur en gebruikt materialen als textiel, wol, brons, hout, keramiek en papier-maché. Kenmerkend voor haar werk is dat disciplines voortdurend in elkaar overvloeien. Beeldende kunst, architectuur en design staan niet los van elkaar, maar verschuiven steeds van functie: een schilderdoek kan een sculptuur worden, kledingstukken transformeren tot installaties. Ook de voor Mannaerts' werk typerende elementen zoals gordijnen en paravents spelen een belangrijke rol. Deze 'vloeibare architectuur' creëert ruimtes binnen de ruimte: plekken die tegelijk open en beschut aanvoelen of een vorm van 'private architecture' zijn, een term die ze vaak als titel voor haar werken kiest.

De tentoonstelling opent met Volubly Troublously (2025) (letterlijk: 'spraakzaam verontrustend'), een nieuw werk dat meteen de eigen vormentaal van Mannaerts introduceert. De sculptuur bestaat uit een beschilderd doek in de vorm van een open tuniek of kimono, tule en linten. Op het oppervlak verschijnen tepels, bloemen, vruchtjes en andere organische motieven. Het werk bevindt zich op het snijvlak van schilderkunst en sculptuur en verwijst naar het vrouwenlichaam, vruchtbaarheid en kleding. Het zet de toon voor het vervolg van het parcours dat niet chronologisch verloopt, maar via thematische clusters. Doorheen vijf zalen ontvouwt zich een scherp en eigentijds portret van Mannaerts’ kunstenaarspraktijk dat de veelzijdigheid van haar dertigjarige carrière in beeld brengt. Antennae nodigt bezoekers uit om zich te laten leiden door vormen en beelden die voortdurend bewegen tussen het intieme en het grootse, het persoonlijke en het universele.

De titel van de tentoonstelling Antennae verwijst naar de voelsprieten van insecten, waarmee zij hun omgeving aftasten en signalen opvangen. Tegelijk fungeert de titel als een metafoor voor Mannaerts’ artistieke gevoeligheid. Net zoals insecten hun antennes gebruiken om zich te oriënteren, lijkt de kunstenaar haar eigen 'antennes' in te zetten om subtiele verbanden te detecteren tussen haar leefwereld, haar werk, de toeschouwer en de ruimte waarin haar werk wordt getoond. Het beeld van de voelsprieten suggereert bovendien een voortdurende beweging tussen binnen en buiten. Mannaerts’ werk ontstaat vaak precies in die overgangszones, waar persoonlijke ervaringen, materialen, architectuur en lichamelijke vormen elkaar ontmoeten. De kunstenaar staat zo tegelijk in relatie tot de wereld en volledig op zichzelf.

Naar aanleiding van haar tentoonstelling Antennae in M, verschijnt een gelijknamige publicatie bij Walther König Verlag.

Valérie Mannaerts - Antennae, t/m 30 augustus 2026, M Leuven, L. Vanderkelenstraat 28, Leuven, België. Website: www.mleuven.be.

Terug naar boven

 

Zeeuws Museum, Middelburg: Hebben, hebben, hebben

Is de mens een Rupsje Nooitgenoeg? Onze verre voorouders verzamelden uit pure noodzaak, om te kunnen overleven in tijden van schaarste. Vandaag de dag lijken we volledig doorgeslagen in het vergaren van zoveel mogelijk spullen en vermogen. Degenen die hier succesvol in zijn, worden door het systeem steeds rijker. Dit leidt tot grote maatschappelijke ongelijkheid. We komen meer tot inzicht welke negatieve gevolgen dit heeft voor de samenleving en het milieu; het roer moet om. Waarom willen we eigenlijk zoveel bezitten? Wanneer is de grens bereikt? Kan het ook anders? In de tentoonstellingsreeks Hebben, hebben, hebben zoeken we naar antwoorden aan de hand van verschillende kunstwerken.

 
Paul en Menno de Nooijer, 'Stripshow 1850', still, 2004, collectie Zeeuws Museum.

Deze (en/of hun makers) hebben gemeen dat ze je anders naar bezit laten kijken en kunnen inspireren tot een alternatieve levenshouding.

Musea raken steeds voller en lijken ook grenzeloos te verzamelen. Collecties breiden alsmaar verder uit, terwijl maar een heel klein deel tentoongesteld kan worden. Het gros van de kunstschatten en verzameld erfgoed wordt bewaard en beheerd in depots en krijg je nooit te zien. Hoeveel kan een museum eigenlijk bewaren en zijn er alternatieven? Hebben, hebben, hebben onderzoekt het. In de eerste periode doen we dat met werk van Maarten Vanden Eynde, Beatrijs Lauwaert, Jacoba van Heemskerck en Paul en Menno de Nooijer. In november ‘26 volgt het tweede deel met veel nieuwe kunstwerken. De gehele reeks loopt tot voorjaar ‘28.

Op dezelfde verdieping vind je eenZM Open atelier; een inspiratie- en ontmoetingsruimte in het kader van eenZM*. De komende periode onderzoeken we hier, met buurtbewoners en andere geïnteresseerden, hoe we op het Abdijplein (onze publiekstoegankelijke voortuin) waardevolle ontmoetingen en verbinding kunnen stimuleren. Onder de noemer eenZM Open plein komen we maandelijks samen om wensen en ideeën uit te wisselen en inspiratie op te doen. Kunstenaars en creatieve makers betrekken we bij het proces om mee te denken over eventuele uitvoeringen. De samenkomsten legt tekenaar Betina Van Meter (Bord&Stift) vast en zijn te zien in eenZM Open atelier. Richting zomer verplaatst een en ander zich meer naar buiten en gaan we experimenteren op het plein.

Hebben, hebben, hebben, deel 1, t/m 25 oktober 2026, Zeeuws Museum, Abdij 4, Middelburg. Website: www.zeeuwsmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Museum Kranenburgh, Bergen NH: Bernard Essers – Dromen in het duin

In Museum Kranenburgh is momenteel de tentoonstelling Dromen in het duin te zien, waarin aandacht wordt gevraagd voor de verfijnde houtsneden en -gravures van kunstenaar en begaafd vakman Bernard Essers (ID/NL, 1893-1945), die in de jaren 1920 en 1930 deel uitmaakt van de kunstenaarsgemeenschap in Bergen. Zijn grafisch werk is zowel artistiek als technisch van uitzonderlijke kwaliteit, maar bleef lange tijd onderbelicht. Geïnspireerd door zijn jeugd op Java en de Aziatische prentkunst, de Engelse Arts and Crafts-beweging en het Nederlands symbolisme ontwikkelt Essers een unieke stijl, waarin hij zowel zijn liefde voor de natuur als zijn belangstelling voor mythen, legenden en literaire thema’s tot uitdrukking brengt.

Curator Eliane Odding selecteerde voor Dromen in het duin een 70-tal werken uit de collecties van Museum Kranenburgh en particulieren.

 
Bernard Essers, 'Bretonse baai, Douarnenez', 1927, houtgravure. Foto via Rijksmuseum, Amsterdam.

Naast vrij werk omvat deze selectie illustraties voor boeken en tijdschriften waaronder Wendingen, het kunst- en architectuurforum voor progressief Nederland (1918 – 1933).

Hoewel Bernards Essers al op zevenjarige leeftijd naar Nederland komt, blijft de herinnering aan zijn vroege jeugd op Java doorwerken in zijn artistieke beeldtaal. Hij volgt opleidingen in Amsterdam en Londen en maakt kennis met de ideeën van de Engelse Arts and Crafts-beweging over vakmanschap, ornamentiek en de relatie tussen vorm en functie. In Bergen gaat hij in de leer bij de grafici Job Graad van Roggen (NL, 1867-1959) en Jaap Veldheer (NL, 1866-1954), pioniers van de kunstenaarsavant-garde die aan het begin van de 20ste eeuw in Bergen neerstrijkt. Essers verhuist in 1920 eveneens naar Bergen. Hoewel hij zich beweegt in het netwerk van kunstenaars van de Bergense School, blijft hij artistiek volledig zijn eigen weg gaan.

Wanneer hij rond 1918 in contact komt met de kunstenaars Jan Toorop (ID/NL 1858-1928) en Lodewijk Schelfhout (NL, 1881-1943), centrale figuren binnen het Nederlands symbolisme, voelt Essers zich aangetrokken tot deze stroming die geestelijke verdieping zoekt en, net als de Engelse Arts and Crafts-beweging, een combinatie van stilering, heldere lijnen en een decoratieve benadering propageert. Essers componeert zijn taferelen tot volmaakte, sprookjesachtige voorstellingen, waarin de schoonheid van de natuur centraal staat. Meer dan welke collega-kunstenaar in Bergen ook blijft Essers gefascineerd door de duinen, polders en bossen en wat zich er afspeelt.

Bernard Essers – Dromen in het duin, t/m 1 november 2026, Museum Kranenburgh, Hoflaan 26, Bergen NH. Website: www.kranenburgh.nl.

Terug naar boven

 

Kunsthal Rotterdam: Woody van Amen - The Best Of

Kunsthal Rotterdam presenteert een overzicht van het werk van de Rotterdamse kunstenaar Woody van Amen (1936). De tentoonstelling markeert zijn negentigste verjaardag en eert een van de invloedrijkste Nederlandse kunstenaars van de naoorlogse avant-garde. Woody van Amen. The Best of toont sleutelwerken uit zijn decennialange oeuvre en volgt de ontwikkeling van zijn werk vanaf de vroege jaren zestig, toen hij uitgroeide tot een van de pioniers van de popart in Nederland. Van popartschilderijen en assemblages tot het iconische taxat-motief: de tentoonstelling laat zien hoe Van Amen steeds opnieuw de grenzen van beeldcultuur, technologie en spiritualiteit verkent. Zijn speelse, directe en scherpe vormentaal maken deze kunstenaar tot op de dag van vandaag nog altijd relevant.

Van Amen vertrok begin jaren zestig naar de Verenigde Staten, waar hij in aanraking kwam met kunstenaars als Andy Warhol en Robert Rauschenberg. Hij trof er een kunstscene aan waarin alledaagse objecten, merknamen en beelden uit de consumptiemaatschappij centraal stonden. In zijn vroege werk is deze invloed duidelijk zichtbaar. Van Amen gebruikte bekende merknamen zoals RVS, Philips en Wrigley in schilderijen waarvan de beelden direct aan het straatbeeld lijken ontleend: neonletters, logo’s en industriële vormen.

De tentoonstelling presenteert een aantal van Van Amens assemblages: combinaties van elementen uit alledaagse voorwerpen die bewegen en geluid maken of zelfs aanvriezen, zoals zijn iconische IJsmachines. Ook zijn de Vibro-objecten te zien: sculpturen die vibreren door middel van kleine motoren of mechanische onderdelen uit afgedankte apparatuur. Geïnspireerd door de harde kant van de Amerikaanse cultuur vormt de elektrische stoel een indringend onderwerp in Van Amens werk. Hij isoleert het object en maakt de stoel op deze manier een opzichzelfstaand, sculpturaal beeld.

Een van de belangrijkste ontwikkelingen in Van Amens oeuvre is het gebruik van symbolen met een van oorsprong religieuze lading, die hij tijdens zijn reizen ontdekt. Invloeden uit Azië zijn zichtbaar in tekeningen van wajangpoppen en andere culturele motieven. Zo is de taxat een van de bekendste symbolen in zijn oeuvre: een dubbelkruis dat hij aantrof in de bekleding van een taxi in Singapore. De door Van Amen bedachte naam verwijst naar deze vindplaats. Het symbool intrigeerde hem zozeer dat hij de driedimensionale vorm, bestaande uit dertien kubussen, wiskundig liet vastleggen. Ook de karakteristieke top van de Zwitserse Matterhorn keert regelmatig terug in zijn werk, evenals Nepalese gebedsvlaggetjes.

Woody van Amen - The Best Of, t/m 4 oktober 2026, Kunsthal Rotterdam, Museumpark, Westzeedijk 341, Rotterdam, info 010-4400301, www.kunsthal.nl, openingstijden: dinsdag t/m zondag 10.00 - 17.00 uur.

Terug naar boven

 

Kunsthal KAdE, Amersfoort: Mundo Mágico

Mundo Mágico (magische wereld) is een hommage aan het tot de verbeelding sprekende programma van galerie Mendes Wood DM in Sao Paulo, getoond door de lens van twaalf van haar kunstenaars. Zij tonen een wereld waarin de werkelijkheid net een kleine twist krijgt, waardoor de beleving daarvan boven de directe waarneming uitstijgt en ‘magisch’ aanvoelt. Een wereld met een ziel. Terugkerende thema’s zijn het landschap, identiteit, herinnering en mythologie, benaderd vanuit een persoonlijke, kritische en soms spirituele blik.

In de tentoonstelling is een centrale plaats gereserveerd voor Amadeo Luciano Lorenzato.

 
Zaaloverzicht Mundo Mágico, met werken van Vojtech Kovarík en Julien Creuzet. Courtesy de kunstenaar en Mendes Wood DM. Foto: Peter Cox.

Hij was een autodidact uit Belo Horizonte, die leefde van 1900 tot 1995. Zijn visie op het landschap is heel specifiek: realistisch, naïef en suggestief tegelijk, enigszins onthecht, waardoor het nooit een feitelijke registratie is. Lorenzato is een ‘kunstenaars-kunstenaar’. Het waren de kunstenaars van de galerie die de galeriehouders op hem wezen. Zijn werk is exemplarisch voor de fijngevoelige schilderkunst die in het programma van Mendes Wood DM de boventoon voert.

KAdE maakte in 2016 de tentoonstelling Soft Power Arte Brasil. De expositie toonde de sociaaleconomische context van Brazilië tijdens de Olympische Spelen van Rio de Janeiro door de ogen van kunstenaars, een context die gedurende het evenement buiten het zicht van de camera’s van het marketing-sportspektakel bleef. Vanuit Mendes Wood DM zaten Lucas Arruda, Paulo Nazareth en Paulo Nimer Pjota in Soft Power Arte Brasil, kunstenaars die sindsdien internationaal doorbraken, terwijl de galerie zelf ook steeds meer profiel kreeg. Sinds 2016 is Kunsthal KAdE Mendes Wood DM intensief blijven volgen.

Deelnemende kunstenaars: Lucas Arruda, 1983, BR | Julien Creuzet, 1986, FR | Sanam Khatibi, 1979, BE | Vojtech Kovarik, 1993, CZ | Amadeo Luciano Lorenzato, 1900-1995, BR | Paulo Nazareth, Old man from Nak Borun, BR | Paulo Nimer Pjota, 1988, BR | Rosana Paulino, 1967, BR | Solange Pessoa, 1961, BR | Marcos Siqueira, 1989, BR | Daniel Steegmann Mangrané, 1977, ES | Rubem Valentim, 1922-1991, BR.

Mendes Wood DM werd in 2010 opgericht in São Paulo als een samenwerking tussen Pedro Mendes, Matthew Wood en Felipe Dmab, die de 'DM' in de naam vertegenwoordigt. Mendes Wood DM werd naar eigen zeggen opgezet om ‘internationale en Braziliaanse kunstenaars te exposeren in een context die bevorderlijk is voor kritische dialoog en kruisbestuiving van ideeën’. Geïnspireerd door de overtuiging dat artistieke praktijken het bereik van menselijk handelen verbreden en de kracht hebben om de wereld te veranderen, cultiveert de galerie een programma dat gebaseerd is op conceptualisme, politiek verzet en intellectuele uitdaging. In Mundo Mágico laat KAdE deze waarde van het programma zien. Mendes Wood DM heeft inmiddels tentoonstellingsruimtes in Brussel, Tribeca in New York en de Places des Vosges in Parijs en een artist residence in de Hudson River Valley, New York.

Mundo Mágico, t/m 30 augustus 2026, KAdE, Kunsthal in Amersfoort, Eemplein 77 (Eemhuis), Amersfoort. Website: www.kunsthalkade.nl.

Terug naar boven

 

Fries Museum, Leeuwarden: Robert Zandvliet: Aan de oevers van de tijd

Het Fries Museum presenteert de tentoonstelling Robert Zandvliet: Aan de oevers van de tijd. Dit jaar wordt het werk van deze van oorsprong Friese kunstenaar getoond in twee grote internationale presentaties en verschijnt de lijvige monografie Monolith. Het Fries Museum heeft zijn werk al vroeg verzameld en ziet nu een aanleiding om het oeuvre van Zandvliet opnieuw voor het voetlicht te brengen met een overzichtelijk retrospectief. De tentoonstelling begint met werk uit de eigen collectie en eindigt met een schilderij dat vers uit het atelier komt.

 
Robert Zandvliet, 'Zonder titel', 2007, Bruikleen AkzoNobel Art Foundation. Foto: Henk Geraedts.

Het oeuvre van Robert Zandvliet wordt gekenmerkt door zijn zoektocht naar de essentie van het beeld. Met zijn overtuigende en directe handschrift beweegt hij zich op het spanningsveld tussen figuratie en abstractie. Zandvliet debuteerde eind jaren negentig met een serie monumentale schilderijen van alledaagse objecten; een achteruitkijkspiegel, een bioscoopscherm, een haarspeld. De strakke lijnen van de objecten gaan later over in die van een wegennet en van een landschap, een thema dat sindsdien als een rode draad door zijn oeuvre meandert. In deze tentoonstelling wordt zijn ontwikkeling van de afgelopen 30 jaar in beeld gebracht. De tentoonstelling opent met de haarspeld uit de collectie van het Fries Museum en eindigt met Arundo, een van zijn meest recente schilderijen van in het water weerspiegelde rietpollen.

Robert Zandvliet (1970, Terband) woont en werkt in Haarlem. Zijn werk was te zien in solotentoonstellingen in onder meer het Kunstmuseum Den Haag, het Stedelijk Museum Amsterdam, De Pont in Tilburg en Kunstmuseum Bonn. Hij volgde een residency aan De Ateliers in Amsterdam en ontving onder andere de basisprijs van de Prix de Rome (1994), de Charlotte Köhler Prijs (1998) en de Wolvecampprijs (2004). Zijn werk is opgenomen in belangrijke (inter)nationale collecties. In 2026 exposeert Zandvliet ook in Kunsthalle Darmstadt (Darmstadt, Duitsland), Museum Franz Gertsch (Burgdorf, Zwitserland) en in het Caspar David Friedrich Centre (Greifswald, Duitsland).

Deze tentoonstelling wordt gemaakt in samenwerking met de AkzoNobel Art Foundation, die dit jaar haar 30-jarig jubileum viert. De AkzoNobel Art Foundation is een toonaangevend platform voor internationale hedendaagse kunst met veel aandacht voor talentontwikkeling. De foundation volgt het werk van Robert Zandvliet al vanaf het begin van zijn loopbaan en heeft een ruime hoeveelheid werken in de collectie. Ongeveer de helft van de werken in de tentoonstelling is als bruikleen beschikbaar gesteld.

Robert Zandvliet: Aan de oevers van de tijd, t/m 21 maart 2027, Het Fries Museum, Wilhelminaplein 92, Leeuwarden. Website: www.friesmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Museum Kranenburgh, Bergen NH: Iris Le Rütte – Alles verandert, niets vergaat

Beeldend kunstenaar en dichter Iris Le Rütte toont haar beelden en tekeningen in Museum Kranenburgh, waarin het verschijnsel metamorfose – gedaanteverandering – centraal staat. ‘Iets wil veranderen’, schrijft Le Rütte zelf in een van haar gedichten. Verandering is een natuurwet: alles blijft, maar nooit in dezelfde vorm. Le Rütte kent twee belangrijke inspiratiebronnen: de natuur met haar enorme verscheidenheid aan vormen, en de verhalen uit de Metamorfosen van de Romeinse dichter Ovidius. Beide voeden haar verwondering over de wereld, die ze tot uiting brengt in een aansprekende en poëtische, figuratieve beeldtaal.

 
Iris Le Rütte, 'Haas', 2009. Collectie Museum Kranenburgh, schenking Iris Le Rütte.

Alles verandert, niets vergaat, samengesteld door curator Marianne van Gils, toont werken uit het bezit van de kunstenaar en uit de collecties van Museum Kranenburgh, particulieren en bedrijven.

De beelden en tekeningen van Le Rütte kenmerken zich door een grote diversiteit aan vormen waarin mensfiguren, dieren, planten en dingen versmelten. Haar dierfiguren zijn veelal antropomorf: ze lijken menselijke emoties te tonen en met de toeschouwer te communiceren. Zijn het dieren of mensen, of allebei tegelijk? Aan deze verscheidenheid voegt de kunstenaar nog meer samensmeltingen toe. Zo laat ze benen uit schelpen tevoorschijn komen, of vrouwenlichamen overgaan in bloemen. Met deze hoogsteigen schepsels, maar ook met haar weergaven van figuren uit de mythologie die een metamorfose ondergingen, plaatst Le Rütte zich in een lange traditie en kiest ze tegelijkertijd voor eigenzinnige nieuwe invalshoeken.

Hoewel de beelden van Le Rütte zijn uitgevoerd in sterke, duurzame materialen zoals brons, suggereren de werken dat ze op ieder moment een andere gedaante kunnen aannemen en een nieuwe betekenis kunnen krijgen. Bovendien schuwt Le Rütte het niet om aandacht te vragen voor de actualiteit, zij het op subtiele wijze. Zo heeft ze een sculptuur gemaakt van het hondje Patron dat in Oekraïne landmijnen opspoort. Het is alsof ze haar wezens laat oproepen tot positiviteit: een transformatie naar het goede blijft altijd mogelijk.

Iris Le Rütte (NL, 1960) krijgt al snel na haar afstuderen aan de Rijksakademie te Amsterdam de opdracht voor het monumentale beeld In de wind (1994, Hoofddorp). Hierna volgen tal van opdrachten voor werk in de openbare ruimte, zoals Fata Morgana (2005), de stalen dromedarissen langs het spoor in Amsterdam. Le Rütte is genomineerd voor de Elisabeth van Thuringenprijs voor haar kunstproject 'Uitzicht op kinderdroomkunst' (2015) voor het ziekenhuis OLVG in Amsterdam. Ook is ze bekend vanwege haar ontwerpen voor culturele prijzen, zoals de Blijvend Applaus Prijs, de Heldringprijs van NRC en de IJ-Prijs van de gemeente Amsterdam en PwC. Haar beelden bevinden zich in de museale collecties van Beelden aan Zee, Scheveningen en Museum Kranenburgh en in diverse bedrijfscollecties.

Iris Le Rütte – Alles verandert, niets vergaat, t/m 1 november 2026, Museum Kranenburgh, Hoflaan 26, Bergen NH. Website: www.kranenburgh.nl.

Terug naar boven

 

Wereldmuseum Leiden: Yuki Kihara - Darwin in Paradise Camp

Darwin in Paradise Camp is het Nederlandse solodebuut van de Japans-Samoaanse kunstenaar Yuki Kihara. In deze visueel rijke tentoonstelling bevraagt Kihara vanuit een queer en inheems perspectief de culturele erfenis van twee invloedrijke figuren uit de westerse geschiedenis: kunstschilder Paul Gauguin en bioloog Charles Darwin.

De tentoonstelling laat zien wat door westerse kennis- en beeldsystemen is onderdrukt en vergroot cultureel bewustzijn rond representatie.

 
Still van ‘Darwin Drag’ (2026) video van Yuki Kihara. Foto: Gui Taccetti, courtesy of Yuki Kihara en Milford Galleries, Aotearoa, Nieuw Zeeland.

Kihara’s video-installaties, fotografie en textielwerken vertellen op scherpe en humorvolle wijze hoe ideeën over natuur, gender en cultuur zijn gevormd door koloniale en eurocentrische beeldvorming en nodigen uit om deze onderdrukte perspectieven te ontdekken en het culturele bewustzijn te vergroten.

Yuki Kihara werd geboren in Samoa en maakt deel uit van de fa’afafine-gemeenschap. Deze gemeenschap speelt een centrale rol in haar werk. De modellen in haar foto’s en video’s komen vaak uit dezelfde sociale kring en verschijnen niet als exotische objecten van een westerse blik, maar als actieve deelnemers in een hervertelling van de geschiedenis. In de serie Paradise Camp herschept Kihara verschillende composities van Gauguins schilderijen met leden van de Samoaanse fa’afafine-gemeenschappen. Daarmee verschuift het perspectief: ‘het paradijs’ wordt niet langer bekeken door de ogen van een Europese kunstenaar, maar wordt gepresenteerd door de mensen zelf.

Yuki Kihara presenteert in de tentoonstelling nieuw werk. Moana Queer Taxonomy (2026) bestaat uit twaalf geborduurde pandanusmatten – in Samoa bekend als fala su‘i – waarop het zeeleven rondom de Samoaanse archipel is afgebeeld. Biologen vonden er tal van vormen van seksuele en genderdiversiteit: vissen die van geslacht veranderen, soorten die gelijktijdig mannelijke en vrouwelijke kenmerken bezitten of langdurige paren vormen met partners van hetzelfde geslacht. Door deze dieren met hun oorspronkelijke Samoaanse namen te tonen, laat Kihara zien dat er al andere manieren waren om de natuur te benoemen en te ordenen voor de Europese classificaties. De matten werden vervaardigd met de assistentie van borduurders uit de Tovio-familie van de Moata‘a Aualuma-gemeenschap op het naast Samoa gelegen eiland Upolu, waardoor het werk ook een collectieve dimensie krijgt.

Archiefonderzoek vormt een rode draad in Kihara’s praktijk. Voor Darwin in Paradise Camp verzamelt ze historische foto’s, boeken en documenten in wat ze haar varchive noemt: een archief dat verschillende tijden, verhalen en perspectieven met elkaar verbindt. Koloniale foto’s van Samoa en missionarisverslagen uit de negentiende eeuw laten zien hoe Europese bezoekers de eilanden probeerden te begrijpen binnen hun eigen wereldbeeld. Tegelijkertijd onthullen deze bronnen hoe lokale kennis en tradities een andere kijk op gender en natuur bieden. Door deze historische items naast haar eigen kunstwerken te plaatsen, laat Kihara zien hoe geschiedenis voortdurend wordt herschreven.

Yuki Kihara - Darwin in Paradise Camp, t/m 3 januari 2027, Wereldmuseum Leiden, Steenstraat 1B, Leiden. Website: leiden.wereldmuseum.nl.

Terug naar boven

 

Singer Laren: Dichter bij De Denker

Singer Laren presenteert een bijzondere collectieopstelling waarin De Denker van Auguste Rodin (1840-1917) centraal staat. Voor deze gelegenheid verlaat het wereldberoemde beeld tijdelijk de vertrouwde plek boven de doorgang naar de museumzalen en wordt het dichter bij het publiek geplaatst. Bezoekers krijgen zo een unieke kans om dit iconische meesterwerk van dichtbij te ervaren. In de presentatie wordt De Denker samengebracht met andere sculpturen van Rodin. Daarnaast zijn er twee zeldzame bronzen beelden te zien van de Nederlandse beeldhouwer Saar de Swart (1861–1951), die grote bewondering had voor Rodins werk en bovendien buurvrouw was van Anna en William Singer, de grondleggers van Singer Laren.

Oorspronkelijk maakt Rodin De Denker voor de bovendorpel van De Hellepoort, de monumentale bronzen deuren waaraan hij tot aan zijn dood werkt voor het Parijse Museum voor Decoratieve Kunst. Vanuit deze verheven positie overziet de peinzende figuur het lot van de verdoemden, wat het beeld een extra gelaagde betekenis geeft. De sculpturen van Rodin zorgen aan het einde van de 19de eeuw voor een ware vernieuwing in de beeldhouwkunst.

 
Auguste Rodin, 'De Denker', ca. 1881-1882 (zandgietsel ca. 1930-1937), brons, 72 × 45 × 54 cm. Schenking Anna Singer-Brugh 1956. Fotografie: Erik en Petra Hesmerg.

Tijdgenoten prijzen de Franse kunstenaar om zijn vermogen het karakter van zijn modellen te doorgronden en om de overtuigende expressie in zijn werk. Met name in zijn weergave van naakte lichamen wist Rodin de menselijke hartstochten indringend te verbeelden.

Singer Laren beheert de grootste museale collectie bronzen beelden van Auguste Rodin in Nederland. In totaal schaffen Anna en William Singer veertien werken van Rodin aan, voornamelijk gietsels afkomstig van de Parijse bronsgieterij Alexis Rudier. Deze gerenommeerde gieterij produceert vanaf 1902 tot het midden van de 20ste eeuw afgietsels van Rodins werk, die nog altijd worden gewaardeerd om de hoge kwaliteit, de verfijnde afwerking en het karakteristieke patina. Met Dichter bij De Denker krijgt deze bijzondere verzameling een nieuw en intiem perspectief.

Dichter bij De Denker, t/m 15 november 2026, Singer Laren, Oude Drift 1, Laren. Website: www.singerlaren.nl.

Terug naar boven

 

Museum Kranenburgh, Bergen NH: totaalinstallatie Lisa Konno Paul Kooiker

Museum Kranenburgh presenteert het werk van spraakmakend kunstenaars Lisa Konno (NL, 1992) en Paul Kooiker (NL, 1964) in de totaalinstallatie Lisa Konno Paul Kooiker. Konno en Kooiker hebben ieder een eigen praktijk, maar delen een interdisciplinaire wijze van werken waarbij ze zich vrij bewegen tussen onder meer beeldende kunst, mode, fotografie en performance. In de tentoonstelling, samengesteld door curator Heleen Dijkhuizen, presenteren de kunstenaars beiden een eigen, autonoom project dat oorspronkelijk deel uitmaakte van een performance en dat niet eerder museaal getoond is.

 
Lisa Konno, 'Figure bij Nationale Opera en Ballet', 2025. Foto: Altin Kaftira.

Hun objecten en beelden gaan met elkaar én met het publiek een dialoog aan over de macht en kracht van mode en de invloed daarvan op de vorming van identiteit.

Konno toont kostuums en objecten van textiel en keramiek uit Figure (2025/2026), de voorstelling die ze recentelijk maakte in samenwerking met De Nationale Opera en Ballet. Hiertegenover presenteert Kooiker zijn serie foto’s Business of Fashion (2018). In de installatie vindt een ontmoeting plaats tussen twee verschillende benaderingen: Konno onderzoekt de samenhang tussen mode, macht en identiteit vanuit het perspectief van het lichaam en hoe dat zich verhoudt tot kleding. Haar ontwerpen verbeelden de invloed van mode en schoonheidsidealen in verschillende levensfasen. Paul Kooiker speelt juist met de overdrijving van het lichaam als vorm. Door het lichaam te behandelen als sculptuur en gebruik te maken van licht, schaduw en abstractie creëert hij beelden met een surrealistische ondertoon.

De tentoonstelling Lisa Konno Paul Kooiker sluit aan bij actuele discussies over de invloed van beeldcultuur en schoonheidsnormen op identiteit. In een tijd waarin de manier waarop we ons presenteren steeds meer wordt bepaald door gestileerde beelden en door de blik van de ander, bieden Konno en Kooiker twee autonome, kritische perspectieven op de relatie tussen mode en het menselijk lichaam.

Lisa Konno Paul Kooiker, t/m 1 november 2026, Museum Kranenburgh, Hoflaan 26, Bergen NH. Website: www.kranenburgh.nl.

Terug naar boven

 

Kunsthal KAdE, Amersfoort: Frankenthaler x Judd

In het najaar van 2026 presenteert Kunsthal KAdE in Amersfoort een tentoonstelling met het werk van Helen Frankenthaler (1928–2011) en Donald Judd (1928–1994). De twee kunstenaars, geboren in hetzelfde jaar, braken door in het naoorlogse New York, waar ze ieder hun eigen pad kozen in de wereld van de abstractie. Daarmee hadden ze groot succes in de Verenigde Staten, maar in Europa was de situatie radicaal anders, vooral in Nederland.

Donald Judds minimalistische werk werd vanaf het begin van de jaren zeventig op grote schaal tentoongesteld en verzameld, terwijl het werk van Helen Frankenthaler vrijwel volledig werd genegeerd.

 
Donald Judd, 'Galvanized Iron 17 January 1973', 1973, gegalvaniseerd ijzer, 101,6 x 482,6 x 101,6 cm. Collectie: Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam. Aankoop: Stichting Fonds Willem van Rede. In permanente bruikleen van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Foto: Jannes Linders.

Het samenbrengen van de twee oeuvres in één tentoonstelling is een studie in contrasten. Beide kunstenaars vertegenwoordigen cruciale ontwikkelingen in de naoorlogse kunst: het werk van Frankenthaler kwam voort uit de vernieuwingen van het abstract expressionisme in de jaren vijftig, een positie die zij in de daaropvolgende decennia verder ontwikkelde. Met royale gebaren bracht ze heldere kleuren aan op grote doeken, soms door middel van haar ‘soak-stain’-techniek, waarbij de verf in het doek werd geabsorbeerd en zich over het oppervlak verspreidde. Judd werd een van de leidende figuren van het minimalisme van de jaren zestig en produceerde strak geordende geometrische vormen die vaak werden vervaardigd uit industriële materialen en door anderen werden geassembleerd.

In de tentoonstelling komen deze verschillen nadrukkelijk naar voren, zoals ze zich in beider oeuvres aandienen: vrije vorm versus strakke beeldtaal, intuïtie versus rede, persoonlijke gebaren versus een ‘industriële’ houding, maar ook ondergewaardeerd zijn (en daardoor niet verzameld) versus populair en veelvuldig aangekocht (waarmee het genderverschil wordt blootgelegd). Tegelijkertijd zijn er subtiele overeenkomsten. Frankenthaler gebruikte regelmatig rechthoekige en vierkante oppervlakken in haar werk, waarbij ze soms flirtte met het minimalisme. Tegen het einde van zijn carrière begon Judd steeds meer expressieve kleuren te gebruiken, een factor die een belangrijk onderdeel vormt van de visuele kracht van Frankenthaler.

In het verlengde van het project in Kunsthal KAdE wordt in de Elleboogkerk een installatie van Vivian Suter (Buenos Aires, 1949) getoond. Haar werk is een hedendaagse versie van de schilderkunst van Helen Frankenthaler. Ze heeft dezelfde vrijheid en dezelfde intuïtieve benadering van het doek, maar dan met een geheel eigen beeldwereld. Suter woont in de jungle van Guatemala en schildert haar doeken buiten in de natuur. Net als bij Frankenthaler ligt de oriëntatie van een werk nooit meteen vast. Frankenthaler schilderde haar doeken op de vloer en bepaalde later de boven- en onderkant. Suter doet hetzelfde in haar natuuratelier. Suters installaties bestaan uit tientallen van deze doeken, niet opgespannen, vrij hangend in de ruimte of aan de muur. Het zijn labyrintische installaties die de jungle weerspiegelen waarin ze werkt.

Frankenthaler x Judd, 26 september 2026 t/m 10 januari 2027, KAdE, Kunsthal in Amersfoort, Eemplein 77 (Eemhuis), Amersfoort. Website: www.kunsthalkade.nl.

Terug naar boven

 

Van GoghHuis, Zundert: DUET – Nederland + Japan

Het Vincent van GoghHuis presenteert de tentoonstelling DUET – Nederland + Japan. Deze expositie toont de resultaten van uitwisselingen met Japan. Het museum in Zundert combineert werken van Nederlandse en Japanse kunstenaars met elkaar, als in een ‘duet’. De inspiratie door Van Gogh vormt hierbij een leidraad. Houtdrukken van Utagawa Hiroshige inspireerden niet alleen Vincent van Gogh, maar ook de schilders Lotte Wieringa en Shigeru Hasegawa. Zij vervaardigden nieuwe werken In het gastatelier te Zundert. De doeken van Hasegawa worden gepresenteerd naast een groot schilderij van zijn studievriend Robert Zandvliet.

Emily Bates en Katsumi Omori fotografeerden de kersenbloesem (sakura), een motief dat Vincent aanzette tot het schilderen van zijn bekende Amandelbloesem. Het laatste duet wordt gevormd door Fleur van Dodewaard en Ikuhisa Sawada, met foto’s van Tokyo verwerkt in wandsculpturen. Emmy Bergsma nam het verhaal van haar voorouder Titia Bergsma tot uitgangspunt voor een reeks werken op papier. Titia was de eerste westerse vrouw die Japanners zagen op het eiland Deshima. Ze werd veelvuldig afgebeeld op schilderijen en allerlei voorwerpen.

 
Takashi Kuribayashi, 'Tree of Vincent van Gogh', 2026, hout, spiegelglas & mixed media, Van Gogh Tuin.

Speciale gast is de Japanse kunstenaar Takashi Kuribayashi, die tijdens een residentie een ‘site specific’ werk zal maken in de tuin van het Van GoghHuis. Hij wordt daarbij geassisteerd door studenten en vrijwilligers. Zijn ontwerp is een holle boom aan de binnenzijde bekleed met kleine spiegels.

In het randprogramma wordt een expositie samengesteld door Find Van Gogh van schilderijen die Japanse kinderen maakte geïnspireerd door Van Gogh. Van 10 juli tot en met 16 augustus breidt de tentoonstelling zich uit naar Breda, locatie StadsGalerij. Hier vindt een presentatie plaats van jonge Nederlandse kunstenaars die op initiatief van het Van Goghhuis hebben gewerkt in Japan en van Japanse kunstenaars die in Zundert op residentie zijn geweest. Op 10 en 11 juli wordt in Breda ook een Japan Festival georganiseerd met als doel aandacht te vragen voor de exposities, residenties en een nieuw atelier op Teshima. Gelijktijdig vertoont Filmhuis Botanique een aantal Japanse films.

DUET – Nederland + Japan, t/m 4 oktober 2026, Vincent van GoghHuis, Markt 26-27, Zundert. Website: www.vangoghhuis.com.

Terug naar boven

 

Museum Beelden aan Zee, Den Haag: Femmy Otten - Birthland

Museum Beelden aan Zee toont de solotentoonstelling Birthland van Femmy Otten. Zij is de winnaar van de Per Abramsen Sculptuurprijs 2026 van de Stichting Abramsen-Koedam, die in samenwerking met het museum wordt uitgereikt. De vakjury roemt haar sterk expressieve en driedimensionale praktijk en authentieke beeldtaal. De tentoonstelling brengt een persoonlijke selectie sculpturen en tekeningen samen waarin Otten op indringende wijze thema’s als spiritualiteit, moederschap en seksualiteit onderzoekt. Aan de onderscheiding zijn naast de tentoonstelling, een geldbedrag van €10.000 en een wisselbeeld van Per Abramsen verbonden.

De Per Abramsen Sculptuurprijs wordt eens in de twee jaar toegekend aan een hedendaagse Nederlandse beeldhouwer wiens werk experimenteel, vernieuwend en uitgesproken driedimensionaal is. Femmy Otten (Amsterdam, 1981), geeft in haar tekeningen, schilderijen, sculpturen, muurschilderingen en performances, uitdrukking aan de krachtige, maar ook kwetsbare momenten in het leven. De jury motiveert haar keuze als volgt: "Net als het werk van Per Abramsen is Femmy Ottens praktijk sterk driedimensionaal en expressief en hebben haar werken een heel authentieke beeldtaal. In de context van museum Beelden aan Zee is haar werk bovendien interessant, omdat het museum is opgericht vanuit een collectie gericht op het mensbeeld: een sculpturaal genre dat Femmy Otten een heel persoonlijke en vernieuwende draai weet te geven.”

De tentoonstelling is samengesteld door de kunstenaar, en omvat naast een klein, nieuw werk, een selectie sculpturen en tekeningen die iets zeggen over deze tijd. Met haar persoonlijke, openhartige voorstellingen van zwangerschap en bevalling reageert Femmy Otten op het door mannen gedomineerde wereldbeeld, zoals dat wordt overgeleverd in de kunstgeschiedenis. Verbeeldingen van deze vrouwelijke thema’s zijn, zeker in de beeldhouwkunst, opvallend schaars. Ze bezorgt ze met terugwerkende kracht een welverdiende plek in de canon. Otten maakt haar actuele sculpturen bewust in hout en marmer met ambachtelijke technieken. De uiteindelijke vorm en inhoudelijke toon van deze werken ontstaan intuïtief tijdens het maakproces. Ze zegt daarover: “In tegenstelling tot een wereld gedomineerd door snelheid en door AI-gegenereerde beelden, zijn mijn beelden juist het product van een lichamelijke verhouding met de werkelijkheid.”

De Per Abramsen Sculptuurprijs is een landelijke prijs voor ruimtelijk werk met een sterk beeldend karakter. Per Abramsen (1941 – 2018) liet een omvangrijk oeuvre na van abstracte en figuratieve werken, gekenmerkt door technische veelzijdigheid en creatieve vrijheid. Museum Beelden aan Zee ontving recent van de Stichting Abramsen Koedam een schenking van drie van zijn beelden. Met de prijs blijft de nalatenschap van Per Abramsen voortleven en krijgt de beeldhouwkunst blijvende aandacht en nieuwe impulsen.

Femmy Otten - Birthland, 27 juni t/m 1 november 2026, Museum Beelden aan Zee, Harteveltstraat 1, Den Haag. Website: www.beeldenaanzee.nl.

Terug naar boven

 

Museum van Bommel van Dam, Venlo: Seeing Sounds- over muziek en vrijheid

Met de tentoonstelling Seeing Sounds presenteert museum van Bommel van Dam het werk van vier kunstenaars van verschillende generaties voor wie muziek onlosmakelijk verbonden is met vrijheid - persoonlijk, politiek en artistiek.

Sedje Hémon, Sam Middleton, Dion Rosina en Raafat Ballan laten zien dat muziek niet alleen een onderwerp kan zijn, maar ook een methode en vorm van verzet.

In hun werk verweven zij muzikale elementen als compositie, improvisatie, sampling en samenspel om vrijheid, identiteit en verbinding te verbeelden. Het publieksprogramma van Seeing Sounds richt zich op kinderen, jongeren en volwassenen en verkent de verwevenheid van klank, beeld, identiteit en vrijheid.

 
Dion Rosina, 'Rain in the dirt', 2025, acryl en olieverf op linnen, 95 x 115 cm, bruikleen Collectie VVH. Fotografie: Jonathan de Waart.

Hoewel Hémon, Middleton, Rosina en Ballan uit verschillende generaties en culturen komen, delen zij dezelfde overtuiging: dat in muziek zowel inspiratie als een methode kan worden gevonden die sociale, politieke en artistieke grenzen kan doorbreken. Seeing Sounds brengt hun variaties op dit thema nu samen in één tentoonstelling, die de rol van muziek in de vier oeuvres voelbaar maakt en interessante overeenkomsten toont. Het werk van de vier kunstenaars laat zo zien hoe muziek - van jazz tot hiphop - een visuele taal wordt die vrijheid tastbaar maakt.

Zo ontwikkelde Sedje Hémon (1923-2011), die na terugkeer uit concentratiekampen fysiek niet meer in staat was viool te spelen, een unieke methode om abstracte kunst ook als muziekstuk uit te voeren. Haar schilderij-composities zijn een onderbelicht hoofdstuk in de Nederlandse kunstgeschiedenis. Generatiegenoot Sam Middleton (1927-2015), opgegroeid in de New Yorkse wijk Harlem en later werkzaam in Nederland, vertaalde de ritmes en improvisaties van de jazz in collages en schilderijen. In zijn werk zijn de Afro-Amerikaanse cultuur en de strijd voor burgerrechten voelbaar. Decennia later put Dion Rosina (1991) op vergelijkbare wijze uit de samplecultuur van de hiphop: hij hergebruikt bestaande beelden om ruimte te maken voor lang genegeerde verhalen en gemeenschappen. In de schilderijen van Raafat Ballan (1990) spelen muzikanten een cruciale rol. Voor hem is muziek een sociale praktijk - iets wat mensen samenbrengt en ruimte schept voor zingeving en verbondenheid.

Seeing Sounds nodigt bezoekers uit om het werk van Hémon, Middleton, Rosina en Ballan ook in dialoog met geluid te ervaren. Vier luisterstations met zorgvuldig geselecteerde vinylplaten maken de muzikale werelden van de kunstenaars hoorbaar. Bezoekers kunnen zelf bladeren, kiezen, luisteren en ontdekken hoe muziek hun blik op de kunstwerken verandert. Uniek is dat verschillende schilderijen van Sedje Hémon daadwerkelijk als muziekstuk zijn uitgevoerd. Een aantal is te horen in uitvoeringen die speciaal voor de tentoonstelling zijn geselecteerd. Zo kan een breed publiek zich inleven in Hémons visie dat abstracte schilderkunst en muziek dezelfde taal spreken.

Museum van Bommel van Dam, Venlo: Seeing Sounds- over muziek en vrijheid, 4 juli t/m 22 november 2026 museum van Bommel van Dam, Keulsepoort 1, Venlo. Website: www.vanbommelvandam.nl.

Terug naar boven

 

Mu.ZEE, Oostende: Statuettes - Kleinsculptuur in huis

Mu.ZEE toont in de Venetiaanse Gaanderijen Statuettes. Kleinsculptuur in huis – een gloednieuwe tentoonstelling die je meevoert naar de intieme wereld van kleine beeldhouwwerken. In de beeldhouwkunst denken we al snel aan monumentale standbeelden, maar er bestaat een rijke traditie van draagbare, huiselijke beeldjes. Deze expo zet de fascinerende rollen van de kleinsculptuur centraal: van devotie tot decoratie en van persoonlijke herinnering tot schaalmodel en seriewerk.

 
Venetiaanse Gaanderijen. @Nick Decombel Fotografie.

Aan de hand van zo’n honderd sculpturen, schilderijen en tekeningen neemt Mu.ZEE je mee door anderhalve eeuw kunst in België. Verwacht een reis van de belle époque beelden van Yvonne Serruys langs de art deco statuettes van Oscar Jespers, Oscar De Clerck, Jozef Cantré en natuurlijk Constant Permeke naar hedendaagse creaties van onder meer Aline Bouvy en Christiane Blattmann. 

Deze meesterwerkjes tonen hoe kunstenaars sinds 1880 de schaal van het grote naar het kleine brachten en zo kunst letterlijk in de huiskamer introduceerden. Hun draagbare formaat doet verlangen naar aanraking en de tactiele rijkdom van brons, steen, terracotta of hout, een tactiliteit die bezoekers hier en daar zelf zullen kunnen ervaren. Laat je verrassen door de kracht van het kleine en beleef hoe kunst van dichtbij nog intenser wordt – we kijken ernaar uit je te verwelkomen in de Venetiaanse Gaanderijen.

Mu.ZEE - Statuettes. Kleinsculptuur in huis, t/m 3 januari 2027, Venetiaanse Gaanderijen, Zeedijk Oostende. Website: www.muzee.be.

Terug naar boven

 

Verwey Museum Haarlem: Living Mesh – A World Beyond Linnaeus

Living Mesh verkent op prikkelende wijze hoe wij als mens naar de natuur kijken. Is de natuur iets wat we ordenen en beheersen, of maken wij zelf deel uit van een levend, onderling verbonden geheel? Vertrekpunt van de tentoonstelling is het invloedrijke classificatiesysteem dat de Zweedse botanicus Carl Linnaeus ontwikkelde tijdens zijn verblijf op buitenplaats De Hartekamp in Heemstede. Dit systeem, dat nauw verweven is met koloniale denkbeelden, bepaalde eeuwenlang onze blik op de natuur. Zestien hedendaagse kunstenaars kijken hier anders naar en benaderen de natuur als een netwerk van relaties, waarin alles met elkaar verbonden en in beweging is. De tentoonstelling is samengesteld door gastcurator Kim Knoppers.

Op Buitenplaats De Hartekamp in Heemstede kreeg Carl Linnaeus (1707-1778) toegang tot een uitzonderlijke verzameling tropische planten, exotische dieren en natuurhistorische collecties van de rijke Amsterdamse koopman en bankier George Clifford III. Hier ontwikkelde en toetste Linnaeus zijn Systema Naturae, waarin hij een nieuwe ordening van de natuur uiteenzette. In zijn wereldberoemde publicatie Hortus Cliffortianus paste hij dit systeem voor het eerst toe op de wereldwijde plantencollectie van Clifford. Linnaeus ordende niet alleen planten en dieren, maar ook mensen. Zijn hiërarchische indelingen, waarin Europa als norm gold, droegen bij aan raciale ongelijkheid. Zijn werk was bovendien diep verweven met koloniale netwerken waarin planten werden verzameld, verplaatst en toegeëigend, zonder bestaande inheemse kennis en context te erkennen. 

In dialoog met deze nalatenschap presenteren zestien internationale hedendaagse kunstenaars nieuwe perspectieven op onze relatie tot de levende wereld. Samen openen zij een ruimte waarin ordenen, categoriseren en herbenoemen plaatsmaakt voor het beschouwen van de natuur als een onderling verbonden geheel van relaties. De kunstenaars onderzoeken nieuwe perspectieven en verkennen aan de hand van onder andere volkstaxonomie, spiritualiteit en meer dan menselijk denken andere manieren om ons tot de natuur te verhouden. Zonder eenduidige antwoorden te formuleren, zet de tentoonstelling aan tot andere manieren van kijken, ervaren en betekenis geven aan de wereld om ons heen.

Met werk van Semâ Bekirovic, melanie bonajo, Fabiola Burgos Labra, Katerina Gabriel Konarovská, Awoiska van der Molen, Michelle Piergoelam, Angelo Plessas, Farah Rahman, Almudena Romero, Jacobien de Rooij, Sophie Steengracht, Elisa Strinna, Agnes Waruguru, Henk Wildschut, Müge Yilmaz en Peng Zhang, naast historische bruiklenen.

Living Mesh – A World Beyond Linnaeus, t/m 1 november 2026, Verwey Museum Haarlem, Groot Heiligland 47, Haarlem. Website: verweymuseumhaarlem.nl.

Terug naar boven

 

Museum Arnhem: overzichtstentoonstelling Henk Mual

Vanaf 19 september presenteert Museum Arnhem een overzicht van het werk van kunstenaar Henk Mual (1932-2015). Deze expositie, mede in het kader van de herdenking van 75 jaar Molukkers in Nederland, toont voor het eerst een brede doorsnede van Muals oeuvre dat zich beweegt tussen meerdere werelden: de Nederland, de Molukken, en Java. Zijn werk is in Nederland nog relatief onbekend, maar Henk Mual laat een eigenzinnige en gelaagde artistieke stem zien die vandaag verrassend actueel blijkt.

Museum Arnhem heeft twee vroege werken van Mual in de collectie, waarvan één bovendien als muurschildering een plek in de stad heeft gekregen. De tentoonstelling plaatst deze werken voor het eerst in de context van zijn volledige kunstenaarschap en laat zien hoe Mual sinds zijn opleiding aan de Arnhemse kunstacademie continu bleef experimenteren, en een geheel eigen beeldtaal ontwikkelde.

 
Henk Mual, 'Compositie met Hoofd I', 1967.

De tentoonstelling is ontstaan tegen een bijzondere maatschappelijke achtergrond. Gelderland kent de grootste concentratie Molukse gemeenschappen van Nederland en in 2026 wordt herdacht dat de eerste grote groep Molukkers 75 jaar geleden in Nederland arriveerde. Henk Mual - Kunstenaar in drie werelden verbindt deze geschiedenis met actuele vragen over identiteit, erfgoed en de betekenis van diaspora.

“Ik ben een Molukker die op Java is opgegroeid en vijftig jaar van zijn leven in Nederland woont. Ik heb dus het vermogen om te schakelen tussen meerdere culturen; om mijn Molukse, Javaanse en Nederlandse werelden met elkaar te verweven en tot uitdrukking te laten komen in mijn werk”, aldus Mual in 2002. De tentoonstelling is ingericht als een reis door drie werelden die Muals kunstenaarschap vormden.

Het eerste deel laat zijn vroege ontwikkeling zien: van realistische schilderkunst en invloeden van Van Gogh tot de kleurrijke, bijna abstracte composities die ontstonden in de jaren zestig en zeventig. Hier wordt zichtbaar hoe Mual als kunstenaar in Nederland voet aan de grond kreeg en een geheel eigen signatuur vond. In het tweede deel staat zijn verhouding tot de Molukse geschiedenis centraal. In de jaren '70 komen Molukse jongeren in actie tegen de behandeling van hun (groot)ouders en tegen de passieve rol van Nederland in de Molukse onafhankelijkheidstrijd, soms met geweld. De bekendste acties waren de treinkapingen bij de Punt en Wijster. Mual verwerkt op subtiele en soms directe wijze elementen uit zijn achtergrond in zijn werk. Hij gebruikt kleuren van de RMS-vlag, maakt het drieluik De Punt / Wijster, en onderzoekt later ook herinneringen aan de Molukken in symbolische en poëtische composities.

Tot slot worden bezoekers terug naar Java gevoerd, waar Mual opgroeide. Herinneringen aan het landschap waarin hij opgroeide, rituelen, verhalen en voorouder-tradities spelen hierin een steeds grotere rol. Zijn schilderijen worden monumentaler en tonen een kunstenaar die in zijn latere werk steeds vrijer meerdere culturele en religieuze invloeden samenbrengt. Een bijzondere bijdrage aan de tentoonstelling komt van Muals kleindochter Bodée Mual. Met behulp van haar fotografie, familiedocumenten en tekst onderzoekt zij wat identiteit en Molukse afkomst vandaag betekenen. Daarmee ontstaat een gesprek tussen generaties en tussen verschillende artistieke media.

Bij de tentoonstelling verschijnt de rijk geïllustreerde publicatie Henk Mual – Kunstenaar in drie werelden, uitgegeven door WBOOKS. Prijs: €29,95.

Henk Mual - Kunstenaar in drie werelden, 19 september 2026 t/m 21 februari 2027, Museum Arnhem, Utrechtseweg 87, Arnhem. Website: www.museumarnhem.nl.

Terug naar boven

 

Het Noordbrabants Museum: Den Bosch: 15 Mysteriën van de rozenkrans

Deze zomer brengt Het Noordbrabants Museum voor het eerst in meer dan 400 jaar de beroemde 15 Mysteriën van de rozenkrans uit de Sint-Pauluskerk in Antwerpen naar Nederland. De vijftien monumentale topstukken van onder andere Peter Paul Rubens, Antoon van Dyck en Jacob Jordaens zijn voor het eerst samen buiten België én op ooghoogte te zien in Het Noordbrabants Museum te 's-Hertogenbosch. De vijftien grote schilderijen werden begin zeventiende eeuw speciaal gemaakt voor de Sint-Pauluskerk in Antwerpen, waar ze al eeuwenlang op vier meter hoogte, hoog boven de kerkgangers en andere bezoekers, hangen. De restauratie van de Sint-Pauluskerk te Antwerpen biedt een unieke mogelijkheid om de volledige cyclus tijdelijk buiten de kerk te tonen. Bezoekers kunnen van dichtbij getuige zijn van details, emoties en schildertechnieken die normaal niet of nauwelijks te zien zijn.

De reeks van vijftien monumentale panelen verbeeldt de vijftien rozenkransmysteriën: vijf blijde, vijf droeve en vijf glorieuze momenten uit het leven van Jezus en Maria die katholieken als leidraad voor hun gebeden gebruiken. De rozenkrans is een eeuwenoud gebedssnoer waarbij iedere reeks kralen voor een aantal gebeden en een specifiek mysterie staat.

 
Hendrick van Balen, 'De Annunciatie' ca. 1617. Sint-Pauluskerk, Antwerpen. CC-BY KIK-IRPA, Brussel.

Door verhalen, gebeden en herinneringen generaties lang te herhalen en door te geven, vormt de rozenkrans ook een vorm van collectieve herinneringscultuur. 15 Mysteriën van de rozenkrans markeert ook de bijzondere historische band tussen Den Bosch en Antwerpen. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog, na de verovering van ’s-Hertogenbosch in 1629, werden belangrijke religieuze kunstschatten uit ’s-Hertogenbosch tijdelijk veiliggesteld in Antwerpen. Nu, vier eeuwen later, maken monumentale topstukken uit de Antwerpse Sint-Pauluskerk juist tijdelijk de omgekeerde reis naar Noord-Brabant.

De 15 Mysteriën van de rozenkrans geven aanleiding tot verwondering en reflectie. De schilderijen verbinden Bijbelse verhalen met hedendaagse vormen van herinneren. In dialoog met de oude meesters zijn hedendaagse werken te zien van kunstenaars zoals Mona Hatoum, Latifa Echakhch, Kader Attia, Maria Roosen en Geraldo Dos Santos. Deze sculpturale werken leggen verbanden met rituelen en tastbare vormen van herinneren, van gebedssnoeren tot een knoop in een zakdoek. De bovenmaatse kralen in de vorm van groenten van Maria Roosen verwijzen naar de hortus conclusus: de besloten tuin waarin Maria en het Christuskind vaak worden afgebeeld. In Worry Beads transformeert Mona Hatoum een traditioneel islamitisch kralensnoer tot een zware bronzen sculptuur. En in Untitled (Tears Fall) laat Latifa Echakhch duizenden glazen kralen als tranen neerstorten in de museumzaal.

De tentoonstelling is opgebouwd rond drie groepen van vijf mysteries, waarbij in iedere zaal een hedendaags werk gecombineerd wordt met historische schilderijen. Zo ontstaat een dialoog tussen verleden en heden, kijken en ervaren. Ook het publiek is onderdeel van de tentoonstelling geworden. Uit honderden inzendingen selecteerde het museum tien persoonlijke gebedssnoeren en de verhalen die daarbij horen. Van een rozenkrans van een oma tot een tespih, tasbih of worry beads die rust bieden in moeilijke tijden: deze persoonlijke herinneringen laten zien hoe dergelijke voorwerpen ook vandaag nog betekenis en houvast kunnen geven.

15 Mysteriën van de rozenkrans, 11 juli t/m 25 oktober 2026, Het Noordbrabants Museum, Verwersstraat 41, 's-Hertogenbosch. Website: www.hnbm.nl.

Terug naar boven


Escher in Het Paleis: Escher & Islamic Art: 20 Perspectives

Escher in Het Paleis presenteert Escher & Islamic Art: 20 Perspectives. De tentoonstelling belicht de blijvende invloed van islamitische geometrie op het werk van M.C. Escher en brengt die in verband met het werk van twintig hedendaagse kunstenaars en makers uit uiteenlopende disciplines. Samen laten zij zien hoe islamitisch cultureel erfgoed tot op de dag van vandaag doorwerkt in beeldende kunst, design en visuele cultuur.

Escher raakte al vroeg gefascineerd door islamitische patronen en mozaïeken, een inspiratiebron die uitgroeide tot een levenslange zoektocht naar vlakvullingen, transformaties en optische illusies.

 
Dana Awartani, 'Standing by the Ruins V', 2024, samengeperste aarde, pigmenten, met dank aan de kunstenaar & Sfeir-Semler Gallery Beirut / Hamburg.

Met Escher & Islamic Art: 20 Perspectives plaatst het museum deze invloed nadrukkelijk in de schijnwerpers. Tegelijkertijd opent de tentoonstelling een nieuwe dialoog tussen Eschers oeuvre en hedendaagse makers die zich eveneens laten inspireren door geometrie, ambacht, architectuur en de culturele betekenissen van ornament en patroon.

De tentoonstelling toont een rijke en meerstemmige beeldtaal die in het Nederlandse museale veld nog relatief weinig zichtbaar is. De geselecteerde kunstenaars verbinden traditionele technieken en erfgoed met actuele thema’s als identiteit, verlies, herinnering, spiritualiteit en vernieuwing. Daarmee onderstreept de tentoonstelling niet alleen de actualiteit van Eschers fascinatie voor islamitische geometrie, maar ook de blijvende relevantie van deze visuele tradities in de hedendaagse kunst en cultuur.

De deelnemende kunstenaars: Nasam Abboud & Yazan Maksoud | Karim Adduchi | Amine Asselman | Dana Awartani | Fatima Barznge | Emin Batman | Hassan Hajjaj | Siddiqa Juma | Mous Lamrabat | Shehzil Malik | Layla May Arthur | Farwa Moledina | Suleika Mueller | Leila Nazarian | Shirin Neshat | Mounir Raji | MASTOOR collab Mounir Raji | Alfaz Sayed | Ishraq Zraikat

Escher in Het Paleis: Escher & Islamic Art: 20 Perspectives, t/m 1 november 2026, Escher in Het Paleis, Lange Voorhout 74, Den Haag. Website: www.escherinhetpaleis.nl.

Terug naar boven

 

Cultuur Knokke-Heist en Mu.ZEE, België: Luc Peire - Abstractie in Overvloed

Deze zomer staat Knokke-Heist helemaal in het teken van Luc Peire. Met de tentoonstelling Luc Peire (1916-1994) - Abstractie in Overvloed wordt een verfrissende blik geworpen op het oeuvre van deze Belgische kunstenaar. Peire was niet alleen schilder, maar ook een drijvende kracht binnen de abstracte en modernistische kunst, architectuur en design. Vanuit Knokke verkende hij de wereld – en bracht hij de artistieke wereld naar Knokke. Eind jaren 1950 trok hij naar Parijs, het kloppende hart van de moderne kunst, maar elke zomer keerde hij terug naar de kust. Knokke-Heist groeide in die periode uit tot een experimentele biotoop voor kunst, architectuur en design.

Peires schilderstijl evolueerde van expressieve figuratie naar zijn typische verticale abstractie, zoals in zijn werk in dialoog met internationale grootheden zoals Pierre Soulages en Victor Vasarely, en met topstukken uit de collectie van Mu.ZEE Oostende.

Luc Peire - Abstractie in Overvloed is een samenwerking tussen Cultuur Knokke-Heist en Mu.ZEE, het museum voor Belgische kunst van 1880 tot morgen. U kunt uw bezoek starten in CC Scharpoord om uzelf onder te dompelen in de wereld van Luc Peire. Als u nog dieper wilt duiken in zijn universum, brengt u dan zeker ook een bezoek aan zijn voormalige woonhuis, het Peiremuzee in de Judestraat. Daar ontdekt u niet alleen het indrukwekkende Environnement van Peire, maar tijdens de looptijd van de tentoonstelling ook een bijzondere installatie van kunstenaar Jean-Paul Laenen.

Luc Peire (1916-1994) - Abstractie in Overvloed, t/m 25 oktober 2026, CC Scharpoord, Maxim Willemspad 1, Knokke-Heist; Peiremuzee, De Judestraat 64, Knokke-Heist. Meer informatie vindt u hier: cultuur.knokke-heist.be/lucpeire.

Terug naar boven

Inhoud


Sigmar Polke – Het weten van de kleuren, 20 september 2026
t/m 28 februari 2027,

De Pont Museum, Tilburg

Meesterwerken
uit Le Havre,
t/m 13 september 2026 in Singer Laren

Nachtleven,
Hanny Korevaar en Armand Bouten,
t/m 13 september 2026, Museum van Bommel, Venlo

Het Mondriaan-effect, t/m 4 oktober 2026,
t/m 28 juni 2026,
Het Mondriaanhuis, Amersfoort

Martin Parr –
Very Modern
and Rather Ugly,
t/m 12 augustus 2026, Foam, Amsterdam

Valérie Mannaerts - Antennae,
t/m 30 augustus 2026, M Leuven, Leuven, België

Hebben, hebben, hebben, deel 1,
t/m 25 oktober 2026, Zeeuws Museum, Middelburg

Bernard Essers – Dromen in het duin,
t/m 1 november 2026, Museum Kranenburgh, Bergen NH

Woody van Amen -
The Best Of,
t/m 4 oktober 2026, Kunsthal Rotterdam

Mundo Mágico, KAdE, t/m 30 augustus 2026,
Kunsthal in Amersfoort,

Robert Zandvliet: Aan de oevers van de tijd, t/m 21 maart 2027,
Het Fries Museum, Leeuwarden

Iris Le Rütte – Alles verandert, niets vergaat, t/m 1 november 2026, Museum Kranenburgh, Bergen NH

Yuki Kihara - Darwin in Paradise Camp,
t/m 3 januari 2027, Wereldmuseum Leiden

Dichter bij De Denker, t/m 15 november 2026, Singer Laren

Lisa Konno Paul Kooiker,
t/m 1 november 2026, Museum Kranenburgh, Bergen NH

Frankenthaler x Judd, 26 september 2026
t/m 10 januari 2027,
KAdE, Kunsthal in Amersfoort

DUET – Nederland
+ Japan,
t/m 4 oktober 2026, Vincent van GoghHuis, Zundert

Femmy Otten - Birthland,
27 juni t/m
1 november 2026,

Museum Beelden aan Zee, Den Haag

Seeing Sounds- over muziek en vrijheid,
4 juli t/m 22 november 2026, museum van Bommel van Dam, Venlo

Mu.ZEE - Statuettes. Kleinsculptuur in huis, t/m 3 januari 2027, Venetiaanse Gaanderijen, Oostende

Living Mesh – A World Beyond Linnaeus,
t/m 1 november 2026, Verwey Museum Haarlem

Henk Mual - Kunstenaar in drie werelden,
19 september 2026
t/m 21 februari 2027,
Museum Arnhem

15 Mysteriën van
de rozenkrans,
11 juli t/m
25 oktober 2026,

Het Noordbrabants Museum,
's-Hertogenbosch

Escher & Islamic Art: 20 Perspectives,
t/m 1 november 2026,
Escher in Het Paleis, Den Haag

Luc Peire (1916-1994) - Abstractie in Overvloed, t/m 25 oktober 2026, CC Scharpoord, Knokke-Heist; Peiremuzee, Knokke-Heist